Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2003:AF4387

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
12-02-2003
Datum publicatie
12-02-2003
Zaaknummer
200204904/1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

200204904/1.

Datum uitspraak: 12 februari 2003

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

de stichting "Stichting Huisvesting Bejaarden Vlieland", gevestigd te Vlieland,

appellante,

tegen de uitspraak van de rechtbank te Leeuwarden van 30 juli 2002 in het geding tussen:

appellante

en

het College voor zorgverzekeringen.

1. Procesverloop

Bij besluit van 10 november 1999 heeft het College voor zorgverzekeringen (hierna: het CVZ) op grond van de Regeling Ziekenfondsraad subsidiëring verzorgingshuizen 1997 (hierna: de Regeling) de subsidie voor 1997 ten behoeve van het door appellante geëxploiteerde verzorgingstehuis “De Uiterton” te Vlieland vastgesteld.

Bij besluit van 2 maart 2001 heeft het CVZ het daartegen door appellante gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 30 juli 2002, verzonden op dezelfde dag, heeft de rechtbank te Leeuwarden (hierna: de rechtbank) het daartegen door appellante ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft appellante bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 6 september, hoger beroep ingesteld. Deze brief is aangehecht.

Bij brief van 18 oktober 2002 heeft het CVZ van antwoord gediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 2 januari 2003, waar het CVZ, vertegenwoordigd door mr. J. Hallie en J. Knollema, is verschenen.

2. Overwegingen

2.1. De rechtbank is op goede gronden tot een juist oordeel gekomen. Anders dan appellante kennelijk betoogt, noopt geen rechtsregel het CVZ om in het kader van de behandeling van het door appellante ingediende bezwaarschrift tevens te onderzoeken of aanleiding bestaat de Regeling dusdanig te wijzigen, dat aan haar bezwaren tegemoet kan worden gekomen.

2.2. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

2.3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. R.W.L. Loeb, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. O. van Loon, ambtenaar van Staat.

w.g. Loeb w.g. Van Loon

Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 12 februari 2003

284-424.