Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2001:AD8367

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
17-01-2001
Datum publicatie
22-01-2002
Zaaknummer
200106121/1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AB 2002/145 met annotatie van P.J. Stolk
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Raad

van State 200106121/1.

Datum uitspraak: 17 januari 2002

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

1. de vereniging "Politieke Partij Democraten 66", gevestigd te

Den Haag, en

2. [appellant], wonend te [woonplaats],

appellanten,

en

het Centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de raad van de gemeente Diemen,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 6 december 2001, bekend gemaakt op dezelfde dag, heeft verweerder ingewilligd het verzoek van de vereniging "DEMOCRATEN DIEMEN" tot inschrijving van de aanduiding 'DEMOCRATEN DIEMEN' als aanduiding waarmee zij voor de gemeenteraadsverkiezingen op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld.

Tegen dit besluit hebben appellanten bij brief van 12 december 2001, bij de Raad van State ingekomen op dezelfde dag, beroep ingesteld. Deze brief is aangehecht.

Bij brief van 20 december 2001 heeft verweerder een verweerschrift ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 7 januari 2002, waar [apellant] in persoon respectievelijk als gemachtigde van appellant sub 1, en verweerder, vertegenwoordigd door drs. B. de Hon, voorzitter van het centraal stembureau, C.J.A. van Dijk, ambtenaar der gemeente Diemen en mr. N.J.M. de Munnik, advocaat te Rotterdam, gemachtigden, zijn verschenen. Voorts is verschenen de vereniging "DEMOCRATEN DIEMEN", vertegenwoordigd door P.A. van Diemen, bestuurslid.

2. Overwegingen

2.1. Ingevolge artikel G 3, eerste lid, eerste volzin, van de Kieswet kan een politieke groepering die een vereniging is met volledige rechtsbevoegdheid en waarvan de aanduiding niet reeds bij het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer, onderscheidenlijk provinciale staten, is geregistreerd, aan het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad schriftelijk verzoeken de aanduiding waarmee zij voor die verkiezing op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld, in te schrijven in een register dat door het centraal stembureau wordt bijgehouden.

Ingevolge artikel G 3, vierde lid, van de Kieswet beschikt het centraal stembureau slechts afwijzend op het verzoek, indien:

a. de aanduiding strijdig is met de openbare orde;

b. de aanduiding geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een reeds op de voet van dit artikel of de artikelen G 1, onderscheidenlijk G 2, geregistreerde aanduiding van een andere politieke groepering, of met een aanduiding waarvoor reeds eerder op grond van dit artikel een registratieverzoek is ingediend, en daardoor verwarring te duchten is;

c. de aanduiding anderszins misleidend is voor de kiezers;

d. de aanduiding meer dan 35 letters of andere tekens bevat;

e. de aanduiding geheel of in hoofdzaak overeenstemt met die van een rechtspersoon die bij onherroepelijke rechterlijke uitspraak verboden is verklaard en deswege is ontbonden;

f. het verzoek op dezelfde dag bij het centraal stembureau is ingekomen als een ander verzoek, strekkende tot inschrijving van een geheel of in hoofdzaak gelijkluidende aanduiding, tenzij dat andere verzoek reeds op een der onder a tot en met e genoemde gronden moet worden afgewezen.

2.2. Bij brief van 5 december 2001 heeft de vereniging "DEMOCRATEN DIEMEN" verzocht om registratie van de aanduiding 'DEMOCRATEN DIEMEN' als aanduiding waarmee zij voor de gemeenteraadsverkiezingen op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld. Bij besluit van 6 december 2001 heeft verweerder dit verzoek ingewilligd.

2.3. Appellanten hebben tegen het besluit van 6 december 2001 aangevoerd dat met de registratie van de aanduiding 'DEMOCRATEN DIEMEN' verwarring is te duchten met de voor appellant sub 1 ingeschreven aanduiding 'Democraten 66 (D66)'.

2.3.1. Zoals de Afdeling heeft geoordeeld in haar uitspraak van 21 juni 2001 inzake 200102675/1 (aangehecht) [redactie: LJN url('AB2318',http://www.rechtspraak.nl/uitspraak/show_detail.asp?ui_id=26058)] kan een politieke groepering niet door middel van de enkele registratie van een aanduiding waarmee zij op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld, het alleenrecht opeisen op het gebruik van min of meer algemene begrippen. Het begrip 'democraten' - al dan niet gevolgd door een nummer of een plaatsnaam - moet hiertoe worden gerekend. Dit laat echter onverlet dat registratie van een aanduiding moet worden geweigerd indien één van de in artikel G 3, vierde lid, van de Kieswet genoemde weigeringsgronden zich voordoet.

2.3.2. De aanduiding waarvan door de vereniging "DEMOCRATEN DIEMEN" om registratie is verzocht, bestaat uit het algemene begrip 'democraten' gevolgd door de plaatsnaam, beide in hoofdletters geschreven. Het woordbeeld dat ontstaat door de samenstellende delen van deze aanduiding in combinatie met het gebruik van hoofdletters, verschilt dusdanig van dat van de voor appellant sub 1 geregistreerde aanduiding 'Democraten 66 (D66)', dat niet kan worden staande gehouden dat sprake is van een aanduiding die geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een reeds geregistreerde aanduiding en dat daardoor verwarring te duchten is.

2.3.3. Voorzover appellant tevens heeft betoogd dat de kiezer door de gelijkenis van de namen bij het invullen van het stembiljet in verwarring kan worden gebracht, dient dit betoog - gelet op het vorenoverwogene - te worden verworpen.

2.4. Het beroep is ongegrond.

2.5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het beroep ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. J.H.B. van der Meer, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. O. van Loon, ambtenaar van Staat.

w.g. Van der Meer w.g. Van Loon

Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 17 januari 2002

284-384.

Verzonden:

Voor eensluidend afschrift,

de Secretaris van de Raad van State,

voor deze,