Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2001:AD8363

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
17-01-2001
Datum publicatie
22-01-2002
Zaaknummer
200106162/1
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Raad

van State

200106162/1.

Datum uitspraak: 17 januari 2002

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

[appellant], wonend te [woonplaats],

appellant,

en

het Centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de raad van de gemeente Amsterdam,

verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 11 december 2001, bekend gemaakt op dezelfde dag, heeft verweerder ingewilligd het verzoek van de vereniging "Amsterdam Leeft!" tot inschrijving van de aanduiding 'Amsterdam Leeft!' als aanduiding waarmee zij voor de gemeenteraadsverkiezingen op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld.

Tegen dit besluit heeft appellant bij brief van 12 december 2001, bij de Raad van State ingekomen op 14 december 2001, beroep ingesteld. Deze brief is aangehecht.

Bij brief van 20 december 2001 heeft verweerder een verweerschrift ingediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 11 januari 2002, waar appellant in persoon is verschenen. Voorts is verschenen de vereniging "Amsterdam Leeft!", vertegenwoordigd door J. Jellema, voorzitter en H.C. Bremer, secretaris. Verweerder heeft zich niet ter zitting doen vertegenwoordigen.

2. Overwegingen

2.1. Ingevolge artikel G 3, eerste lid, eerste volzin, van de Kieswet kan een politieke groepering die een vereniging is met volledige rechtsbevoegdheid en waarvan de aanduiding niet reeds bij het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de Tweede Kamer, onderscheidenlijk provinciale staten, is geregistreerd, aan het centraal stembureau voor de verkiezing van de leden van de gemeenteraad schriftelijk verzoeken de aanduiding waarmee zij voor die verkiezing op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld, in te schrijven in een register dat door het centraal stembureau wordt bijgehouden.

Ingevolge artikel G 3, vierde lid, van de Kieswet beschikt het centraal stembureau slechts afwijzend op het verzoek, indien:

a. de aanduiding strijdig is met de openbare orde;

b. de aanduiding geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een reeds op de voet van dit artikel of de artikelen G 1, onderscheidenlijk G 2, geregistreerde aanduiding van een andere politieke groepering, of met een aanduiding waarvoor reeds eerder op grond van dit artikel een registratieverzoek is ingediend, en daardoor verwarring te duchten is;

c. de aanduiding anderszins misleidend is voor de kiezers;

d. de aanduiding meer dan 35 letters of andere tekens bevat;

e. de aanduiding geheel of in hoofdzaak overeenstemt met die van een rechtspersoon die bij onherroepelijke rechterlijke uitspraak verboden is verklaard en deswege is ontbonden;

f. het verzoek op dezelfde dag bij het centraal stembureau is ingekomen als een ander verzoek, strekkende tot inschrijving van een geheel of in hoofdzaak gelijkluidende aanduiding, tenzij dat andere verzoek reeds op een der onder a tot en met e genoemde gronden moet worden afgewezen.

2.2. Bij brief van 5 december 2001 heeft de vereniging "Amsterdam Leeft!" verzocht om registratie van de aanduiding 'Amsterdam Leeft!' als aanduiding waarmee zij voor de gemeenteraadsverkiezingen op de kandidatenlijst wenst te worden vermeld. Bij besluit van 11 december 2001 heeft verweerder dit verzoek ingewilligd.

2.3. Appellant heeft tegen het besluit van 11 december 2001 aangevoerd, dat met de registratie van de aanduiding 'Amsterdam Leeft!' verwarring is te duchten met de reeds ingeschreven aanduiding 'Leefbaar Amsterdam'.

2.3.1. De aanduiding waarvan door de vereniging "Amsterdam Leeft!" om registratie is verzocht, bestaat uit de plaatsnaam gevolgd door het begrip "leeft" en eindigend met een uitroepteken. Het woordbeeld dat ontstaat door - de plaats van - de samenstellende delen, gevolgd door een uitroepteken aan het eind van de aanduiding, verschilt dusdanig van dat van de reeds geregistreerde aanduiding 'Leefbaar Amsterdam', dat niet kan worden staande gehouden dat sprake is van een aanduiding die geheel of in hoofdzaak overeenstemt met een reeds geregistreerde aanduiding en dat daardoor verwarring te duchten is.

2.4. Het beroep is ongegrond.

2.5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het beroep ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. P.A. Offers, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. O. van Loon, ambtenaar van Staat.

w.g. Offers w.g. Van Loon

Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 17 januari 2002

284-384.

Verzonden:

Voor eensluidend afschrift,

de Secretaris van de Raad van State,

voor deze,