Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RVS:2001:AD4583

Instantie
Raad van State
Datum uitspraak
03-10-2001
Datum publicatie
15-10-2001
Zaaknummer
200002672/1.
Rechtsgebieden
Omgevingsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Raad

van State

200002672/1.

Datum uitspraak: 3 oktober 2001

AFDELING

BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

1. de raad van de gemeente Renkum en

2. Multiland Vastgoed B.V. te Arnhem,

appellanten

en

gedeputeerde staten van Gelderland,

verweerders.

1. Procesverloop

Bij besluit van 15 december 1993 heeft de raad van de gemeente Renkum, op voorstel van burgemeester en wethouders van 16 november 1993, het bestemmingsplan "Kantorencomplex Doorwerth/Hoog Doorwerth 1993" vastgesteld.

Bij besluit van 19 juli 1994, nr. RG94.2034, hebben verweerders beslist over de goedkeuring van het bestemmingsplan.

Bij uitspraak van 27 juni 1996, nos. E01.94.0366 en E01.94.0388, heeft de Afdeling dit besluit vernietigd, voor zover het plan daarbij is goedgekeurd.

Bij besluit van 14 maart 2000 hebben verweerders met inachtneming van deze uitspraak opnieuw omtrent de goedkeuring van het bestemmingsplan beslist, voor zover dit het plandeel Hoog Doorwerh betreft. Dit besluit is aangehecht.

Tegen dit besluit hebben appellant sub 1 bij brief van 2 juni 2000, bij de Raad van State ingekomen op 5 juni 2000, aangevuld bij brief van 15 augustus 2000 en appellante sub 2 bij brief van 2 juni 2000, bij de Raad van State ingekomen op 5 juni 2000, aangevuld bij brief van 5 juli 2000, beroep ingesteld. Deze brieven zijn aangehecht.

Bij brief van 16 november 2000 hebben verweerders een verweerschrift ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 17 juli 2001, waar appellant sub 1 vertegenwoordigd door mr. J.A.M. van den Berk en

A. Borger, appellante sub 2, vertegenwoordigd door mr. W.H.J.O. Wolters en verweerders, vertegenwoordigd door H. Wassink, gemachtigde, zijn verschenen. Voorts is daar de Stichting Environmental Justice, vertegenwoordigd door E.M. Hegeman, gehoord

2. Overwegingen

2.1. Op 3 april 2000 zijn in werking getreden de Wet tot wijziging van de Wet op de Ruimtelijke Ordening van 1 juli 1999 (Stb. 302) en het Besluit tot wijziging van het Besluit op de ruimtelijke ordening 1985 van 15 oktober 1999 (Stb. 447).

Uit artikel VI, tweede lid, van genoemde wet volgt dat dit geschil, nu het ontwerp van het plan ter inzage is gelegd vóór 3 april 2000, moet worden beoordeeld aan de hand van het vóór die datum geldende recht.

2.2. Het plan heeft betrekking op het terrein Hoog Doorwerth, een voormalig landgoed/hotel, gelegen aan de Utrechtseweg tussen de kernen Kievitsdel en Heelsum. Het plan voorziet in de bestemmingen "bos" en "woondoeleinden" ten behoeve van de bouw van zeven villa's.

Verweerders hebben bij het bestreden besluit aan de bestemming "woondoeleinden" goedkeuring onthouden.

2.3. Verweerders hebben bij besluit van 16 november 1999 als uitwerking van het Streekplan Gelderland 1996 de Verstedelijkingscontouren voor kernen in en grenzend aan het Centraal Veluws Natuurgebied (hierna: CVN) vastgesteld. Deze maximale bebouwingscontouren moeten blijkens de streekplanuitwerking worden gezien als absolute bebouwingsgrenzen. Bij de vaststelling van de contouren gaat het om een nadere concretisering van het beleid in het streekplan die past binnen de hoofdlijnen en uitgangspunten daarvan. In hoofdstuk 3.3.1. van het Streekplan, bij de hoofdlijnen van het beleid staat onder meer het volgende:

"Voor het CVN geldt rijksrestrictief beleid. Samen met het Rijk en de betreffende gemeenten zullen voor de kernen, die in het CVN zijn gelegen, dan wel direct daaraan grenzen, definitieve verstedelijkingscontouren worden bepaald. Deze contouren worden door middel van een streekplanuitwerking vastgelegd en daarna in bestemmingsplannen opgenomen".

2.4. Ter hoogte van de kern Kievitsdel is de verstedelijkingscontour gelegd op de Utrechtseweg. Dit betekent dat het terrein Hoog Doorwerth binnen het CVN is komen te liggen. Het beleid voor het CVN - landelijk gebied A - is derhalve onverkort van toepassing op dit terrein. Als essentiële beleidsuitspraak is in het streekplan opgenomen dat uitbreiding van stedelijke activiteiten in landelijk gebied A is uitgesloten.

2.5. Uit de stukken en het verhandelde ter zitting is gebleken dat de vaststelling van de verstedelijkingscontour in dezen is totstandgekomen na uitvoerige discussies in de Provinciale Planologische Commissie en de Statencommissie Ruimtelijke Ordening. Tevens heeft terzake herhaaldelijk bestuurlijk overleg plaatsgevonden. De Afdeling ziet geen grond voor het oordeel dat verweerders deze contour niet op rechtmatige wijze hebben vastgesteld. De contour is in overeenstemming met het Streekplan Gelderland 1996 en verder wordt recht gedaan aan het uitgangspunt dat de contouren zoveel mogelijk de bestaande infrastructuur volgen.

2.6. Appellanten hebben geen bijzondere feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan verweerders in afwijking van hun beleid alsnog hun medewerking hadden behoren te verlenen aan de bouw van de zeven villa's op het terrein Hoog Doorwerth.

2.7. Gelet op het vorenstaande hebben verweerders zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat het plan in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Zij hebben daarom terecht goedkeuring onthouden aan het plan. In hetgeen appellanten hebben aangevoerd, ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat het bestreden besluit anderszins is voorbereid of genomen in strijd met het recht.

De beroepen zijn ongegrond.

2.8. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart de beroepen ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. R.H. Lauwaars, Voorzitter, en mr. A. Kosto en mr. J.J. Vis, Leden, in tegenwoordigheid van mr. P.J.A.M. Broekman, ambtenaar van Staat.

w.g. Lauwaars w.g. Broekman

Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 3 oktober 2001

12.

Verzonden:

Voor eensluidend afschrift,

de Secretaris van de Raad van State,

voor deze,