Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZWO:2003:AJ6881

Instantie
Rechtbank Zwolle
Datum uitspraak
28-05-2003
Datum publicatie
01-10-2003
Zaaknummer
76130 / HA ZA 02-491
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Geval waarbij politieagent als verkeersregelaar optreedt en verkeersongeval plaatsvindt. Aansprakelijkheid van regiopolitie als werkgever van politieagent. Verkeersdeelnemer heeft ook bij een gegeven ambtelijk bevel (in dit geval een oprijteken) een eigen verantwoordelijkheid.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
VR 2005, 100

Uitspraak

RECHTBANK ZWOLLE

Sector civiel

Enkelvoudige handelskamer

Zaaknr/rolnr: 76130 / HA ZA 02-491

Uitspraak: 28 mei 2003

V O N N I S

in de zaak, aanhangig tussen:

de naamloze vennootschap

VVAA SCHADEVERZEKERINGEN N.V.,

gevestigd te Utrecht,

eiseres,

procureur mr. R.K.E. Buysrogge,

advocaat mr. M.P. Schilt te Utrecht,

en

de publiekrechtelijke rechtspersoon REGIOPOLITIE IJSSELLAND,

gevestigd te Zwolle,

gedaagde,

procureur mr. J.A. van Wijmen,

advocaat mr. H.D. van Maanen te Amsterdam.

PROCESGANG

De zaak is bij op 8 mei 2002 uitgebrachte dagvaarding aanhangig gemaakt. Partijen zijn verschenen, waarna de volgende processtukken zijn gewisseld:

- een conclusie van antwoord van de zijde van Regiopolitie IJsselland;

- een conclusie van repliek tevens akte wijziging van eis van de zijde van VVAA;

- een conclusie van dupliek van de zijde van Regiopolitie IJsselland.

Ten slotte is op verzoek van partijen op het griffiedossier vonnis bepaald.

CONCLUSIES VAN PARTIJEN

De vordering van VVAA - na wijziging van eis - strekt ertoe dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

I. zal verklaren voor recht dat Regiopolitie IJsselland aansprakelijk is voor de door VVAA geleden en nog te lijden schade voortvloeiend uit het verkeersongeval d.d. 26 februari 2000;

II. - Regiopolitie IJsselland zal veroordelen tot betaling tegen een deugdelijk bewijs van kwijting van de tot op heden door [fietser] geleden en door VVAA betaalde schadevergoeding ad € 16.900,95,--;

- alsmede tot betaling van de overige schadeposten, welke schade nader is op te maken en te vereffenen als volgens de wet, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 26 februari 2000, subsidiair vanaf 8 mei 2002, tot aan de dag der algehele voldoening;

III. Regiopolitie IJsselland zal veroordelen in de kosten van dit geding, alsmede de buitengerechtelijke incassokosten ad € 680,--.

Daartegen is door Regiopolitie IJsselland verweer gevoerd met conclusie dat de rechtbank bij vonnis VVAA in haar vordering niet ontvankelijk zal verklaren, dan wel de vordering van VVAA zal afwijzen met veroordeling - uitvoerbaar bij voorraad - van VVAA in de kosten van dit geding.

MOTIVERING

1 Vaststaande feiten

Tussen partijen staat als gesteld en erkend dan wel niet (voldoende) betwist - mede op grond van de overgelegde en in zoverre niet bestreden bescheiden - het volgende vast.

1.1 Op zaterdag 26 februari 2000 heeft omstreeks 15.30 uur in de gemeente Zwolle een verkeersongeval plaatsgevonden op de kruising van de Blaloweg / Zwartewaterallee met de Katerdijk waarbij betrokken waren automobilist [automobilist] - met personenauto merk Citroën type Xsara Picasso 2.0 HDI, kenteken [kenteken] - en fietser [fietser].

Het verkeer op de Blaloweg en de Zwartewaterallee heeft, wanneer de op het kruispunt aanwezige verkeersregelinstallatie buiten werking is, voorrang op het verkeer op de Katerdijk.

1.2 In verband met de wielerronde "De ster van Zwolle" was de verkeersregelinstallatie buiten werking gesteld en werd het verkeer op de kruising Blaloweg / Zwartewaterallee met de Katerdijk op 26 februari 2000 geregeld door de als zodanig kenbare verkeersagenten Groenewoudt en Koers, beide in dienst van Regiopolitie IJsselland. Groenewoudt regelde het verkeer op de Blaloweg / Zwartewaterallee, Koers het verkeer komend vanaf de Katerdijk.

1.3 Groenewoudt heeft een oprijteken aan [automobilist] gegeven, waarna [automobilist] vanaf de Zwartewaterallee linksaf is geslagen om zijn route op de Katerdijk te vervolgen. Bij het oversteken van het fietspad dat naast de Blaloweg is gelegen, heeft [automobilist] [fietser], komende over voornoemd fietspad vanuit de richting van de Blaloweg en gaande in de richting van de Zwartewaterallee, aangereden.

1.4 In het proces-verbaal van onderzoek d.d. 5 mei 2000 zoals opgemaakt door B.G.J. Haverink staat onder meer vermeld:

"(...)

Foto 4 t/m 5: deze foto's zijn genomen vanuit de rijrichting van de fietser. Deze reed over het fietspad dat deel uit maakt van de Blaloweg. De fietser wilde op de kruising rechtdoor in de richting van de Zwartewaterallee. Op deze kruising kreeg hij geen vrije doorgang van de afslaande automobilist.

De fietser had geen stopteken van de verkeersregelaar gekregen. De fietser was door de regelaar niet opgemerkt toen deze de automobilist een oprijteken gaf.

De automobilist had nadat hij het oprijteken had gekregen de fietser ook niet opgemerkt.

(...)".

1.5 Weggebruikers zijn op grond van artikel 82 lid 1 Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990) verplicht de aanwijzingen op te volgen die mondeling of door middel van gebaren worden gegeven door daartoe bevoegde en als zodanig kenbare ambtenaren. Uit artikel 84 RVV 1990 volgt dat aanwijzingen boven verkeersregels en verkeerstekens gaan.

1.6 De door [automobilist] bestuurde personenauto was ten tijde van de aanrijding tegen wettelijke aansprakelijkheid in de zin van de Wet Aansprakelijkheid Motorrijtuigen verzekerd bij VVAA.

1.7 Op grond van artikel 185 Wegenverkeerswet wikkelt VVAA de schade tegen cessie met [fietser] af op basis van een vaststellingsovereenkomst d.d. 19 december 2001. Op grond van artikel 284 Wetboek van Koophandel heeft VVAA - die inmiddels € 16.900,95 aan [fietser] heeft uitbetaald - door middel van subrogatie een rechtstreeks vorderingsrecht jegens Regiopolitie IJsselland ter zake van geleden schade.

2 Standpunten van partijen

2.1 Standpunt van VVAA

VVAA stelt zich op het standpunt dat Groenewoudt onrechtmatig jegens [automobilist] heeft gehandeld door hem ten onrechte een oprijteken te geven. Groenewoudt is hiermee onzorgvuldig geweest bij de uitoefening van zijn taak als verkeersregelaar, ten gevolge waarvan Regiopolitie IJsselland als werkgever van Groenewoudt aansprakelijk is voor de aan de zijde van [automobilist] geleden schade.

2.2 Standpunt van Regiopolitie IJsselland

Regiopolitie IJsselland stelt dat zij niet onrechtmatig heeft gehandeld jegens de verzekerde van VVAA. Groenewoudt heeft zorgvuldig gehandeld door het verkeer

- waaronder begrepen het fietsverkeer - uit de richting Blaloweg stop te zetten en vervolgens het afslaand verkeer komend vanaf de Zwartewaterallee en linksaf gaand in de richting van de Katerdijk een oprijteken te geven. Subsidiair voert Regiopolitie IJsselland aan dat er sprake is van eigen schuld van [automobilist], hetgeen met zich brengt dat de schade volledig voor rekening van VVAA dient te komen. In dit kader voert Regiopolitie IJsselland aan dat [automobilist] zich er eerst van had moeten vergewissen dat het wegrijden op een veilige wijze kon geschieden, nu het door Groenewoudt gegeven ambtelijk bevel de eigen verantwoordelijkheid van [automobilist] onverlet laat. Meer subsidiair betwist Regiopolitie IJsselland de hoogte van de schade zoals begroot door VVAA.

3 Beoordeling van het geschil

3.1 Kernvraag in deze zaak is of het Groenewoudt of [automobilist] is te verwijten dat [fietser] is aangereden.

3.2 Groenewoudt regelde - als een zodanig kenbare verkeersagent - op 26 februari 2000 het verkeer op de Blaloweg en de Zwartewaterallee. Toen hij meende dat de weg vrij was heeft [automobilist] van hem een teken gekregen om op te rijden vanaf de Zwartewaterallee linksaf de Katerdijk op. Blijkens het proces-verbaal van onderzoek d.d. 5 mei 2000

- zoals gedeeltelijk weergegeven onder rechtsoverweging 1.5 - hebben Groenewoudt en [fietser] elkaar echter niet gezien, net zo min als [automobilist] en [fietser] elkaar hebben opgemerkt. [automobilist] heeft aan het hem door Groenewoudt gegeven oprijteken voldaan en is vervolgens linksaf geslagen richting Katerdijk, waarna hij [fietser] op het fietspad, deel uitmakende van de Blaloweg, heeft aangereden.

3.3 [automobilist] was weliswaar verplicht om aan het oprijteken van Groenewoudt gevolg te geven, doch het hem gegeven teken onthief hem geenszins van zijn verantwoordelijkheid om zich terstond na het oprijden te houden aan de verkeersregels op grond waarvan hij [fietser] voorrang had dienen te verlenen.

3.4 Naar het oordeel van de rechtbank gaat - gelet op het vorenoverwogene - het door de Regiopolitie IJsselland subsidiair aangevoerde op. Het door Groenewoudt gegeven ambtelijk bevel laat de eigen verantwoordelijkheid van [automobilist] onverlet en ontslaat hem er niet van dat hij zich er eerst van had moeten vergewissen dat het linksaf slaan de Katerdijk in op een veilige wijze kon geschieden. Nu [automobilist] dit niet heeft gedaan

- hij heeft blijkens het proces-verbaal van verhoor d.d. 26 februari 2000 verklaard dat hij, nadat hij een oprijteken van de politieman had gekregen, doorreed en linksaf sloeg en niet lette op het overige verkeer -, is de aanrijding met [fietser] aan hem te wijten.

De schade dient derhalve voor rekening van VVAA te komen en de rechtbank zal de vordering dan ook afwijzen.

3.5 VVAA zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van deze procedure.

BESLISSING

I De rechtbank wijst de vordering af.

II VVAA wordt veroordeeld in de kosten van het geding. Deze kosten worden, voor zover tot op heden aan de zijde van Regiopolitie IJsselland gevallen, gesteld op

€ 1.160,--.

III Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.C.A. Walda en in het openbaar uitgesproken op

woensdag 28 mei 2003 in tegenwoordigheid van de griffier.