Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZWB:2021:2547

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
20-05-2021
Datum publicatie
11-10-2021
Zaaknummer
AWB- 21_1455
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

ZORG

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Bestuursrecht

zaaknummer: BRE 21/1455 ZORG

uitspraak van 20 mei 2021 van de enkelvoudige kamer op het verzoek om veroordeling in de proceskosten in de zaak tussen

[naam eiser], te [plaatsnaam], verzoeker,

gemachtigde: mr. F. Sarrari,

en

de Belastingdienst/Toeslagen, verweerder.

Procesverloop

De gemachtigde van verzoeker heeft digitaal beroep ingesteld tegen het besluit van 16 februari 2021 (bestreden besluit) van de Belastingdienst/Toeslagen inzake de nietontvankelijk verklaring van het bezwaar van verzoeker tegen de voorschotbeschikking Zorgtoeslag over 2019.

Bij besluit van 28 april 2021 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het bestreden besluit herzien en het bezwaar van eiser alsnog ontvankelijk en inhoudelijk gegrond verklaard.

Vervolgens heeft verzoeker het beroep ingetrokken, met het verzoek de Belastingdienst/Toeslagen te veroordelen in de proceskosten. De Belastingdienst/Toeslagen heeft aangegeven zich te kunnen vinden in een proceskostenvergoeding van één punt conform het Besluit Proceskosten Bestuursrecht. Ook het betaalde griffierecht zal worden vergoed.

De rechtbank heeft, met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), een behandeling van het verzoek ter zitting achterwege gelaten.

Overwegingen

1. Op grond van artikel 8:75a, eerste lid, van de Awb kan de rechtbank, indien het beroep wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan veroordelen in de proceskosten.

2. Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit het besluit van 28 april 2021 dat de Belastingdienst/Toeslagen aan verzoeker is tegemoetgekomen. Hierin ziet de rechtbank aanleiding de Belastingdienst/Toeslagen te veroordelen in de door verzoeker gemaakte proceskosten.

Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 534,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 534,‑ en wegingsfactor 1).

3. De rechtbank overweegt ten overvloede dat de Belastingdienst/Toeslagen op grond van artikel 8:41, zevende lid, van de Awb het griffierecht van € 49,- aan verzoeker dient te vergoeden, zodat een veroordeling daartoe niet nodig is.

Beslissing

De rechtbank veroordeelt de Belastingdienst/Toeslagen in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van € 534,-.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.M.L. van de Sande, rechter, in aanwezigheid van J.J.P.M. van Gestel, griffier, op 20 mei 2021 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

De griffier is niet in de gelegenheid om de uitspraak te ondertekenen.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij de rechtbank.