Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZWB:2021:1281

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
17-03-2021
Datum publicatie
24-03-2021
Zaaknummer
AWB- 20_223
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

GEMWT

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Bestuursrecht

zaaknummer: BRE 20/223 GEMWT

uitspraak van 17 maart 2021 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

V.O.F. [naam eiseres] , te [plaatsnaam] , eiseres,

gemachtigde: mr. R.M. Rensing

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dongen, verweerder.

Procesverloop

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van verweerder van 2 december 2019 (bestreden besluit) over de last onder dwangsom tot het direct voldoen aan de van toepassing zijnde geluidsnormen uit artikel 2.17, eerste lid, onder a, van het Activiteitenbesluit milieubeheer (Abm).

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden in Breda op 11 februari 2021. Eiseres heeft zich, met bericht van verhindering, niet laten vertegenwoordigen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door [vertegenwoordiger vwr ] .

Overwegingen

Feiten

1. Naar aanleiding van klachten over geluidsoverlast heeft de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB) op 25 december 2017, op 25 december 2018 en op 30 december 2018 geluidsmetingen verricht om het geluidniveau te bepalen van het muziekgeluid afkomstig van café [naam eiseres] aan de [adres] te [plaatsnaam] . Daarbij zijn ter plaatse van de gevel van de woning [adres2] te [plaatsnaam] overschrijdingen van de grenswaarde van het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau in de nachtperiode vastgesteld van respectievelijk 9 dB(A), 10 dB(A) en 8 dB(A).

Deze constateringen hebben geleid tot het voornemen van verweerder van 24 januari 2019 om eiseres ter zake een last onder dwangsom op te leggen.

Tegen dit voornemen heeft eiseres op 1 maart 2019 haar zienswijze ingediend.

Naar aanleiding van nieuwe klachten over geluidsoverlast heeft de OMWB op 30 maart 2019 wederom geluidsmetingen verricht om het geluidniveau te bepalen van het muziekgeluid afkomstig van café [naam eiseres] . Daarbij is ter plaatse van de gevel van de woning [adres2] een overschrijding van de grenswaarde van het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau in de nachtperiode vastgesteld van 11 dB(A).

Bij het primaire besluit van 24 mei 2019 heeft verweerder, onder weerlegging van de zienswijze, eiseres gelast om per direct te gaan voldoen aan de van toepassing zijnde geluidsnormen uit artikel 2.17, eerste lid, onder a, van het Abm, op straffe van verbeurte van de volgende dwangsommen:

- Voor de eerste twee overtredingen van artikel 2.17, eerste lid, onder a, van het Abm zal eiseres € 1.000,-- per overtreding verbeuren, tot een maximum van € 2.000,--.

- Voor de volgende drie overtredingen van artikel 2.17, eerste lid, onder a, van het Abm zal eiseres € 5.000,-- per overtreding verbeuren, tot een maximum van € 15.000,--.

Naar aanleiding van klachten over geluidsoverlast heeft de OMWB op 15 juni 2019 wederom geluidsmetingen verricht om het geluidniveau te bepalen van het muziekgeluid afkomstig van café [naam eiseres] . Daarbij is ter plaatse van de gevel van de woning [adres2] een overschrijding van de grenswaarde van het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau in de nachtperiode vastgesteld van 6 dB(A).

Op 3 juli 2019 heeft eiseres een bezwaarschrift ingediend tegen het primaire besluit.

Bij het bestreden besluit heeft verweerder de bezwaren van eiseres ongegrond verklaard.

De gemeente Dongen heeft een huurovereenkomst gesloten met eiseres als exploitant van het sportcafé. In deze overeenkomst is opgenomen dat gebruik van het café conform horeca categorie 2 mogelijk is. Het geldende bestemmingsplan staat horeca tot categorie 1b toe. Om de huurovereenkomst na te kunnen komen is inmiddels op 29 oktober 2020 het bestemmingsplan “Zuid en West Dongen - partiële herziening 2020 – [naam eiseres] ” vastgesteld. Daarin is de horecacategorie 1 gewijzigd in horecacategorie 2 (zonder regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek-/dansevenementen).

Standpunt eiseres

2. Eiseres heeft in beroep, onder verwijzing naar haar bezwaarschrift en zienswijze, aangevoerd dat bij haar het gerechtvaardigd vertrouwen is gewekt dat zij reguliere feesten en partijen (categorie 3) mag organiseren in het door haar geëxploiteerde sportcafé. Daarnaast heeft zij betoogd dat ook de gemeente Dongen, als eigenaar van het pand, als overtreder aangeschreven had kunnen of moeten worden.

Juridisch kader

3. Ingevolge het ter plaatse geldende bestemmingsplan “Zuid en West Dongen” heeft het pand [adres] de bestemming ‘Sport’ met de functieaanduidingen ‘sporthal’ en ‘horeca’.

Krachtens artikel 17.1, onder c, van de planregels zijn de voor 'Sport' aangewezen gronden ter plaatse van de aanduiding 'horeca' tevens bestemd voor een horecabedrijf uit ten hoogste categorie 1b van de Staat van Horeca-activiteiten.

4. De door eiseres geëxploiteerde horeca-inrichting is een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet Milieubeheer waarop de algemene regels van het Abm van toepassing zijn.

Ingevolge artikel 2.17, eerste lid, sub a, van het Abm geldt voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT) op de gevel van gevoelige gebouwen tussen 23:00 uur en 07:00 uur (nachtperiode) een maximum van 40 dB(A).

Bevoegdheid tot handhaving

5.1

Eiseres betwist de uitkomsten van de geluidsmetingen niet en de rechtbank ziet geen reden om te twijfelen aan de juistheid van de bevindingen van de OMWB. Daarom was verweerder bevoegd om ter zake de overtreding van de toegelaten grenswaarden een last onder dwangsom op te leggen.

5.2

Eiseres heeft niet gevraagd om (ruimere) maatwerkvoorschriften en het vaststellen van hogere waarden voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau door verweerder als het bevoegd gezag ligt ook niet in de rede. Veeleer ligt het voor de hand dat eiseres haar inrichting beter isoleert en/of gebruik gaat maken van een geluidsbegrenzer.

Afzien van handhaving (vertrouwensbeginsel)

6.1

Behoudens bijzondere omstandigheden is het onjuist noch onredelijk te achten dat een bestuursorgaan in een geval waarin is gehandeld in strijd met een wettelijk voorschrift en de betrokken handeling niet kan worden gelegaliseerd, in het belang van de handhaving van wettelijke voorschriften en het voorkomen van precedentwerking besluit tot het toepassen van bestuursdwang of tot het opleggen van een last onder dwangsom.

6.2

Het beroep van eiseres op het vertrouwensbeginsel is gerelateerd aan de huurovereenkomst waarin staat dat gebruik van het café conform horeca categorie 2 mogelijk is. Deze overeenkomst over het toegelaten gebruik laat echter onverlet dat eiseres zich moet houden aan de toegelaten grenswaarden op grond van het Abm. Zelfs indien eiseres de horeca categorie 3 toegewezen zou krijgen, dan moet haar horeca-inrichting nog steeds voldoen aan de geluidsnormen van het Abm. De rechtbank ziet niet dat verweerder heeft toegezegd dat het eiseres zal (moeten) worden toegestaan om meer geluid te produceren dan het Abm toestaat. Het beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt dan ook niet.

Gemeente als overtreder

7. De rechtbank kan eiseres niet volgen in haar stelling dat ook de gemeente Dongen, als eigenaar van het pand, als overtreder aangeschreven had kunnen of moeten worden. De gemeente is niet de overtreder van de geluidsnormen. Blijkens onder meer de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 3 oktober 2018 (AbRS), ECLI:NL:RVS:2018:3218, blijft het - los van de al dan niet juiste werking van de geluidsbegrenzers - de verantwoordelijkheid van de drijver van de inrichting om te zorgen dat de inrichting aan de geluidsnormen voldoet.

Conclusie

8. Het vorenstaande leidt de rechtbank tot de conclusie dat het beroep ongegrond verklaard moet worden. Gegeven deze uitkomst is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.A. Karsten-Badal, rechter, in aanwezigheid van mr. P.H.M. Verdonschot, griffier, op 17 maart 2021 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

De rechter is niet in de gelegenheid de uitspraak te ondertekenen.

P.H.M. Verdonschot, griffier

Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.