Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZWB:2020:4662

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
30-09-2020
Datum publicatie
20-10-2020
Zaaknummer
AWB- 20_8245 VV
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Intrekken recht op langdurigheidstoeslag en individuele inkomenstoeslag.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Bestuursrecht

zaaknummer: BRE 20/8245 PW VV

uitspraak van 30 september 2020 van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[naam verzoekster], wonende te [woonplaats verzoekster], verzoekster,

en

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen op Zoom, verweerder

Procesverloop

Verzoekster heeft bij de rechtbank beroep ingesteld tegen het besluit van 23 juli 2020 (bestreden besluit) van het college, waarbij het recht op langdurigheidstoeslag en individuele inkomenstoeslag is ingetrokken. Dat beroep is bij de rechtbank geregistreerd met zaaknummer BRE 20/8278 PW. De rechtbank heeft het beroep op 4 september 2020 aan het college doorgestuurd om het als bezwaarschrift te laten behandelen.

Verzoekster heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is een zitting achterwege gebleven.

Overwegingen

1. Op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening treffen wanneer onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Dat wordt het ‘spoedeisend belang’ genoemd.

2. Van spoedeisend belang kan sprake zijn wanneer de betrokkene in ernstige (financiële) problemen raakt als de uitkomst van de bezwaarprocedure moet worden afgewacht.

Uit het beroepschrift, op te vatten als bezwaarschrift, blijkt niet van dergelijke problemen. Daarom heeft de griffier in een brief van 3 september 2020 verzoekster gevraagd om, binnen acht dagen, het spoedeisend belang toe te lichten. Verzoekster heeft niet op die brief van de griffier gereageerd.

3. Omdat niet is gebleken dat verzoekster een spoedeisend belang heeft bij de gevraagde voorziening wordt het verzoek afgewezen.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J.L. Sierkstra, rechter, in aanwezigheid van mr. P. Oudkerk, griffier, op 30 september 2020 en is openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffier voorzieningenrechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Als u het niet eens bent met deze uitspraak

Tegen deze uitspraak is geen (hoger) beroep mogelijk.