Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZWB:2019:786

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
26-02-2019
Datum publicatie
26-02-2019
Zaaknummer
02-821002-17, 02-700145-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Veroordeling voor vermogensdelicten waaronder meerdere woninginbraken gevolgd door autodiefstallen. Witwassen. Overtreding artikel 5 Wegenverkeersweg. Geen toepassing adolescentenstrafrecht. Strafmaat.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht

Zittingsplaats: Middelburg

parketnummer: 02/821002-17 en 02/700145-17

vonnis van de meervoudige kamer van 26 februari 2019

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 1998 te [geboortedag] ,

wonende te [adres 1] ,

raadsman mr. J.C.W.L. Grootjans, advocaat te Middelburg.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 7 februari 2019, waarbij de officier van justitie mr. M.C. Fimerius en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt. Ter zitting zijn overeenkomstig artikel 285 van het Wetboek van Strafvordering de zaken onder voormelde parketnummers gevoegd. Het onderzoek ter terechtzitting is vervolgens op

12 februari 2019 formeel gesloten.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 313 van het Wetboek van Strafvordering. Verdachte staat, met inachtneming hiervan, terecht ter zake dat:

02/821002-17

1.

hij op of omstreeks 15 augustus 2017 in de gemeente Rotterdam, in elk geval in Nederland, twee, althans een kentekenpla(a)t(en) ( [kenteken 1] ) heeft verworven, voorhanden gehad en/of overgedragen, terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van deze/dit goed(eren) wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

(zaak 1)

2.

hij op of omstreeks 12 augustus 2017 te Domburg, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een (vakantie)woning gelegen aan de Branding

een sieradendoosje en/of sieraden en/of autosleutels, en/of (vervolgens)

- twee, althans een nabij die (vakantie)woning geparkeerd staande auto('s) (Mercedes-Benz en/of VW Touran)

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 1] en/of [naam 2] en/of [naam 3] en/of [naam 4] in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 5)

3.

hij op of omstreeks 11 augustus 2017 te Oostkapelle, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf/nabij de Duinweg een of meer fietsen, te weten

- een mountainbike (merk Haibike) omgebouwd tot E-bike, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 5] en/of

- een mountainbike (merk Merida), geheel of ten dele toebehorende aan [naam 6] en/of

- twee, althans een mountainbike(s) (merk Centurion en/of Bulls), geheel of ten dele toebehorende aan [naam 7] en/of [naam 8] ,

in elk geval (telkens) aan een ander of anderen dan aan hem, verdachte en/of zijn mededaders;

(zaak 6/7/8)

4.

hij in of omstreeks de periode van 13 tot en met 14 augustus 2017 te Domburg, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een (vakantie)woning gelegen aan de [adres 2] ,

een laptop en/of autosleutel(s) en/of een elektronische sigaret en/of een keycard en/of een slagboomkaart en/of (vervolgens)

- een nabij die woning geparkeerd staande personenbus (Ford Tourneo Custom),

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 9] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 9)

5.

hij op of omstreeks 14 augustus 2017 te Domburg, gemeente Veere, tezamen en in

vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen in/uit een (vakantie)woning gelegen aan de [adres 3] ,

een GSM (Apple Iphone 6) en/of een autosleutel(s) en/of huissleutel(s), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 10] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders;

(zaak 10)

6.

hij op of omstreeks 14 augustus 2017, in elk geval in of omstreeks de periode van 13 maart 2017 tot en met 14 augustus 2017, te Krabbendijke, gemeente Reimerswaal, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen twee kentekenplaten ( [kenteken 2] ), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 11] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders;

(zaak 11)

7.

hij op of omstreeks 27 augustus 2017 te Domburg, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een (vakantie)woning gelegen aan de [adres 4] ,

autosleutel(s) en/of een hoeveelheid geld en/of (vervolgens)

- een nabij die woning geparkeerd staande auto (BMW stationwagen type 520 d),

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 12] en/of [naam 13] en/of een leasebedrijf, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 12)

8.

hij op of omstreeks 27 augustus 2017, in elk geval in of omstreeks de periode van

25 augustus 2017 tot en met 28 augustus 2017 te Vlissingen, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen twee kentekenplaten ( [kenteken 3] ), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 14] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders;

(zaak 14)

9.

hij op of omstreeks 1 september 2017 te Kamperland, gemeente Noord-Beveland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een woning gelegen aan de Duindoorn,

autosleutels en/of een televisie en/of huissleutels, en/of (vervolgens)

- een nabij de woning geparkeerd staande auto (Seat Alhambra),

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 15] en/of [naam 16] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 15)

10.

hij op of omstreeks 2 september 2017 te Kamperland, gemeente Noord-Beveland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen twee, althans een fiets(en) (merk Scott en/of Centurion)

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 17] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders;

(zaak 16)

11.

hij op of omstreeks 2 september 2017 te Kortgene, gemeente Noord-Beveland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een woning gelegen aan de Torendijk, autosleutel(s) en/of huissleutel(s) en/of een laptop en/of een tas en/of twee spelcomputers en/of (vervolgens)

- een op de oprit van die woning geparkeerd staande auto (VW Golf),

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 18] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 17)

12.

hij in of omstreeks de periode van 5 september 2017 tot en met 8 september 2017 te Zoutelande, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen in/uit een (vakantie)woning, in elk geval een pand gelegen aan de Duinweg, een televisie in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Juvent, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

(zaak 19)

13.

hij op of omstreeks 15 september 2017 te Vlissingen, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een snorfiets/scooter (merk Znen Zn50qt-B), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 19] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders;

(zaak 20)

14.

hij op of omstreeks 15 september 2017 te Goes, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen in/uit een schoolgebouw (Prinses Ireneschool), twee, althans een laptop(s), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Alphascholengroep, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

(zaak 21)

15.

hij op of omstreeks 15 september 2017 te Gapinge, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een woning gelegen aan de Dorpsstraat, autosleutel(s) en/of huissleutel(s) en/of een laptop en/of een fotocamera en/of (vervolgens)

- een op de oprit van die woning geparkeerd staande auto (Seat Ibiza),

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 20] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van (een) valse sleutel(s);

(zaak 22)

16.

hij op of omstreeks 16 september 2017 te Kruiningen, gemeente Reimerswaal, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een woning gelegen aan de Brouwerijstraat,

een hoeveelheid kleding en/of een rugzak en/of een portemonnee en/of een handtas en/of huissleutels en/of autosleutels, en/of (vervolgens)

- een op de oprit van die woning geparkeerd staande auto (Citroën C4 Picasso)

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 21] en/of

[naam 22] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 24)

17.

hij op of omstreeks 12 september 2017, in elk geval in of omstreeks de periode van

11 september 2017 tot en met 15 september 2017 te Colijnsplaat, gemeente Noord-Beveland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf camping Orisant, een motorscooter (merk Honda), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan

[naam 23] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking;

(zaak 25)

18.

hij op of omstreeks 18 september 2017 te Nieuwdorp, gemeente Borsele, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, te weten tussen 02.00 uur en 05.00 uur, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen:

- in/uit een woning gelegen aan de Prinses Irenestraat

een Iphone en/of een ID-kaart en/of een tablet en/of twee, althans een laptop(s) en/of autosleutels, en/of (vervolgens)

- een op de oprit van die woning geparkeerd staande auto (BMW 1 serie)

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 24] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van inklimming en/of een valse sleutel;

(zaak 26)

19.

hij op of omstreeks 15 augustus 2017 te Kapelle als bestuurder van een voertuig (personenauto), daarmee rijdende op de weg, N289, althans een weg, het door hem, verdachte, bestuurde voertuig niet voortdurend onder controle heeft gehouden, waardoor het voertuig over de kop is geslagen en/of in een sloot is beland, door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd;

02/700145-17

20.

hij op of omstreeks 19 juli 2017 te Veere,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een pand, gelegen aan

de Kapellestraat, heeft weggenomen een sleutelbos/sleutels en/of geld (tot een

totaalbedrag van ongeveer 3000 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten

dele toebehorende aan [naam 25] , in elk geval aan een ander of anderen

dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het

misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te nemen sleutelbos/sleutels

en/of dat weg te nemen geld onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel

van braak en/of verbreking en/of inklimming en/of een valse sleutel, (te weten

door met behulp van één of meer sleutels van de hiervoor genoemde

sleutelbos/sleutels de kluis waarin het geld voornoemd lag te openen, terwijl

deze sleutel(s) niet voor gebruik door verdachte en/of zijn mededader bestemd

was/waren);

21.

hij op of omstreeks 19 juli 2017, te Vlissingen en/of (elders) in Nederland,

een voorwerp, te weten geld (tot een totaalbedrag van 3000 euro), heeft

verworven en/of voorhanden gehad en/of overgedragen en/of omgezet,

en/of

van een voorwerp, te weten geld (tot een totaalbedrag van ongeveer 1000 euro)

gebruik heeft gemaakt,

terwijl hij wist dat dat voorwerp geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of

middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

Ad info.

- Vernieling (wegmaken sleutels) op 19 juli 2017 te Veere, Gemeente Veere;

- Vernieling in vereniging van een ruit (benadeelde [naam 26] ) op 19 juli 2017 te Veere, Gemeente Veere.

De rechtbank heeft de feiten van een doorlopende nummering voorzien. Zij zal hieronder bij de beoordeling van het bewijs van de feiten slechts deze nummering hanteren en niet daarbij steeds de parketnummers noemen.

3 De voorvragen

De dagvaarding is geldig.

De rechtbank is bevoegd.

De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.

Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.

4 De beoordeling van het bewijs

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan alle aan hem tenlastegelegde feiten en baseert zich daarbij op de bewijsmiddelen in het dossier. Zij acht ten aanzien van feit 3, feit 4, feit 5, feit 6, feit 8 en feit 13 geen sprake van medeplegen. Ten aanzien van feit 20 acht zij bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de inbraak, in vereniging gepleegd, waarbij een bedrag van ruim € 1.400,- werd weggenomen door middel van een valse sleutel. Ten aanzien van feit 21 acht zij bewezen dat een bedrag van € 495,97 is witgewassen door het om te zetten. Voor het overige vordert zij vrijspraak.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging is van mening dat de rechtbank niet tot een bewezenverklaring kan komen van de feiten 3, 6, 8 en 10, aangezien het dossier voor deze feiten onvoldoende direct wettig en overtuigend bewijs bevat.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

feit 1

Op 15 augustus 2017 belandde ter hoogte van [adres 5] in Kapelle een grijze Volkswagen Touran in de sloot, waarvan de inzittenden wegrenden.1 In de auto werd het paspoort van verdachte aangetroffen.2 Tevens werd een kassabon van McDonald’s Spaanse Polder van 15 augustus 2017 in de auto gevonden. Bij het bekijken van de camerabeelden van de McDonald’s Spaanse Polder, gevestigd aan [adres 6] in Rotterdam, bleek dat er op 15 augustus 2017 om 13:24 uur een grijskleurige Volkswagen Touran over de rijbaan van de McDrive reed, met aan de voorkant een Poolse kentekenplaat met het nummer [kenteken 1] .3 Op 23 mei 2017 was door [naam 27] aangifte gedaan van diefstal van twee Poolse kentekenplaten met het nummer [kenteken 1] , toebehorende aan zijn Seat Toledo.4 Verdachte heeft bekend dat hij de Volkswagen Touran omstreeks

12 augustus 2017 heeft gestolen.5 [naam 28] heeft verklaard dat hij met verdachte bij de McDonald’s in Schiedam is geweest.6

Gelet op het voorgaande stelt de rechtbank vast dat het verdachte is geweest die op

15 augustus 2017 in de Volkswagen Touran met daarop de gestolen kentekenplaten bij de McDonald’s in Rotterdam is geweest. De Volkswagen Touran had verdachte enkele dagen daarvoor zelf gestolen. Daarna zijn, in de periode dat verdachte de beschikking had over de auto, op enig moment de oorspronkelijke kentekenplaten vervangen door gestolen kentekenplaten. Onder deze omstandigheden en bij gebreke van een geloofwaardige verklaring van verdachte, heeft verdachte naar het oordeel van de rechtbank in ieder geval redelijkerwijs moeten vermoeden dat de kentekenplaten waren vervangen door kentekenplaten die van enig misdrijf afkomstig waren. De rechtbank acht dan ook wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de onder feit 1 tenlastegelegde schuldheling.

feit 2

Nu verdachte het aan hem onder 2 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 1] namens [naam 2] , [naam 3] en [naam 4] van 12 augustus 2017;7

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.8

Gelet op de door verdachte ter zitting afgelegde verklaring acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde in vereniging met medeverdachte [naam 33] heeft gepleegd en er dus sprake is van medeplegen.

feit 3

Op 14 augustus 2017 deed [naam 5] aangifte van diefstal van een mountainbike van het merk Haibike, die zij en haar man op 11 augustus 2017 geparkeerd hadden op de fietsenparkeerplaats aan de Duinweg in Oostkapelle. Toen zij die middag terugkwamen van het strand zagen zij dat de fiets, die was omgebouwd tot E-bike, was gestolen.9

Op 12 augustus 2017 deed [naam 6] aangifte van diefstal van een mountainbike van het merk Merida, die hij op 11 augustus 2017 weggezet had bij de fietsenstalling bij de Lage Duintjes in Oostkapelle.10

Op 12 augustus 2017 deed [naam 7] mede namens [naam 8] aangifte van diefstal van hun fietsen, die zij op 11 augustus 2017 weggezet hadden bij de fietsenstalling nabij de duinovergang Lage Duintjes in Oostkapelle. Toen zij die middag terugkwamen, zagen zij dat de fietsen, een Centurion mountainbike en een Bulls mountainbike, waren gestolen.11

In de telefoon van verdachte, die werd aangetroffen in de Volkswagen Touran waarmee verdachte op 15 augustus 2017 over de kop was geslagen en in de sloot belandde, werden diverse foto’s aangetroffen van fietsen die verdachte te koop aanbood. Foto’s van vier fietsen konden herleid worden naar voornoemde aangiftes van [naam 5] , [naam 6] en [naam 7] .12

Tevens werden in de telefoon van verdachte chats van WhatsApp veiliggesteld. In een chat tussen verdachte en een persoon die is opgeslagen onder de naam [naam 29] zegt verdachte op 11 augustus 2017 om 16.35 uur: ‘Ben fietsen aan het pakke’.13

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de onder feit 3 tenlastegelegde diefstal van vier mountainbikes. De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte deze fietsen samen met een ander heeft weggenomen en zal verdachte vrijspreken van het tenlastegelegde medeplegen.

feit 4

Op 14 augustus 2017 deed [naam 9] aangifte van diefstal uit haar woning aan [adres 2] te Domburg. Zij verklaarde dat zij de avond ervoor omstreeks 23.30 uur was gaan slapen en die ochtend omstreeks 08.00 uur uit bed was gegaan. Toen zij naar buiten keek, zag ze dat haar personenbus was weggenomen. In de woonkamer was van de tafel een zwarte laptop van het merk Lenovo weggenomen. Verder waren weggenomen de keycard van het huisje, de slagboomkaart en de autosleutelbos met de autosleutel en sleutel van de aanhangwagen. Ook was haar elektronische sigaret weggenomen. De personenauto, een Ford Tourneo Custom, voorzien van het Duitse kenteken [kenteken 4] , was weggenomen. In de auto lag ook het kentekenbewijs van de auto. De dader is vermoedelijk binnengekomen door de kamerdeur, omdat daar op de grond grasresten lagen en het gordijn was weggeschoven.14

Medeverdachte [naam 30] heeft verklaard dat hij met verdachte camping De Roompot in Domburg op is gegaan. Alex is toen in een huisje naar binnen gegaan en toen had hij weer een autosleutel bij zich. Deze was van best een groot wit busje, een Ford. [naam 30] was uitgeput van het lopen, over het natte gras. Ze zijn toen met het witte busje weggereden.15

[naam 28] heeft, nadat aan hem een afbeelding was getoond van een Ford Tourneo, verklaard dat verdachte hem wel eens is komen opzoeken en hij toen in dat busje heeft gezeten.16

Tijdens de doorzoeking van de woning van medeverdachte [naam 31] op 19 september 2017 werden onder andere een zwarte laptop van het merk Lenovo en een mondstuk van een

e-smoker aangetroffen.17 De laptop en e-smoker bleken eigendom van aangeefster te zijn.18

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de onder feit 4 tenlastegelegde diefstal uit de vakantiewoning van aangeefster, waarbij verdachte onder andere een Ford Tourneo Custom heeft weggenomen. De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte deze diefstal uit de woning en van de auto samen met een ander heeft gepleegd en zal verdachte vrijspreken van het tenlastegelegde medeplegen.

feit 5

Nu verdachte het aan hem onder 5 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 10] van 14 augustus 2017;19

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.20

De rechtbank acht ten aanzien van feit 5 niet wettig en overtuigend bewezen dat sprake is geweest van medeplegen en zal verdachte van dat deel van de tenlastelegging vrijspreken.

feit 6

Op 26 augustus 2017 deed [naam 11] aangifte van diefstal van twee kentekenplaten met het kenteken [kenteken 2] . De kentekenplaten zouden tussen 13 maart 2017 en

14 augustus 2017 weggenomen zijn van een Seat Ibiza die bij zijn bedrijf, gevestigd in Krabbendijke, stond. De kentekenplaten werden op 15 augustus 2017 aangetroffen in de berm bij een personenauto, een Volkswagen Touran, waarmee verdachte over de kop was geslagen en in de sloot belandde. Medeverdachte [naam 30] verklaarde bij de politie dat verdachte voor deze Volkswagen Touran kentekenplaten had gestolen bij een autobedrijf in Middelburg.

Hoewel gelet op het voorgaande kan worden vastgesteld dat verdachte de kentekenplaten van aangever voorhanden heeft gehad, kan naar het oordeel van de rechtbank op basis van het dossier niet worden vastgesteld dat het verdachte is geweest die de kentekenplaten van aangever heeft gestolen bij zijn bedrijf te Krabbendijke. De verklaring van medeverdachte [naam 30] , die verklaart over een autobedrijf in Middelburg, vormt hiervoor onvoldoende ondersteuning. De rechtbank zal verdachte dan ook van de onder feit 6 aan hem tenlastegelegde diefstal vrijspreken.

feit 7

Nu verdachte het aan hem onder 7 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 12] mede namens [naam 13] en [naam 32] van 27 augustus 2017;21

- de verklaring van [naam 33] van 7 november 2017;22

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.23

Gelet op de door verdachte ter zitting afgelegde verklaring en voornoemde verklaring van medeverdachte [naam 33] acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde in vereniging met medeverdachte [naam 33] heeft gepleegd en er dus sprake is van medeplegen.

feit 8

Op 31 augustus 2017 deed [naam 14] aangifte van diefstal van twee kentekenplaten met het kenteken [kenteken 3] . De kentekenplaten zouden tussen 25 en 28 augustus 2017 zijn weggenomen van zijn auto. De kentekenplaten werden op 28 augustus 2017 aangetroffen op de door verdachte onder feit 7 weggenomen personenauto.

Hoewel gelet op het voorgaande kan worden vastgesteld dat verdachte de kentekenplaten van aangever voorhanden heeft gehad, kan naar het oordeel van de rechtbank op basis van het dossier niet worden vastgesteld dat het verdachte is geweest die de kentekenplaten van aangever heeft gestolen. De rechtbank zal verdachte dan ook van de onder feit 8 aan hem tenlastegelegde diefstal vrijspreken.

feit 9

Nu verdachte het aan hem onder 9 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 15] mede namens [naam 16] van 1 september 2017;24

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.25

Gelet op de door verdachte ter zitting afgelegde verklaring acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde in vereniging met medeverdachte [naam 33] heeft gepleegd en er dus sprake is van medeplegen.

feit 10

Op 6 september 2017 deed [naam 17] aangifte van fietsendiefstal. Hij verklaarde dat zijn fiets van het merk Scoh (de rechtbank begrijpt: Scott) Fatbike op 2 september 2017 was gestolen bij zijn vakantiebungalow op vakantiepark De Roompot te Kamperland.26 Op 4 september 2017 had Wolf aangifte gedaan van diefstal van een fiets van het merk Centurion, eveneens gepleegd op 2 september 2017 bij zijn vakantiebungalow op De Roompot.27

Op 3 september 2017 werd in Vlissingen de onder feit 9 door verdachte weggenomen Seat Alhambra aangetroffen. In de kofferbak lagen twee mountainbikes.28 Van deze twee mountainbikes werden foto’s naar aangever verzonden, waarna deze verklaarde dat hij de aangetroffen fietsen herkende als zijn eigendom. Tevens stuurde hij een privéfoto terug, waarop een van de weggenomen fietsen van het merk Scott stond met een bijbehorende rekening met daarop het framenummer van deze fiets. De andere weggenomen fiets van het merk Centurion was deels op de foto zichtbaar.29

Nadat de foto’s met daarop de mountainbikes werden getoond aan medeverdachte [naam 34] , verklaarde deze dat dit de twee fietsen waren waarmee verdachte en [naam 33] aankwamen van de camping en die ze in de Seat Alhambra hebben gezet.30

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het samen met medeverdachte [naam 33] medeplegen van de onder feit 10 tenlastegelegde diefstal van twee fietsen.

feit 11

Nu verdachte het aan hem onder 11 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 18] van 2 september 2017;31

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.32

Gelet op de door verdachte ter zitting afgelegde verklaring acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde in vereniging met medeverdachte [naam 35] heeft gepleegd en er dus sprake is van medeplegen.

feit 12

Nu verdachte het aan hem onder 12 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 36] namens Juvent van 8 september 2017;33

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.34

De rechtbank acht ten aanzien van feit 12 niet wettig en overtuigend bewezen dat sprake is geweest van medeplegen en zal verdachte van dat deel van de tenlastelegging vrijspreken.

feit 13

Nu verdachte het aan hem onder 13 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 19] van 15 september 2017;35

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.36

De rechtbank acht ten aanzien van feit 13 niet wettig en overtuigend bewezen dat sprake is geweest van medeplegen en zal verdachte van dat deel van de tenlastelegging vrijspreken.

feit 14

Nu verdachte het aan hem onder 14 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 37] namens Alphascholengroep van 18 september 2017;37

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.38

Gelet op de door verdachte ter zitting afgelegde verklaring acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde in vereniging met medeverdachten [naam 33] en [naam 34] heeft gepleegd en er dus sprake is van medeplegen.

feit 15

Nu verdachte het aan hem onder 15 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 20] van 15 september 2017;39

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.40

Gelet op de door verdachte ter zitting afgelegde verklaring acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde in vereniging met medeverdachten [naam 30] en [naam 34] heeft gepleegd en er dus sprake is van medeplegen.

feit 16

Nu verdachte het aan hem onder 16 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 21] van 17 september 2017;41

- de aangifte van [naam 22] van 1 oktober 2017;42

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.43

Gelet op de door verdachte ter zitting afgelegde verklaring acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde in vereniging met medeverdachte [naam 33] heeft gepleegd en er dus sprake is van medeplegen.

feit 17

Nu verdachte het aan hem onder 17 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 23] van 25 september 2017;44

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.45

Gelet op de door verdachte ter zitting afgelegde verklaring acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde in vereniging met medeverdachte [naam 30] heeft gepleegd en er dus sprake is van medeplegen.

feit 18

Nu verdachte het aan hem onder 18 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 24] van 18 september 2017;46

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.47

Gelet op de door verdachte ter zitting afgelegde verklaring acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het tenlastegelegde in vereniging met medeverdachte [naam 33] heeft gepleegd en er dus sprake is van medeplegen.

feit 19

Nu verdachte het aan hem onder 19 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- het proces-verbaal van bevindingen van 16 augustus 2017;48

- de verklaring van [naam 28] van 5 december 2017;49

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.50

feit 20

Nu verdachte het aan hem onder 20 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- de aangifte van [naam 25] van 19 juli 2017;51

- de deels bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 7 februari 2019.52

De rechtbank is van oordeel dat op basis van het dossier en de door verdachte ter zitting afgelegde verklaring niet kan worden vastgesteld dat verdachte en de medeverdachte in totaal een bedrag van € 3.000,- hebben weggenomen. De aangifte wordt op dit punt niet ondersteund door enig ander bewijsmiddel. De rechtbank zal gelet hierop verdachte vrijspreken van het in de tenlastelegging genoemde bedrag van € 3.000,- en acht bewezen dat verdachte en de medeverdachte geld hebben weggenomen, waarbij zij zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft door middel van braak en de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel.

feit 21

Nu verdachte het aan hem onder 21 tenlastegelegde feit heeft bekend en hiervoor geen vrijspraak is bepleit, kan, op grond van artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering met de hierna genoemde opgave van bewijsmiddelen worden volstaan:

- het proces-verbaal van bevindingen van 23 juli 2017;53

- de deels bekennende verklaring van verdachte, afgelegd bij de politie op 23 juli 2017.54

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte van het onder feit 20 door hem weggenomen geldbedrag in totaal een bedrag van

€ 45,97 aan een ketting en € 450,- aan een auto heeft uitgegeven en daarmee in totaal

€ 495,97 heeft witgewassen door het om te zetten.

4.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

02/821002-17

1.

hij op of omstreeks 15 augustus 2017 in de gemeente Rotterdam, in elk geval in Nederland, twee, althans een kentekenpla(a)t(en) ( [kenteken 1] ) heeft verworven, voorhanden gehad en/of overgedragen, terwijl hij ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van deze/dit goed(eren) wist, althans redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

(zaak 1)

2.

hij op of omstreeks 12 augustus 2017 te Domburg, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een (vakantie)woning gelegen aan de Branding

een sieradendoosje en/of sieraden en/of autosleutels, en/of (vervolgens)

- twee, althans een nabij die (vakantie)woning geparkeerd staande auto('s) (Mercedes-Benz en/of VW Touran)

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 1] en/of [naam 2] en/of [naam 3] en/of [naam 4] in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 5)

3.

hij op of omstreeks 11 augustus 2017 te Oostkapelle, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf/nabij de Duinweg een of meer fietsen, te weten

- een mountainbike (merk Haibike) omgebouwd tot E-bike, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 5] en/of

- een mountainbike (merk Merida), geheel of ten dele toebehorende aan [naam 6] en/of

- twee, althans een mountainbike(s) (merk Centurion en/of Bulls), geheel of ten dele toebehorende aan [naam 7] en/of [naam 8] ,

in elk geval (telkens) aan een ander of anderen dan aan hem, verdachte en/of zijn mededaders;

(zaak 6/7/8)

4.

hij in of omstreeks de periode van 13 tot en met 14 augustus 2017 te Domburg, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een (vakantie)woning gelegen aan de [adres 2] ,

een laptop en/of een autosleutel(s) en/of een elektronische sigaret en/of een keycard en/of een slagboomkaart en/of (vervolgens)

- een nabij die woning geparkeerd staande personenbus (Ford Tourneo Custom),

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 9] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 9)

5.

hij op of omstreeks 14 augustus 2017 te Domburg, gemeente Veere, tezamen en in

vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen in/uit een (vakantie)woning gelegen aan de [adres 3] ,

een GSM (Apple Iphone 6) en/of een autosleutel(s) en/of een huissleutel(s), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 10] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders;

(zaak 10)

7.

hij op of omstreeks 27 augustus 2017 te Domburg, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een (vakantie)woning gelegen aan de [adres 4] , een autosleutel(s) en/of een hoeveelheid geld en/of (vervolgens)

- een nabij die woning geparkeerd staande auto (BMW stationwagen type 520 d),

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 12] en/of [naam 13] en/of een leasebedrijf, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 12)

9.

hij op of omstreeks 1 september 2017 te Kamperland, gemeente Noord-Beveland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een woning gelegen aan de Duindoorn,

autosleutels en/of een televisie en/of huissleutels, en/of (vervolgens)

- een nabij de woning geparkeerd staande auto (Seat Alhambra),

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 15] en/of [naam 16] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 15)

10.

hij op of omstreeks 2 september 2017 te Kamperland, gemeente Noord-Beveland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen twee, althans een fiets(en) (merk Scott en/of Centurion)

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 17] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders;

(zaak 16)

11.

hij op of omstreeks 2 september 2017 te Kortgene, gemeente Noord-Beveland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een woning gelegen aan de Torendijk, autosleutel(s) en/of huissleutel(s) en/of een laptop en/of een tas en/of twee spelcomputers en/of (vervolgens)

- een op de oprit van die woning geparkeerd staande auto (VW Golf),

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 18] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 17)

12.

hij in of omstreeks de periode van 5 september 2017 tot en met 8 september 2017 te Zoutelande, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen in/uit een (vakantie)woning, in elk geval een pand gelegen aan de Duinweg, een televisie in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Juvent, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

(zaak 19)

13.

hij op of omstreeks 15 september 2017 te Vlissingen, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een snorfiets/scooter (merk Znen Zn50qt-B), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 19] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders;

(zaak 20)

14.

hij op of omstreeks 15 september 2017 te Goes, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen in/uit een schoolgebouw (Prinses Ireneschool), twee, althans een laptop(s), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan Alphascholengroep, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak, verbreking en/of inklimming;

(zaak 21)

15.

hij op of omstreeks 15 september 2017 te Gapinge, gemeente Veere, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een woning gelegen aan de Dorpsstraat, een autosleutel(s) en/of huissleutel(s) en/of een laptop en/of een fotocamera en/of (vervolgens)

- een op de oprit van die woning geparkeerd staande auto (Seat Ibiza),

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 20] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van (een) valse sleutel(s);

(zaak 22)

16.

hij op of omstreeks 16 september 2017 te Kruiningen, gemeente Reimerswaal, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen

- in/uit een woning gelegen aan de Brouwerijstraat,

een hoeveelheid kleding en/of een rugzak en/of een portemonnee en/of een handtas en/of huissleutels en/of autosleutels, en/of (vervolgens)

- een op de oprit van die woning geparkeerd staande auto (Citroën C4 Picasso)

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 21] en/of

[naam 22] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

(zaak 24)

17.

hij op of omstreeks 12 september 2017, in elk geval in of omstreeks de periode van

11 september 2017 tot en met 15 september 2017 te Colijnsplaat, gemeente Noord-Beveland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen vanaf camping Orisant, een motorscooter (merk Honda), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan

[naam 23] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van braak en/of verbreking;

(zaak 25)

18.

hij op of omstreeks 18 september 2017 te Nieuwdorp, gemeente Borsele, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, te weten tussen 02.00 uur en 05.00 uur, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen:

- in/uit een woning gelegen aan de Prinses Irenestraat

een Iphone en/of een ID-kaart en/of een tablet en/of twee, althans een laptop(s) en/of autosleutels, en/of (vervolgens)

- een op de oprit van die woning geparkeerd staande auto (BMW 1 serie)

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 24] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het misdrijf hebben verschaft en/of die/dat weg te nemen goederen onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel van inklimming en/of een valse sleutel;

(zaak 26)

19.

hij op of omstreeks 15 augustus 2017 te Kapelle als bestuurder van een voertuig (personenauto), daarmee rijdende op de weg, N289, althans een weg, het door hem, verdachte, bestuurde voertuig niet voortdurend onder controle heeft gehouden, waardoor het voertuig over de kop is geslagen en/of in een sloot is beland, door welke gedraging(en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd;

02/700145-17

20.

hij op of omstreeks 19 juli 2017 te Veere,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een pand, gelegen aan

de Kapellestraat, heeft weggenomen een sleutelbos/sleutels en/of geld (tot een

totaalbedrag van ongeveer 3000 euro), in elk geval enig goed, geheel of ten

dele toebehorende aan [naam 25] , in elk geval aan een ander of anderen

dan aan verdachte en/of zijn mededaders,

waarbij verdachte en/of zijn mededaders zich de toegang tot de plaats van het

misdrijf heeft/hebben verschaft en/of die weg te nemen sleutelbos/sleutels

en/of dat weg te nemen geld onder zijn/hun bereik hebben gebracht door middel

van braak en/of verbreking en/of inklimming en/of een valse sleutel, (te weten

door met behulp van één of meer sleutels van de hiervoor genoemde

sleutelbos/sleutels de kluis waarin het geld voornoemd lag te openen, terwijl

deze sleutel(s) niet voor gebruik door verdachte en/of zijn mededader bestemd

was/waren);

21.

hij op of omstreeks 19 juli 2017, te Vlissingen en/of (elders) in Nederland,

een voorwerp, te weten geld (tot een totaalbedrag van 495,97 euro), heeft

verworven en/of voorhanden gehad en/of overgedragen en/of omgezet,

en/of

van een voorwerp, te weten geld (tot een totaalbedrag van ongeveer 1000 euro)

gebruik heeft gemaakt,

terwijl hij wist dat dat voorwerp geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of

middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf.

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

5 De strafbaarheid

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.

Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.

6 De strafoplegging

6.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie vordert aan verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 36 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Ten aanzien van feit 19 vordert zij aan verdachte een ontzegging van de rijbevoegdheid voor de duur van 6 maanden op te leggen.

6.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging verzoekt het adolescentenstrafrecht toe te passen en rekening te houden met de ouderdom van de feiten. Verdachte is geschrokken van de detentie en heeft zich sinds de schorsing van de voorlopige hechtenis niet meer schuldig gemaakt aan strafbare feiten. De verdediging verzoekt een onvoorwaardelijke jeugddetentie op te leggen, gelijk aan het voorarrest, en daarnaast een deels voorwaardelijke werkstraf met daarbij de bijzondere voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd.

6.3

Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank heeft bij de strafbepaling rekening gehouden met het volgende door verdachte bekende en ad informandum op de dagvaarding onder parketnummer 700145-17 vermelde strafbare feit:

- Vernieling (wegmaken sleutels) op 19 juli 2017 te Veere, Gemeente Veere.

Ten aanzien van het ad informandum gevoegde feit betreffende de vernieling in vereniging van een ruit (benadeelde [naam 26] ) op 19 juli 2017 te Veere, Gemeente Veere, is de rechtbank van oordeel dat dit feit niet meegenomen kan worden in de strafbepaling. De vernieling van de ruit strekte ertoe het geld onder het bereik van verdachte en de medeverdachte te brengen, hetgeen reeds als diefstal door middel van braak onder feit 20 bewezen is verklaard.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het (mede)plegen van meerdere (vakantie)woninginbraken, gevolgd door meerdere autodiefstallen. Aan het plegen van woninginbraken tilt de rechtbank zwaar. Woninginbraken veroorzaken niet alleen de nodige materiële schade, maar maken ook een forse inbreuk op de privacy van de bewoners. Het is voor hen vaak bijzonder onaangenaam om te leven met de wetenschap dat een vreemde in hun woning is geweest en hun persoonlijke bezittingen heeft doorzocht. Dat geldt temeer in die gevallen waarbij de bewoners ten tijde van de inbraak thuis waren. Verdachte heeft ook in een school ingebroken. Daarnaast heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan diefstal van meerdere fietsen, een snorfiets en een motorscooter en heling van kentekenplaten. Ook heeft hij zich schuldig gemaakt aan gevaarlijk rijgedrag en heeft hij een geldbedrag van bijna

€ 500,- witgewassen. De rechtbank rekent verdachte al deze feiten zwaar aan, waarbij de rechtbank tevens acht slaat op de hoeveelheid van de door verdachte gepleegde feiten.

Naast de ernst van de feiten heeft de rechtbank bij de bepaling van de straf rekening gehouden met het strafblad van verdachte. Hieruit komt naar voren dat hij al eerder met justitie in aanraking is geweest.

Ook heeft de rechtbank bij de bepaling van de straf rekening gehouden met de reclasseringsrapporten van 12 januari 2018, 9 februari 2018, 16 april 2018 en 22 januari 2019 die over verdachte zijn opgemaakt. Hieruit blijkt dat verdachte geen steunend (familie)netwerk heeft en door zijn slechte opgroeisituatie een afwerende houding heeft. Hij heeft geen vaardigheden om langdurig werk te behouden en heeft daardoor geen stabiel inkomen. Hij heeft wisselende huisvesting. Onder invloed van cannabis of XTC zijn de delicten gepleegd. De jarenlange hulpverlening is moeizaam verlopen door de oppositionele houding van verdachte. Het huidige reclasseringstoezicht verloopt positief in die zin dat hij de afspraken voor meldplichtgesprekken nakomt en ook openheid geeft. De beïnvloedbaarheid van verdachte is echter matig. Behandeling is aangewezen om hem meer inzicht te geven in zijn gedrag en vaardigheden aan te leren waardoor hij meer grip op en sturing aan zijn leven kan geven. De weerstand is echter zo groot dat behandeling op dit moment niet uitvoerbaar is. De reclassering vindt het noodzakelijk dat het huidige reclasseringstoezicht wordt voortgezet, met de voorwaarde van behandeling op het moment dat de reclassering dit uitvoerbaar en haalbaar acht. Geadviseerd wordt om het jeugdstrafrecht toe te passen. Mede daarom wordt geadviseerd een (gedeeltelijk) voorwaardelijke jeugddetentie op te leggen met als voorwaarden een meldplicht bij de reclassering, ambulante behandeling en meewerken aan middelencontrole.

Verder heeft de rechtbank bij de strafbepaling rekening gehouden met het psychologisch rapport van 5 januari 2018 dat over verdachte is opgemaakt. Hieruit blijkt dat er bij verdachte geen sprake is van een stoornis of gebrekkige ontwikkeling. Het recidiverisico zal in algemene zin samenhangen met de keuzes die verdachte zal maken. Beschermende functies zijn dat verdachte is geschrokken van de detentie, het contact met zijn vroegere pleegouders en zijn intellectuele aanleg die voldoende is om zelf - mede - structuur aan zijn leven te geven en de basis vormt voor voldoende zelfredzaamheid. Verdachte heeft moeite met het inschatten van de risico’s van zijn eigen handelen en heeft een vakgerichte opleiding nodig. Er zijn argumenten om het adolescentenstrafrecht toe te passen, zonder dat deze conclusie volstrekt eenduidig is. Verdachte heeft allereerst begeleiding nodig bij praktische zaken als huisvesting, scholing/dagbesteding en inkomen. Vervolgens kan worden toegewerkt naar een uitbouw van zijn zelfredzaamheid en het aanleren van vaardigheden die nodig zijn om zich zonder externe hulp staande te kunnen houden. Punt van aandacht zijn verder het middelengebruik en de ‘vrienden’ waarmee hij zich omgeeft. Elektronische controle en urinecontroles kunnen hiertoe wellicht (ter preventie) als bijzondere voorwaarden worden ingezet. Geadviseerd wordt om verdachte onder toezicht van de (volwassen)reclassering te plaatsen bij een (deels) voorwaardelijke straf met een proeftijd en binnen dit toezicht het bovenstaande te realiseren.

Met betrekking tot de adviezen tot toepassing van het adolescentenstrafrecht oordeelt de rechtbank als volgt. Verdachte was ten tijde van het plegen van de bewezen verklaarde feiten ruim 18 jaar oud en dus meerderjarig. Uitgangspunt is dat op een jongvolwassen verdachte die ten tijde van het strafbare feit meerderjarig is het meerderjarigenstrafrecht wordt toegepast, tenzij de rechtbank in bijzondere omstandigheden aanleiding ziet daarvan af te wijken en de bepalingen van het jeugdstrafrecht toe te passen. Hiertoe kan de rechtbank beslissen op grond van de persoon van verdachte of de omstandigheden waaronder het feit is of de feiten zijn begaan. De rechtbank ziet in voornoemde rapportages echter geen overtuigende argumenten om af te wijken van het uitgangspunt dat het meerderjarigenstrafrecht wordt toegepast. Ook ter zitting is de rechtbank van een dergelijke aanleiding niet gebleken. De rechtbank zal dan ook niet overgaan tot toepassing van het adolescentenstrafrecht.

De ernst van de feiten rechtvaardigt zonder meer het opleggen van een vrijheidsbenemende straf van aanzienlijke duur, zoals door de officier van justitie is gevorderd. Naar het oordeel van de rechtbank moet bij de strafoplegging echter ook in strafmatigende zin rekening worden gehouden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Hierbij neemt de rechtbank in het bijzonder de jonge leeftijd van verdachte in aanmerking en tevens dat het inmiddels om verouderde feiten gaat die hij in een relatief korte periode van ongeveer twee maanden heeft gepleegd. Ook slaat de rechtbank acht op het feit dat verdachte zich sinds de schorsing van de voorlopige hechtenis op 19 april 2018 heeft gehouden aan de schorsingsvoorwaarden en langdurig een enkelband heeft gedragen. Verdachte heeft daardoor reeds te maken gehad met een vrijheid beperkende maatregel waarbij hij heeft laten zien zich nu wel aan voorwaarden en begeleiding te kunnen houden. De rechtbank acht het dan ook niet in het belang van verdachte dat de positieve ontwikkeling die hij thans doormaakt, wordt doorkruist doordat hij opnieuw vast komt te zitten. De rechtbank ziet in voornoemde omstandigheden aanleiding om aan verdachte geen langere onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen dan hij al in voorarrest heeft doorgebracht. Wel acht de rechtbank het opleggen van een fors voorwaardelijk strafdeel met daarbij de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden en een proeftijd van twee jaar passend en geboden. De rechtbank acht van belang dat verdachte de positieve ontwikkeling vasthoudt en is van oordeel dat de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden hiertoe noodzakelijk zijn. Daarnaast zal de rechtbank aan verdachte de maximale taakstraf opleggen. De rechtbank is tenslotte van oordeel dat gelet op de ernst van het rijgedrag ook een ontzegging van de rijbevoegdheid van zes maanden noodzakelijk is.

7 De benadeelde partijen

[naam 4] en [naam 2]

De benadeelde partij [naam 4] vordert een schadevergoeding van € 2.952,- voor feit 2, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 augustus 2017 tot aan de dag der voldoening. De benadeelde partij [naam 2] vordert een schadevergoeding van € 7.259,58 voor feit 2, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 augustus 2017 tot aan de dag der voldoening.

De officier van justitie acht de vordering van [naam 4] volledig en de vordering van [naam 2] tot een bedrag van € 3.259,58 toewijsbaar. De verdediging stelt zich primair op het standpunt dat beide benadeelde partijen niet-ontvankelijk moeten worden verklaard in de vordering en subsidiair ten aanzien de vordering van [naam 4] dat rekening moet worden gehouden met afschrijving.

De rechtbank is ten aanzien van beide vorderingen van oordeel dat de behandeling hiervan gelet op de ingewikkeldheid een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. De benadeelde partijen zullen daarom niet-ontvankelijk worden verklaard in de vorderingen. Zij kunnen hun vorderingen bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

[naam 1]

De benadeelde partij [naam 1] vordert een schadevergoeding van € 150,- voor feit 2, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 augustus 2017 tot aan de dag der voldoening.

De officier van justitie acht de vordering van [naam 1] volledig toewijsbaar. De verdediging stelt zich op het standpunt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in de vordering, omdat de behandeling hiervan een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert.

De rechtbank is van oordeel dat de schade een rechtstreeks gevolg is van dit bewezenverklaarde feit en acht verdachte aansprakelijk voor die schade. Het gevorderde is voldoende aannemelijk gemaakt zodat de vordering zal worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 augustus 2017 tot aan de dag der voldoening.

[naam 7]

De benadeelde partij [naam 7] vordert een schadevergoeding van € 1.900,- voor feit 3, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 augustus 2017 tot aan de dag der voldoening.

De officier van justitie acht de vordering toewijsbaar, maar wel moet rekening worden gehouden met afschrijving. De verdediging stelt zich op het standpunt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering dan wel dat de vordering moet worden afgewezen.

Uit de door de benadeelde partij overgelegde stukken blijkt dat de mountainbike is aangeschaft in 2013. De rechtbank is van oordeel dat, rekening houdend met een afschrijving van 20% per jaar, de schade tot een bedrag van € 780,- een rechtstreeks gevolg is van dit bewezen verklaarde feit, ter zake van materiële schade en acht verdachte aansprakelijk voor die schade. Het gevorderde is tot dat bedrag voldoende aannemelijk gemaakt en de rechtbank zal de vordering tot dat bedrag toewijzen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 augustus 2017 tot aan de dag der voldoening.

Voor het overige is de rechtbank van oordeel dat de behandeling van dat deel van de vordering onvoldoende aannemelijk is gemaakt. De benadeelde partij zal daarom voor dat deel niet-ontvankelijk worden verklaard in de vordering en kan de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

[naam 8]

De benadeelde partij [naam 8] vordert een schadevergoeding van € 810,- voor feit 3, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 augustus 2017 tot aan de dag der voldoening.

De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering. De verdediging stelt zich op het standpunt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering dan wel dat de vordering moet worden afgewezen.

De rechtbank is van oordeel dat de schade naar redelijkheid en billijkheid op een bedrag van € 200,- als rechtstreeks gevolg van dit bewezen verklaarde feit kan worden vastgesteld en acht verdachte aansprakelijk voor die schade. Het gevorderde is tot dat bedrag voldoende aannemelijk gemaakt en zij zal de vordering tot dat bedrag toewijzen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 augustus 2017 tot aan de dag der voldoening.

Voor het overige is de rechtbank van oordeel dat de behandeling van dat deel van de vordering onvoldoende aannemelijk is gemaakt. De benadeelde partij zal daarom voor dat deel niet-ontvankelijk worden verklaard in de vordering en kan de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

[naam 22]

De benadeelde partij [naam 22] vordert een schadevergoeding van € 170,- voor feit 16, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 16 september 2017 tot aan de dag der voldoening.

De officier van justitie acht de vordering hoofdelijk toewijsbaar, met toewijzing van de wettelijke rente. De verdediging stelt zich op het standpunt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering.

De rechtbank is van oordeel dat de schade een rechtstreeks gevolg is van dit bewezenverklaarde feit en acht verdachte aansprakelijk voor die schade. Het gevorderde is voldoende aannemelijk gemaakt, zodat de vordering in beginsel toewijsbaar is.

De rechtbank overweegt dat er ten aanzien van feit 16 sprake is van twee medeplegers, onder wie verdachte, die naar het oordeel van de rechtbank in gelijke mate aansprakelijk zijn voor de schade van de benadeelde partij. Hoewel het uitgangspunt is dat verdachten in een dergelijk geval hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voor de schade, ziet de rechtbank aanleiding om verdachte slechts te veroordelen tot betaling van de helft van deze schade. Hiertoe overweegt de rechtbank dat hoofdelijke aansprakelijkheid er mogelijk toe zal leiden dat niet beide verdachten worden aangesproken voor vergoeding van de schade, terwijl zij hier beiden voor verantwoordelijk zijn. Daarnaast kan hoofdelijke aansprakelijkheid er toe leiden dat de medeverdachten elkaar over en weer zullen aanspreken voor hun deel van de schade, terwijl de rechtbank juist van belang acht dat verdachte geen contact zal hebben met de medeverdachte. Tot slot overweegt de rechtbank dat zij met betrekking tot de toegekende vordering van de benadeelde partij tevens de schadevergoedingsmaatregel zal opleggen, waardoor de schade aan de benadeelde partij door de staat wordt uitgekeerd. Voor de benadeelde partij zelf maakt het derhalve geen verschil of verdachte hoofdelijk aansprakelijk wordt gesteld of niet.

De vordering zal worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf

16 september 2017 tot aan de dag der voldoening, zoals hiervoor reeds is overwogen voor de helft van de totale schade, te weten een bedrag van € 85,-. De andere helft van voornoemd bedrag zal worden afgewezen.

[naam 23]

De benadeelde partij [naam 23] vordert een schadevergoeding van € 1.700,= voor feit 17, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 september 2017 tot aan de dag der voldoening.

De officier van justitie en de verdediging stellen zich op het standpunt dat de benadeelde partij niet ontvankelijk dient te worden verklaard in haar vordering, nu zij haar vordering onvoldoende heeft onderbouwd.

De rechtbank acht het gevorderde bedrag onvoldoende aannemelijk gemaakt, nu de benadeelde partij een aanzienlijk bedrag aan schade heeft gevorderd, maar haar vordering niet door middel van stukken heeft onderbouwd. De benadeelde partij zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard in haar vordering. Zij kan haar vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

[naam 24]

De benadeelde partij [naam 24] vordert een schadevergoeding van € 3.400,- voor feit 18, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 september 2017 tot aan de dag der voldoening.

De officier van justitie acht de vordering tot een bedrag van € 1.400,- hoofdelijk toewijsbaar, met toewijzing van de wettelijke rente. De verdediging stelt zich op het standpunt dat de benadeelde partij niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de vordering.

De rechtbank is van oordeel dat de schade tot een bedrag van € 250,- een rechtstreeks gevolg is van dit bewezen verklaarde feit, ter zake van immateriële schade en acht verdachte aansprakelijk voor die schade. Het gevorderde is tot dat bedrag voldoende aannemelijk gemaakt, zodat de vordering in beginsel tot dat bedrag toewijsbaar is.

De rechtbank overweegt dat er ten aanzien van feit 18 sprake is van twee medeplegers, onder wie verdachte, die naar het oordeel van de rechtbank in gelijke mate aansprakelijk zijn voor de schade van de benadeelde partij. De vordering zal worden toegewezen, overeenkomstig hetgeen hiervoor reeds is overwogen voor de helft van de totale schade, te weten een bedrag van € 125,-. De andere helft van voornoemd bedrag zal worden afgewezen.

Voor het overige is de rechtbank van oordeel dat dat deel van de vordering onvoldoende aannemelijk is gemaakt. De benadeelde partij zal daarom voor dat deel niet-ontvankelijk worden verklaard in de vordering en kan de vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

[naam 38]

De benadeelde partij [naam 38] vordert een schadevergoeding van € 80,01, te vermeerderen met de wettelijke rente, voor feit 20. De officier van justitie en de verdediging hebben zich op het standpunt gesteld dat dit bedrag tevens is gevorderd door de benadeelde partij [naam 25] en dat de benadeelde partij [naam 38] daarom niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar vordering.

De rechtbank is van oordeel dat de schade, betreffende het gevorderde bedrag exclusief BTW, een rechtstreeks gevolg is van het bewezenverklaarde feit 20 en acht verdachte aansprakelijk voor die schade. De rechtbank acht de schade toewijsbaar aan [naam 38] (en niet aan [naam 25] ), nu de exploitatiemaatschappij eigenaar is van het raam waaraan de schade is ontstaan. Het gevorderde is tot een bedrag van € 66,12 voldoende aannemelijk gemaakt, zodat de vordering tot dat bedrag in beginsel toewijsbaar is. De rechtbank wijst het gedeelte betreffende de BTW af.

De rechtbank overweegt dat er ten aanzien van feit 20 sprake is van twee medeplegers, onder wie verdachte, die naar het oordeel van de rechtbank in gelijke mate aansprakelijk zijn voor de schade van de benadeelde partij. De vordering zal worden toegewezen, overeenkomstig hetgeen hiervoor reeds is overwogen voor de helft van de totale schade, te weten een bedrag van € 33,06. Tevens zal de gevorderde wettelijke rente worden toegewezen vanaf 19 juli 2017. De andere helft van voornoemd bedrag zal worden afgewezen.

[naam 25] (als wettelijk vertegenwoordigster van [naam 39] )

De benadeelde partij [naam 25] heeft twee vorderingen ingediend, een van

15 december 2017 (tot een totaalbedrag van € 3.875,-, vermeerderd met de wettelijke rente, en € 4,87 aan kosten voor rechtsbijstand) en een van 17 september 2017 (tot een totaalbedrag van € 8.999,-, vermeerderd met de wettelijke rente). In deze vorderingen worden deels dezelfde schadeposten genoemd, maar andere bedragen gevorderd voor die posten. Onduidelijk is gebleven of de benadeelde partij vordert dat beide vorderingen tot schadevergoeding worden toegewezen, of dat de meest recente vordering de eerdere vordering vervangt. De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat een bedrag van € 1.800,- hoofdelijk kan worden toegewezen, bestaande uit € 1.400,- aan materiële schade en € 400,- aan immateriële schade. De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat een bedrag van € 1.000,- ten aanzien van weggenomen geld uit de kluis kan worden toegewezen.

Gelet op de bewezenverklaring van feit 20, is de rechtbank van oordeel dat in ieder geval vaststaat dat de benadeelde partij materiële schade heeft geleden tot een bedrag van

€ 1.400,- ten aanzien van het weggenomen brief- en muntgeld uit de kluis. Daarnaast is de rechtbank van oordeel dat de benadeelde partij voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij door de inbraak immateriële schade heeft geleden. De rechtbank is derhalve van oordeel dat een bedrag van € 1.800,- een rechtstreeks gevolg is van het bewezen verklaarde feit, waarvan € 1.400,- ter zake van materiële schade en € 400,- ter zake van immateriële schade, en acht verdachte aansprakelijk voor die schade. Het gevorderde is voor wat betreft die schade voldoende aannemelijk gemaakt, zodat de vordering zal worden toegewezen, zoals hiervoor reeds is overwogen voor de helft van de totale schade, te weten een bedrag van

€ 900,-. Tevens zal de gevorderde wettelijke rente worden toegewezen vanaf 19 juli 2017. De andere helft van voornoemd bedrag zal worden afgewezen.

Ten aanzien van het resterende deel van de schadeposten in de vorderingen van

17 september 2017 en 15 december 2017 is onvoldoende duidelijk of daar nog aanspraak op wordt gemaakt en zijn deze schadeposten onvoldoende onderbouwd. De rechtbank is derhalve van oordeel dat de benadeelde partij haar vordering(en) voor het overige onvoldoende inzichtelijk en aannemelijk heeft gemaakt. Zij zal de benadeelde partij daarom voor dat deel niet-ontvankelijk verklaren in haar vordering. Voor dat deel kan de benadeelde partij haar vordering bij de burgerlijke rechter aanbrengen.

Schademaatregel

Met betrekking tot de toegekende vorderingen benadeelde partij zal de rechtbank tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, telkens te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan tot aan de dag der voldoening.

De rechtbank zal daarbij niet bevelen dat vervangende hechtenis zal worden toegepast indien verdachte in gebreke blijft bij betaling en geen verhaal biedt, omdat de rechtbank van oordeel is dat oplegging van dergelijke hechtenis, vanwege de jonge leeftijd van verdachte ten tijde van de feiten en de daarmee samenhangende financiële situatie, niet opportuun is.

8 Het beslag

8.1

De standpunten

De officier van justitie vordert de teruggave van de in beslag genomen goederen, nu niet vaststaat dat er strafbare feiten mee zijn gepleegd. De verdediging refereert zich aan het oordeel van de rechtbank.

8.2

De teruggave aan verdachte

De rechtbank zal de teruggave gelasten van de hierna in de beslissing genoemde in beslag genomen voorwerpen aan verdachte, aangezien de voorwerpen niet vatbaar zijn voor verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer en onder verdachte in beslag zijn genomen.

9 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 9, 10, 14a, 14b, 14c, 14d, 22c, 22d, 24c, 27, 36f, 57, 91, 310, 311, 417bis en 420bis van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 5, 177, 178, 179 en 188 van de Wegenverkeerswet 1994, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

10 De beslissing

De rechtbank:

Vrijspraak

- spreekt verdachte vrij van de onder 6 en 8 tenlastegelegde feiten;

Bewezenverklaring

- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

- verklaart dat het bewezen verklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:

feit 1: schuldheling;

feit 2: diefstal door twee of meer verenigde personen en diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel, meermalen gepleegd;

feit 3: diefstal, meermalen gepleegd;

feit 4: diefstal en diefstal waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel;

feit 5: diefstal;

feit 7: diefstal door twee of meer verenigde personen en diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel;

feit 9: diefstal door twee of meer verenigde personen en diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel;

feit 10: diefstal door twee of meer verenigde personen;

feit 11: diefstal door twee of meer verenigde personen en diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel;

feit 12: diefstal waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak;

feit 13: diefstal;

feit 14: diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak en inklimming;

feit 15: diefstal door twee of meer verenigde personen en diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel;

feit 16: diefstal door twee of meer verenigde personen en diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel;

feit 17: diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking;

feit 18: diefstal door twee of meer verenigde personen gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd en diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van inklimming of een valse sleutel;

feit 19: overtreding van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994;

feit 20: diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak en waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel;

feit 21: witwassen;

- verklaart verdachte strafbaar voor het bewezen verklaarde;

Strafoplegging

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 360 (driehonderdzestig) dagen;

- bepaalt dat een gedeelte van deze gevangenisstraf groot 140 (honderdveertig) dagen niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten omdat verdachte voor het einde van de proeftijd van 2 (twee) jaar na te melden voorwaarden niet heeft nageleefd;

- stelt als algemene voorwaarden:

* dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;

* dat verdachte ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit, medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage zal aanbieden;

* dat verdachte medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, de medewerking van huisbezoeken daaronder begrepen;

- stelt als bijzondere voorwaarden:

* dat verdachte zich uiterlijk binnen één dag na het ingaan van de proeftijd telefonisch zal melden bij mevrouw Gijsen, of bij haar afwezigheid een andere medewerker, van reclassering Middelburg en zich daarna gedurende een door de reclassering te bepalen periode (die loopt tot maximaal het einde van de proeftijd) zal blijven melden op afspraken met de reclassering, zo lang en zo frequent als de reclassering noodzakelijk acht om het reclasseringstoezicht uit te voeren;

* dat verdachte zich, indien de reclassering dit tijdens het toezicht geïndiceerd acht, gedurende de proeftijd onder behandeling zal stellen van Forensische Zorg Zeeland, of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, op de tijden en plaatsen als door of namens die zorgverlener aan te geven, waarbij verdachte zich zal houden aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling en waarbij het innemen van medicijnen onderdeel kan zijn van de behandeling;

* dat verdachte gedurende de proeftijd zal meewerken aan controle van het gebruik van drugs om het middelengebruik te beheersen, indien de reclassering deze controle geïndiceerd acht, waarbij de reclassering urineonderzoek kan gebruiken voor de controle en waarbij de reclassering bepaalt hoe vaak verdachte wordt gecontroleerd;

- geeft opdracht aan de reclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;

- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf;

- veroordeelt verdachte tot een taakstraf van 240 (tweehonderdveertig) uur;

- beveelt dat indien verdachte de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van 120 (honderdtwintig) dagen;

- veroordeelt verdachte tot een ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturen van 6 (zes) maanden;

Benadeelde partijen

- verklaart de benadeelde partij [naam 4] niet-ontvankelijk in haar vordering en bepaalt dat die vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;

- veroordeelt de benadeelde partij [naam 4] in de kosten van verdachte, tot op heden begroot op nihil;

- verklaart de benadeelde partij [naam 2] niet-ontvankelijk in haar vordering en bepaalt dat die vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;

- veroordeelt de benadeelde partij [naam 2] in de kosten van verdachte, tot op heden begroot op nihil;

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam 1] van € 150,- ter zake van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 12 augustus 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam 7] van € 780,-

ter zake van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 11 augustus 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- verklaart de benadeelde partij in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk en bepaalt dat die vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam 8] van € 200,- ter zake van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 11 augustus 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- verklaart de benadeelde partij in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk en bepaalt dat die vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam 22] van € 85,-, ter zake van materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 16 september 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;

- wijst de andere helft (€ 85,-) van de vastgestelde schadevordering af;

- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- verklaart de benadeelde partij [naam 23] niet-ontvankelijk in haar vordering en bepaalt dat die vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;

- veroordeelt de benadeelde partij [naam 23] in de kosten van verdachte, tot op heden begroot op nihil;

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam 24] van € 125,- ter zake van immateriële schade;

- wijst de andere helft (€ 125,-) van de vastgestelde schadevordering af;

- verklaart de benadeelde partij in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk en bepaalt dat die vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;

- veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam 25] van € 900,-, waarvan € 700,- ter zake van materiële schade en € 200,- ter zake van immateriële schade, en vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 19 juli 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;

- wijst de andere helft (€ 900,-) van de vastgestelde schadevordering af;

- verklaart de benadeelde partij in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk en bepaalt dat die vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;

- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij [naam 25] tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [naam 38] van € 33,06 ter zake van materiële schade en vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 19 juli 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;

- bepaalt dat het resterende deel van de vordering van de benadeelde partij [naam 38] wordt afgewezen;

- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van de hierna te noemen slachtoffers de daarbij vermelde bedragen te betalen:

* benadeelde partij [naam 1] (feit 2), € 150,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 12 augustus 2017 tot aan de dag der algehele voldoening,

* benadeelde partij [naam 7] (feit 3), € 780,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 11 augustus 2017 tot aan de dag der algehele voldoening,

* benadeelde partij [naam 22] (feit 16), € 85,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 16 september 2017 tot aan de dag der algehele voldoening,

* benadeelde partij [naam 24] (feit 18), € 125,-,

* benadeelde partij [naam 25] (feit 20), € 900,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 19 juli 2017 tot aan de dag der algehele voldoening,

* benadeelde partij [naam 38] (feit 20), € 33,06, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 19 juli 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;

- bepaalt dat bij voldoening van de schadevergoedingsmaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd;

Beslag

- gelast de teruggave aan verdachte van de voorwerpen die op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst zijn genummerd G1750457, G1750459, G1750466 en G1750475;

Voorlopige hechtenis

- heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.

Dit vonnis is gewezen door mr. G.H. Nomes, voorzitter, mr. B.J. Duinhof en

mr. J.A. van Voorthuizen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. C.E.A.M. van der Ven - van de Riet en mr. E.J. van der Welle, griffiers, en is uitgesproken ter openbare zitting op

26 februari 2019.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt -tenzij anders vermeld- bedoeld het eindproces-verbaal met proces-verbaalnummer ZB1R017051 (onderzoek Ferrara) van de politie eenheid Zeeland - West-Brabant, districtsrecherche Zeeland, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren en doorgenummerd van pagina 1 tot en met 2542. Het proces-verbaal van bevindingen van 27 september 2017, pagina 934, eerste alinea.

2 Het proces-verbaal van bevindingen van 16 augustus 2017, pagina 929, vijfde alinea.

3 Het proces-verbaal van bevindingen van 31 augustus 2017, pagina 964 en pagina 965, tweede alinea.

4 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 27] van 23 mei 2017, pagina 902 en 903.

5 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

6 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [naam 28] van 5 december 2017, pagina 78, zevende alinea.

7 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 1] namens [naam 2] , [naam 3] en [naam 4] van 12 augustus 2017, pagina 917 tot en met 921.

8 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

9 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 5] van 14 augustus 2017, pagina 1082.

10 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 6] van 12 augustus 2017, pagina 1102.

11 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 7] mede namens [naam 8] van 12 augustus 2017, pagina 1106 en 1108.

12 Het proces-verbaal van bevindingen gestolen fietsen van 6 december 2017, pagina 1085, tweede tot en met vierde alinea en zevende tot en met negende alinea, en pagina 1086.

13 Het proces-verbaal van bevindingen van 20 augustus 2017, pagina 981.

14 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 9] van 14 augustus 2017, pagina 1109, laatste twee alinea’s en pagina 1110, eerste alinea.

15 Het proces-verbaal van verhoor van [naam 30] van 3 oktober 2017, pagina 573J, tweede en vijfde alinea, en pagina 573K, eerste tot en met derde alinea.

16 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [naam 28] van 5 december 2017, pagina 79, tweede alinea.

17 Het proces-verbaal van doorzoeking [adres 7] Oost-Souburg, pagina 1897 en 1899.

18 Het proces-verbaal van aanvullend relaas van strafbare feiten van 5 februari 2018, pagina 2459, en het proces-verbaal van bevindingen van 20 november 2017, pagina 1902.

19 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 10] van 11 augustus 2017, pagina 1139 tot en met 1141.

20 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

21 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 12] mede namens [naam 13] en [naam 32] van 27 augustus 2017, pagina 1149 tot en met 1153.

22 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [naam 33] van 7 november 2017, pagina 273, vijfde, zevende, achtste en dertiende alinea.

23 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

24 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 15] mede namens [naam 16] van 1 september 2017, pagina 1210 tot en met 1215.

25 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

26 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 17] van 6 september 2017, pagina 1250.

27 Het schriftelijk stuk, inhoudende een Anzeigeformular bei Zerstörung van [naam 17] van 4 september 2017, pagina 1253.

28 Het proces-verbaal van bevindingen van 7 september 2017, pagina 1235, eerste, tweede en vierde alinea.

29 Het proces-verbaal van bevindingen van 7 november 2017, pagina 1257.

30 Het proces-verbaal van verhoor van [naam 34] van 11 oktober 2017, pagina 725, derde alinea.

31 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 18] van 2 september 2017, pagina 1264 tot en met 1268.

32 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

33 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 36] namens Juvent van 8 september 2017, pagina 1311 tot en met 1313.

34 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

35 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 19] van 15 september 2017, pagina 1316 tot en met 1318.

36 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

37 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 37] namens Alphascholengroep van 18 september 2017, pagina 1319 tot en met 1321.

38 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

39 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 20] van 15 september 2017, pagina 1329 tot en met 1333.

40 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

41 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 21] van 17 september 2017, pagina 1354 tot en met 1358.

42 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 22] van 1 oktober 2017, pagina 1361 tot en met 1364.

43 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

44 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 23] van 25 september 2017, pagina 1394 tot en met 1395B.

45 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

46 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 24] van 18 september 2017, pagina 1396 tot en met 1398.

47 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

48 Het proces-verbaal van bevindingen van 16 augustus 2017, pagina 936.

49 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [naam 28] van 5 december 2017, pagina 79.

50 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019. Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt -tenzij anders vermeld- bedoeld het eindproces-verbaal met proces-verbaalnummer PL2000-2017186415 z van de politie eenheid Zeeland - West-Brabant, district Zeeland, districtsrecherche Zeeland, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren en doorgenummerd van pagina 1 tot en met 199.

51 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 25] van 19 juli 2017, pagina 25 tot en met 27.

52 De verklaring van verdachte, afgelegd ter terechtzitting van 7 februari 2019.

53 Het proces-verbaal van bevindingen van 23 juli 2017, pagina 50.

54 Het proces-verbaal van verhoor verdachte [verdachte] van 23 juli 2017, pagina 143 tot en met 145.