Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZWB:2019:5546

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
10-12-2019
Datum publicatie
11-12-2019
Zaaknummer
02-132373-19
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Een 66-jarige verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het plegen van ontuchtige handelingen met een aan zijn zorg toevertrouwd meisje van twaalf jaar oud, het vervaardigen en verspreiden van kinderporno via een livestream en het bezit van een grote hoeveelheid kinderporno. Verdachte is veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf en TBS met verpleging van overheidswege.

De rechtbank overweegt dat sprake is van een afbeelding in de zin van artikel 240b Wetboek van Strafrecht indien via een livestream mogelijk wordt gemaakt dat anderen een weergave van de werkelijke seksuele gedragingen van kinderen kunnen zien door middel van streamen en volgen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
PS-Updates.nl 2020-0015
NJFS 2020/121
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht

Zittingsplaats: Breda

parketnummer: 02/132373-19

vonnis van de meervoudige kamer van 10 december 2019

in de strafzaak tegen

[Verdachte]
geboren op [Geboortedag] 1953 te [Geboorteplaats] ,
wonende aan [Adres]
gedetineerd in P.I. Vught, PPC te Vught,

bijgestaan door raadsman mr. R.E. Drenth, advocaat te Breda.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 26 november 2019, waarbij de officier van justitie, mr. De Graaf, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 313 van het Wetboek van Strafvordering. Verdachte staat, met inachtneming hiervan, terecht ter zake dat:

1.

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 april 2019 tot en met 31 mei 2019 te Tilburg en/of elders in Nederland, afbeeldingen, te weten foto's en/of video's van seksuele gedragingen, waarbij de aan zijn zorg toevertrouwde [Slachtoffer]

geboren [Geboortedag slachtoffer] -2007 die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, heeft

- vervaardigd en/of

- verspreid en/of aangeboden (door het livestreamen van de beelden via [Naam 1] ) en/of

- zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft

- in bezit gehad en/of

welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met de/een vinger en/of hand zichzelf vaginaal penetreren van het lichaam door

eerdergenoemde [Slachtoffer] die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

(pagina 113 dossier)

en/of

het met de/een vinger/hand zichzelf betasten en/of zichzelf aanraken van haar geslachtsdeel

door eerdergenoemde [Slachtoffer] die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

(pagina 113 en 115 dossier)

en/of

het met de/een vinger/hand betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel van verdachte, althans een meerderjarige man door eerdergenoemde [Slachtoffer] die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

(pagina 114 dossier)

en/of

het gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door eerdergenoemde [Slachtoffer] die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij die [Slachtoffer] gekleed is en/of in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij haar leeftijd past en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de uitsnede van de foto's/films nadrukkelijk het (ontblote) geslachtsdeel, de borsten en/of billen van die [Slachtoffer] in beeld gebracht wordt/worden, (waarbij) de afbeelding(en) (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft/hebben en/of strekt tot seksuele prikkeling;

(pagina 115 dossier)

2.

hij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 april 2019 tot en met 31 mei 2019 te Tilburg en/of elders in Nederland, meermalen, met de aan zijn zorg toevertrouwde minderjarige [Slachtoffer] geboren [Geboortedag slachtoffer] -2007 (gelet op de omstandigheid dat hij, verdachte, als “surrogaat opa” althans als oppas, zorgdroeg voor die

[Slachtoffer] ), die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [Slachtoffer] immers

- heeft verdachte die [Slachtoffer] bewogen om zich gedeeltelijk uit te kleden en/of te poseren en/of over haar borsten en/of vagina te wrijven en/of haar schaamlippen te openen en/of een of meerdere vinger(s) in haar vagina/ tussen haar schaamlippen te brengen welke handelingen door hem, verdachte, met een camera werden opgenomen en aldus geheel of gedeeltelijk zichtbaar waren voor verdachte en/of

- heeft verdachte die [Slachtoffer] bewogen om hem af te trekken en/of zijn penis te betasten en/of

- heeft verdachte de vagina van die [Slachtoffer] betast

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op een of meerdere tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 april 2019 tot en met 31 mei 2019 te Tilburg en/of elders in Nederland, meermalen, met de aan zijn zorg toevertrouwde minderjarige [Slachtoffer] geboren [Geboortedag slachtoffer] -2007 (gelet op de omstandigheid dat hij, verdachte, als “surrogaat opa” althans als oppas, zorgdroeg voor die

[Slachtoffer] ), die toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, opzettelijk heeft bewogen ontuchtige handelingen te plegen en/of te dulden , immers heeft verdachte die [Slachtoffer] bewogen om

- zich gedeeltelijk uit te kleden en/of

- haar ontblote borsten en/of vagina en/of schaamlippen te tonen/aan te raken en/of

- een of meer vingers in haar vagina/ tussen haar schaamlippen te brengen

- zijn, verdachte’s penis te betasten en/of hem af te trekken

3.

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 november 2018 tot en met 31 mei 2019 te Tilburg en/of elders in Nederland, meermalen, althans eenmaal telkens afbeeldingen, te weten foto's en/of video's en/of gegevensdragers bevattende afbeeldingen

- te weten een GSM (Huawei) en/of een USB Sandisk en/of Laptop Asus K53S en/of SSD Samsung en/of HDD WD 1 TB en/of SD_micro_16GB en/of HDD_Toshiba

van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken,

heeft

verworven,

in bezit gehad en/of

zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft welke seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met de/een penis en/of vinger/hand en/of mond/tong en/of met een voorwerp oraal, vaginaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

en/of

het met de/een vinger/hand en/of met een voorwerp oraal, vaginaal en/of anaal penetreren van het lichaam van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

[Nummer] pag. 248-249-250 dossier

en/of

het met de/een vinger/hand en/of mond/tong betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de billen van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en/of het met de/een vinger/hand en/of mond/tong betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de billen en/of borsten van een (ander) persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

[Nummer] , pag. 255 dossier

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van/door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon in een (erotisch getinte) houding (op een wijze) die niet bij zijn/haar leeftijd past/passen en/of waarbij deze persoon zich (vervolgens) in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet

en/of de (onnatuurlijke) pose (waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en/of strekt tot seksuele prikkeling

[Nummer] , pag. 250-251 dossier

en hij aldus van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt.

3 De voorvragen

De dagvaarding is geldig. De rechtbank is bevoegd. De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.

4 De beoordeling van het bewijs

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan verdachte onder feit 1 (het vervaardigen van kinderporno met een aan zijn zorg toevertrouwde minderjarige), feit 2 (het plegen van ontuchtige handelingen van een aan zijn zorg toevertrouwde minderjarige) en feit 3 (bezit kinderporno) ten laste is gelegd.

De officier van justitie baseert zich daarbij op de processen-verbaal bevindingen van de politie waarin de filmpjes die te zien waren via een livestream worden beschreven, de verklaring van de verdachte ter zitting, de verklaring van het slachtoffer ( [Slachtoffer] hierna [Slachtoffer] ) en het proces-verbaal van de politie waarin wordt beschreven op welke gegevensdragers kinderporno is aangetroffen.

4.2

Het standpunt van de verdediging

Ten aanzien van feit 1

De verdediging voert aan dat livestreams niet kunnen worden aangemerkt als afbeeldingen in de zin van artikel 240b van het Wetboek van Strafrecht (Sr) en verwijst daartoe naar de uitspraak van de Gerechtshof Leeuwarden van 27 maart 2012 (ECLI:NL:GHLEE:2012:BW0103). Er is namelijk bij een livestream geen sprake van enige duurzaamheid van afbeeldingen. Voorts voert de verdediging aan dat verdachte niet de dader is, omdat hij niet vervaardigd heeft. Ten aanzien van beide livestreams heeft de verdachte niet het filmapparaat gehanteerd.

Verdachte dient daarom van feit 1 te worden vrijgesproken.

Ten aanzien van feit 2

De verdediging voert aan dat het element ‘heeft verdachte die [Slachtoffer] bewogen’ een essentieel onderdeel van de tenlastelegging is. Er is geen bewijs dat de verdachte [Slachtoffer] heeft bewogen tot de handelingen zoals ten laste gelegd.

Verdachte dient daarom ook van feit 2 te worden vrijgesproken.

Ten aanzien van feit 3

De verdediging voert aan dat ten aanzien van het eerste [Nummer] en derde onderdeel (x122.avi) in de tenlastelegging niet is te achterhalen om welk goednummer het gaat. Het is niet duidelijk waar deze kinderporno is aangetroffen.

Verdachte dient daarom voor het eerste en derde onderdeel te worden vrijgesproken.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

Op 29 mei 2019 waren op het programma [Naam 1] twee livestreams te zien. Deze werden uitgezonden via het account ‘ [Naam 2] ’1. Dit account is van de verdachte. Op de livestreams waren een oudere man en een jong meisje te zien. Het eerste filmpje speelde zich af in een auto. Het tweede filmpje speelde zich af in de schuur van de woning van verdachte.2 De oudere man betrof verdachte3 en het jonge meisje [Slachtoffer] .4. Beide livestreams zijn opgenomen met de telefoon van verdachte.5[Slachtoffer] is geboren op [Geboortedag slachtoffer] 20076.

Op het filmpje genummerd [Nummer]7, het betreft een opname van een livestream die eerder beschikbaar was via het platform [Naam 1]8, is het volgende te zien:

Het meisje gaat met haar rechterhand in haar broekje. Daarbij wrijft ze over haar vagina en kijkt herhaaldelijk in de richting van de man in de auto. Het meisje haalt haar rechterhand uit haar broekje en houdt deze voor de camera. Vervolgens steekt ze haar rechtermiddelvinger in haar mond en kijkt daarbij in de camera. Het meisje doet haar grijze shirt naar beneden, evenals haar bh. Hierdoor wordt de rechterborst zichtbaar. Met haar linkerhand wrijft ze over haar rechterborst en drukt ze herhaaldelijk op haar rechtertepel. Daarna doet ze haar grijze shirt weer omhoog. De camera richt zich op de roze korte broek van het meisje. Het meisje trekt met haar rechterhand, de rechterpijp van het broekje naar rechts. Hierdoor is de vagina van het meisje zichtbaar. Vervolgens streelt ze met haar linkerhand over haar vagina. Het meisje doet vervolgens haar roze korte broek omlaag, waardoor haar gehele vagina zichtbaar is. Met haar rechterhand streelt ze haar vagina en trekt ze de lippen van haar vagina uit elkaar. Met haar beide handen trek ze de lippen van haar vagina uit elkaar en penetreert ze de vagina met haar linker- en rechterwijsvinger. De camera wordt vervolgens weggelegd en het meisje trek haar roze korte broekje weer omhoog. De camera richt zicht vervolgens op een penis. Aan het horloge en de nagellak is te zien dat het meisje deze penis vastheeft. Aan het vest en de donkergekleurde kleding is aan te nemen dat de penis behoort aan de man, die net als het meisje zicht in de auto bevindt. De linkerhand van het meisje trekt aan de penis en beweegt de penis van boven naar beneden.

Op het filmpje genummerd [Nummer]9, het betreft een opname van een livestream die eerder beschikbaar was via het platform [Naam 1]10, is het volgende te zien:

Het meisje doet haar bh omhoog waardoor haar borsten zichtbaar zijn. Vervolgens doet ze haar korte broek naar beneden. Je ziet een donker gekleurde onderbroek van het meisje. Het meisje trekt vervolgens haar onderbroek naar beneden., waardoor haar vagina zichtbaar is. Daarna beweegt ze met haar gehele lichaam van links naar rechts alsof ze aan het "dansen" is. Bij het "dansen" raakt het meisje, met haar rechterhand haar vagina aan en streelt daarbij haar vagina. Hierna pakte ze met haar linker- en rechterhand haar vagina vast en streelt deze opnieuw.

Op 2 juni 2019 heeft de moeder van het slachtoffer aangifte gedaan11. Verdachte bracht vanaf januari 2019 van maandag tot en met vrijdag de kinderen naar school en haalde ze op.

[Slachtoffer] heeft aan haar moeder verteld wat er verder is gebeurd tussen haar en de verdachte.

Hij is toen naar de [Naam 3] gegaan bij het zwembad gereden. Ze zijn toen

helemaal naar achteren gereden. [Verdachte] heeft toen gevraagd [Slachtoffer] zou je mijn piel vast willen houden. [Slachtoffer] heeft toen gezegd: "Nee". Hierna heeft [Verdachte] haar hand vast gepakt en op zijn geslachtsdeel neergelegd. Ze heeft gezegd dat het vier keer gebeurd is. Ze heeft verteld dat ze hem drie keer heeft moeten aftrekken en hij heeft een keer aan haar gevraagd of zij de piel in haar mond wilde nemen. Dit heeft [Slachtoffer] niet gedaan en toen heeft ze hem ook af moeten trekken 12 .

[Slachtoffer] is verhoord in een kindvriendelijke studio13. Zij heeft verklaard dat de verdachte haar heeft gedwongen om aan zijn piemel te zitten. Hij heeft haar een keer gedwongen om zijn piemel in haar mond te doen maar dat heeft ze toen niet gedaan. Hij heeft ook met zijn handen in haar broek gezeten. Het is vier (4) keer gebeurd. Ze waren dan elke keer op een vaste plek bij [Naam 3] waar het filmpje ook is gemaakt. Het was elke keer op een woensdag.

De ouders van [Slachtoffer] hebben verklaard dat de verdachte als een opa is voor de kinderen. [Slachtoffer] heeft ook verklaard dat de verdachte als een opa voor haar is14.

Op 31 mei 2019 heeft er een doorzoeking plaatsgevonden in de woning van de verdachte waarbij gegevensdragers in beslag zijn genomen15. De politie heeft vervolgens de gegevensdragers uitgelezen16. Daarop kwamen in totaal 2212 afbeeldingen voor die kinderpornografisch zijn. Het betrof 1325 foto’s, waarvan 95 accessible, en 887 films/video’s, waarvan 36 accessible. Deze afbeeldingen bevonden zich op de USB_Sandisk (beslagcode [Nummer] ), Laptop_Asus_K53S (beslagcode [Nummer] , HDD_Toshiba (beslagcode [Nummer] ), SSD Samsung (beslagcode [Nummer] , HDD_WD_1TB (beslagcode [Nummer] SD_Micro_16GB (beslagcode [Nummer] ) en GSM Huawei (beslagcode [Nummer] ).

Verdachte heeft na afloop van zijn verhoor op 7 juni 2019 verklaard dat de computer van zijn zoon de rechtercomputer is op het bureau waar beide computers in beslag zijn genomen. Verder heeft hij verklaard dat zijn zoon en hij elkaars computers niet gebruiken en dat zijn zoon geen toegang heeft tot de door hem gebruikte computer omdat de zoon niet beschikt over zijn code17.

Verdachte verklaarde dat hij [Slachtoffer] op woensdag 29 mei 2019 van en naar school gebracht heeft en dat zij die woensdagmiddag bij hem was. Verdachte heeft ter zitting ten aanzien van feit 3 verklaard dat de telefoon en de lap top van hem zijn. Verder heeft hij verklaard dat de linker computer op het bureau door hem werd gebruikt18 .

Feit 1

Gelet op de hierboven genoemde bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang bezien, is de rechtbank van oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte afbeeldingen van seksuele gedragingen heeft vervaardigd, verspreid en in zijn bezit heeft gehad, waarbij een minderjarige die aan zijn zorg is toevertrouwd, te weten [Slachtoffer] , is betrokken. Verdachte heeft met zijn telefoon en onder zijn account livestreams gemaakt en beschikbaar gesteld via het programma [Naam 1] . Op die livestreams zijn seksuele gedragingen te zien van [Slachtoffer] . Ten tijde van de livestreams was [Slachtoffer] 12 jaar oud.

Het door de verdediging aangevoerde standpunt dat de livestreams geen afbeeldingen zijn in de zin van artikel 240b Sr, omdat er geen sprake is van het vereiste van ‘enige duurzaamheid’, volgt de rechtbank niet. Een afbeelding in de zin van genoemd artikel is het weergeven van een werkelijkheid door middel van een technisch hulpmiddel waardoor deze werkelijkheid door (veel) anderen door middel van gebruik van techniek bekeken kan worden. Gelet op het doel en de strekking van genoemd artikel is ‘enige duurzaamheid’ geen vereiste om te kunnen spreken van een afbeelding in de zin van dit artikel.

Het standpunt van de verdediging dat verdachte zijn telefoon zelf moet hebben vastgehouden tijdens het filmen om als pleger aangemerkt te worden, vindt geen steun in het recht. Voor het element vervaardigen is immers niet vereist dat de pleger de filmpjes zelf heeft gemaakt.

De verklaring van verdachte dat hij niet in de schuur aanwezig was, acht de rechtbank niet geloofwaardig. Het filmpje is opgenomen met de telefoon van verdachte en is onder zijn account op [Naam 1] beschikbaar gekomen. Bovendien is het filmpje in zijn schuur opgenomen. Voorts is het filmpje kort gemaakt na het eerste filmpje in de auto en had verdachte [Slachtoffer] op dat moment onder zijn hoede. Het kan daarom niet anders dan dat verdachte betrokken was bij het vervaardigen van dat filmpje.

Feit 2

Gelet op de hierboven genoemde bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang bezien, is de rechtbank van oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte ontuchtige handelingen heeft gepleegd met een minderjarige die aan zijn zorg is toevertrouwd, te weten [Slachtoffer] , waaronder mede begrepen het seksueel binnendringen van het lichaam van [Slachtoffer] . [Slachtoffer] was ten tijde van de ontuchtige handelingen 12 jaar en gebleken is dat de verdachte als een opa voor haar was.

Uit de verklaring van [Slachtoffer] blijkt dat verdachte haar heeft bewogen tot de seksuele gedragingen zoals ten laste gelegd. Verdachte heeft ter zitting verklaard dat hij degene is die te zien is op de livestream die is opgenomen in de auto. Beide filmpjes zijn onder zijn account en met zijn telefoon gemaakt. Dat verdachte [Slachtoffer] niet heeft bewogen tot de seksuele gedragingen acht de rechtbank dan ook niet geloofwaardig.

Feit 3

Gelet op de hierboven genoemde bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang bezien, is de rechtbank van oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte in het bezit was van kinderporno. Gelet op de aangetroffen hoeveelheid acht de rechtbank tevens wettig en overtuigend bewezen dat verdachte van het plegen van dat misdrijf een gewoonte heeft gemaakt.

Dat alleen de laptop en telefoon van verdachte is en de overige in beslag genomen gegevensdragers niet, acht de rechtbank niet geloofwaardig. De gegevensdragers zijn in de woning van verdachte aangetroffen. Tijdens de doorzoeking heeft de zoon van verdachte verklaard welke gegevensdragers van hem zijn. Dit wordt bevestigd door de opmerkingen van de verdachte na afloop van zijn verhoor op 7 juni 2019.

Ten aanzien van het goednummer [Nummer] , waarop de afbeeldingen zijn aangetroffen zoals omschreven als onderdeel 1 en 3 van feit 3, overweegt de rechtbank als volgt. Onder goednummer [Nummer] is een computerkast (desktop) in beslag genomen. De rechtbank begrijpt dat het interne geheugen (SSD of HDD) van die desktop is uitgelezen en een apart goednummer heeft gekregen, beginnend met A16 en vervolgens een volgnummer 001, 002 en 003. Op het interne geheugen [Nummer] ) is vervolgens kinderpornografisch materiaal aangetroffen.

4.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

1.

in de periode van 1 april 2019 tot en met 31 mei 2019 te Tilburg afbeeldingen van seksuele gedragingen, waarbij de aan zijn zorg toevertrouwde [Slachtoffer]

geboren [Geboortedag slachtoffer] -2007 die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken heeft

- vervaardigd en

- verspreid en/of aangeboden (door het livestreamen van de beelden via [Naam 1] ) en

- in bezit gehad

welke seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met een vinger zichzelf vaginaal penetreren van het lichaam door

eerdergenoemde [Slachtoffer] die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

en

het met een vinger/hand zichzelf betasten en/of zichzelf aanraken van haar geslachtsdeel

door eerdergenoemde [Slachtoffer] die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

en

het met de hand betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel van verdachte, althans een meerderjarige man door eerdergenoemde [Slachtoffer] die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

en

het gedeeltelijk naakt poseren van eerdergenoemde [Slachtoffer] die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij die [Slachtoffer] in een erotisch getinte houding op een wijze die niet bij haar leeftijd past (waarna) door het camerastandpunt en de onnatuurlijke pose nadrukkelijk het ontblote geslachtsdeel en de borsten van die [Slachtoffer] in beeld gebracht worden, waarbij de afbeeldingen aldus een onmiskenbaar seksuele strekking hebben en strekken tot seksuele prikkeling;

2.

in de periode van 1 april 2019 tot en met 31 mei 2019 te Tilburg meermalen, met de aan zijn zorg toevertrouwde minderjarige [Slachtoffer] geboren [Geboortedag slachtoffer] -2007 gelet op de omstandigheid dat hij, verdachte, als “surrogaat opa” zorgdroeg voor die

[Slachtoffer] , die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [Slachtoffer] , immers

- heeft verdachte die [Slachtoffer] bewogen om zich gedeeltelijk uit te kleden en over haar borsten en vagina te wrijven en haar schaamlippen te openen en meerdere vingers in haar vagina te brengen welke handelingen door hem, verdachte, met een camera werden opgenomen en aldus zichtbaar waren voor verdachte en

- heeft verdachte die [Slachtoffer] bewogen om hem af te trekken en/of

- heeft verdachte de vagina van die [Slachtoffer] betast

3.

in de periode van 1 november 2018 tot en met 31 mei 2019 te Tilburg meermalen, telkens afbeeldingen, te weten foto's en video's en gegevensdragers bevattende afbeeldingen

- te weten een GSM (Huawei) en een USB Sandisk en Laptop Asus K53S en SSD Samsung en HDD WD 1 TB en SD_micro_16GB en HDD_Toshiba

van seksuele gedragingen, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken,

in bezit heeft gehad welke seksuele gedragingen – zakelijk weergegeven - bestonden uit:

het met een penis en/of vinger/hand en/of mond/tong en/of met een voorwerp oraal en/of vaginaal penetreren van het lichaam van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

en

het met een vinger/hand en/of met een voorwerp vaginaal penetreren van het lichaam van een ander persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

en

het met een vinger/hand en/of mond/tong betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel en/of de billen van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt en het met een vinger/hand en/of mond/tong betasten en/of aanraken van het geslachtsdeel, de billen en borsten van een ander persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt

en

het geheel of gedeeltelijk naakt poseren door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet had bereikt, waarbij deze persoon in een erotisch getinte houding op een wijze die niet bij zijn/haar leeftijd past en waarbij deze persoon zich in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet en de afbeelding aldus een onmiskenbaar seksuele strekking heeft en strekt tot seksuele prikkeling

en hij aldus van het plegen van dit misdrijf een gewoonte heeft gemaakt;

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

5 De strafbaarheid

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.

Ten aanzien van de strafbaarheid van verdachte heeft de rechtbank gelet op het psychiatrisch onderzoek van 31 juli 2019, opgemaakt door D.H.M. Lefrandt (psychiater), en het psychologisch onderzoek van 2 augustus 2019, opgemaakt door A. Witvliet (GZ-psycholoog.

De psychiater vindt dat er aanwijzingen zijn voor een parafiele en/of pedofiele stoornis van het niet-exclusieve type. Verder is het waarschijnlijk dat er enige tijd voor het tenlastegelegde sprake is geweest van een stoornis in het gebruik van alcohol. Ten slotte is er gezien het uittreksel justitiële documentatie sprake van antisociaal gedrag. Omdat verdachte zijn medewerking aan het onderzoek heeft geweigerd, heeft de psychiater geen antwoord kunnen geven op de gestelde vragen.

De conclusie van het rapport van de psycholoog luidt, zakelijk weergegeven, dat bij verdachte ten tijde van de ten laste gelegde feiten sprake was van een ziekelijke stoornis van de geestvermogens, in de vorm van een pedofiele stoornis van het niet exclusieve type met een voorkeur voor beide seksen. Ook is er sprake van een gebrekkige ontwikkeling van de geestvermogens, in de vorm van een andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met narcistische en antisociale trekken. Betrokkene is egocentrisch ingesteld en beperkt in staat tot empathie. Dit wordt gecombineerd met een langdurig patroon van impulsiviteit, onverantwoordelijkheid, een gebrek aan berouw, het overdrijven en etaleren van de eigen prestaties en het gevoel bijzondere rechten te hebben. Ten slotte is er sprake van een stoornis in alcoholgebruik, in ieder geval licht van ernst en door zijn detentieperiode in vroege remissie. De strafbare feiten zijn volgens de psycholoog – indien de feiten bewezen worden - beïnvloed door met name de andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis met narcistische en antisociale trekken en in lichtere mate door de pedofiele stoornis. De psycholoog adviseert de rechtbank de ten laste gelegde feiten in verminderde mate toe rekenen.

De rechtbank kan zich, gelet op de onderbouwing daarvan, met deze conclusies verenigen en neemt deze over en concludeert met betrekking tot de toerekeningsvatbaarheid van verdachte dat het bewezen verklaarde aan verdachte in verminderde mate kan worden toegerekend.

De rechtbank acht verdachte derhalve strafbaar, nu ten opzichte van verdachte ook overigens geen strafuitsluitingsgronden aanwezig worden geacht.

6 De strafoplegging

6.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie vordert ten aanzien van feit 1, 2 en 3 aan verdachte op te leggen een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van vijf jaar. Tevens vordert de officier van justitie aan verdachte op te leggen de maatregel tot terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege.

De officier van justitie heeft daarbij rekening gehouden met het feit dat verdachte eerder veroordeeld is voor zedendelicten en dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is volgens de conclusies in de rapportages die aangaande zijn persoon zijn opgemaakt.

Tevens heeft de officier van justitie rekening gehouden met het feit dat er sprake is van een zekere opbouw en planning en dat verdachte veel keuzemomenten heeft gehad. Het tenlastegelegde is verdachte daarom ook in grote mate wel aan te rekenen.

6.2

Het standpunt van de verdediging

Primair verzoekt de verdediging een klinische behandeling op te leggen in het kader van een voorwaardelijke straf. Mocht de rechtbank zich daartoe onvoldoende voorgelicht achten, dan zou de rechtbank over kunnen gaan tot heropening van het onderzoek ter terechtzitting. Behandeling zou eventueel ook kunnen in het kader van een terbeschikkingstelling met voorwaarden. Er is immers niet gebleken dat verdachte zich niet aan zijn afspraken houdt.

Subsidiair verzoekt de verdediging om in het geval de maatregel terbeschikkingstelling opgelegd zal worden, dat de terbeschikkingstelling direct of in ieder geval zo snel mogelijk zal aanvangen. De verdediging verzoekt daarom om op grond van artikel 37b, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering (Sv) een advies op te nemen in de uitspraak omtrent het tijdstip waarop de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege dient aan te vangen. Ten aanzien van de gevorderde gevangenisstraf wordt daarom verzocht deze zo kort mogelijk te houden, in combinatie met de maatregel terbeschikkingstelling.

6.3

Het oordeel van de rechtbank

Bij de bepaling van de op te leggen straf en maatregel heeft de rechtbank rekening gehouden met de aard en de ernst van het bewezen en strafbaar verklaarde, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte zoals deze naar voren is gekomen uit het onderzoek op de terechtzitting. De rechtbank heeft daarbij in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan seksueel misbruik van de toen 12-jarige [Slachtoffer] . Ook heeft verdachte van dat seksueel misbruik afbeeldingen gemaakt en verspreid door middel van een livestream die beschikbaar was via het programma [Naam 1] . Anderen konden daardoor live meekijken, zogenaamde hartjes uitdelen en instructies geven over wat ze nog meer wilden zien. Ook had verdachte een grote hoeveelheid kinderporno in zijn bezit.

Deze feiten zijn alle buitengewoon laakbaar, vooral omdat bij seksueel misbruik van minderjarigen en dus ook bij de verspreiding en het bezit daarvan, kinderen (seksueel) worden misbruikt en geëxploiteerd. Het is een feit van algemene bekendheid dat seksueel misbruik van minderjarigen een zeer ernstige inbreuk op de lichamelijke en geestelijke integriteit vormt. Minderjarigen bevinden zich in een kwetsbare ontwikkelingsfase. Door ontuchtige handelingen te plegen met een minderjarige stelt een verdachte de bevrediging van zijn eigen lustgevoelens boven de belangen van het slachtoffer. Hierdoor doorkruist een verdachte de seksuele ontwikkeling van een minderjarige, terwijl een minderjarige ongestoord hoort te kunnen groeien tot volwassenheid, zeker ook op seksueel vlak. Het is algemeen bekend dat slachtoffers van dergelijke delicten nog langdurig de nadelige, psychische gevolgen daarvan (kunnen) ondervinden.

Verdachte heeft met hetgeen bewezen en strafbaar is verklaard een bijdrage geleverd aan de instandhouding van (de vraag naar) seksueel misbruik van minderjarigen. Daar komt nog bij dat verdachte de aan zijn zorg toevertrouwde [Slachtoffer] heeft bewogen tot seksuele gedragingen voor zijn eigen genot en die van anderen en daarbij geen acht geslagen op grote nadelige gevolgen voor [Slachtoffer] . Dit rekent de rechtbank verdachte zwaar aan.

Wat in het bijzonder in het nadeel van verdachte meeweegt is dat verdachte het seksueel misbruik in een bepaalde mate heeft georganiseerd. Hij is op eigen initiatief bevriend geraakt met het gezin van [Slachtoffer] en heeft het vertrouwen van het gezin gewonnen. In steeds verdergaande mate heeft verdachte zich in het leven van het gezin en specifiek in het leven van [Slachtoffer] gemengd. Hij bracht en haalde [Slachtoffer] van school, deed boodschappen en kookte voor het gezin, ondernam uitjes met [Slachtoffer] en haar broertje [Naam 4] en gaf cadeautjes aan de [Slachtoffer] , [Naam 4] en hun jongste broertje [Naam 4] . Uiteindelijk heeft verdachte grof misbruik gemaakt van dat vertrouwen.

Uit de slachtofferverklaring die ter zitting is voorgelezen, is op te maken dat de gevolgen voor [Slachtoffer] en het gezin groot zijn. De eens zo vrolijke [Slachtoffer] is een teruggetrokken stil meisje geworden, dat liever niet naar buiten gaat. De spontaniteit en het zelfvertrouwen van [Slachtoffer] zijn zwaar beschadigd. Bovendien blijkt uit de slachtofferverklaring dat het hele gezin zich geconfronteerd ziet met de gevolgen van het seksueel misbruik.

De rechtbank houdt voorts rekening met het feit dat, hoewel langer geleden, verdachte tweemaal eerder is veroordeeld voor zedendelicten. In 2000 is verdachte in Nederland veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf waarvan zes maanden voorwaardelijk voor soortgelijke feiten. In 2012 is verdachte in België veroordeeld tot 6 jaar gevangenisstraf voor verkrachting en aanranding van een minderjarige.

Maatregel terbeschikkingstelling

Zoals hiervoor onder 5.2 is overwogen, is geconcludeerd dat verdachte lijdt aan een geestelijke stoornis. Dit was ook het geval ten tijde van het plegen van het feit. De feiten dienen verdachte in verminderde mate te worden toegerekend. De rechtbank heeft deze conclusie overgenomen en houdt hiermee bij de strafoplegging rekening.

De psycholoog is van mening dat het risico op recidive als hoog moet worden ingeschat. Hij is immers, nu de feiten zijn bewezen, voor de derde keer gerecidiveerd. Hij is eerder veroordeeld voor het in bezit hebben van kinderpornografisch materiaal, heeft een antisociale inslag en geen sociaal netwerk. Ook oogt hij onthecht, is hij zelf seksueel misbruikt en daarbij niet goed opgevangen. Hij is niet geneigd tot het vrijwillig zoeken van hulp. Een klinisch behandeltraject wordt noodzakelijk geacht, vanwege de vele relevante risicofactoren. Zo is er vanuit de andere gespecificeerde persoonlijkheidsstoornis sprake van ontoereikende probleemoplossingsvaardigheden, impulsiviteit, sociale afwijzing/eenzaamheid, desinteresse in het welzijn van anderen en een onvermogen tot het vormen van een stabiele relatie. Vanuit de pedofiele stoornis is er een emotionele identificatie met kinderen. De stoornis in alcoholgebruik zal ook onderdeel moeten vormen van de behandeling. Geadviseerd wordt tbs met verpleging van overheidswege op te leggen.

Uit het advies van de Reclassering van 29 augustus 2019 maakt de rechtbank op dat de Reclassering van mening is dat interventies zoals een verplicht reclasseringscontact of ambulante behandeling onvoldoende kader bieden om tot gedragsverandering en/of risicobeperking te komen. De Reclassering schat de kans op recidive in als hoog.

Gelet op de inhoud van de rapporten, de ernst van de feiten en het strafblad van verdachte is de rechtbank van oordeel dat naast de gevangenisstraf een maatregel van terbeschikkingstelling noodzakelijk is. De rechtbank acht, gelet op de ernst van de problematiek en het gevaar dat verdachte voor anderen oplevert, verpleging van overheidswege noodzakelijk.

Daarbij heeft de rechtbank in aanmerking genomen dat voldaan wordt aan de eisen die de wet daaraan stelt. Bij verdachte bestond ten tijde van het plegen van het feit een gebrekkige ontwikkeling en een ziekelijke stoornis van zijn geestvermogens en op de gepleegde misdrijven is een gevangenisstraf van vier jaren of meer gesteld. Bovendien is het recidive risico volgens de conclusies van de psycholoog hoog. Ook de veiligheid van anderen eist daarom de oplegging van de maatregel terbeschikkingstelling.

De rechtbank overweegt voorts dat de maatregel van terbeschikkingstelling zal worden opgelegd ter zake van een misdrijf dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. De totale duur van de maatregel kan daarom een periode van vier jaar te boven gaan.

Hoewel de rechtbank zich terdege realiseert dat verdachte niet eerder is behandeld, komt zij toch tot de slotsom dat het noodzakelijk is aan verdachte TBS met verpleging van overheidswege op te leggen. Slechts op die wijze wordt de veiligheid van anderen voldoende gegarandeerd.

Vrijheidsstraf

De rechtbank acht een gevangenisstraf voor de duur van drie jaar passend en geboden.

Daarmee wijkt de rechtbank af van de eis van de officier van justitie. De rechtbank is van oordeel dat de aan verdachte op te leggen gevangenisstraf lager dient te zijn, gelet op wat voor soortgelijke feiten wordt opgelegd. Voorts vindt de rechtbank het van belang dat verdachte snel aan zijn behandeling in de TBS met verpleging van overheidswege kan beginnen. Verdachte is immers al eerder veroordeeld voor soortgelijke feiten. Hoewel deze feiten strikt genomen niet kunnen worden meegewogen bij de bepaling van de hoogte van de gevangenisstraf, maken deze veroordelingen duidelijk dat de kans op recidive zeer groot is, als verdachte niet behandeld wordt voor zijn stoornissen.

7 De benadeelde partijen

Slachtoffer [Slachtoffer]

heeft zich als benadeelde partij gevoegd. Zij vordert een schadevergoeding van € 48,56 terzake materiële schade en € 45.000,- terzake immateriële schade voor feit 1 en feit 2.

De officier van justitie heeft verzocht de vordering te zake de immateriële schade toe te wijzen, inclusief de wettelijke rente, met daarbij oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

De raadsman heeft bepleit dat behandeling van de vordering een te zware belasting van het strafgeding oplevert. Gelet daarop heeft de raadsman verzocht de vordering af te wijzen, subsidiair de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren.

De rechtbank is van oordeel dat de schade tot in ieder geval een bedrag van € 10.048,56 een rechtstreeks gevolg is van dit bewezen verklaarde feit, waarvan € 48,56 ter zake van materiële schade en € 10.000,- ter zake van immateriële schade, en acht verdachte aansprakelijk voor die schade. Zij zal de vordering tot dat bedrag toewijzen. Tevens zal de gevorderde wettelijke rente worden toegewezen vanaf het tijdstip waarop het feit werd gepleegd.

Voor het overige acht de rechtbank nader onderzoek nodig en zij zal de benadeelde partij daarom voor dat deel niet-ontvankelijk verklaren in de vordering.

Met betrekking tot de toegekende vordering benadeelde partij zal de rechtbank tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen.

[Naam 5] – vader [Slachtoffer]

De vader van [Slachtoffer] vordert een schadevergoeding van € 3.036,28 terzake materiële schade en € 15.000,- terzake immateriële schade voor feit 1 en feit 2.

De officier van justitie heeft verzocht de vordering geheel toe te wijzen, inclusief de wettelijke rente, met daarbij oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.

De raadsman heeft aangevoerd dat geen sprake is van een causaal verband tussen de materiële schade en de strafbare feiten. De shockschade is niet toewijsbaar, omdat niet is voldaan aan het confrontatievereiste en de psychische schade kan wegens een gebrek aan onderbouwing niet in rechte worden vastgesteld. Gelet daarop heeft de raadsman verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren, dan wel de vordering af te wijzen.

De rechtbank is van oordeel dat niet is gebleken dat de gestelde schade voldoet aan het wettelijk vereiste van artikel 51a Sv. Niet is gebleken dat de schade een rechtstreeks gevolg is van de strafbare feiten. De benadeelde partij zal daarom niet-ontvankelijk worden verklaard in de vordering.

8 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 36f, 37a, 37b, 57, 240b, 245 en 248 van het Wetboek van Strafrecht zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

9 De beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

- verklaart het ten laste gelegde feit 1, feit 2 en feit 3 bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

- verklaart dat het bewezen verklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:

feit 1: Een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, vervaardigen, verspreiden en/of aanbieden en in het bezit hebben, terwijl de schuldige het feit begaat tegen een aan zijn zorg toevertrouwde minderjarige, meermalen gepleegd.

feit 2: Met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die bestaan uit of mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, terwijl de schuldige het feit begaat tegen een aan zijn zorg toevertrouwde minderjarige.

feit 3: een afbeelding en een gegevensdrager bevattende een afbeeldingen van eens seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit hebben, terwijl van het plegen van dit misdrijf een beroep of gewoonte wordt gemaakt.

- verklaart verdachte strafbaar;

Strafoplegging

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van drie jaren;

- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf;

Maatregel

- gelast de terbeschikkingstelling van verdachte, met verpleging van overheidswege;

Benadeelde partij - [Slachtoffer]

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [Slachtoffer] van € 10.048,56, waarvan € 48,56 ter zake van materiële schade en € 10.000,- ter zake van immateriële schade, en vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 29 mei 2019 tot aan de dag der algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- verklaart de benadeelde partij in het overige gedeelte van de vordering niet-ontvankelijk en bepaalt dat de vordering voor dat gedeelte bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;

- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [Slachtoffer] (feit 1 en feit 2), € 10.048,56 te betalen, bij niet betaling te vervangen door 85 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft, en vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 29 mei 2019 tot aan de dag der algehele voldoening;

- bepaalt dat bij voldoening van de schadevergoedingsmaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd;

Benadeelde partij – vader [Slachtoffer]

- verklaart de benadeelde partij [Naam 5] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering bij de burgerlijke rechter kan worden aangebracht;

- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten van verdachte, tot op heden begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. Sterk, voorzitter, mr. De Weert en mr. Voorn, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Balemans, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 10 december 2019.

mr. Sterk is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar een paginanummer, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een pagina van het eindproces-verbaal met onderzoeksnummer ZBRBC19063, onderzoek ZBRBC19063 Doedoe, van de politie Eenheid Zeeland-West-Brabant, Dienst Regionale Recherche, opgemaakt in de wettelijke vorm en gesloten op 10 oktober 2019 door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren en doorgenummerd van 1 tot en met 261. De schrijfwijze blijkt [Naam 2] te zijn. Zie proces-verbaal bevindingen, pagina 188.

2 Verklaring verdachte ter terechtzitting.

3 Verklaring verdachte ter terechtzitting.

4 Proces-verbaal van bevindingen, pagina 191.

5 Verklaring verdachte ter terechtzitting.

6 Proces-verbaal van bevindingen, pagina 180 e.v..

7 Proces-verbaal van bevindingen, pagina’s 112 t/m 114.

8 Proces-verbaal van bevindingen, pagina 180.

9 Proces-verbaal van bevindingen, pagina 115.

10 Proces-verbaal van bevindingen, pagina 180.

11 Proces-verbaal van aangifte, pagina’s 45-53.

12 Proces-verbaal aangifte, pagina 45.

13 Proces-verbaal studioverhoor, pagina 60.

14 Proces-verbaal van bevindingen, pagina 189 en pagina 190.

15 Verslag van binnentreden woning ex. art. 10 Awbi, pagina 200 en 201.

16 Proces-verbaal van bevindingen, pagina 237.

17 Proces-verbaal van bevindingen, pagina 42.

18 Verklaring verdachte ter terechtzitting.