Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZWB:2018:2254

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
12-04-2018
Datum publicatie
07-06-2018
Zaaknummer
AWB 17_7199
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Deze uitspraak wordt gepubliceerd vanwege het instellen van hoger beroep. De rechtbank had de uitspraak niet voor publicatie geselecteerd. Om die reden is er geen samenvatting.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Bestuursrecht

zaaknummer: BRE 17/7199 BELEI

uitspraak van 12 april 2018 van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam eiseres], te [woonplaats eiserers] eiseres,

en

FMMU Advies B.V. (FMMU), verweerder.

Beroepsprocedure

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 30 oktober 2017 (bestreden besluit) van FMMU. Dit besluit gaat over het niet toekennen van een hoog persoonlijk kilometer budget (hoog pkb).

De zaak is behandeld tijdens een zitting in Middelburg op 6 april 2018. Eiseres was daarbij aanwezig. Namens FMMU was aanwezig mr. E.S. Träger.

Wat is in het kort het oordeel van de rechtbank?

De rechtbank vindt dat in het bestreden besluit niet goed wordt uitgelegd waarom eiseres niet in aanmerking komt voor een hoog pkb. Die uitleg wordt wel gegeven in een brief van FMMU van 29 november 2017. Omdat de uitleg niet in het bestreden besluit staat, wordt het beroep gegrond verklaard. Maar de rechtbank vindt dat in de brief van 29 november 2017 wel goed wordt uitgelegd waarom eiseres niet in aanmerking komt voor een hoog pkb. De rechtbank is het ook eens met die uitleg. Dit betekent dat eiseres niet in aanmerking komt voor een hoog pkb. De rechtbank zal hierna uitgebreider uitleggen waarom.

Overwegingen

1. Valys is taxivervoer voor mensen met een chronische ziekte of handicap, en voor ouderen. Om gebruik te maken van het Valys-vervoer moet men beschikken over een Valys-pas. Die wordt onder bepaalde voorwaarden verstrekt. Met de Valys-pas beschikt iemand over een zogenaamd standaard of laag pkb. Dit betekent dat diegene op jaarbasis maximaal 600 kilometer met de taxi kan reizen, tegen een tarief van € 0,20 per kilometer. Het budget kan worden gebruikt om met de taxi van en naar een treinstation te reizen. Dit budget is dus bedoeld voor korte reisafstanden.

Onder bepaalde voorwaarden kunnen mensen in aanmerking komen voor het hoog pkb. Hiermee kan men op jaarbasis maximaal 2250 kilometer met de taxi kan reizen, tegen een tarief van € 0,20 per kilometer.

2. Eiseres heeft een Valys-pas en krijgt daarom een standaard pkb. Zij heeft een aanvraag ingediend voor een hoog pkb.

3. FMMU heeft op 5 oktober 2017 op de aanvraag van eiseres beslist. FMMU heeft de aanvraag van eiseres afgewezen, omdat zij in het bezit is van een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder. Volgens FMMU wordt eiseres in staat geacht om zelf met de auto te kunnen reizen. Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen dit besluit.

4. Met het bestreden besluit heeft FMMU de bezwaren van eiseres ongegrond verklaard.

Standpunt FMMU

5. FMMU stelt zich in het bestreden besluit (nog steeds) op het standpunt dat eiseres door haar gehandicaptenparkeerkaart bestuurder niet in aanmerking komt voor het hoog pkb.

Standpunt eiseres

6. Eiseres voert in beroep aan dat zij niet in staat is om lange afstanden te rijden. Zij heeft ter ondersteuning van haar standpunt een verklaring van haar huisarts meegestuurd.

Voorwaarden hoog pkb

7. De voorwaarden om in aanmerking te komen voor het hoog pkb staan in het ‘Indicatieprotocol Hoog Persoonlijk Kilometer Budget’ (protocol).

8. In het protocol staat over de gehandicaptenparkeerkaart het volgende vermeld:

“Heeft iemand de beschikking over een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder dan wordt aangenomen dat hij over voldoende vervoersalternatieven beschikt om kritische keuzes te kunnen maken als het gaat om bovenregionaal reizen met een recreatieve bestemming. Pashouders met een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder komen in beginsel niet in aanmerking voor een hoog pkb. Indien de aanvrager […] geen gehandicaptenparkeerkaart bestuurder heeft, vindt een inhoudelijke beoordeling plaats.”

Motiveringsgebrek

9. Zoals gezegd, vindt de rechtbank dat in het bestreden besluit niet goed wordt uitgelegd waarom eiseres niet in aanmerking komt voor een hoog pkb. In het protocol staat dat iemand met een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder in beginsel niet in aanmerking komt voor een hoog pkb. Het uitgangspunt is dus dat iemand met een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder geen hoog pkb krijgt. Door het gebruik van ‘in beginsel’ wordt echter ook de mogelijkheid opengelaten dat er kan worden afgeweken van dit uitgangspunt.

Eiseres heeft een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder, maar zij heeft in haar bezwaarschrift ook uitgelegd dat zij niet in staat is om lange afstanden te rijden. De rechtbank vindt dat FMMU in het bestreden besluit had moeten uitleggen waarom er in dit geval geen sprake is van een uitzonderingssituatie. Omdat FMMU dit niet heeft gedaan, is het beroep van eiseres gegrond. De rechtbank zal het bestreden besluit om die reden vernietigen.

Dat het beroep gegrond is, betekent echter niet dat eiseres in aanmerking komt voor een hoog pkb. FMMU heeft de mogelijkheid om alsnog met een uitleg te komen, en de rechtbank kan dan beoordelen of die uitleg in beroep stand houdt. FMMU heeft deze uitleg gegeven in de brief van 29 november 2017. De rechtbank zal deze uitleg dan ook meenemen in haar beoordeling van deze zaak.

Voor wie is een hoog pkb bedoeld?

10. Een hoog pkb is bedoeld voor chronische zieken, gehandicapten en ouderen die niet in staat zijn om gebruik te maken van de trein en die zelf geen alternatief hebben voor taxivervoer. Het budget is bedoeld voor het afleggen van langere afstanden.

In het protocol wordt ervan uitgegaan dat iemand die in het bezit is van een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder, wel een alternatief heeft voor taxivervoer. Zij zou bijvoorbeeld zelf met de auto kunnen rijden. Daarom is het uitgangspunt dat iemand met een gehandicaptenparkeerkaart bestuurder niet in aanmerking komt voor een hoog pkb.

Situatie van eiseres

11. Eiseres voert aan dat zij alleen nog maar korte ritten maakt met de auto. Volgens eiseres rijdt zij sinds 2015 al geen lange afstanden meer, omdat dat te vermoeiend voor haar is. Het is ook niet verantwoord meer om lange autoritten te maken. Dit wordt bevestigd in een verklaring van haar huisarts. In die verklaring staat ook dat het voor eiseres niet mogelijk is om met de trein te reizen.

12. FMMU stelt in de brief van 29 november 2017 dat er in het geval van eiseres geen sprake is van bijzondere omstandigheden, op grond waarvan afgeweken had moeten worden van het protocol. FMMU verwijst daarbij naar een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 24 december 2009 (ECLI:NL:CRVB:2009:BK8421).

13. De Centrale Raad van Beroep is de instantie die in hoger beroep over dit soort zaken een oordeel geeft. De Centrale Raad van Beroep heeft in het verleden een aantal uitspraken gedaan, die voor de zaak van eiseres van belang zijn:

 In een uitspraak van 23 december 2015 zegt de Centrale Raad van Beroep dat de regels die in het protocol staan, niet onredelijk zijn (ECLI:NL:CRVB:2015:4770);

 In een uitspraak van 5 oktober 2011 zegt de Centrale Raad van Beroep dat als iemand niet in staat is om over langere afstanden zelf een auto te besturen, het op de weg van die persoon ligt om zelf te zorgen voor een begeleider die de auto kan besturen. Dit geldt ook als iemand niet de beschikking heeft over een begeleider (ECLI:NL:CRVB:2011:BT7224). Ook in de uitspraak waar FMMU naar heeft verwezen, wordt uitgegaan van de mogelijk om voor langere afstanden gebruik te maken van een begeleider. Dit standpunt wordt nog eens bevestigd in een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 25 maart 2015 (ECLI:NL:CRVB:2015:892).

14. De rechtbank vindt dat FMMU zich op het standpunt heeft kunnen stellen dat er in het geval van eiseres geen sprake is van bijzondere omstandigheden. Als eiseres niet in staat is om zelf met de auto langere afstanden af te leggen, dan moet zij zelf zorgen voor een begeleider die de auto voor haar kan besturen. Ter zitting heeft eiseres verklaard dat één van haar zonen in Vlissingen woont. Zij zou dus aan haar zoon kunnen vragen of hij de auto voor haar kan besturen, als zij een lange autorit zou willen maken. Maar zelfs als eiseres geen mensen in haar omgeving heeft op wie zij een beroep zou kunnen doen, dan nog is het de eigen verantwoordelijkheid van eiseres om toch voor een begeleider te zorgen. Dit blijkt immers uit de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 5 oktober 2011.

Conclusie

15. Het beroep zal gegrond worden verklaard en de rechtbank zal het bestreden besluit vernietigen. De rechtbank ziet aanleiding de rechtsgevolgen van het te vernietigen besluit in stand te laten. Dit betekent dat eiseres nog steeds niet in aanmerking komt voor een hoog pkb.

Griffierecht en proceskosten

16. Nu het beroep gegrond wordt verklaard, dient het griffierecht aan eiseres te worden vergoed.

17. Ter zitting is besproken of de rechtbank wel het juiste bedrag aan griffierecht heeft geheven (€ 168,-). De hoogte van het griffierecht staat vermeld in artikel 8:41 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). In sommige gevallen geldt een verlaagd griffierecht (van € 46,-). Die gevallen staan vermeld in bijlage 3 bij de Awb, waarbij er sprake is van een limitatieve opsomming. Naar het oordeel van de rechtbank valt het protocol niet onder één van de wetten of regelingen waarvoor het verlaagde griffierecht geldt. Dit betekent dat er terecht een bedrag van € 168,- is geheven.

18. Er zijn geen voor vergoeding in aanmerking komende proceskosten.

Beslissing

De rechtbank:

  • -

    verklaart het beroep gegrond;

  • -

    vernietigt het bestreden besluit;

  • -

    bepaalt dat de rechtsgevolgen van het vernietigde bestreden besluit in stand blijven;

  • -

    draagt FMMU op het betaalde griffierecht van € 168,- aan eiseres te vergoeden.

Deze uitspraak is gedaan door mr. P.H.J.G. Römers, rechter, in aanwezigheid van E.C. Petrusma, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 12 april 2018.

griffier rechter

Afschrift verzonden aan partijen op:

Wat kunt u doen als u het niet eens bent met deze uitspraak?

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.