Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZWB:2017:7671

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
24-11-2017
Datum publicatie
24-11-2017
Zaaknummer
02-800414-17, 665457-17, 02-665458-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Diefstal met geweld van een auto en vier pogingen daartoe, brand door schuld en drie winkeldiefstallen.

Ontslag van alle rechtsvervolging in verband met een psychische stoornis en plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor de termijn van één jaar

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht

Zittingsplaats: Breda

parketnummers: 02/800414-17, 02/665457-17 en 02/665458-17 (gev. ttz)

vonnis van de meervoudige kamer d.d. 24 november 2017

in de strafzaak tegen

[verdachte] ,

geboren op [geboortedag] 1988 te [geboorteplaats] ,

wonende te [adres] ,

thans gedetineerd te 5263 NT Vught, Lunettenstraat 501, PPC Vught,

raadsman mr. Vos advocaat te Utrecht.

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 10 november 2017, waarbij de officier van justitie, mr. Bezem, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2 De tenlastelegging

De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 313 van het Wetboek van Strafvordering. Aan verdachte wordt, met inachtneming hiervan, ten laste gelegd dat:

02/800414-17

1.

hij op of omstreeks 01 juni 2017 te Waalwijk, op de openbare weg, te weten de [straatnaam] , met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto (Ford Focus), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan, vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 2] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte,

- voor die auto is gaan staan en/of

- de portier van die auto heeft opengetrokken en/of

- die [slachtoffer 2] (die in die auto zat) om de nek/hals heeft gepakt en/of

- die [slachtoffer 2] aan de nek/hals/haren uit die auto heeft gesleurd/getrokken;

2.

hij op of omstreeks 01 juni 2017 te Waalwijk, op de openbare weg, te weten de [straatnaam] , ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een personenauto (VW golf) en/of autosleutel(s), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 3] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, daartoe de portier van die auto heeft opengetrokken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid welke poging tot diefstal werd vergezeld en/of gevolgd door geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 3] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en dat hij, verdachte,

- die [slachtoffer 3] aan de arm(en)/lichaam heeft getrokken en/of

- die [slachtoffer 3] heeft vastgepakt;

3.

hij op of omstreeks 01 juni 2017 te Waalwijk, op de openbare weg, te weten de de op/afrit van de A59, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening weg te nemen een personenauto (volkswagen Amarok), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, daartoe het portier van die auto heeft geopend en/of in die auto is gaan zitten, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid welke poging tot diefstal werd vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 4] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte, in een worsteling geraakte met die [slachtoffer 4] en/of duwde /trok aan die [slachtoffer 4] ;

4.

hij op of omstreeks 01 juni 2017 te Waalwijk, op de openbare weg, te weten de op/afrit van de A59, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen personenauto (VW Golf), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 5] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, daartoe het portier van die auto heeft open getrokken, terwijl de uitvoering vandat voorgenomen misdrijf niet is voltooid welke poging tot diefstal werd vergezeld en/of gevolgd door geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 5] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte,

- die [slachtoffer 5] heeft vastgepakt en/of

- aan die [slachtoffer 5] heeft getrokken en/of

- ( vervolgens) de gordel van die [slachtoffer 5] heeft trachten los te maken en/of

- wederom aan die [slachtoffer 5] heeft gerukt/getrokken;

5.

hij op of omstreeks 01 juni 2017 te Waalwijk, op de openbare weg, te weten de op/afrit van de A59, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen personenauto, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, daartoe het portier van die auto heeft opengetrokken, terwijl de uitvoering vandat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, welke poging tot diefstal werd vergezeld en/of gevolgd door geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 6] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte,

- die [slachtoffer 6] aan de arm heeft getrokken en/of

- die [slachtoffer 6] heeft getracht uit de auto te trekken en/of

- die [slachtoffer 6] tegen het hoofd/gezicht heeft geslagen/gestompt/gestoten;

02/665457-17

hij op of omstreeks 21 maart 2017 te Sprang-Capelle, gemeente Waalwijk, opzettelijk brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen met (een) (houten) pallet(s) en/of laminaat geheel of gedeeltelijk is/zijn verbrand, in elk geval brand is ontstaan, en daarvan gemeen gevaar voor een schuur, in elk geval gemeen gevaar voor goederen (die zich in die schuur bevonden), te duchten was;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 21 maart 2017 te Sprang-Capelle, gemeente Waalwijk, grovelijk, althans aanmerkelijk onvoorzichtig en/of onoplettend en/of onachtzaam brand heeft gesticht door een brandende sigaret, althans open vuur in aanraking te brengen met (een) (houten) pallet(s) en/of laminaat, althans met een brandbare stof ten gevolge waarvan het aan zijn schuld te wijten is geweest dat die (houten) pallet(s) en/of laminaat geheel of gedeeltelijk is/zijn verbrand, in elk geval brand is ontstaan, en daarvan gemeen gevaar voor een schuur, in elk geval gemeen gevaar voor goederen (die zich in die schuur bevonden), te duchten was;

meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 21 maart 2017 te Sprang-Capelle, gemeente Waalwijk, opzettelijk en wederrechtelijk een/de ruit(en) en/of (een) dakpla(a)t(en) (van een schuur) dat geheel of ten dele aan een ander toebehoord, te weten aan [naam 1] , heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;

02/665458-17

1.

hij op of omstreeks 05 mei 2017 te Waalwijk met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een pakje sigaretten (merk lucky strike), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;

2.

hij op of omstreeks 06 mei 2017 te Waalwijk met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een verpakking opzetborstels (Oral b) , in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;

3.

hij op of omstreeks 08 mei 2017 te Waalwijk met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een of meerdere levensmiddelen (waarde ongeveer 38,18), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 3] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;

3 De voorvragen

De dagvaarding is geldig.

De rechtbank is bevoegd.

De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.

Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.

4 De beoordeling van het bewijs

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

02/800414-17

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de vijf ten laste gelegde feiten. Ten aanzien van alle vijf de feiten wijst hij op de aangiften. Ten aanzien van de feiten 1 en feit 2 wijst hij tevens op de getuige-verklaringen, ten aanzien van feit 3 tevens op de verklaring van [slachtoffer 5] , ten aanzien van feit 4 tevens op de verklaringen van [slachtoffer 4] en [naam 4] en ten aanzien van feit 5 op dezelfde modus operandi als bij de eerste 4 feiten.

02/665457-17

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de subsidiair ten laste gelegde culpoze brandstichting. Hij wijst op de aangifte, de getuige-verklaring, de verklaring van verdachte dat hij een sigaret heeft weggegooid die kennelijk onvoldoende gedoofd was en op de omstandigheid dat de goederen die in brand stonden op een bijzondere manier op elkaar gestapeld waren.

02/665458-17

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de drie ten laste gelegde winkeldiefstallen. Hij wijst daarbij op de aangiften, de camerabeelden en de bekennende verklaring van verdachte.

4.2

Het standpunt van de verdediging

02/800414-17

De verdediging is van mening dat ten aanzien van geen van de vijf ten laste gelegde feiten kan worden bewezen dat verdachte het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening had. In alle gevallen zou sprake zijn geweest van (poging tot) joyriding en nu dit niet subsidiair ten laste is gelegd zou verdachte moeten worden vrijgesproken.

02/665457-17

De verdediging betoogt dat geen sprake is geweest van brandstichting, maar van een ongelukje. Van (voorwaardelijke) opzet zou geen sprake zijn, zodat verdachte ook van dit feit dient te worden vrijgesproken.

02/665458-17

De verdediging wijst er op dat verdachte de drie winkeldieftallen heeft bekend, zodat deze wettig en overtuigend bewezen kunnen worden.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

02/800414-17 1

Feit 2 de aanleiding

Op juni 2017 kreeg een verbalisant omstreeks 19.00 uur een melding dat een man op de [straatnaam] te Sprang-Capelle een vrouw uit haar auto gesleurd had en vervolgens met haar auto, een blauwe Ford Focus, weggereden was in de richting van de A59. Aanrijdend richting de A59 hoorde hij de centralist zeggen dat de genoemde auto stilstond op de toerit naar de A59 richting knooppunt Hooipolder en dat de man weer een vrouw uit haar auto probeerde te sleuren. Hij zag dat er meerdere personen achter een man aan renden over de vluchtstrook van de A59. Hij zag dat een collega de man bij zijn nek pakte en hem hiermee vloerde.2

Op 1 juni 2017 omstreeks 19.10 uur hebben verbalisanten op de locatie [adres 1] , Sprang-Capelle binnen de gemeente Waalwijk verdachte aangehouden.3

Hieronder worden de feiten in een andere volgorde behandeld dan tenlastegelegd, om aan te sluiten bij de chronologische volgorde van de gebeurtenissen.

Feit 2

Op 1 juni 2017 omstreeks 19.00 uur stond [slachtoffer 3] in zijn voertuig stil op de [straatnaam] te Sprang-Capelle. Hij zat vanuit de auto te praten met een kennis, mevrouw [naam 5] .

Hij zag dat een Chinees uitziende man naar hem toe kwam lopen. Hij zag dat de man naar de bestuurderskant liep en zijn portier opentrok. De man zei: “Ik heb jouw auto nodig”. Hij zag en voelde dat de man hem uit de auto probeerde te trekken aan zijn arm. Hij zag dat de man probeerde de sleutels uit het contact te halen. Hij zag en voelde dat de man hem vast te pakken had.

Het voertuig is een personenauto, Volkswagen Golf.4

Op 5 juni 2017 heeft [naam 5] , woonachtig aan de [straatnaam] te Sprang-Capelle, verklaard dat zij op 1 juni 2017 buiten met haar buurvrouw stond te kletsen. Haar kennis [slachtoffer 3] kwam aanrijden in zijn auto en stopte om haar gedag te zeggen. Op dat moment kwam een Aziatische man in hun richting lopen.

De man trok de deur van de auto van [slachtoffer 3] open. Hij riep hierbij: “Ik moet die auto hebben”. Er ontstond een worsteling tussen [slachtoffer 3] en de man.5

Op 6 juni 2017 heeft [naam 6] , woonachtig aan de [straatnaam] te Sprang-Capelle, verklaard dat zij op 1 juni 2017 rond 18.45 uur thuis kwam. Zij ging naar buiten om de hond uit te laten. Zij stond voor de deur van de buurvrouw te kletsen. Er kwam een Golf of een Polo aanrijden. Hier zat een Turkse jongen in. Deze stopte en maakte een praatje met de buurvrouw.

Na een paar minuten kwam die Chinees die aan de overkant woont, aanrennen. Die Chinees wilde de auto van die jongen hebben.

Tussen de Chinees en de Turkse jongen ontstond een handgemeen van duwen en trekken.6

Feit 1

Op 1 juni 2017 had [slachtoffer 2] boodschappen gedaan in de auto van haar zoon, [slachtoffer 1] . De auto betreft een Ford Focus. Iets over 19.00 uur kwam zij terug gereden over de [straatnaam] te Sprang-Capelle. Toen zij bijna bij haar woning aankwam, zag zij dat een man plotseling voor haar auto sprong. Zij zag dat het een man betrof met een Chinees uiterlijk.

Zij bracht haar auto tot stilstand. Zij zag dat de man het portier aan de bestuurderskant van haar auto open trok. Zij voelde dat de man haar direct hierna om de hals pakte en dat hij haar met kracht uit de auto trok aan haar nek. Vervolgens werd zij door die man helemaal uit haar auto gesleurd en over de straat gegooid. Voor zij het in de gaten had zag zij dat de man in haar auto zat en vervolgens hard weg reed in haar auto de bocht om.7

Op 1 juni 2017 heeft voornoemde [slachtoffer 3] verklaard dat hij zag dat de man die had geprobeerd zijn auto te bemachtigen weg liep over straat. Hij zag dat er net op dat moment een auto kwam aanrijden, een Ford Focus van de overbuurvrouw. Hij zag dat de man voor de auto ging staan. Hij zag dat de auto stopte. De man liep naar het portier aan de bestuurderskant en opende deze. De man pakte de bestuurster achter in haar nek en trok haar de auto uit. Hij zag dat de man instapte en wegreed de straat uit.8

Op 5 juni 2017 heeft voornoemde [naam 5] verklaard dat in tegenovergestelde richting van [slachtoffer 3] een vrouw aan kwam rijden in een Ford Focus. Zij zag dat de Aziatische man in de richting van deze auto liep en voor die auto ging staan. Hierdoor moest de vrouw wel stoppen. De man liep naar het bestuurdersportier en deed deze open. De man sleepte de vrouw uit de auto.

Zij zag dat de man in de Ford Focus ging zitten en heel snel wegreed in de richting van de brug.9

Op 6 juni 2017 heeft voornoemde [naam 6] verklaard dat er van tegenovergestelde richting een blauwe Ford Focus kwam aangereden. Zij zag dat de Chinees naar de overkant rende. Hij trok de deur open en sleurde een vrouw uit de auto. Hij trok haar echt uit de auto, want ze vloog er echt uit. De Chinees stapte in de auto en reed als een gek weg.10

Feit 4

Op 1 juni reed [slachtoffer 5] vanuit haar woning via de A59 richting Spang-Capelle. Op het tijdstip 19.02 uur keek zij op het display van de auto en nam de afslag Sprang-Capelle/ Dussen. Op dat moment zat zij handsfree te bellen met haar vriendin, [naam 4] . Nagenoeg in de bocht naar links zag zij een paars/blauwige personenauto tegemoet komen rijden op de voor hem geldende oprit richting Raamsdonksveer. Op het moment dat hij de bocht naar rechts zou moeten nemen stuurde hij het voertuig op haar weghelft. Direct daarna stopte hij.

Zij zag dat de man vanuit de bestuurderstoel uit zijn voertuig stapte en direct in haar richting kwam rennen. De man had een Chinees uiterlijk.

Hij liep aan de voorzijde van zijn auto richting haar bestuurdersplaats waar zij zat. Hij trok direct het portier open. Zij voelde direct aan haar linker bovenarm dat zij vast gepakt werd. Zij voelde direct dat hij aan haar arm trok met de intentie haar uit haar auto te trekken.

Zij zag dat hij met zijn linkerhand probeerde haar gordel los te maken. Toen bleek dat hij de gordel niet los kreeg begon hij opnieuw aan haar linkerarm te trekken.

Het voertuig is een personenauto, Volkswagen Golf.11

Op 1 juni 2017 heeft [slachtoffer 4] verklaard dat hij omstreeks 18.50 uur de snelweg A59 afreed richting Dussen. Aldaar zag hij twee auto’s staan, waarvan één auto met de voorkant tegen de flank van de andere auto aan stond. Het gaat hier om een zwarte Volkswagen.

De auto die met de voorkant tegen de andere auto aan stond was blauw of paars van kleur.

Hij zag dat er een vrouw in de Volkswagen zat. Hij zag dat er een man bij de portier van de bestuurder stond. Hij zag dat de man de haren van de vrouw pakte en er aan stond te trekken.12

Op 3 juni 2017 heeft [naam 4] verklaard dat zij op 1 juni 2017, omstreeks 18.50 uur, aan het bellen was met een vriendin van haar, [slachtoffer 5] .

Vervolgens hoorde zij [slachtoffer 5] krijsen.

Zij hoorde dat het gekrijs erger werd.13

Feit 3

[slachtoffer 4] voornoemd parkeerde vervolgens zijn auto, een Volkswagen Amarok. Hij stapte uit de auto en riep: “Hou daar mee op!”. Hij heeft de man een paar klappen gegeven en van de vrouw afgetrokken.

De man liep op hem heen. Hij zag dat de man naar zijn auto liep. Hij zag dat de man de portier van zijn auto open maakte en in zijn auto ging zitten. Hij had hier geen toestemming voor gegeven. Volgens hem wist de man niet hoe hij weg moest rijden. Hierdoor kon hij de man uit zijn auto trekken. En heeft hij de man naar de grond gewerkt. De man die ik op de grond had gewerkt ontsnapte. Ik zag dat hij bij verschillende auto’s aan de portieren stond te trekken.14

Feit 5

Op 1 juni 2017, omstreeks 19.00 uur, reed [slachtoffer 6] met zijn auto vanaf de afslag Sprang-Capelle/Dussen. Toen hij de A59 opreed richting Raamsdonksveer/Breda zag hij dat het verkeer een grote puinhoop was. Hij zag een stuk voor zich een zwarte hatchback, lijkend op een nieuwere auto. Hij zag dat er een man achter de auto aanrende.

Toen zag hij dat de man over de vluchtstrook zijn richting in gelopen kwam. Op het moment dat de man hem zag, sprong de man voor zijn auto. Vervolgens trok de man zijn portier open en probeerde hem aan zijn linkerarm uit zijn auto te trekken. De man schreeuwde dat hij zijn auto wilde. Hierop ontstond wat geduw en getrek. Op het moment dat hij zijn auto in de eerste versnelling kon zetten, pakte de man zijn linker pols vast. Vervolgens sloeg de man hem 2 keer tegen de linkerzijde van zijn hoofd aan. Ik kon vervolgens gelukkig direct wegrijden.15

Verdachte heeft verklaard dat hij op 1 juni 2017 één of twee auto’s heeft geprobeerd mee te nemen, maar dat hij zich daar verder niets van kan herinneren.

Bewijsoverwegingen

Op grond van de voorgaande bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang bezien, stelt de rechtbank vast dat verdachte op 1 juni 2017 te Waalwijk:

  • -

    op de [straatnaam] heeft geprobeerd zich met geweld de personenauto van [slachtoffer 3] , een Volkswagen Golf, wederrechtelijk toe te eigenen. Verdachte heeft het portier van die auto opengetrokken, heeft [slachtoffer 3] aan zijn arm getrokken en vastgepakt en heeft geprobeerd de autosleutels uit het contact te halen;

  • -

    op de [straatnaam] met geweld zich de personenauto van [slachtoffer 1] , welke op dat moment gebruikt werd door [slachtoffer 2] , een Ford Focus, wederrechtelijk heeft toegeëigend. Verdachte is voor die auto gaan staan, heeft het portier opengetrokken, heeft aan [slachtoffer 2] getrokken, haar om de hals en nek gepakt en vastgepakt en haar aan de hals/nek uit de auto getrokken. Vervolgens is verdachte met de auto weggereden;

  • -

    op de op/afrit van de A59 heeft geprobeerd zich met geweld de personenauto van [slachtoffer 5] , een Volkswagen Golf, wederrechtelijk toe te eigenen. Verdachte heeft het portier van die auto opengetrokken, heeft [slachtoffer 5] vastgepakt, aan haar getrokken, geprobeerd om haar gordel los te maken en weer aan haar getrokken;

  • -

    op de op/afrit van de A59 heeft geprobeerd zich de personenauto van [slachtoffer 4] , een Volkswagen Amarok, wederrechtelijk toe te eigenen. Verdachte heeft het portier van die auto opengetrokken en is in die auto gaan zitten;

  • -

    op de op/afrit van de A59 heeft geprobeerd zich met geweld de personenauto van [slachtoffer 6] , wederrechtelijk toe te eigenen. Verdachte heeft het portier van die auto opengetrokken, heeft [slachtoffer 6] aan de arm getrokken, geprobeerd om hem uit de auto te trekken en hem twee keer tegen zijn hoofd aan geslagen.

Naar het oordeel van de rechtbank was sprake van (pogingen tot) wederrechtelijke toe-eigening en niet van (pogingen) tot joyriding. De opvolgende handelingen van verdachte, bestaande uit het gebruik van geweld en het gelijktijdig kenbaar maken dat hij de auto wilde hebben of althans dat hij een auto nodig had, het (proberen) af te nemen van autosleutels en het (proberen) uit de auto (te) sleuren van de bestuurders, alsmede het feit dat verdachte met de auto van [slachtoffer 2] is weggereden en deze op de op/afrit van de A59 onbeheerd heeft achtergelaten, hebben de uiterlijke kenmerken van toe-eigening of pogingen daartoe en niet van een oogmerk bij verdachte om slechts tijdelijk van die auto’s gebruik te maken en ze daarna naar de rechtmatige eigenaren terug te brengen.

Ten aanzien van feit 3 blijkt dat verdachte zich de auto wilde toe-eigenen bovendien uit de omstandigheid dat hij daar in bleef zitten en [slachtoffer 4] hem uit de auto moest trekken.

Ten aanzien van feit 3 acht de rechtbank niet bewezen dat verdachte geweld gebruikte bij zijn poging tot toe-eigening van de auto. Het geweld vond immers plaats toen [slachtoffer 4] verdachte uit zijn auto probeerde te verwijderen om zodoende zijn auto terug te krijgen.

02/665457-17 16

Op 21 maart 2017 is er brand ontstaan in een schuur te Sprang-Capelle. In de schuur lag een palet met hierop wat laminaat delen en een stuk doek/kleed. Deze spullen stonden in brand.17

Verdachte heeft verklaard dat de brand is ontstaan doordat hij een sigaret die hij in de schuur had gerookt kennelijk niet goed had uitgedoofd voordat hij deze weggooide of wegschoot.18

Op 21 maart 2017 is namens [naam 1] aangifte gedaan van brandstichting in de schuur bij de woning aan de [adres] te Sprang-Capelle. Deze woning is eigendom van [naam 1] .19

Op grond van voorgaande bewijsmiddelen acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het subsidiair tenlastegelegde feit. Het is aan hem te wijten dat op 21 maart 2017 brand is ontstaan in zijn schuur. Hij heeft immers een sigaret weggegooid of weggeschoten zonder goed te controleren of deze was gedoofd, waarna een palet met daarop stukken laminaat in brand is geraakt. Hierdoor had de schuur in brand kunnen geraken.

De rechtbank acht niet bewezen dat verdachte opzettelijk brand heeft gesticht. De verklaring van getuige [naam 7] dat zij een benzinegeur rook wordt niet door enig ander bewijs ondersteund.

02/665458-17 20

Aangezien verdachte ten aanzien van de feiten 1 tot en met 3 een bekennende verklaring heeft afgelegd en ter zake daarvan geen vrijspraak is bepleit, kan worden volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering en acht de rechtbank die feiten wettig en overtuigend bewezen, gelet op:

- De bekennende verklaring van verdachte21;

- Feit 1: het proces-verbaal van aangifte van 8 mei 201722;

- Feit 2: het proces-verbaal van aangifte van 8 mei 201723;

- Feit 3: het proces-verbaal van aangifte van 8 mei 201724.

4.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

02/800414-17

1.

hij op of omstreeks 01 juni 2017 te Waalwijk, op de openbare weg, te weten de [straatnaam] , met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto (Ford Focus), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 2] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond dat hij, verdachte,

- voor die auto is gaan staan en/of

- de portier van die auto heeft opengetrokken en/of

- die [slachtoffer 2] (die in die auto zat) om de nek/hals heeft gepakt en/of

- die [slachtoffer 2] aan de nek/hals/haren uit die auto heeft gesleurd/getrokken;

2.

hij op of omstreeks 01 juni 2017 te Waalwijk, op de openbare weg, te weten de [straatnaam] , ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een personenauto (VW golf) en/of autosleutel(s), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 3] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, daartoe de portier van die auto heeft opengetrokken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid welke poging tot diefstal werd vergezeld en/of gevolgd door geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 3] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en dat hij, verdachte,

- die [slachtoffer 3] aan de arm(en)/lichaam heeft getrokken en/of

- die [slachtoffer 3] heeft vastgepakt;

3.

hij op of omstreeks 01 juni 2017 te Waalwijk, op de openbare weg, te weten de de op/afrit van de A59, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening weg te nemen een personenauto (volkswagen Amarok), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, daartoe het portier van die auto heeft geopend en/of in die auto is gaan zitten, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid welke poging tot diefstal werd vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die Exel, gepleegd met het oogmerk om die diefstal om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte, in een worsteling geraakte met die [slachtoffer 4] en/of duwde /trok aan die [slachtoffer 4];

4.

hij op of omstreeks 01 juni 2017 te Waalwijk, op de openbare weg, te weten de op/afrit van de A59, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een personenauto (VW Golf), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 5] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, daartoe het portier van die auto heeft open getrokken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid welke poging tot diefstal werd vergezeld en/of gevolgd door geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 5] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte,

- die [slachtoffer 5] heeft vastgepakt en/of

- aan die [slachtoffer 5] heeft getrokken en/of

- ( vervolgens) de gordel van die [slachtoffer 5] heeft trachten los te maken en/of

- wederom aan die [slachtoffer 5] heeft gerukt/getrokken;

5.

hij op of omstreeks 01 juni 2017 te Waalwijk, op de openbare weg, te weten de op/afrit van de A59, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een personenauto, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 6] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, daartoe het portier van die auto heeft opengetrokken, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid, welke poging tot diefstal werd vergezeld en/of gevolgd door geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer 6] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden, gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte,

- die [slachtoffer 6] aan de arm heeft getrokken en/of

- die [slachtoffer 6] heeft getracht uit de auto te trekken en/of

- die [slachtoffer 6] tegen het hoofd/gezicht heeft geslagen/gestompt/gestoten;

02/665457-17

hij op of omstreeks 21 maart 2017 te Sprang-Capelle, gemeente Waalwijk, opzettelijk brand heeft gesticht door open vuur in aanraking te brengen met (een) (houten) pallet(s) en/of laminaat geheel of gedeeltelijk is/zijn verbrand, in elk geval brand is ontstaan, en daarvan gemeen gevaar voor een schuur, in elk geval gemeen gevaar voor goederen (die zich in die schuur bevonden), te duchten was;

subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 21 maart 2017 te Sprang-Capelle, gemeente Waalwijk, grovelijk, althans aanmerkelijk onvoorzichtig en/of onoplettend en/of onachtzaam brand heeft gesticht door een brandende sigaret, althans open vuur in aanraking te brengen met (een) (houten) pallet(s) en/of laminaat, althans met een brandbare stof ten gevolge waarvan het aan zijn schuld te wijten is geweest dat die (houten) pallet(s) en/of laminaat geheel of gedeeltelijk is/zijn verbrand, in elk geval brand is ontstaan, en daarvan gemeen gevaar voor een schuur, in elk geval gemeen gevaar voor goederen (die zich in die schuur bevonden), te duchten was;

meer subsidiair, althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 21 maart 2017 te Sprang-Capelle, gemeente Waalwijk, opzettelijk en wederrechtelijk een/de ruit(en) en/of (een) dakpla(a)t(en) (van een schuur) dat geheel of ten dele aan een ander toebehoord, te weten aan [naam 1] , heeft vernield, beschadigd, onbruikbaar gemaakt en/of weggemaakt;

02/665458-17

1.

hij op of omstreeks 05 mei 2017 te Waalwijk met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een pakje sigaretten (merk lucky strike), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;

2.

hij op of omstreeks 06 mei 2017 te Waalwijk met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een verpakking opzetborstels (Oral b) , in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 2] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;

3.

hij op of omstreeks 08 mei 2017 te Waalwijk met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een of meerdere levensmiddelen (waarde ongeveer 38,18), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [naam 3] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

5 De strafbaarheid

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.

De rechtbank heeft kennis genomen van het Pro Justitia-rapport van 12 september 2017 van drs. J.L.M. [naam psychiater], psychiater, waarin – samengevat – het volgende wordt geconcludeerd en geadviseerd.

Bij betrokkene is sprake van chronisch psychotische kwetsbaarheid die wordt geclassificeerd als een “ongespecificeerde psychotische of schizofreniespectrumstoornis”. Betrokkene werd in november 2016 voor het eerst in een psychiatrisch ziekenhuis opgenomen in Dubai, waar hij in verwarde toestand was aangetroffen. In de periode voorafgaand reisde hij in opdracht van stemmen over de hele wereld en kwam vaak niet verder dan de luchthavens. Hij werd met medische begeleiding teruggevlogen naar Nederland en aansluitend gedurende circa een maand met een IBS opgenomen in GGZ Breburg. Sindsdien is er sprake van een in wisselende mate aanwezig psychotisch klachtenpatroon. Betrokkene staat tenminste ambivalent tegenover anti-psychotische medicatie en is in het voorjaar van 2017 gestopt met medicatie en GGZ-behandeling. Hij werd al snel daarna in toenemende mate gedreven door wanen en hallucinaties. Betrokkene was in aanloop naar en ten tijde van de ten laste gelegde feiten floride psychotisch. Indien betrokkene zou stoppen met zijn medicatie, is de kans op hernieuwde psychotische ontregeling en daarmee (vergelijkbaar impulsief) delict-gedrag zeer hoog. Het advies is betrokkene te ontslaan van rechtsvervolging en hem te plaatsen in een psychiatrisch ziekenhuis ex. artikel 37 van het Wetboek van Strafrecht. Betrokkene is ogenschijnlijk weliswaar grotendeels gestabiliseerd, maar langer durende en intensieve behandeling is noodzakelijk, om het recidiverisico ook op de langere termijn te beteugelen.

De rechtbank heeft tevens kennis genomen van het Pro Justitia-rapport van 17 september 2017 van drs. [naam psycholoog], psycholoog, waarin – samengevat – het volgende wordt geconcludeerd en geadviseerd.

Vanaf medio 2016, wanneer betrokkene zelfstandig gaat wonen, zijn er korte tijd later de eerste signalen van een psychotische decompensatie. Na psychiatrische opnames zowel in Dubai als in Nederland, keert betrokkene in januari 2017 terug naar huis. Hij gebruikt geen medicatie en de psychoticiteit is blijvend dan wel verergerd. Betrokkene heeft ten aanzien van het ten laste gelegde onder de punten 1 tot en met 5 (opmerking rechtbank: zaak 02/800414-17), niet in vrijheid over zijn wil kunnen beschikken en overeenkomstig kunnen handelen en is te adviseren hem deze punten niet toe te rekenen. Ten aanzien van de overige ten laste gelegde feiten, is te adviseren om betrokkene deze in verminderde mate toe te rekenen. De persoonsfactoren (psychotische kwetsbaarheid mogelijk in het kader van een zich ontwikkelende schizofrenie; deels verward en geagiteerd gedrag ondanks anti-psychotische medicatie; gebrekkige geïnvolveerdheid in het maatschappelijk bestaan; gebrekkige commitment aan behandeling) zijn als essentiële delict-factoren nog immer aanwezig en kunnen aldus de opmaat vormen voor herhaling van soortgelijke feiten als de ten laste gelegde feiten. Tezamen genomen is in te schatten dat het recidiverisico hoog is. De rechtbank wordt in overweging gegeven om betrokkene middels toepassing van artikel 37 klinisch psychiatrisch te laten behandelen bij voorkeur in een forensische setting (FPA).

De rechtbank is op grond van de conclusies van de deskundigen van oordeel dat verdachte ten tijde van het plegen van het bewezenverklaarde lijdend was aan een ernstige psychiatrische stoornis, te weten een ongespecificeerde psychotische of schizofreniespectrumstoornis. Anders dan psycholoog [naam psycholoog], maakt de rechtbank ten aanzien van de mate van toerekeningsvatbaarheid als gevolg van die stoornis, evenals psychiater [naam psychiater], geen onderscheid tussen de feiten in zaak 02/800414-17 en de overige feiten. Zowel in het rapport van de psychiater als in het rapport van de psycholoog staat dat de psychische problemen van verdachte al in 2016 begonnen. Vanaf maart 2016 was hij in behandeling bij een psychiater van wie hij een antipsychoticum kreeg voorgeschreven. Vanaf dat moment hoorde hij ook stemmen in zijn hoofd. Voorts is verdachte in november 2016 opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis in Dubai en aansluitend in een IBS-instelling in Nederland. Begin 2017 is hij gestopt met medicatie, waarna zijn toestand verslechterde. Op 21 maart 2017 vond de brandstichting plaats. Verdachte werd die nacht door de politie in verwarde toestand aangetroffen, zo blijkt uit het proces-verbaal. De volgende dag werd hij met een IBS opgenomen. Ten aanzien van de diefstallen heeft verdachte ter zitting verklaard dat hij deze pleegde onder invloed van de stemmen, die hem erop wezen dat hij -als uitverkorene- dit straffeloos kon doen. De rechtbank leidt hieruit af dat al vanaf maart sprake moet zijn geweest van een zodanige stoornis van de geestvermogens dat de brandstichting en diefstallen hem niet kunnen worden toegerekend. Dat hij er in zijn beleving op 1 juni 2017 het slechtst aan toe was, doet aan dat oordeel niet af.

Door de allesoverheersende invloed van zijn stoornis op zijn denken en handelen kan verdachte het bewezenverklaarde niet worden toegerekend en daarom is hij niet strafbaar. Verdachte dient dan ook te worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

6 De strafoplegging

6.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie vordert verdachte in de zaken 02/800414-17 en 02/665458-17 te ontslaan van rechtsvervolging en hem de maatregel op te leggen van plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van een jaar. Hij vordert verdachte in de zaak 02/665457-17, met toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht, geen straf of maatregel op te leggen.

6.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging betoogt dat cliënt in de zaken 02/800414-17 en 02/665457-17 dient te worden vrijgesproken en dat in de zaak 02/665458-17, met toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht, geen straf of maatregel dient te worden opgelegd.

6.3

Het oordeel van rechtbank

Verdachte heeft meerdere strafbare feiten gepleegd. Met name de diefstal van een auto en de vier pogingen daartoe, alsmede het daarbij gebruikte geweld zijn zeer ernstige misdrijven die een grote impact hebben gehad op de slachtoffers.

Zowel psychiater [naam psychiater] als psycholoog Van der Leeuw achten het noodzakelijk dat verdachte, gelet op de ernst van zijn stoornis en het recidiverisico, wordt geplaatst in een psychiatrisch ziekenhuis, ex artikel 37 van het Wetboek van Strafrecht. Naar het oordeel van de rechtbank is plaatsing van verdachte in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van een jaar noodzakelijk. Mede gezien de omstandigheid dat verdachte opnieuw is gestopt met zijn medicatie, hetgeen er eerder toe leidde dat zijn toestand snel verslechterde, is de rechtbank van oordeel dat het verdachte nog aan voldoende ziekte-inzicht ontbreekt en dat klinische behandeling in een gedwongen kader noodzakelijk is.

7 De benadeelde partijen

02/800414-17

[slachtoffer 1]

De benadeelde partij [slachtoffer 1] vordert een schadevergoeding van € 819,85 voor feit 1, te vermeerderen met de wettelijke rente.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade, bestaande uit de schade aan de auto van [slachtoffer 1] , een rechtstreeks gevolg is van dit bewezen verklaarde feit en acht verdachte aansprakelijk voor die schade. Het gevorderde is, met een taxatierapport van de schade, voldoende aannemelijk gemaakt, zodat de vordering zal worden toegewezen. De schade is ook niet betwist.

Met betrekking tot de toegekende vordering van voornoemde benadeelde partij zal de rechtbank tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2017 tot aan de dag der algehele voldoening.

[slachtoffer 4]

De benadeelde partij [slachtoffer 4] vordert een schadevergoeding van € 213,41 voor feit 3, te vermeerderen met de wettelijke rente.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade, bestaande uit de schade aan de auto van [slachtoffer 4] , een rechtstreeks gevolg is van dit bewezen verklaarde feit en acht verdachte aansprakelijk voor die schade. Het gevorderde is, met een factuur ter zake van het herstel van de schade, voldoende aannemelijk gemaakt, zodat de vordering zal worden toegewezen. De schade is ook niet betwist.

Met betrekking tot de toegekende vordering van voornoemde benadeelde partij zal de rechtbank tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2017 tot aan de dag der algehele voldoening.

[slachtoffer 5]

De benadeelde partij [slachtoffer 5] vordert een schadevergoeding van € 1.033,66 voor feit 4, te vermeerderen met de wettelijke rente.

De rechtbank is van oordeel dat deze schade, bestaande uit € 283,66 ter zake van materiële schade, te weten eigen risico van de zorgverzekering, en € 750,= ter zake van immateriële schade, een rechtstreeks gevolg is van dit bewezen verklaarde feit en acht verdachte aansprakelijk voor die schade. Het gevorderde is, met een stuk van de zorgverzekeraar en een brief van een psycholoog, voldoende aannemelijk gemaakt, zodat de vordering zal worden toegewezen. De schade is ook niet betwist.

Met betrekking tot de toegekende vordering van voornoemde benadeelde partij zal de rechtbank tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 1 juni 2017 tot aan de dag der algehele voldoening.

8 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 24c, 36f, 37, 45, 57, 157, 158, 247, 310 en 312 van het Wetboek van Strafrecht zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

9 De beslissing

De rechtbank:

Vrijspraak in 02/665457-17

- spreekt verdachte vrij van het primair tenlastegelegde feit;

Bewezenverklaring

- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

- verklaart dat het bewezen verklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:

02/800414-17: diefstal met geweld, drie maal poging tot diefstal met geweld en poging tot diefstal;

02/665457-17: aan zijn schuld te wijten zijn van brand, terwijl daardoor gemeen gevaar van goederen ontstaat;

02/665458-17: diefstal, drie maal gepleegd;

- verklaart verdachte voor het bewezen verklaarde niet strafbaar en ontslaat verdachte daarvoor van alle rechtsvervolging;

Maatregel

- gelast dat verdachte voor de termijn van één jaar in een psychiatrisch ziekenhuis zal worden geplaatst;

Benadeelde partijen

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 1] van € 819,65 ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 1 juni 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 4] van € 213,41 ter zake van materiële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 1 juni 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer 5] van € 1.033,66, waarvan € 283,66 ter zake van materiële schade en € 750,= ter zake van immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 1 juni 2017 tot aan de dag der algehele voldoening;

- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van de hierna te noemen slachtoffers de daarbij vermelde bedragen te betalen, bij niet betaling te vervangen door het daarbij vermelde aantal dagen hechtenis:

* benadeelde partij [slachtoffer 1] (feit 1), € 819,65, acht dagen hechtenis,

* benadeelde partij [slachtoffer 4] (feit 3), € 213,41, twee dagen hechtenis,

* benadeelde partij [slachtoffer 5] (feit 4), € 1.033,66, tien dagen hechtenis,

met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;

- bepaalt dat bij voldoening van de schadevergoedingsmaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd.

Dit vonnis is gewezen door mr. Struijs, voorzitter, mr. Kooijman en mr. Kempen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Van Wijk, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 24 november 2017.

Mr. Kempen is buiten staat dit vonnis te ondertekenen.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal wordt – tenzij anders vermeld – bedoeld het proces-verbaal met registratienummer PL2000-2017127068 van politie eenheid Zeeland-West-Brabant, District Hart van Brabant, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren en doorgenummerd van pagina 1 tot en met 51.

2 Het proces-verbaal van bevindingen van [verbalisant] , pagina 26, alinea’s twee tot en met vier en zes.

3 Het proces-verbaal van aanhouding, pagina 8.

4 Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 3] van 1 juni 2017, pagina 31, halverwege en de op een na laatste alinea en pagina 32, net onder de helft.

5 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [naam 5] van 5 juni 2017, pagina 48.

6 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [naam 6] van 6 juni 2017, pagina 50, eerste, tweede en vierde alinea.

7 Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 2] van 1 juni 2017, pagina 27, laatste alinea en pagina 28 eerste alinea.

8 Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 3] van 1 juni 2017, pagina 32, bovenaan.

9 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [naam 5] van 5 juni 2017, pagina 49, tweede alinea.

10 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [naam 6] van 6 juni 2017, pagina 51, bovenaan.

11 Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 5] van 2 juni 2017, pagina 34, derde en vierde alinea, pagina 35, derde alinea en pagina 37, halverwege.

12 Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 4] van 1 juni 2017, pagina 42, tweede en derde alinea.

13 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [naam 4] van 3 juni 2017, pagina 47, halverwege.

14 Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 4] van 1 juni 2017, pagina 42, derde en vierde alinea.

15 Het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 6] van 2 juni 2017, pagina 45, halverwege.

16 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal wordt – tenzij anders vermeld – bedoeld het proces-verbaal met registratienummer PL2000-2017063768 van politie eenheid Zeeland-West-Brabant, District Hart van Brabant, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren en doorgenummerd van pagina 1 tot en met 47.

17 Het proces-verbaal van verhoor van getuige [naam 8] van 22 maart 2017, pagina 6.

18 De verklaring van verdachte, afgelegd ter zitting van 10 november 2017.

19 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 9] namens [naam 1] van 21 maart 2017, pagina 13, laatste alinea.

20 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal wordt – tenzij anders vermeld – bedoeld het proces-verbaal met registratienummer PL2000-2017105336 van politie eenheid Zeeland-West-Brabant, District Hart van Brabant, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren en doorgenummerd van pagina 1 tot en met 35.

21 De verklaring van verdachte, afgelegd ter zitting van 10 november 2017.

22 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 10] namens [naam 2] van 8 mei 2017, pagina’s 27 tot en met 29.

23 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 11] namens [naam 2] van 8 mei 2017, pagina’s 23 tot en met 25.

24 Het proces-verbaal van aangifte van [naam 12] namens [naam 3] van 8 mei 2017, pagina’s 18 en 19.