Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZWB:2016:5050

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
18-08-2016
Datum publicatie
18-08-2016
Zaaknummer
02-800012-15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

Ontucht met minderjarige en het maken en verspreiden van kinderporno. Jeugdstrafrecht toegepast in verband met kinderlijke ontwikkeling verdachte. “

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Onder redactie van Tina van der Linden en Kea Kroeks – de Raaij annotatie in IR 2016/151, UDH:IR/13704

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht

Zittingsplaats: Breda

parketnummer: 02/800012-15

vonnis van de meervoudige kamer d.d. 18 augustus 2016

in de strafzaak tegen

[verdachte]

geboren op [geboortedag] 1995 te [geboorteplaats]

wonende te [adres]

raadsman mr. Meeusen, advocaat te Gorinchem

1 Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 4 augustus 2016 waarbij de officier van justitie mr. Gimbrère, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2 De tenlastelegging

Verdachte staat terecht, terzake dat:

1.

hij op meerdere, althans op een tijdstip,

in of omstreeks de periode van 27 maart 2013 tot en met 8 september 2014 te

Werkendam, in elk geval in Nederland, met [slachtoffer] (geboortedatum [geboortedag slachtoffer]

2005), die toen de

leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer

ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, (telkens) bestaande uit

- het omhoogtrekken van de rok, althans de kleding van die [slachtoffer] en/of

- het stoppen van zijn, verdachtes, penis onder de rok van die [slachtoffer] en/of

- het maken van op en neergaande bewegingen met zijn onderlichaam (terwijl die

[slachtoffer] op zijn schoot zat) en/of

- het aftrekken in de (directe) nabijheid van die [slachtoffer] en/of het betasten

van de billen en/of vagina, althans in elk geval het betasten van het

(onder-)lichaam van die [slachtoffer] ;

art 247 Wetboek van Strafrecht

2.

hij in of omstreeks de periode van 27 maart 2013 tot en met 8 september 2014

te Werkendam, in elk geval in Nederland,

meermalen, althans eenmaal (telkens)

55.547 afbeelding(en), te weten 55.445 foto's en/of 102 video's/film(s),

althans een (grote) hoeveelheid, bevattende (een) afbeelding(en)

heeft verspreid en/of aangeboden en/of verworven en/of in bezit gehad en/of

zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking

van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft,

terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is/zijn,

waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog

niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken ,

welke voornoemde seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit

(onder meer):

het oraal en/of vaginaal en/of anaal penetreren (met de penis en/of

vinger/hand en/of een voorwerp(en)) van het lichaam van een persoon die

kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en/of

het vaginaal penetreren (met de vinger/hand) van het lichaam van een (ander)

persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft

bereikt

(onder andere File [filenaam 1] , pag. 218 procesverbaal)

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n(en) die

kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij deze

perso(o)n(en) gekleed is/zijn en/of in (een)(erotisch getinte) houding(en)

(op een wijze) die niet bij haar/hun leeftijd past/passen

en/of waarbij deze perso(o)n(en) zich (vervolgens) in opeenvolgende

afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoet/ontdoen

en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de

wijze van kleden van deze perso(o)n(en) en/of de uitsnede van de

afbeelding(en)/film(s) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen en/of borsten

en/of billen in beeld gebracht worden

(waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft

en/of strekt tot seksuele prikkeling

(onder andere File [filenaam 2] , pag. 219 procesverbaal);

(art. 240b Wetboek van Strafrecht)

______________________________________________________

MEDEDELINGEN:

De officier van justitie deelt mede dat een representatieve collectie van

bovengenoemde afbeeldingen/filmfragmenten is samengesteld, maar ter voorkoming

van strafbare feiten en verdere verspreiding van bovengenoemd materiaal, niet

in het dossier zijn gevoegd en ook niet in afschrift zullen worden verstrekt.

De officier van justitie zal deze collectie als stuk van overtuiging op de

terechtzitting aanwezig hebben en aan de rechtbank overleggen. Voorafgaand aan

de terechtzitting kan inzage in genoemd materiaal verleend worden op afspraak

met de officier van justitie.

art 240b lid 1 Wetboek van Strafrecht

3.

hij in of omstreeks de periode van 27 maart 2013 tot en met 8 september 2014

te Werkendam, in elk geval in Nederland, één of meermalen (telkens)

een aantal afbeelding (en), te weten (in ieder geval) 5, althans een aantal,

film(s) en/of filmfragment(en) en/of 41, althans een aantal foto('s) en/of

heeft vervaardigd

terwijl op die afbeelding(en) (telkens) (een) seksuele gedraging(en)

zichtbaar is/zijn, waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd

van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was

betrokken,

welke voornoemde seksuele gedragingen -zakelijk weergegeven- bestonden uit

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen en/of

bovenbe(e)n(en) van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog

niet heeft bereikt (te weten [slachtoffer] geboren op [geboortedag slachtoffer] 2005) met

(File [filenaam 3] pag. 216 procesverbaal)

en/of

het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het lichaam van een

perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben

bereikt (te weten [slachtoffer] geboren op [geboortedag slachtoffer] 2005)

en/of

het houden van een (stijve) penis bij/naast het gezicht/lichaam van een

perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben

bereikt (te weten [slachtoffer] geboren op [geboortedag slachtoffer] 2005), (waarbij) de

afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft

en/of strekt tot seksuele prikkeling

(File [filenaam 4] , pag. 217 procesverbaal);

______________________________________________________

MEDEDELINGEN:

De officier van justitie deelt mede dat een representatieve collectie van

bovengenoemde afbeeldingen/filmfragmenten is samengesteld, maar ter voorkoming

van strafbare feiten en verdere verspreiding van bovengenoemd materiaal, niet

in het dossier zijn gevoegd en ook niet in afschrift zullen worden verstrekt.

De officier van justitie zal deze collectie als stuk van overtuiging op de

terechtzitting aanwezig hebben en aan de rechtbank overleggen. Voorafgaand aan

de terechtzitting kan inzage in genoemd materiaal verleend worden op afspraak

met de officier van justitie.

art 240b lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 240b lid 2 Wetboek van Strafrecht

3 De voorvragen

De dagvaarding is geldig.

De rechtbank is bevoegd.

De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.

Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.

4 De beoordeling van het bewijs

4.1

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan de drie ten laste gelegde feiten. Zij baseert zich daarbij op de bekennende verklaring van verdachte, het onderzoek naar de Russische website, de aangetroffen afbeeldingen en filmpjes op de in beslag genomen goederen en de processen-verbaal van bevindingen waarin de afbeeldingen en films worden beschreven en aangemerkt als kinderporno. Daaruit blijkt tevens dat het gaat om ruim 55.000 afbeeldingen en/of films.

4.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging stelt dat de rechtbank tot een bewezenverklaring kan komen van de drie ten laste gelegde feiten met uitzondering van het aantal films en foto’s bij feit 3 alsmede de beschreven handeling van het ejaculeren op het lichaam. Ook dient de tenlastegelegde periode van feit 3 te worden ingekort.

4.3

Het oordeel van de rechtbank

Feit 1

Aangezien verdachte ten aanzien van dit feit een bekennende verklaring heeft afgelegd en ter zake daarvan geen vrijspraak is bepleit, zal worden volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering en acht de rechtbank dat feit wettig en overtuigend bewezen, gelet op:

- de bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 4 augustus 20161;

- het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal2.

Feit 2

Aangezien verdachte ten aanzien van dit feit een bekennende verklaring heeft afgelegd en ter zake daarvan geen vrijspraak is bepleit, zal worden volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering en acht de rechtbank dat feit wettig en overtuigend bewezen, gelet op:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 4 augustus 20163;

- het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal4;

- bijlage IV van het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal5;

- het proces-verbaal relaas van onderzoek6.

Feit 3

Aangezien verdachte ten aanzien van dit feit een bekennende verklaring heeft afgelegd en ter zake daarvan geen vrijspraak is bepleit, zal worden volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen als bedoeld in artikel 359, derde lid, van het Wetboek van Strafvordering en acht de rechtbank dat feit wettig en overtuigend bewezen, gelet op:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de zitting van 4 augustus 2016;

- het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal7;

- bijlage IV bij het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal8;

- het proces-verbaal van bevindingen ingekomen op 20 juni 20169;

- het proces-verbaal van relaas van onderzoek10.

Daarbij heeft de rechtbank de raadsman gevolgd ten aanzien van de opmerkingen die hij heeft gemaakt bij de onderdelen van de tenlastelegging.

4.4

De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

1.

hij op meerdere, althans op een tijdstip,

in of omstreeks de periode van 27 maart 2013 tot en met 8 september 2014 te

Werkendam, in elk geval in Nederland, met [slachtoffer] (geboortedatum [geboortedag slachtoffer]

2005), die toen de

leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer

ontuchtige handeling(en) heeft gepleegd, (telkens) bestaande uit

- het omhoogtrekken van de rok, althans de kleding van die [slachtoffer] en/of

- het stoppen van zijn, verdachtes, penis onder de rok van die [slachtoffer] en/of

- het maken van op en neergaande bewegingen met zijn onderlichaam (terwijl die

[slachtoffer] op zijn schoot zat) en/of

- het aftrekken in de (directe) nabijheid van die [slachtoffer] en/of het betasten

van de billen en/of vagina, althans in elk geval het betasten van het

(onder-)lichaam van die [slachtoffer] ;

2.

hij in of omstreeks de periode van 27 maart 2013 tot en met 8 september 2014

te Werkendam, in elk geval in Nederland,

meermalen, althans eenmaal (telkens)

55.547 afbeelding(en), te weten 55.445 foto's en/of 102 video's/film(s),

althans een (grote) hoeveelheid, bevattende (een) afbeelding(en)

heeft verspreid en/of aangeboden en/of verworven en/of in bezit gehad en/of

zich daartoe door middel van een geautomatiseerd werk en/of met gebruikmaking

van een communicatiedienst de toegang heeft verschaft,

terwijl op die afbeelding(en) (een) seksuele gedraging(en) zichtbaar is/zijn,

waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog

niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken ,

welke voornoemde seksuele gedragingen - zakelijk weergegeven - bestonden uit

(onder meer):

het oraal en/of vaginaal en/of anaal penetreren (met de penis en/of

vinger/hand en/of een voorwerp(en)) van het lichaam van een persoon die

kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

en/of

het vaginaal penetreren (met de vinger/hand) van het lichaam van een (ander)

persoon door een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft

bereikt

(onder andere File [filenaam 1] , pag. 218 proces-verbaal)

en/of

het geheel of gedeeltelijk naakt (laten) poseren van (een) perso(o)n(en) die

kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog niet heeft/hebben bereikt, waarbij deze

perso(o)n(en) gekleed is/zijn en/of in (een)(erotisch getinte) houding(en)

(op een wijze) die niet bij haar/hun leeftijd past/passen

en/of waarbij deze perso(o)n(en) zich (vervolgens) in opeenvolgende

afbeeldingen/filmfragmenten van haar/hun kleding ontdoet/ontdoen

en/of (waarna) door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de

wijze van kleden van deze perso(o)n(en) en/of de uitsnede van de

afbeelding(en)/film(s) nadrukkelijk de (ontblote) geslachtsdelen en/of borsten

en/of billen in beeld gebracht worden

(waarbij) de afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft

en/of strekt tot seksuele prikkeling

(onder andere File [filenaam 2] , pag. 219 proces-verbaal);

3.

hij in of omstreeks de periode van 27 maart 2013 tot en met 8 september 2014

te Werkendam, in elk geval in Nederland, één of meermalen (telkens)

een aantal afbeelding (en), te weten (in ieder geval) 5, althans een aantal,

film(s) en/of filmfragment(en) en/of 41, althans een aantal foto('s) en/of

heeft vervaardigd

terwijl op die afbeelding(en) (telkens) (een) seksuele gedraging(en)

zichtbaar is/zijn, waarbij (telkens) een persoon die kennelijk de leeftijd

van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was

betrokken,

welke voornoemde seksuele gedragingen -zakelijk weergegeven- bestonden uit

het betasten en/of aanraken van de geslachtsdelen en/of de billen en/of

bovenbe(e)n(en) van een persoon die kennelijk de leeftijd van 18 jaren nog

niet heeft bereikt (te weten [slachtoffer] geboren op [geboortedag slachtoffer] 2005) met

(File [filenaam 3] , pag. 216 proces-verbaal)

en/of

het masturberen boven/bij en/of ejaculeren op het lichaam van een

perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben

bereikt (te weten [slachtoffer] geboren op [geboortedag slachtoffer] 2005)

en/of

het houden van een (stijve) penis bij/naast het gezicht/lichaam van een

perso(o)n(en) die kennelijk de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft/hebben

bereikt (te weten [slachtoffer] geboren op [geboortedag slachtoffer] 2005), (waarbij) de

afbeelding (aldus) een onmiskenbaar seksuele strekking heeft

en/of strekt tot seksuele prikkeling

(File [filenaam 4] , pag. 217 proces-verbaal);

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

5 De strafbaarheid

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.

Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.

6 De strafoplegging

6.1

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie is van oordeel dat het jeugdstrafrecht dient te worden toegepast en vordert op grond van hetgeen zij bewezen acht aan verdachte op te leggen een jeugddetentie van vijftien maanden waarvan vijf maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en daaraan gekoppeld de bijzondere voorwaarden zoals in de rapporten geadviseerd. Bij haar eis heeft de officier van justitie rekening gehouden met de aard en ernst van de feiten, de periode waarover deze zijn gepleegd, de leeftijd van [slachtoffer] , de inbreuk op haar privacy en de impact van de feiten op haar gezin, de grote hoeveelheid afbeeldingen, de verminderde toerekeningsvatbaarheid van verdachte en de rapporten die over hem zijn opgesteld. Alles afwegend alsmede met het oog op de generale preventie is zij van mening dat de door de deskundigen geadviseerde straf geen recht doet aan de aard en ernst van feiten en de gevolgen daarvan.

6.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging is eveneens van mening dat het jeugdstrafrecht dient te worden toegepast maar stelt dat daarvan uitgaande de eis van de officier van justitie buitensporig hoog is en niet valt te rijmen met het gehele verloop van de strafzaak. Zo is verdachte pas vier maanden na het eerste bezoek aangehouden. Vervolgens is er gelet op zijn ontwikkeling bij de schorsingsvoorwaarden bewust gekozen voor begeleiding door de jeugdreclassering. Deze begeleiding is voortvarend verlopen en de behandeling bij Het Dok is positief afgerond. Tot slot staat de zaak bijna twee jaar na dato op zitting. Oplegging van een jeugddetentie zoals geëist doet aan de gehele gang van zaken geen recht en doorkruist bovendien de positieve ontwikkeling van verdachte die hij in de afgelopen twee jaar heeft doorgemaakt. Bepleit wordt dat kan worden volstaan met het opleggen aan verdachte van jeugddetentie waarvan het onvoorwaardelijke deel gelijk is aan het voorarrest. Aan het voorwaardelijke deel dienen de bijzondere voorwaarden zoals door de deskundigen geadviseerd te worden gekoppeld. Daarnaast dient aan verdachte een taakstraf opgelegd te worden.

6.3

Het oordeel van de rechtbank

Verdachte heeft zich gedurende een periode van anderhalf jaar schuldig gemaakt aan het plegen van ontuchtige handelingen met [slachtoffer] , die ten tijde van de gedragingen de leeftijd had van 7 tot 8 jaar. Deze handelingen bestonden uit het betasten van haar onderlichaam, het stoppen van zijn penis onder haar rok, het maken van op en neergaande bewegingen met zijn onderlichaam terwijl zij op zijn schoot zat en het zich af te trekken in haar directe nabijheid. Van deze ontuchtige handelingen met [slachtoffer] heeft verdachte ook films en video’s gemaakt en deze vervolgens verspreid via het internet. Daarmee heeft verdachte zich tevens schuldig gemaakt aan het vervaardigen en het verspreiden van kinderpornografisch materiaal.

Verdachte heeft daarmee niet alleen een ernstige inbreuk gemaakt op de integriteit van [slachtoffer] maar ook op haar privacy. Het is een feit van algemene bekendheid dat dergelijke feiten vaak langdurige en ernstige schade kunnen toebrengen aan de geestelijke gezondheid van het slachtoffer. Hoewel uit het dossier blijkt dat [slachtoffer] zich niet echt bewust is geweest van de handelingen die hebben plaatsgevonden, is zij daarvan later in ieder geval wel op de hoogte geraakt. Daarnaast is gebleken dat zij hiervoor ook psychologische ondersteuning heeft gekregen. Daar komt bij dat verdachte afbeeldingen die hij van [slachtoffer] heeft gemaakt via het internet heeft verspreid en gedeeld met (onbekende) derden, een actie die niet meer teniet kan worden gedaan. [slachtoffer] zal dat de rest van haar leven met zich mee moeten dragen. Verdachte heeft bij dit alles kennelijk nimmer stilgestaan en heeft zijn eigen gevoelens en wensen vooropgesteld.

[slachtoffer] is de dochter van kennissen van de familie van verdachte die hen regelmatig bezochten. Gedurende deze bezoeken mocht [slachtoffer] met verdachte in diens slaapkamer computerspelletjes spelen. Het was tijdens die gelegenheden dat de ontuchtige handelingen plaatsvonden. De rechtbank neemt het verdachte bijzonder kwalijk dat hij het vertrouwen dat de ouders van [slachtoffer] in het algemeen en bij die gelegenheden in hem stelden zo ernstig heeft geschonden.

Tot slot heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan het verwerven, bezit en vervolgens weer verspreiden van kinderpornografisch materiaal van onbekende kinderen via het internet. Kinderporno is bijzonder ongewenst, met name omdat bij de vervaardiging ervan kinderen seksueel worden misbruikt en geëxploiteerd. Verdachte moet mede verantwoordelijk worden gehouden voor genoemd seksueel misbruik van kinderen, omdat hij, door kinderporno te verzamelen en te verspreiden, heeft bijgedragen aan de instandhouding van de vraag ernaar.

Bij de bepaling van de strafmaat heeft de rechtbank acht geslagen op het aantal afbeeldingen dat verdachte in bezit had, de leeftijd van de kinderen op de afbeeldingen en de aard van de handelingen waartoe de kinderen zijn gedwongen. Het feit dat verdachte niet alleen kinderporno verzamelde, maar ook actief verspreidde, acht de rechtbank strafverzwarend.

Verder neemt zij daarbij in aanmerking dat verdachte negen dagen in voorlopige hechtenis heeft gezeten en dat hij een blanco strafblad heeft.

Hoewel verdachte ten tijde van de delicten 18 tot 19 jaar was, zal de rechtbank overeenkomstig de adviezen van de deskundigen en de standpunten van de officier van justitie en de verdediging het minderjarigenrecht toepassen. Niet alleen voldoet verdachte aan de formele vereisten daarvoor, ook zijn persoonlijkheid geeft daartoe aanleiding. Uit de rapportages van de Raad voor de Kinderbescherming en de jeugdreclassering is immers gebleken dat verdachte zich in de tenlastegelegde periode, voor zijn leeftijd nog kinderlijk gedroeg en op sociaal en emotioneel gebied achterliep op leeftijdsgenoten. Verdachte was verder nog erg afhankelijk van zijn ouders.

Uit het psychologisch onderzoek van drs. M.H. Keppel van 21 augustus 2015 dat heeft plaatsgevonden, blijkt voorts dat er bij verdachte sprake was van een ziekelijke stoornis van de geestvermogens in de vorm van parafilie, mogelijk in de vorm van pedofilie, die aanwezig was ten tijde van het ten laste gelegde. Weliswaar kan verdachte in staat worden geacht het ongeoorloofde van zijn handelen te beseffen maar door de stoornis was hij echter verminderd in staat om zijn drang onder controle te houden. Hierdoor dient verdachte als verminderd toerekeningsvatbaar te worden beschouwd. De rechtbank neemt deze conclusie over en maakt deze tot de hare.

Tot slot neemt de rechtbank bij de strafoplegging in overweging hetgeen in de rapporten van de jeugdreclassering en de Raad voor de Kinderbescherming is beschreven, alsmede hetgeen in de ontslagbrief van Het Dok is vermeld. Samengevat komt hieruit naar voren dat verdachte zich aan de schorsingsvoorwaarden heeft gehouden en de behandeling bij Het Dok inmiddels positief heeft afgesloten. Gedurende de begeleiding en behandeling heeft verdachte een positieve persoonlijke en sociale ontwikkeling doorgemaakt. Het recidiverisico wordt momenteel als laag ingeschat. Het Dok heeft eveneens vermeld dat er geen sprake meer lijkt te zijn van een seksuele afwijking van welke aard dan ook.

Er is evenwel niet goed zicht verkregen op de drijfveren van het gedrag van verdachte waaruit de bewezen verklaarde feiten zijn voortgevloeid en de gedachte bestaat dat het gedrag terug zou kunnen keren wanneer verdachte in een fase komt waarin hij zich minder prettig voelt en/of tegenslagen ervaart. Derhalve heeft Het Dok een terugvalpreventieplan opgesteld. Van belang wordt geacht daarop toezicht te houden en begeleiding te bieden waarbij gedacht wordt aan de jeugdreclassering. Eveneens kan de jeugdreclassering in dat kader een systeembehandeling initiëren indien dit gewenst wordt geacht.

Geadviseerd wordt dan ook om aan verdachte op te leggen een taakstraf en een voorwaardelijke detentie met een proeftijd van twee jaar en de bijzondere voorwaarden toezicht door jeugdreclassering uitgevoerd door Bureau Jeugdzorg en dat hij zich niet zal onttrekken aan het terugvalpreventieplan en een systeembehandeling indien geïndiceerd.

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende straf. De hoogte van de eis van de officier van justitie geeft er blijk van dat deze is gebaseerd op de geldende richtlijnen voor meerderjarigen. Nu door haar tevens is gevorderd het minderjarigenstrafrecht toe te passen, dienen echter ook de daarvoor geldende richtlijnen als uitgangspunt te worden genomen. Het doel van het jeugdstrafrecht heeft bovendien voornamelijk een pedagogisch karakter waardoor de generale preventie wat meer op de achtergrond staat. De rechtbank zal derhalve een andersoortige en tevens lagere straf opleggen dan door de officier van justitie is geëist. Daarbij dient in het kader van het jeugdstrafrecht naar haar oordeel voorop te staan dat de positieve ontwikkeling die verdachte sinds zijn aanhouding heeft doorgemaakt, wordt voortgezet. Gelet hierop en gezien het verloop van het voortraject van de strafzaak, de positieve inzet van verdachte gedurende het gehele voortraject en de verstreken tijdsduur sinds de eerste aanhouding is een oplegging van een onvoorwaardelijk jeugddetentie niet aan de orde. Wel acht zij het gelet op de adviezen van de deskundigen noodzakelijk dat verdachte nog enige tijd onder toezicht zal staan en begeleid zal worden door de jeugdreclassering, onder meer met het oog op de uitvoering van het terugvalpreventieplan. De rechtbank zal daarom aan verdachte een jeugddetentie opleggen voor de duur van 189 dagen waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar teneinde deze begeleiding mogelijk te maken met daaraan gekoppeld de bijzondere voorwaarden zoals geadviseerd. Een contactverbod met het slachtoffer acht zij daarbij overigens niet geïndiceerd. De hoogte van de voorwaardelijke straf dient er tevens toe de ernst van de feiten te benadrukken en om verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw (soortgelijke) strafbare feiten te plegen. Daarnaast acht zij oplegging van een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van tweehonderd uur passend en geboden.

7 De benadeelde partij

De benadeelde partij [slachtoffer] vordert ten aanzien van de feiten 1 en 3 een schadevergoeding van € 3.139,33 bestaande uit een bedrag van € 139,33 wegens materiële schade en een bedrag van € 3.000,- wegens immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente.

De rechtbank is van oordeel dat de schade een rechtstreeks gevolg is van de bewezenverklaarde feiten 1 en 3 en acht verdachte aansprakelijk voor die schade.

Het gevorderde is voldoende aannemelijk gemaakt, zodat de vordering zal worden toegewezen.

Met betrekking tot de toegekende vordering benadeelde partij zal de rechtbank tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen. Gelet op hetgeen reeds hiervoor is aangehaald omtrent de toepassing van het minderjarigenstrafrecht ziet de rechtbank aanleiding om met toepassing van artikel 77l, lid 5, van het Wetboek van Strafrecht te bepalen dat verdachte, hoewel hij de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, bij de tenuitvoerlegging van de vervangende detentie in aanmerking komt voor vervangende jeugddetentie.

8 De verbeurdverklaring

Gebleken is dat er onder verdachte een laptop met lader met goednummer 225519, een harde schijf uit die laptop met goednummer 239858, een micro sd-kaart van 8 GB met goednummer 225510, een mobiele telefoon van het merk LG inclusief lader en zwart hoesje met goednummer 225508, een laptop inclusief adapter met goednummer 225507 en een harddisk met goednummer 239857 in beslag zijn genomen waarop nog niet definitief is beslist. Nu gebleken is dat de bewezen verklaarde feiten zijn begaan met behulp van deze voorwerpen zal de rechtbank deze voorwerpen verbeurd verklaren.

9 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 27, 33, 33a, 36f, 77c, 77g, 77h, 77i, 77n, 77o, 77p, 77x, 77y, 77z, 77aa, 77gg, 240b en 247 van het Wetboek van Strafrecht.

10 De beslissing

De rechtbank:

Bewezenverklaring

- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

- verklaart dat het bewezen verklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:

feit 1: Met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige handelingen plegen, meermalen gepleegd;

feit 2: Een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, verspreiden/in bezit hebben, meermalen gepleegd;

feit 3: Een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, vervaardigen, meermalen gepleegd;

- verklaart verdachte strafbaar;

Strafoplegging

- veroordeelt verdachte tot een jeugddetentie van 189 dagen;

- bepaalt dat een gedeelte van deze jeugddetentie groot 180 dagen niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat verdachte voor het einde van de proeftijd van twee jaren na te melden vooraarden niet heeft nageleefd;

- stelt als algemene voorwaarden:

* dat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet zal schuldig maken aan een strafbaar feit;

* dat verdachte ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit, medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage zal aanbieden;

* dat verdachte medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, de medewerking van huisbezoeken daaronder begrepen;

- stelt als bijzondere voorwaarde:

* dat verdachte zich binnen drie werkdagen na het onherroepelijk worden van het vonnis dient te melden bij de jeugdreclassering (contactpersoon mevrouw [contactpersoon] ) op het adres Burgerhoutsestraat 19 te Roosendaal, telefoonnummer 0154-545950. Hierna dient [verdachte] zich te blijven melden zo frequent en zolang de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht;

* dat verdachte zich niet zal onttrekken aan het terugvalpreventieplan;

* dat verdachte zich niet zal onttrekken aan systeembehandeling van Het Dok, indien dit door de jeugdreclassering wordt geïnitieerd;

* dat verdachte ervoor zal zorgen dat zijn huidige dagbesteding wordt gecontinueerd en zijn steunende factoren worden onderhouden zoals gezin en vrienden, zolang de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht;

* dat verdachte zich tijdens de proeftijd moet gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen die worden gegeven door of namens de jeugdreclassering uit te voeren door de Stichting Bureau Jeugdzorg Noord-Brabant als gecertificeerde instelling;

- draagt deze gecertificeerde instelling op toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;

- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijke deel van de opgelegde jeugddetentie;

- veroordeelt verdachte tot een werkstraf van tweehonderd uren;

- beveelt dat indien verdachte de werkstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van honderd dagen;

- bepaalt dat verdachte, hoewel hij de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, bij omzetting van de taakstraf in aanmerking komt voor vervangende jeugddetentie overeenkomstig artikel 77p, lid 4, van het Wetboek van Strafrecht;

Benadeelde partijen

- veroordeelt verdachte tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer] van € 3.139,33 waarvan € 139,33 ter zake van materiële schade en € 3.000,- ter zake van immateriële schade en vermeerderd met de wettelijke rente, berekend vanaf 27 maart 2013 tot aan de dag der algehele voldoening;

- veroordeelt verdachte in de kosten van de benadeelde partij tot nu toe gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, tot op heden begroot op nihil;

- legt aan verdachte de verplichting op aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer] (feit 1 en 3), € 3.139,33 te betalen, bij niet betaling te vervangen door 41 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft;

- bepaalt dat bij voldoening van de schadevergoedingsmaatregel de betalingsverplichting aan de benadeelde partij vervalt en omgekeerd;

- bepaalt dat verdachte, hoewel hij de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, bij de tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis in aanmerking komt voor vervangende jeugddetentie overeenkomstig artikel 77l, lid 5, van het Wetboek van Strafrecht;

Beslag

- verklaart verbeurd de inbeslaggenomen voorwerpen, te weten een laptop met lader met goednummer 225519, een harde schijf uit die laptop met goednummer 239858, een micro sd-kaart van 8 GB met goednummer 225510, een mobiele telefoon van het merk LG inclusief lader en zwart hoesje met goednummer 225508, een laptop inclusief adapter met goednummer 225507 en een harddisk met goednummer 239857;

Voorlopige hechtenis

- heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis van verdachte.

Dit vonnis is gewezen door mr. Vliegenberg, voorzitter, mr. Janssen en mr. Brouwer, rechters, in tegenwoordigheid van mr. De Jonge, griffier, en is uitgesproken ter openbare zitting op 18 augustus 2016.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal wordt, tenzij anders vermeld, bedoeld een proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door één of meer daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Wanneer wordt verwezen naar dossierpagina’s betreffen dit de doorgenummerde pagina’s van het dossier van de Politie Zeeland-West-Brabant, Team Bestrijding Kinderpornografie en Kindersekstoerisme met dossiernummer 2014182913, opgemaakt op 8 januari 2015 en doorgenummerd van 1 tot en met 296. Hierna het eindproces-verbaal. De ter terechtzitting van 4 augustus 2016 afgelegde verklaring van verdachte.

2 Het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal, eindproces-verbaal p. 198-200.

3 De ter terechtzitting van 4 augustus 2016 afgelegde verklaring van verdachte.

4 Het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal, eindproces-verbaal p. 198, 203, 204.

5 Het geschrift, zijnde bijlage IV bij het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal inhoudende beschrijvingen van de afbeeldingen en films, eindproces-verbaal p. 218-229.

6 Het proces-verbaal relaas van onderzoek, eindproces-verbaal p. 7-10, 13, 16.

7 Het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal, eindproces-verbaal p. 198-200.

8 Het geschrift, zijnde bijlage IV bij het proces-verbaal beschrijving kinderpornografisch materiaal inhoudende beschrijvingen van de afbeeldingen en films, eindproces-verbaal p. 216-218.

9 Het proces-verbaal van bevindingen, ingekomen op 20 juni 2016.

10 Het proces-verbaal van relaas onderzoek, eindproces-verbaal p. 14-15.