Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZWB:2016:3626

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
03-02-2016
Datum publicatie
18-07-2016
Zaaknummer
4359869
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Op tegenspraak
Inhoudsindicatie

I-Pad achtergelaten in vakantiepark. Niet aangetekend verzonden aan huurder. Verhuurder niet aansprakelijk voor verlies I-Pad.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Kanton

Zittingsplaats: Middelburg

zaak/rolnr.: 4359869 / 15-4872

vonnis van de kantonrechter d.d. 3 februari 2016

in de zaak van

[eiser]

wonende te [woonplaats] , Duitsland,

eisende partij,

verder te noemen: [eiser] ,

gemachtigde: mr. G.F. Stelten,

t e g e n :

de besloten vennootschap

ROOMPOT SERVICE B.V.,

gevestigd te Wissenkerke,

gedaagde partij,

verder te noemen: Roompot,

gemachtigde: mr. J.W. van Koeveringe.

het verloop van de procedure

De procedure is als volgt verlopen:

- dagvaarding van 3 augustus 2015,

- conclusies van antwoord, repliek en dupliek.

de beoordeling van de zaak

1. [eiser] boekte een vakantieverblijf in een vakantiepark van Roompot. Bij vertrek uit de recreatiewoning liet hij per abuis een iPad achter. Op de dag van vertrek, [datum] , ontdekte [eiser] dat hij de iPad had achtergelaten. Hij belde met de receptie van het vakantiepark, die hem kort daarna bevestigde dat de iPad was gevonden. Tussen [eiser] en de receptioniste is gesproken over toezending van de iPad aan [eiser] per post.

2.1.

[eiser] vordert de veroordeling van Roompot tot betaling van:

- € 650,-- als schadevergoeding met de wettelijke rente daarover vanaf [datum] ,

- € 181,50 als vergoeding van buitengerechtelijke kosten,

- de proceskosten en de nakosten, met wettelijke rente.

2.2.

Als grond voor de vordering tot schadevergoeding voert [eiser] aan dat door toedoen van Roompot zijn iPad met een dagwaarde van circa € 650,-- in het ongerede is geraakt. Nadat Roompot de iPad had gevonden, heeft zij die kennelijk onverzekerd en niet aangetekend per reguliere post verzonden en daarmee het aanmerkelijke risico genomen dat de zending niet zou aankomen. Het handelen van Roompot is verwijtbaar, althans dient het risico redelijkerwijs voor haar rekening komen. Roompot heeft de zorgplichten van een goed bewaarder geschonden, tevens is er sprake van een onrechtmatige handeling.

2.3.

Roompot bestrijdt de vordering en de daarvoor aangevoerde gronden.

2.4.

De standpunten van partijen komen hierna voor zover nodig aan de orde.

3.1.

Partijen gaan uit van de bevoegdheid van de Nederlandse rechter en de toepasselijkheid van Nederlands recht. De kantonrechter verenigt zich met deze uitgangspunten.

3.2.

Tussen partijen is geen overeenkomst van bewaarneming gesloten. Voor zover de vordering is gebaseerd op een dergelijke overeenkomst, volgt de kantonrechter [eiser] daarin niet.

3.3.

[eiser] had ervoor moeten zorgen dat hij zijn iPad meenam aan het einde van zijn verblijf op het vakantiepark. Nadat Roompot de iPad had gevonden, moest Roompot de van haar te verlangen zorgvuldigheid betrachten, mede gelet op de met [eiser] gemaakte afspraken over zijn gevonden iPad.

3.4.

Partijen zijn het erover eens dat is afgesproken dat Roompot de iPad zou toezenden aan [eiser] . Bij dagvaarding stelt [eiser] met de receptioniste te hebben afgesproken dat hij de kosten van de aangetekende verzending zou dragen. Door de iPad onverzekerd en niet aangetekend op te sturen, draagt Roompot grove schuld aan het in het ongerede raken van de iPad, aldus [eiser] .

3.5.

Roompot bestrijdt bij antwoord dat is afgesproken dat zij zou zorgen voor aangetekende verzending van de iPad. Bij repliek stelt [eiser] dat hij ervan is uitgegaan dat de iPad zou worden verzonden bij aangetekende, althans verzekerde post. Hieruit volgt dat hij niet langer handhaaft dat is afgesproken dat Roompot de iPad aangetekend zou verzenden, welke stelling besloten ligt in zijn standpunt dat is afgesproken dat hij de kosten van de aangetekende verzending zou dragen.

3.6.

Dat is afgesproken dat Roompot zou zorgen voor verzending van de iPad bij aangetekende, althans verzekerde post, komt de kantonrechter ook onaannemelijk voor. In zijn e-mail van 15 november 2013 aan de receptie van het vakantiepark schreef [eiser] “wie soeben (…) besprochen, hier nochmals meine Anschrift, an die ich Sie bitte das gefundene I-Pad (…) zu senden” en in zijn e-mail van 12 december 2013 “mein I-PAD ist bis heute nicht angekommen. Die Postsendung haben Sie hoffentlich versichert oder zumindest die Möglichkeit, einen Nachforschungsauftrag bei der niederländischen Post zu stellen”. Anders dan voor de hand lag indien was afgesproken dat Roompot de iPad zou verzenden bij aangetekende, althans verzekerde post, verwees [eiser] in zijn e-mails niet naar een dergelijke afspraak. In de brief van 19 mei 2014 van de gemachtigde van [eiser] is evenmin gemeld dat Roompot zou zorgen voor verzending bij aangetekende, althans verzekerde post.

3.7.

Voor zover [eiser] stelt dat Roompot de iPad niet heeft verzonden, gaat de kantonrechter daaraan voorbij omdat dit onvoldoende is onderbouwd en strijdt met het standpunt dat de iPad niet is aangekomen vanwege de onverzekerde en niet aangetekende verzending.

3.8.

De kantonrechter geeft een ontkennend antwoord op de vraag of Roompot is tekortgeschoten in de van haar te verlangen zorgvuldigheid door de iPad onverzekerd en niet aangetekend per post te verzenden. Hij neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.

3.8.1.

Het is een feit van algemene bekendheid dat aan Nederlandse postdiensten aangeboden poststukken doorgaans de Nederlandse geadresseerde bereiken. Er is geen grond voor de veronderstelling dat de kwaliteit van de Duitse postdiensten wezenlijk minder zou zijn, zodat mag worden aangenomen dat aan Nederlandse postdiensten aangeboden poststukken doorgaans de Duitse geadresseerde bereiken.

3.8.2.

[eiser] stelt de iPad te hebben gekocht in [datum] voor € 734,--. Volgens hem bedroeg de dagwaarde op [datum] , dat wil zeggen na ruim een half jaar, circa € 650,--. Deze hoge dagwaarde is onvoldoende onderbouwd. De kantonrechter betrekt hierbij de als productie 7 bij repliek overgelegde overzichten van eBay.de en marktplaats.nl waaruit kan worden afgeleid dat een vraagprijs in de orde van grootte van € 250,-- voor een gebruikte iPad3 niet aan de lage kant is. [eiser] motiveert niet waarom Roompot toen zij besloot de iPad onverzekerd en niet aangetekend te verzenden, wist of behoorde te weten dat die iPad een aanzienlijk hogere dagwaarde had van circa € 650,--.

3.8.3.

Op grond van een en ander is onvoldoende grond voor het standpunt van [eiser] dat gezien de waarde van de iPad Roompot met onverzekerde en niet aangetekende verzending naar Duitsland het aanmerkelijke risico heeft genomen dat de iPad niet zou aankomen.

3.9.

Het feit dat [eiser] had aangeboden de kosten van verzending te vergoeden, maakt dit niet anders. Gelet op het beperkte risico van verlies van de iPad bij onverzekerde en niet aangetekende verzending naar Duitsland en de beperkte dagwaarde van een gebruikte iPad3, staan de kosten van een verzekerde verzending - een bedrag van € 50,-- is genoemd - niet in een redelijke verhouding tot de waarde van de kans op verlies van de iPad.

3.10.

Hieruit volgt dat de vordering tot vergoeding van de gestelde dagwaarde van de iPad niet toewijsbaar is. Ook de vordering tot vergoeding van rente en buitengerechtelijke incassokosten is niet toewijsbaar. Wat partijen overigens hebben aangevoerd, brengt de kantonrechter niet tot een ander oordeel.

3.11.

[eiser] dient als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten te worden veroordeeld. Tot die kosten worden niet gerekend de nakosten omdat onvoldoende waarschijnlijk is dat Roompot dergelijke kosten zal maken.

de beslissing

De kantonrechter:

wijst de vordering af;

veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding welke aan de zijde van Roompot tot op heden worden begroot op € 200,-- wegens salaris van de gemachtigde van Roompot.

Dit vonnis is gewezen door mr. C. Kool, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 februari 2016 in tegenwoordigheid van de griffier.