Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZWB:2014:6470

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
15-01-2014
Datum publicatie
23-09-2014
Zaaknummer
C/02/272231 / HA ZA 13-847
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Vonnis met betrekking tot onteigening. Eiseres, gemeente, vordert ook onteigening van gronden die al haar eigendom zijn maar verpacht zijn.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Civiel recht


Middelburg

zaaknummer / rolnummer: C/02/272231 / HA ZA 13-847

Vonnis, tevens vonnis in incident, van 15 januari 2014

in de zaak van

de publiekrechtelijke rechtspersoon

GEMEENTE REIMERSWAAL,

zetelend te Kruiningen,

eiseres in de hoofdzaak,

verweerster in het incident,

advocaat mr. E.W.J. de Groot te Breda,

tegen

1 [gedaagde],

wonende te [woonplaats],

gedaagde in de hoofdzaak,

verweerder in het incident,

advocaat mr. W.J. Bosma te ’s-Gravenhage,

2. de publiekrechtelijke rechtspersoon

GEMEENTE REIMERSWAAL,

zetelend te Kruiningen,

gedaagde in de hoofdzaak,

verweerster in het incident,

advocaat mr. E.W.J. de Groot te Breda,

en

[interveniënt]

wonende te [woonplaats],

interveniënt,

advocaat mr. W.J. Bosma te ’s-Gravenhage.

Eiseres in de hoofdzaak, verweerster in het incident, zal hierna de gemeente in hoedanigheid van onteigenende partij worden genoemd. Gedaagde sub 1 in de hoofdzaak, verweerder in het incident, zal [eigenaar] in hoedanigheid van eigenaar worden genoemd.
Gedaagde sub 2 in de hoofdzaak, verweerster in het incident, zal als de gemeente in hoedanigheid van onteigende partij worden aangeduid, interveniënt als [pachter] in hoedanigheid van pachter.



1.De procedure


Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de brief van mr. De Groot van 11 november 2013 met producties

- de conclusie van antwoord van de gemeente in hoedanigheid van onteigende partij

- de conclusie van antwoord tevens houdende incidentele conclusie tot tussenkomst van de zijde van [pachter]

- de conclusie van antwoord in het incident van de zijde van de gemeente in hoedanigheid van onteigenende en onteigende partij.

2 De feiten

2.1.

De gemeente Reimerswaal is eigenaar van de percelen [kadasternummer 1], en [kadasternummer 1]. Deze percelen worden door [gedaagde] gepacht.

2.2.

[gedaagde] is eigenaar van perceel [kadasternummer 1] ter grootte van 57 a en 80 ca, grondplannummer 3.

2.3.

Bij Koninklijk Besluit van 4 maart 2013, nr. 13.000359, gepubliceerd in de Nederlandse Staatscourant van 22 maart 2013, nr. 7011, heeft de Kroon goedgevonden, dat ten behoeve van de uitvoering van het bestemmingsplan “Olzendepolder 2e herziening” en ten name van de gemeente (onder meer ) bovengenoemde percelen zullen worden onteigend.

2.4.

Het perceelsgedeelte met grondplannummer 3 is bezwaard met een tweetal rechten van hypotheek ten behoeve van de ABN Amro Bank N.V. gevestigd te Goes en zetelend te Amsterdam.
Voorts heeft de raad van de gemeente de te onteigenen percelen met grondplannummers 2, 3 en 5 met ingang van 30 oktober 2008 aangewezen als bedoeld in artikel 2 van de Wet voorkeursrecht gemeenten.


3.De beoordeling in het incident

3.1.

[pachter] vordert in hoedanigheid van pachter van de percelen [kadasternummer 2] dat hem wordt toegestaan in de hoofdzaak tussen te komen.
De gemeente in hoedanigheid van onteigenende en onteigende partij, sluit zich aan bij de vordering tot tussenkomst van [pachter].

3.2.

De rechtbank is van oordeel dat de incidentele vordering moet worden toegewezen, nu de aangevoerde en niet weersproken gronden die vordering kunnen dragen.

3.3.

De gemeente zal in de kosten van het incident worden veroordeeld.


4. De beoordeling in de hoofdzaak

4.1.

[gedaagde] en de gemeente in de hoedanigheid van onteigende partij verzetten zich niet tegen de vordering tot het vervroegd uitspreken van de onteigening van de aan de gemeente in eigendom toebehorende en door Verboom gepachte percelen [kadasternummer 2], alsmede het aan [pachter] in eigendom toebehorende perceel [kadasternummer 1] ter grootte van 57 a en 80 ca, grondplannummer 3.
Gelet hierop, alsmede gelet op het feit dat de stellingen van de gemeente het gevorderde kunnen dragen, kan de vordering op dit punt worden toegewezen.

4.2.

Met betrekking tot de schadeloosstelling overweegt de rechtbank als volgt.
Omdat de gemeente reeds eigenaar is van de percelen met grondplannummers 2 en 5 is haar aanbod voor de eigendom van deze percelen nihil. De gemeente in hoedanigheid van onteigende partij heeft dit aanbod aanvaard.
De door de gemeente in hoedanigheid van onteigenende partij aan de gemeente in hoedanigheid van onteigende partij te betalen schadeloosstelling ter zake de onteigening van de percelen [kadasternummer 2] ter grootte van 1 ha 68 a en 30 ca, grondplannummer 5 zal worden bepaald op nihil.

4.3.

De gemeente in hoedanigheid van onteigenende partij heeft in verband met de schadeloosstelling aan [eigenaar] als eigenaar van perceel met grondplannummer 3 voorgesteld een bedrag van € 115.600,00 te vermeerderen met 2% deskundigenkosten
(€ 2.312,00) te voldoen.
De gemeente in hoedanigheid van onteigenende partij heeft voorts, met het oog op het pachtvrij maken van de percelen met grondplannummers 2 en 5, aan[pachter] in zijn hoedanigheid van pachter van de betreffende percelen een schadeloosstelling aangeboden van € 75.994,00, te vermeerderen met 2% deskundigenkosten (€ 1.519,88).
[eigenaar] in hoedanigheid van eigenaar vindt het aangeboden bedrag te laag. [pachter] in hoedanigheid van pachter dient zich formeel bij conclusie van eis in de tussenkomst nog uit te laten over de hem in hoedanigheid van pachter aangeboden schadeloosstelling. Blijkens de inhoud van de dagvaarding heeft hij echter in hoedanigheid van pachter evenmin ingestemd met de hem aangeboden schadeloosstelling.

Nu [eigenaar] in hoedanigheid van eigenaar niet (en blijkens de inhoud van de dagvaarding in hoedanigheid van pachter ook niet) heeft ingestemd met de aangeboden schadeloosstelling, zal de rechtbank overgaan tot het benoemen van een rechter-commissaris en een drietal deskundigen. De rechtbank zal voorts bepalen dat de opneming van de ligging en de gesteldheid van de litigieuze percelen door de deskundigen zal plaatsvinden op een nader te bepalen tijdstip.
De rechtbank is voornemens mr. J.R. Vermeulen, advocaat, werkzaam bij Lawton Advocaten te Rotterdam (voorzitter), ir. H. Leonard, makelaar/taxateur, werkzaam bij Makelaarskantoor Leonard te Dordrecht, en ing. A.L.M. Woestenberg, grondzakendeskundige/taxateur, werkzaam bij Overwater Grondbeleid Adviesbureau B.V. te Strijen, tot deskundigen te benoemen.
Alvorens de rechtbank tot benoeming van de commissie van deskundigen overgaat, zullen partijen in de gelegenheid worden gesteld zich uit te laten over het aantal en de persoon van de te benoemen deskundigen. De zaak zal hiertoe op dit punt worden aangehouden.

4.4.

De gemeente als onteigenende partij zal worden veroordeeld tot betaling van een voorschot op de schadeloosstelling. Met betrekking tot dat voorschot heeft de gemeente voorgesteld een bedrag van 100% van € 115.600,00, derhalve € 115.600,00 aan [eigenaar] in hoedanigheid van eigenaar van perceel met grondplannummer 3 te voldoen en een bedrag van 100% van € 75.994,88, derhalve € 75.994,88 aan [pachter] in hoedanigheid van pachter van de percelen met grondplannummers 2 en 5. [pachter] heeft hiertegen geen verweer gevoerd.
De rechtbank zal het door de gemeente aan [eigenaar] te betalen voorschot vaststellen op voornoemde bedragen.

4.5.

Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

5 De beslissing


De rechtbank:

in het incident

5.1.

staat [pachter] in hoedanigheid van pachter toe in de hoofdzaak tussen te komen,

5.2.

veroordeelt de gemeente in de kosten van dit incident, aan de zijde van [pachter] in hoedanigheid van pachter tot op heden begroot op € 452,00;

in de hoofdzaak

5.3.

spreekt vervroegd uit ten behoeve van de uitvoering van het bestemmingsplan “Olzendepolder, 2e herziening” met bijkomende werken en ten name van de gemeente Reimerswaal de onteigening, vrij van alle lasten en rechten, van de onroerende zaken, die zijn aangeduid op de grondplantekening met de nummers 2, 3 en 5, welke grondplantekening ingevolge de wet ter inzage heeft gelegen en die in het Koninklijk Besluit van 4 maart 2013 (nr. 13.000359) nader zijn vermeld als:

het perceel [kadasternummer 2] (totaal groot 00.51.90 ha), ter grootte van 00.51.90 ha (grondplannummer 2);

het perceel [kadasternummer 2] (totaal groot 00.57.80 ha), ter grootte van 00.57.80 ha (grondplannummer 3);

het perceel [kadasternummer 2] (totaal groot 01.68.30 ha), ter grootte van 01.68.30 ha (grondplannummer 5);

5.4.

bepaalt het bedrag van de schadeloosstelling ter zake de vervroegde onteigening te betalen aan de gemeente in hoedanigheid van onteigende partij op nihil,

5.5.

bepaalt dat het bedrag van de uiteindelijke aan [eigenaar] in hoedanigheid van eigenaar en in hoedanigheid van pachter te betalen schadeloosstelling nader bij vonnis zal worden vastgesteld,



5.6. bepaalt het bedrag van het voorschot op de schadeloosstelling te betalen aan [eigenaar] in hoedanigheid van eigenaar van het perceel met grondplannummer 3 op 100% van het in de dagvaarding aangeboden bedrag van € 115.600,00, derhalve € 115.600,00 (honderdvijftienduizendzeshonderd euro),

5.7.

bepaalt het bedrag van het voorschot op de schadeloosstelling te betalen aan [pachter] in hoedanigheid van pachter van de percelen met grondplannummers 2 en 5 op 100% van het in de dagvaarding aangeboden bedrag van € 75.994,00 derhalve € 75.994,00 (vijfenzeventigduizendnegenhonderdvierennegentig euro),

5.8.

bepaalt dat geen zekerheid voor de voldoening van de schadeloosstelling nodig is,

5.9.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoer bij voorraad,

5.10.

verwijst de zaak naar de rolzitting van 5 februari 2014, teneinde partijen in de gelegenheid te stellen zich uit te laten zoals overwogen in r.o. 4.3. alsmede voor het nemen van een conclusie van eis in de tussenkomst door [pachter] in hoedanigheid van pachter;

5.11.

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.K. van der Lende-Mulder Smit en in het openbaar uitgesproken op 15 januari 2014.1

1 FM