Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2012:BX3560

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
31-07-2012
Datum publicatie
03-08-2012
Zaaknummer
130736 - KG ZA 12-154
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Kort geding over naam 'Het Onderdelenhuis'. Geen inbreuk op de handelsnaam. Eiser kan niet met een beroep op art. 5 Hnw andere aanbieders van onderdelen het gebruik van het woord ‘Onderdelenhuis’ verbieden en op die manier die aanduiding kan monopoliseren. Voor zover het gestelde verwarringsgevaar voortvloeit uit het gegeven dat beide partijen in hun handelsnaam de woorden ‘Het Onderdelenhuis’ hebben opgenomen, kan eiser die eventuele verwarring niet aan gedaagde verwijten, omdat de oorsprong van die verwarring schuilt in de keuze van eiser (of zijn rechtsvoorganger(s)) om - slechts - die beschrijvende term als haar handelsnaam te gaan voeren. Voor zover gedaagde het ontstaan van enige verwarring kan worden verweten, zou die verwarring het gevolg moeten zijn van een grote mate van overeenstemming van de handelsnamen van partijen buiten de aanduiding ‘Het Onderdelenhuis’.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Civiel – Afdeling Handel

zaaknummer / rolnummer: 130736 / KG ZA 12-154

Vonnis in kort geding van 31 juli 2012

in de zaak van

[eiser] onder meer handelend onder de naam

Het Onderdelenhuis,

wonende te Zutphen,

eiser,

advocaat mr. H. Grootjans te Doetinchem,

tegen

1. de vennootschap onder firma [gedaagde A] handelend onder de naam PLENTYPARTS ZUTPHEN,

gevestigd te Zutphen,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ALTEMAR BEHEER BV,

gevestigd te Raalte,

3. [gedaagde C],

wonende te Zutphen,

gedaagden,

bijgestaan door mr. drs. S.A. Sheoraj Panday, jurist bij De Raadgevers bedrijfsjuristen te Arnhem.

Partijen zullen hierna [eiser] en/of Het Onderdelenhuis, Plentyparts c.s. (gedaagden gezamenlijk), Plentyparts Zutphen (gedaagde sub 1), Altemar (gedaagde sub 2) en [gedaagde C] (gedaagde sub 3) genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding,

- de akte aanvulling en wijziging van de eis van [eiser],

- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling,

- de pleitnota van Plentyparts c.s.

2. De feiten

2.1. Uit een uittreksel van het handelsregister van de kamer van Koophandel blijkt dat [eiser] onder de handelsnaam ‘Het Onderdelenhuis’, een detailhandel in onderdelen voor elektrische huishoudelijke apparatuur, apparaten en accessoires exploiteert.

De onderneming bestaat sinds 10 augustus 1987, eerst als eenmanszaak en met ingang van 1 oktober 1990 als een vennootschap onder firma.

Sinds 1 april 2010 wordt Het Onderdelenhuis wederom als eenmanszaak voortgezet.

2.2. Op 29 maart 2006 is de besloten vennootschap Plentyparts Franchise B.V. opgericht, waarin een franchiseorganisatie en een groothandel in onderdelen wordt geëxploiteerd. Plenty Parts Franchise gebruikt als handelsnamen ‘Het Onderdelenhuis’ en ‘Eerste Hulp Bij Onderdelen’. Op 20 december 1996 heeft zij haar beeldmerk ‘Onderdelenhuis Plenty Parts – Eerste Hulp Bij Onderdelen’ waarbij een mannetje in tuinbroek met diverse onderdelen in de hand is afgebeeld in het Beneluxdepot gedeponeerd. Op 30 maart 2010 is deze wederom gedeponeerd.

2.3. Op 1 juni 2011 is Plentyparts Zutphen opgericht. Altemar en [gedaagde C] zijn vennoten van Plentyparts Zutphen. Plentyparts Zutphen exploiteert als franchisenemer van Plentyparts Franchise B.V. een detailhandel in onderdelen voor fietsen, elektra en elektrische huishoudelijke apparaten.

2.4. [eiser] is gevestigd in de Laarstraat 12 en Plentyparts Zutphen in de Laarstraat 61 te Zutphen.

3. Het geschil

3.1. [eiser] vordert, na wijziging en aanvulling van de eis, Plentyparts c.s. hoofdelijk te veroordelen tot het staken en gestaakt houden van het voeren van de handelsnamen:

- Eerste Hulp Bij Onderdelen;

- Het Onderdelenhuis / Het Onderdelenhuis Plentyparts;

- Het nieuwe onderdelenhuis in Zutphen;

zulks binnen het territorium van de gemeente Zutphen en onder verbeurte van een boete van € 2.500,-- per overtreding en een dwangsom van € 500,-- per dag, dan wel een gedeelte van een dag waarover het verbod door Plentyparts niet wordt nagekomen, nadat dit vonnis aan Plentyparts is betekend;

Plentyparts hoofdelijk te veroordelen des dat de een betalende de ander zal zijn gekweten in de kosten van dit geding ingevolge artikel 1019h Rv, zijnde een bedrag van € 4.695,70, alsmede in de kosten van het nasalaris van de advocaat van het Onderdelenhuis, forfaitair berekend op € 131,-- en verhoogd met € 68,-- in geval van betekening;

3.2. [eiser] heeft aan zijn vordering ten grondslag gelegd dat de gevoerde handelsnaam in combinatie met de vestiging van Plentyparts Zutphen in dezelfde straat als Het Onderdelenhuis tot verwarring leidt bij het relevante publiek. Dit geldt evenzeer voor het gebruik van het identieke onderscheidingsteken ‘Eerste Hulp Bij Onderdelen’. Klanten bellen met vragen wie nu wie is en waar ze bestelde goederen moeten afhalen. Ook door het gebruik van Google ontstaat verwarring omdat als eerste zoekopdracht de website van Plentyparts Zutphen verschijnt met foto’s van en een routebeschrijving naar de winkel van Het Onderdelenhuis.

Volgens Het Onderdelenhuis handelt Plentyparts in strijd met artikel 5 van de Handelsnaamwet (hierna: Hnw). Beide ondernemingen hebben een gelijke bedrijvigheid en bieden dezelfde producten op dezelfde wijze aan. Plentyparts Zutphen is in dezelfde straat gevestigd in nabijheid van Het Onderdelenhuis. Het Onderdelenhuis is de eerst rechthebbende op het voeren van deze handelsnaam nu zij sinds de eerste oprichting in 1987, maar in ieder geval sinds de oprichting van de vof in 1990 deze handelsnaam voert.

Het Onderdelenhuis voert de handelsnamen ‘Stofzuiger Discounter House of Henry’ en ‘Het Onderdelenhuis Plenty Onderdelen’. Deze handelsnamen worden sinds 1987 of in ieder geval 1990 gevoerd. Op de gevel van de winkel staat ‘Het Onderdelenhuis.’

In advertenties en reclameblaadjes wordt door Het Onderdelenhuis de tekst ‘Het Onderdelenhuis / Eerste Hulp Bij Onderdelen’ gebruikt. In de omgeving van Zutphen staat de winkel bekend als ‘Het Onderdelenhuis Eerste Hulp Bij Onderdelen’.

De franchiseorganisatie voert als reclametekst doorgaans ‘Plentyparts / Eerste Hulp Bij Onderdelen’. Hiertegen bestaat geen bezwaar zolang het maar niet gebeurt op het grondgebied van de gemeente Zutphen. Plentyparts Zutphen promoot met ‘Plentyparts Eerste Hulp Bij Onderdelen’ en ‘Nieuw Onderdelenhuis in Zutphen’ of in combinatie ‘Het Onderdelenhuis, nieuw in Zutphen en Eerste Hulp Bij Onderdelen’.

3.3. Plentyparts voert als verweer aan dat zij op grond van de franchiseovereenkomst met Plenty Parts Franchise het recht heeft verkregen om de Plenty Parts-formule te voeren. Onder deze formule vallen onder ander het gebruik van de dienst-, woord- en beeldmerken, handelsnamen en reclameslagzinnen. Op grond van de franchiseovereenkomst is Plenty Parts Franchise verplicht om op te treden tegen elke inbreuk van intellectuele eigendomsrechten. In dat kader zal Plenty Parts Franchise zoveel mogelijk verweer voeren namens Plenty Parts. Daarom heeft zij voeging verzocht.

Plenty Parts Franchise gebruikt ‘Het Onderdelenhuis’ en ‘Eerste Hulp Bij Onderdelen’ reeds vanaf begin jaren ’80. Dit blijkt onder meer uit een promotiefilmpje en getuigenverklaringen. Ook [eiser] heeft deel uitgemaakt van de franchiseformule eind jaren ’80 en begin jaren ’90. In 2006 is er een verandering geweest in de formule, althans heeft er professionalisering van de Plenty Parts-formule plaatsgevonden. Er heeft vernieuwing plaatsgevonden van de inschrijving bij de Kamer van Koophandel en merknamen zijn gedeponeerd.

Door Plenty Parts Franchise is de handelsnaam ‘Het Onderdelenhuis’ eerder gebruikt dan door [eiser]. Het Onderdelenhuis had elk gebruik van de handelsnaam dienen te staken toen zij niet meer aangesloten was bij Plenty Parts Franchise. Het gebruik van de handelsnaam en bijbehorend logo is door Het Onderdelenhuis voortgezet. Dit blijkt uit het door [eiser] gebruikte bonnenboekje dat door de rechtsvoorganger van Plenty Parts Franchise is verstrekt aan Het Onderdelenhuis. [eiser] gebruikt derhalve te kwader trouw de handelsnaam ‘Het Onderdelenhuis’ en Eerste Hulp Bij Onderdelen’.

Nu de handelsnaam al eerder werd gevoerd door de franchiseorganisatie en [eiser] te kwader trouw gebruik maakt van de handelsnaam kan aan de gestelde verwarring voorbij worden gegaan. Een exclusief recht op de slogan ‘Eerste Hulp Bij Onderdelen’ heeft Het Onderdelenhuis niet.

Verzocht wordt [eiser] te veroordelen in de daadwerkelijke kosten van rechtsbijstand ingevolge artikel 1019h Rv tot een bedrag van € 7.586,03.

3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. De door [eiser] ingediende eiswijziging is niet in strijd met artikel 11.1 van het Procesreglement kort gedingen rechtbanken sector civiel/familie. Er zal derhalve recht worden gedaan op de gewijzigde eis.

4.2. Plenty Parts Franchise heeft verzocht zich aan de zijde van Plenty Parts Zutphen te mogen voegen omdat zij als franchisegeefster op grond van de franchiseovereenkomst verplicht is op te treden tegen elke inbreuk op haar intellectuele eigendomsrechten. Nu [eiser] daartegen geen bezwaar heeft gemaakt en hij ook niet in zijn verdediging is geschaad, wordt het verzoek van Plenty Parts Franchise gehonoreerd.

4.3. Voor toewijzing van een verbod tot het voeren van een handelsnaam in kort geding dient voorshands voldoende aannemelijk te zijn dat in een eventuele bodemprocedure zal worden geoordeeld dat de partij aan wie dit verbod wordt opgelegd, de handelsnaam onrechtmatig voert. Indien sprake is van het onrechtmatig voeren van een handelsnaam, is het spoedeisende belang van de verbodsvordering in die zin gegeven, dat iedere dag dat de inbreuk voortduurt tot (meer) schade kan leiden aan de zijde van de partij die de handelsnaam eerder rechtmatig voerde.

4.4. In dit geding staat voorop dat aan de geldigheid van een handelsnaam niet de eis van onderscheidend vermogen mag worden gesteld en dat een handelsnaam zoals ‘Het Onderdelenhuis’ louter beschrijvend kan zijn. [eiser] heeft echter, door die handelsnaam, waaronder hij onderdelen aanbiedt, zelf het risico genomen dat andere marktpartijen bij het aanbieden van hun onderdelen gebruik maken van het in de handelsnaam van [eiser] voorkomende woord ‘Het Onderdelenhuis’. Het enkele feit dat [eiser] in zijn handelsnaam aanduiding ‘Het Onderdelenhuis’ gebruikt, kan derhalve niet met zich meebrengen dat hij een exclusief gebruik van die algemeen gebruikelijke term kan bewerkstelligen. Bovendien mogen zuiver beschrijvende elementen in beginsel niet door middel van een handelsnaam worden gemonopoliseerd. Een partij die desalniettemin gebruik maakt van een dergelijke handelsnaam kan vervolgens een andere onderneming niet op goede gronden verwijten hetzelfde te doen.

Dit leidt tot het oordeel dat [eiser] niet met een beroep op art. 5 Hnw andere aanbieders van onderdelen het gebruik van het woord ‘Onderdelenhuis’ kan verbieden en op die manier die aanduiding kan monopoliseren. Dat wordt niet anders door het feit dat het bedrijf van [eiser] gedurende een groot aantal jaren in Zutphen bekend is geworden onder de naam Het Onderdelenhuis. (Zie ook LJN0797 Hof Arnhem 27 februari 2007 Vacansoleil).

4.5. Het voorgaande brengt mee dat voor zover het door [eiser] gestelde verwarringsgevaar voortvloeit uit het gegeven dat beide partijen in hun handelsnaam de woorden ‘Het Onderdelenhuis’ hebben opgenomen, [eiser] die eventuele verwarring niet aan Plenty Parts Franchise kan verwijten, omdat de oorsprong van die verwarring schuilt in de keuze van [eiser] (of zijn rechtsvoorganger(s))

om - slechts - die beschrijvende term als haar handelsnaam te gaan voeren.

4.6. Voor zover Plenty Parts Franchise het ontstaan van enige verwarring kan worden verweten, zou die verwarring het gevolg moeten zijn van een grote mate van overeenstemming van de handelsnamen van partijen buiten de aanduiding ‘Het Onderdelenhuis’. Gelet op het verschil tussen enerzijds het toevoegsel Plenty Parts, dat als meest in het oog lopende onderdeel van haar handelsnaam wordt beschouwd, en het geheel ontbreken van een toevoeging aan de handelsnaam van [eiser] zou sprake kunnen zijn van verwarring, maar deze komt, zoals gezegd voor rekening en risico van [eiser], met name omdat hij geen toevoeging aan zijn handelsnaam wenst aan te brengen.

4.7.Plenty Parts Franchise voert aan dat zij een ouder recht heeft op de handelsnaam dan [eiser] en dat op die grond de vordering dient te worden afgewezen. Daarmee miskent Plenty Parts Franchise dat zij haar activiteiten in Zutphen is gaan uitoefenen waar Het Onderdelenhuis is gevestigd en dat daardoor door verwarring zou kunnen ontstaan. Gezien de strekking van de wet kan het rechtmatig voeren van een handelsnaam niet onrechtmatig worden door toedoen van een ander. (Zie Hoge Raad 19 december 1927, NJ 1928/187). Weliswaar heeft Plenty Parts Franchise betwist dat [eiser] gerechtigd was om de handelsnaam ‘Het Onderdelenhuis’ te voeren maar zoals hiervoor onder 4.4 reeds is geoordeeld is het voeren van de handelsnaam ‘Het Onderdelenhuis’ niet onrechtmatig.

4.8. De term ‘Eerste Hulp Bij Onderdelen’ is een algemeen gebruikelijk beschrijvende term. Deze term wordt bij reclamevoering in talrijke varianten gebruikt en [eiser] kan Plenty Parts het gebruik hiervan niet ontzeggen. Datzelfde geldt voor de beschrijving: ‘Het nieuwe onderdelenhuis in Zutphen’. Voor zover deze aankondiging al een van de handelsnamen van Plenty Parts is, maakt ook deze beschrijving geen inbreuk op de handelsnaam van Het Onderdelenhuis.

4.9. Gelet op het voorgaande is voorshands onvoldoende aannemelijk geworden dat [eiser] een beroep kan doen op de bescherming van artikel 5 Hnw. De vordering zal daarom worden afgewezen.

4.10. [eiser] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. Ingevolge het bepaalde in artikel 1019h Rv wordt de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de redelijke en evenredige gerechtskosten en andere kosten die de in het gelijkgestelde partij heeft gemaakt, tenzij de billijkheid zich daartegen verzet. Ook kosten van gemachtigden vallen hieronder. (Zie T&C Intellectuele eigendom aantekening 4 bij artikel 1019h BW)

Voor de door Plenty Parts gevorderde kosten inzake rechtsbijstand zal aansluiting worden gezocht bij de naar aanleiding van de Handhavingsrichtlijn intellectuele eigendomsrechten (Richtlijn 2004/48EG) opgestelde Indicatietarieven in IE-zaken waarin voor een eenvoudig kort geding uitgegaan wordt van een maximum van € 6.000,00.

De kosten aan de zijde van Plenty Parts worden aldus begroot op:

- griffierecht €575,00

- salaris rechtshelper 6.000,00

Totaal € 6.575,00

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. wijst de vorderingen af,

5.2. veroordeelt [eiser] in de proceskosten, aan de zijde van Plenty Parts tot op heden begroot op € 6.575,00,

5.3. verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. S.A.M. Vrendenbarg-Elsbeek en in het openbaar uitgesproken op 31 juli 2012.