Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2012:BV2596

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
01-02-2012
Datum publicatie
01-02-2012
Zaaknummer
06/950456-11
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vrijspraak inzake betrokkenheid bij overval op woning in Warnsveld op 16 maart 2011. Zie uitspraak LJN BV2590 voor verdachte A.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Straf

Meervoudige kamer

Parketnummer 06/950456-11

Uitspraak d.d. 1 februari 2012

Tegenspraak / dip - onip

VONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte B],

geboren te [plaats] (Sri Lanka) op [1990],

wonende te [adres],

thans verblijvende te [adres].

Raadsman: mr. Peters, advocaat te Amersfoort.

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 26 oktober 2011 en 18 januari 2012.

De tenlastelegging

Nadat de tenlastelegging op de terechtzitting is gewijzigd is aan de verdachte ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 16 maart 2011 te Warnsveld tezamen en in vereniging met

een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke

toeëigening heeft weggenomen een hoeveelheid geld, in elk geval enig goed,

geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer A] en/of [slachtoffer B], in elk

geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld

en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer A] en/of [slachtoffer B], gepleegd met het

oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om

bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan (een) andere deelnemer(s)

aan voormeld misdrijf de vlucht mogelijk te maken, en/of het bezit van het

gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin

bestond(en) dat verdachte en/of zijn mededader(s) de woning van die [slachtoffer A]

en [slachtoffer B] aan de [adres] aldaar is/zijn binnengedrongen, althans

zijn binnengegaan en/of (vervolgens) een of meer vuurwapen(s), althans (een)

op een vuurwapen gelijkend(e) voorwerp(en) op die [slachtoffer A] heeft/hebben

gericht en/of die [slachtoffer A] mondeling dreigend heeft/hebben toegevoegd "dit is

een overval...geld, geld...ik schiet", althans woorden van gelijke dreigende

aard en/of strekking, en/of een of meer vuurwapen(s), althans (een) op een

vuurwapen gelijkend(e) voorwerp(en) op die [slachtoffer B] heeft/hebben gericht en/of

die [slachtoffer B] mondeling dreigend heeft/hebben toegevoegd "dit is een overval",

althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking, en/of een

vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp achter het oor van

die [slachtoffer B] heeft/hebben gedrukt en/of (vervolgens) de trekker heeft/hebben

overgehaald, althans een handeling heeft/hebben verricht waardoor dat

vuurwapen, althans dat voorwerp, een klikkend geluid maakte;

art 310 Wetboek van Strafrecht

art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht

ALTHANS, dat

hij op of omstreeks 16 maart 2011 te Warnsveld, ter uitvoering van het door

verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of

anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening weg

te nemen geld en/of goederen, geheel of ten dele toebehorende aan

[slachtoffer A] en/of [slachtoffer B], in elk geval aan een ander of anderen dan

aan verdachte en/of zijn mededader(s), terwijl de uitvoering van dat

voorgenomen misdrijf niet is voltooid,

welke poging tot diefstal werd vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of

bedreiging met geweld tegen tegen die [slachtoffer A] en/of [slachtoffer B], gepleegd met het

oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op

heterdaad aan zichzelf en/of aan (een) andere deelnemer(s) hetzij de vlucht

mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk

geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat verdachte

en/of zijn mededader(s) de woning van die [slachtoffer A] en [slachtoffer B] aan de

[adres] aldaar is/zijn binnengedrongen, althans zijn binnengegaan

en/of (vervolgens) een of meer vuurwapen(s), althans (een) op een vuurwapen

gelijkend(e) voorwerp(en) op die [slachtoffer A] heeft/hebben gericht en/of die

[slachtoffer A] mondeling dreigend heeft/hebben toegevoegd "dit is een

overval...geld, geld...ik schiet", althans woorden van gelijke dreigende

aard en/of strekking, en/of een of meer vuurwapen(s), althans (een) op een

vuurwapen gelijkend(e) voorwerp(en) op die [slachtoffer B] heeft/hebben gericht en/of

die [slachtoffer B] mondeling dreigend heeft/hebben toegevoegd "dit is een overval",

althans woorden van gelijke dreigende aard en/of strekking, en/of een

vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp achter het oor van

die [slachtoffer B] heeft/hebben gedrukt en/of (vervolgens) de trekker heeft/hebben

overgehaald, althans een handeling heeft/hebben verricht waardoor dat

vuurwapen, althans dat voorwerp, een klikkend geluid maakte;

art 310 Wetboek van Strafrecht

art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht

art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht.

Overwegingen ten aanzien van het bewijs1

A. Aanleiding tot het onderzoek.

Op 16 maart 2011 werd door [slachtoffer A] bij de regionale meldkamer van de politie melding gedaan van een overval in zijn woning aan de [adres] te Warnsveld. De verdachten zouden nog in de woning aanwezig zijn en zouden beschikken over vuurwapens. Bij aankomst van verschillende surveillance-eenheden ter plaatse bleken de overvallers de woning al te hebben verlaten. Ter plaatse werden aangiftes opgenomen van [slachtoffer B] en [slachtoffer A].

Door aangeefster [slachtoffer B] werd een witte mobiele telefoon SAMSUNG en een patroonhouder aan de politie overhandigd, welke spullen de daders vermoedelijk hadden verloren. Deze spullen waren gevonden door onderscheidenlijk een buurvrouw en een buurjongen. De telefoon en de patroonhouder werden in beslag genomen. Bij het ter plaatse door het Team Forensische Opsporing ingesteld sporenonderzoek werd achter in de hal van de woning een door één van de daders achtergelaten capuchon aangetroffen.

Op 17 maart 2011 werd een rechercheteam opgestart onder de naam 'Berghaas'. In de loop van het onderzoek werd op 17 juni 2011 een verdachte aangehouden, [verdachte A]. Mede naar aanleiding van de door [verdachte A] afgelegde verklaringen werd op 15 juli 2011 [verdachte B] gearresteerd. Verdachte ontkende bij de overval op de woning betrokken te zijn geweest.

B. Standpunt van het openbaar ministerie

De officier van justitie heeft ter terechtzitting van 18 januari 2012 geconcludeerd dat verdachte dient te worden vrijgesproken bij gebrek aan wettig en overtuigend bewijs. Ter zitting heeft de officier van justitie haar conclusie toegelicht.

C. Standpunt van de verdachte / de verdediging

Door de raadsman is een vrijspraak bepleit. Ter zitting heeft de raadsman het standpunt van de verdediging toegelicht.

D. Beoordeling door de rechtbank

De rechtbank is van oordeel dat uit de bewijsmiddelen onvoldoende feiten en omstandigheden kunnen worden afgeleid voor betrokkenheid van verdachte bij de overval op de woning aan [adres] te Warnsveld op 16 maart 2011. De in het dossier aanwezige bewijsmiddelen zijn daarvoor ontoereikend. Daar komt bij de voor verdachte ontlastende verklaring van de getuige [getuige C] dat hij, [getuige C], verdachte op de avond van en op een tijdstip voorafgaand aan de overval heeft afgezet aan de Varsseveldseweg te Doetinchem, welke verklaring de verklaring afgelegd door verdachte ter terechtzitting van 26 oktober 2011 ondersteunt.

Vrijspraak

Naar het oordeel van de rechtbank is niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair of het subsidiair tenlastegelegde heeft begaan. De verdachte behoort hiervan te worden vrijgesproken.

Beslissing

De rechtbank verklaart niet bewezen, dat verdachte het primair of het subsidiair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.

Aldus gewezen door mrs. Van Valderen, voorzitter, Kleinrensink en Van Breda, rechters, in tegenwoordigheid van Van Bun, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 1 februari 2012.

Eindnoten

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina's, betreft dit delen van het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal, als bijlagen opgenomen bij het stamproces-verbaal van de politie Regio Noord- en Oost Gelderland, Team Recherche IJsselstreek, onderzoek "BERGHAAS", gedateerd 20 september 2011, opgemaakt door verbalisanten [verbalisanten] (voor zover niet anders is vermeld)