Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2011:BQ6225

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
25-05-2011
Datum publicatie
26-05-2011
Zaaknummer
06/940471-10
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte wordt vrijgesproken van alle feiten (uitspraak medeverdachte LJN BQ6215).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Straf

Meervoudige kamer

Parketnummer: 06/940471-10

Uitspraak d.d. 25 mei 2011

Tegenspraak / dip

VONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte B],

geboren te [plaats op 1984],

wonende te [plaats, adres].

Raadsman: mr. E.J. Verster, advocaat te Zutphen.

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting

van 11 mei 2011.

De tenlastelegging

Nadat de tenlastelegging op de terechtzitting van 11 mei 2011 is gewijzigd, is aan de verdachte ten laste gelegd dat:

1.

hij op of omstreeks 05 december 2010 te Doetinchem met een ander of anderen, op of aan de openbare weg, het Simonsplein, in elk geval op of aan een openbare weg, (telkens) openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd,

- tegen [slachtoffer A], welk geweld bestond uit het meermalen, althans eenmaal (met kracht) slaan/stompen op/tegen het gezicht van die [slachtoffer A] en/of

- tegen [slachtoffer B], welk geweld bestond uit het meermalen, althans eenmaal (met kracht) stompen/slaan op/tegen het gezicht, althans het hoofd van die [slachtoffer B] en/of

- tegen [slachtoffer C], welk geweld bestond uit het (met kracht) tegen de grond duwen die van [slachtoffer C] en/of

- tegen [slachtoffer D], welk geweld bestond uit het meermalen, althans eenmaal (met kracht)

slaan/stompen op/tegen het gezicht, althans het hoofd van die [slachtoffer D] en/of het schoppen/trappen op/tegen het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer D] en/of

- tegen [slachtoffer E], welk geweld bestond uit het meermalen, althans eenmaal slaan/stompen op/tegen het gezicht, althans het hoofd en/of het schoppen/trappen op/tegen het hoofd en/of het lichaam van die [slachtoffer E]

art 141 lid 1 Wetboek van Strafrecht

en/of

hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks 05 december 2010, te Doetinchem, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) opzettelijk mishandelend

- [slachtoffer A], meermalen, althans eenmaal (met kracht) op/tegen het gezicht, althans het hoofd heeft geslagen/gestompt en/of

- [slachtoffer B], meermalen, althans eenmaal (met kracht) op/tegen het gezicht, althans het hoofd heeft geslagen/gestompt en/of

- [slachtoffer C], (met kracht) tegen de grond heeft geduwd en/of

- [slachtoffer D], meermalen, althans eenmaal (met kracht) op/tegen het gezicht, althans het hoofd heeft geslagen/gestompt en/of meermalen, althans eenmaal die [slachtoffer D] op/tegen het hoofd en/of het lichaam heeft getrapt/geschopt en/of

- [slachtoffer E], meermalen, althans eenmaal op/tegen het gezicht, althans het hoofd heeft geslagen/gestompt en/of meermalen, althans eenmaal op/tegen het hoofd en/of het lichaam heeft geschopt/getrapt,

waardoor die perso(o)n(en), (telkens) letsel heeft/hebben bekomen en/of pijn ondervonden;

art 300 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

2.

hij op of omstreeks 05 december 2010 te Doetinchem ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk [slachtoffer D] van het leven te beroven, met dat opzet meermalen, althans eenmaal op/tegen het hoofd heeft geschopt, terwijl die [slachtoffer D] op de grond lag, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

art 287 Wetboek van Strafrecht

art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

ALTHANS, dat

hij op of omstreeks 05 december 2010 te Doetinchem tezamen en in vereniging met anderen of een ander, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan een persoon genaamd [slachtoffer D], opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet die [slachtoffer D] meermalen, althans eenmaal op/tegen het hoofd heeft geschopt, terwijl die [slachtoffer D] op de grond lag, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

art 302 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

Taal- en/of schrijffouten

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Overwegingen ten aanzien van het bewijs1

Aanleiding van het onderzoek

1. Op 5 december 2010 omstreeks 04.15 uur zagen verbalisanten [verbalisant A] en [verbalisant B] op de Korte Heezenstraat te Doetinchem een groep mensen staan die naar de politie zwaaide. Zij reden richting de groep en zagen dat zich in deze groep mensen een man bevond die gewond was aan zijn gezicht. De mensen rondom deze man gaven aan dat hij door twee mannen was mishandeld. De verbalisanten zagen dat de man uit zijn oor bloedde, dat zijn gezicht opgezwollen was en dat zijn linkeroog helemaal dicht zat en verkleurd was. De man heet [slachtoffer E].2 Niet veel later werden dezelfde verbalisanten aangesproken door een man en vrouw die zeiden dat [medeverdachte A en verdachte B] degenen waren die de man hadden mishandeld.3 Na enige minuten konden verdachte en zijn broer [medeverdachte A] door de politie worden aangehouden.4

Standpunt van het openbaar ministerie

2. De officier van justitie heeft allereerst geconcludeerd tot een bewezenverklaring van de onder 1 ten laste gelegde openlijke geweldpleging tegen de daarin genoemde personen, met uitzondering van het op aangever [slachtoffer A] uitgeoefende geweld. Ten aanzien van het onder 1 cumulatief ten laste gelegde medeplegen van mishandeling en ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde heeft de officier van justitie vrijspraak gevorderd.

Standpunt van de verdachte / de verdediging

3. Door en namens verdachte is integrale vrijspraak van het ten laste gelegde bepleit nu hij ontkent zich die avond aan enige geweldshandeling schuldig te hebben gemaakt.

Beoordeling door de rechtbank

4. De rechtbank gaat bij de beoordeling van de ten laste gelegde feiten uit van de volgende feiten en omstandigheden.

5. [slachtoffer A] heeft aangifte5 gedaan, waarbij hij heeft verklaard dat hij op 5 december 2010 omstreeks 03.40 uur op het Simonsplein te Doetinchem was als taxichauffeur.6 Hij kreeg toen een klap van een jongen. Hij zag en voelde dat deze jongen hem met opzet en met kracht met zijn rechtervuist in het gezicht sloeg, waarbij hij zijn linkeroog raakte. Dit deed pijn en [slachtoffer A] heeft een aantal dagen een gezwollen oog gehad.7

De aangifte van voornoemde [slachtoffer A] wordt onder meer bevestigd door getui[getuige 1]] Zij was op 5 december 2010 omstreeks 03.45 uur op het Simonsplein te Doetinchem. Zij zag dat een jongen met een lichtkleurig jack de taxichauffeur sloeg.8 Ook getuige [getuige 2] zag dat de taxichauffeur werd geslagen door een voor hem onbekende jongen in een licht gekleurde jas. Deze [getuige 2] zag dat de jongen een klap uitdeelde aan de taxichauffeur en hem in zijn gezicht raakte. Toen de taxichauffeur weer in zijn auto stapte, zag hij dat de jongen het portier aan de bestuurderszijde opende en nog wat schreeuwde en voorts dat die jongen enkele keren met zijn vuist sloeg op het gezicht van de taxichauffeur. 9 Ook getuigen [getuige 3]10, [getuige 4]11 en

[slachtoffer C]12 zagen dat de taxichauffeur werd geslagen.

6. Ook [slachtoffer B] heeft aangifte13 gedaan van mishandeling. Hij heeft daarbij verklaard dat hij op 4 december 2010 uit was in Doetinchem en dat hij op 5 december 2010 omstreeks 03.30 uur huiswaarts keerde. Bij het Simonsplein in Doetinchem ging hij samen met zijn vrienden wachten op een taxi. Op een gegeven moment zag [slachtoffer B] dat er een kleine oproer was bij één van de taxi's.14 Hij zag dat een man het portier van de bestuurder of bestuurster opentrok en naar binnen dook. Toen [slachtoffer B] tegen deze jongen riep dat hij normaal moest doen, zag [slachtoffer B] dat de jongen op hem toeliep en zijn rechterarm naar achteren haalde. [slachtoffer B] kan zich niet herinneren wat er daarna gebeurd is, maar hij kwam bij en lag op dat moment gestrekt op de grond. Hij voelde dat hij pijn had aan zijn neus en dat deze bloedde. Ook zijn linkeroog deed ontzettend pijn en hij had een wazige blik. Tengevolge van de klap en zijn val zijn er stukjes glazuur van zijn voortanden gesprongen.15

Door getuige [getuige 4] is verklaard dat hij zag dat de jongen - die even daarvoor op de taxichauffeur had ingeslagen - op [slachtoffer B] toeliep en meteen uithaalde. Hij zag dat de jongen [slachtoffer B] een keer met zijn rechterhand op diens gezicht sloeg.16 Ook getuige [getuige 2] zag dat jongen zich op [slachtoffer B] richtte en laatstgenoemde een stomp in zijn gezicht gaf, waardoor deze [slachtoffer B] een bloedneus opliep.17

7. [slachtoffer C] heeft ook aangifte18 gedaan. Zij heeft verklaard dat zij op 5 december 2010 tussen ongeveer 03.30 uur en 04.00 uur op het Simonsplein te Doetinchem stond te wachten op een taxi.19 Nadat zij zag dat een jongen in een wit jasje een taxichauffeur en een andere man had geslagen, zei zij tegen deze jongen dat hij rustig moest doen. [slachtoffer C] voelde en zag toen dat de jongen haar een flinke duw gaf tegen haar schouders, waardoor zij op de grond viel. Zij heeft hierdoor flinke pijn gehad aan haar schouder, nek en heup.20

Dat voornoemde [slachtoffer C] werd geduwd en daardoor op de grond viel, wordt bevestigd door onder meer getuigen [getuige 1]21, [getuige 3]22, [getuige 4]23,

[slachtoffer D]24 en [getuige 2]25.

8. Een vriend van eerdergenoemde [slachtoffer B], te weten [slachtoffer D], heeft ook aangifte26 gedaan. Hij heeft verklaard dat ook hij tegen de jongen zei dat hij normaal moest doen. De jongen draaide zich vervolgens om en kwam op [slachtoffer D] afstormen. De jongen kwam met gebalde vuist op hem afgerend en gaf [slachtoffer D] direct een stoot tegen zijn linkerwenkbrauw. [slachtoffer D] pakte hem hierop bij de nek en heeft hem naar de grond getrokken. Vervolgens ontstond op de grond een worsteling. Bij deze worsteling heeft de jongen [slachtoffer D] geslagen. [slachtoffer D] denkt dat de jongen hem een keer of vijf geslagen heeft. Toen [slachtoffer D] overeind kwam, voelde hij een harde klap in zijn gezicht. [getuige 5] heeft later tegen [slachtoffer D] verteld dat er een tweede jongen hem - [slachtoffer D] - een trap in zijn gezicht had gegeven, maar [slachtoffer D] heeft dit zelf niet gezien.27 Hij voelde direct een flinke pijn aan zijn neus en ook zijn wang/oogkas aan de rechterzijde van zijn gezicht deed direct pijn.28

Getuige [getuige 5] heeft hierover verklaard dat hij zag dat voornoemde [slachtoffer D] duw- en trekbewegingen maakte met een voor [getuige 5] onbekende jongen.29 Hij zag vervolgens dat [slachtoffer D] op de grond lag te vechten.30 [getuige 5] zag verder dat toen [slachtoffer D] zich oprichtte, laatstgenoemde een trap in het gezicht kreeg van een andere jongen. Over deze jongen heeft [getuige 5] verklaard dat deze zich in eerste instantie niet met het gevecht bemoeide. Hij zag dat de jongen met zijn been vol uithaalde naar het hoofd van [slachtoffer D] en dat [slachtoffer D] de voet vol tegen zijn hoofd kreeg.31

9. Tot slot heeft ook [slachtoffer E] aangifte32 gedaan. Hij heeft daarbij verklaard dat hij op 4 december 2010 is uit geweest in Doetinchem en dat hij een heel stuk van de film kwijt is. Hij heeft verder verklaard dat hij nog wel weet dat hij op een gegeven moment in een ambulance lag en naar het ziekenhuis werd vervoerd. Hij heeft aangifte gedaan van mishandeling, maar hij weet niet wat er gebeurd is. Door het hele gebeuren heeft hij een flinke schram op zijn linkerwang en jukbeen opgelopen, een flink gezwollen linkeroog, een snee in zijn linkeroor en wat schrammen.33

Getuige [getuige 3] heeft hierover verklaard dat zij zag dat de jongen met de witte jas - nadat hij de taxichauffeur en nog een andere jongen in het gezicht had geslagen - een man die op de grond lag schopte, waarbij hij die man volgens [getuige 3] in het gezicht raakte.34 Ook getuige [getuige 6] zag dat de jongen met een lichtgrijze, beige jas een jongen op de grond duwde en dat deze jongen op het moment dat hij lag, meteen een trap op zijn hoofd kreeg. Het was volgens deze [getuige 6] meer een stampende beweging.35 Ook getuige [getuige 7] zag dat de jongen met de beige jas de man vooruit duwde, waardoor deze viel.36 Nadat de man op de grond viel, trapte de jongen met de beige jas de man op het gezicht. [getuige 7] zag dat de jongen met veel kracht trapte.37

10. Medeverdachte [medeverdachte A] heeft bij de politie verklaard dat hij degene is die voornoemde personen geslagen heeft en voornoemde [slachtoffer E] geschopt heeft. Hij heeft verder verklaard dat hij die avond een witte jas droeg.38

11. Verdachte heeft bij de politie en ter terechtzitting verklaard dat hij geen geweldshandelingen heeft verricht, maar geprobeerd heeft zijn broer - verdachte - mee naar huis te krijgen.

Ten aanzien van de rol van verdachte overweegt de rechtbank allereerst als volgt. Voor zover getuige [getuige 5] heeft verklaard dat verdachte aangever [slachtoffer D] in het gezicht heeft geschopt, is de rechtbank van oordeel dat deze verklaring van [getuige 5] niet wordt ondersteund door enig ander bewijsmiddel. Aangever [slachtoffer D] zelf heeft enkel verklaard over een klap in zijn gezicht en dat hij eerst later van voornoemde [getuige 5] heeft gehoord dat hij een schop in zijn gezicht heeft gehad. Andere getuigen verklaren niet dat verdachte deze [slachtoffer D] zou hebben geschopt. Dit zou echter wel voor de hand hebben gelegen, gelet op het aantal personen dat op dat moment daar aanwezig was. Gelet hierop acht de rechtbank niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte deze [slachtoffer D] in het gezicht heeft geschopt.

Ook uit de overige in het dossier aanwezige verklaringen blijkt niet van enige geweldshandeling van de zijde van verdachte, gericht tegen één van de aangevers. Zo heeft getuige [getuige 3] verklaard dat de jongen met de bruine jas en een bril het opnam voor zijn vriend en begon te duwen en te trekken, maar dat zij niet heeft gezien dat deze jongen geslagen heeft. Verder heeft zij over deze jongen - verdachte - verklaard dat hij geprobeerd heeft de andere jongen - medeverdachte [medeverdachte A] - mee naar huis te krijgen en dat hij probeerde de boel te sussen.39 Ook getuige [getuige 2] heeft verklaard dat hij niet heeft gezien of de andere jongen - verdachte - geslagen heeft.40 Ook aangever [slachtoffer C] heeft verdachte niets zien doen.41 Daarnaast heeft ook getuige [getuige 6] verklaard dat de jongen met de bril niets deed, maar er vlakbij stond toen medeverdachte [medeverdachte A] aangever [slachtoffer E] tegen het hoofd schopte.42

Gelet op het voorgaande stelt de rechtbank vast dat medeverdachte [medeverdachte A] degene is geweest die op 5 december 2010 op het Simonsplein te Doetinchem [slachtoffer A] in zijn gezicht heeft geslagen en dat [medeverdachte A] ook tegen [slachtoffer B], [slachtoffer C],

[slachtoffer D] en [slachtoffer E] geweld heeft gebruikt. Uit de in het dossier aanwezige verklaringen van de aangevers en de diverse getuigen stelt de rechtbank - anders dan door de officier van justitie is betoogd - vast dat verdachte weliswaar aanwezig is geweest bij de door medeverdachte [medeverdachte A] uitgeoefende geweldshandelingen, maar dat niet kan worden vastgesteld dat hij daarbij actief betrokken is geweest en evenmin geweldshandelingen heeft verricht tegen voornoemde personen, om welke reden verdachte dient te worden vrijgesproken van het onder 1 en 2 ten laste gelegde.

Vordering tot schadevergoeding

12. De benadeelde partij [slachtoffer B], wonende aan de [adres te plaats] (bankrekeningnummer: [nummer]) heeft zich met een vordering tot schadevergoeding ten bedrage van € 2.106,58 gevoegd in het strafproces ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde.

13. Deze benadeelde partij zal niet-ontvankelijk worden verklaard in haar vordering, nu verdachte wordt vrijgesproken van het onder 1 ten laste gelegde.

Beslissing

De rechtbank:

* verklaart niet bewezen, dat verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij;

* verklaart de benadeelde partij [slachtoffer B] niet-ontvankelijk in haar vordering met veroordeling van deze benadeelde partij in de proceskosten door verdachte gemaakt tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil;

* heft op het - geschorste - bevel tot voorlopige hechtenis.

Aldus gewezen door mrs. Ouweneel, voorzitter, Heenk en Van der Hooft, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Meerdink, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 25 mei 2011.

Voetnoten:

1 Wanneer hierna verwezen wordt naar dossierpagina's, betreft dit delen van in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal, als bijlagen opgenomen bij (stam)proces-verbaal nummer PL0641 2010177154-34, Regiopolitie Noord- en Oost Gelderland, district Achterhoek, gesloten en ondertekend op 7 december 2010.

2 Proces-verbaal van bevindingen (p.52)

3 Proces-verbaal van bevindingen (p.52-53)

4 Proces-verbaal van bevindingen (p.53)

5 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer A] (p.85-87)

6 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer A] (p.85)

7 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer A] (p.86)

8 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 1] (92)

9 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 2] (p.109)

10 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 3] (p.95)

11 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 4] (p.112)

12 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer C] (p.81-82)

13 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer B] (p.66-67)

14 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer B] (p.66)

15 proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer B] (p.67)

16 Proces-verbaal van verhoor van [getuige 4] (p.112)

17 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 2] (p.109)

18 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer C] (p.81-82)

19 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer C] (p.81)

20 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer C] (p.82)

21 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 1] (p.93)

22 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 3] (p.96)

23 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 4] (p.113)

24 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer D] (p.74)

25 Proces-verbaal van verhoor van [getuige 2] (p.110)

26 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer D] (p.73-75)

27 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer D] (p.74)

28 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer D] (p.75)

29 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 5] (p.98)

30 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 5] (p.98-99)

31 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 5] (p.99)

32 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer E] (p.59-60)

33 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer E] (p.60)

34 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 3] (p.95)

35 Proces-verbaal van verhoor van [getuige 6] (p.103)

36 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 7] (p.89)

37 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 7] (p.90)

38 Processen-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte A] (p.128, 129, 132, 140, 141)

39 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 3] (p.95)

40 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 2] (p.109)

41 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer C] (p.82)

42 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige 6] (p.103)