Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2010:BO1066

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
20-10-2010
Datum publicatie
20-10-2010
Zaaknummer
06/080092-02 (TBS)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank heeft de terbeschikkingstelling van betrokkene, die is ingegaan in 2004, nogmaals met twee jaar verlengd. Binnen het huidige traject (verblijf in een TBS-kliniek) zijn de risico's te hanteren, maar het risico op een geweldsdelict bij beëindiging van TBS is nog onverminderd aanwezig.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Straf

Meervoudige kamer

Parketnummer: 06/080092-02 (TBS)

Raadsman: mr. J.C. de Goeij, advocaat te Alkmaar.

Op 16 juli 2010 is ter griffie van deze rechtbank ingediend een vordering gedateerd 16 juli 2010 van de officier van justitie in dit arrondissement, strekkende tot verlenging van de terbeschikkingstelling van:

[verdachte],

geboren te [plaats op 1983],

thans verblijvende in FPC Oldenkotte, locatie Rekken,

met een termijn van twee jaar.

De maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege is opgelegd bij vonnis van deze rechtbank van 27 november 2002, ingegaan op 6 september 2004 en laatstelijk verlengd op 17 september 2008.

De vordering is op de openbare terechtzitting behandeld door de rechtbank op 11 augustus 2010. Bij tussenbeslissing van 25 augustus 2010 is het onderzoek heropend en aangehouden voor onbepaalde tijd, doch ten hoogste voor twee maanden, voor het oproepen van een deskundige.

De vordering is wederom op de openbare terechtzitting behandeld door de rechtbank op 6 oktober 2010. Van alle behandelingen is proces-verbaal opgemaakt.

De rechtbank heeft de stukken bezien, waaronder:

- een verlengingsadvies d.d. 1 juni 2010, opgemaakt door R. Panjer, hoofd behandeling, C. Vredeveld, psychiater, en J.H.M. Nijhuis, directeur/hoofd van de inrichting, en een erratum verlengingsadvies d.d. 9 juli 2010, opgemaakt door Panjer en Nijhuis voornoemd;

- de wettelijke aantekeningen over de periode van juli 2008 tot februari 2010;

- een rapport van psychologisch onderzoek d.d. 1 juli 2010, opgemaakt door drs. I. van Asselt, GZ-psycholoog;

- een rapport van psychiatrisch onderzoek d.d. 1 juli 2010, opgemaakt door drs. H.A. Gerritsen, forensisch psychiater.

Motivering

De vordering is binnen de in artikel 509o van het Wetboek van Strafvordering vermelde termijn ingediend.

De officier van justitie heeft gepersisteerd bij haar vordering tot verlenging van de maatregel met twee jaar.

De raadsman en betrokkene hebben tijdens de behandeling op 6 oktober 2010 aangevoerd dat zij zich zouden kunnen vinden in een verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van één jaar, met daarbij een gelijktijdige aanhouding ten behoeve van voorwaardelijke beëindiging van de terbeschikkingstelling. Betrokkene zou daartoe opgenomen dienen te worden in het Pieter Baan Centrum, teneinde de mogelijkheden van een voorwaardelijke beëindiging te onderzoeken. Uiterst subsidiair is verzocht een nieuwe risicotaxatie uit te laten voeren.

Tijdens de zitting op 6 oktober 2010 is drs. R. Panjer MBA, hoofd afdeling behandeling, als deskundige gehoord. Hij heeft geadviseerd het verlengingsadvies te volgen en de terbeschikkingstelling met twee jaar te verlengen.

Op grond van het verlengingsadvies, de wettelijke aantekeningen, de door de deskundigen opgemaakte rapporten en de door de deskundige tijdens de behandeling gegeven toelichting stelt de rechtbank het volgende vast.

Hoewel er op onderdelen een geringe vooruitgang is geboekt, is er sinds de aanvang van de behandeling van betrokkene nauwelijks sprake geweest van een wezenlijke verandering op het persoonlijkheidsniveau. Om op korte en langere termijn tot echte verandering te komen is het noodzakelijk dat betrokkene het voordeel van gedragsverandering voor zichzelf inziet. Betrokkene laat weliswaar aangepast gedrag zien, maar er is geen doorleefd inzicht in de levensproblematiek. Ook is er geen noemenswaardige verandering waarneembaar ten aanzien van de primaire behoeftebevrediging. Er is geen vertrouwensrelatie opgebouwd tussen de kliniek en betrokkene, hoewel betrokkene dit anders ervaart. De kliniek heeft besloten tot ruiling met een andere kliniek, in de hoop dat daar wel een open en transparante behandelrelatie zal ontstaan.

Binnen het huidige traject zijn de risico's te hanteren, maar uit de gemaakte risicotaxaties blijkt dat het risico op een geweldsdelict bij beëindiging van de maatregel op korte termijn als matig en op de lange termijn als hoog wordt getaxeerd. Gelet op deze risico's heeft er ook nog geen begeleid verlof plaatsgevonden.

Het vorenstaande leidt de rechtbank tot de conclusie dat het recidivegevaar nog onverminderd aanwezig is en dat de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid van personen eist dat de termijn van ter beschikkingstelling, welke maatregel is toegepast ter zake van een misdrijf dat gericht is tegen of gevaar heeft veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen, wordt verlengd.

Ten aanzien van de duur van de verlenging houdt de rechtbank rekening met het feit waarvoor de terbeschikkingstelling destijds is opgelegd en de omstandigheden waaronder dit is gepleegd. Tevens houdt zij rekening met de duur van de behandeling en de omstandigheid dat er in die tijd nauwelijks vooruitgang is geboekt. Om die reden acht zij verlenging van de maatregel met twee jaar gewenst en noodzakelijk.

Het namens betrokkene gedane verzoek om aanhouding voor het doen van onderzoek naar de mogelijkheid van voorwaardelijke beëindiging wordt afgewezen. Gelet op het hiervoor omschreven risicogevaar kan daar nog geen sprake van zijn.

Beslissing

De rechtbank verlengt de termijn van de terbeschikkingstelling van [verdachte] voornoemd voor de tijd van twee jaar.

Deze beslissing is gegeven door mrs. Van Valderen, voorzitter, Heenk en Aufderhaar, rechters, in tegenwoordigheid van Jansen, griffier en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 20 oktober 2010.

Mr. Aufderhaar is buiten staat mede te ondertekenen.