Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2010:BN0980

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
12-07-2010
Datum publicatie
12-07-2010
Zaaknummer
06/460446-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het medeplegen van diefstal en afpersing dan wel medeplichtigheid aan pogingen daartoe. Geweld en bedreiging met geweld werd daarbij niet geschuwd. Het verweer dat sprake is geweest van vrijwillige terugtred wordt verworpen. Verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 4 jaar.

Dit is één van de verdachten in de megazaak ‘Zeepkruid’. In dit proces stonden twaalf verdachten terecht voor hun betrokkenheid bij meerdere gewapende overvallen, inbraken en afpersingen in de Achterhoek, Liemers en Apeldoorn in het najaar van 2009. BN0931, BN0956, BN0905, BN0955, BN0974, BN0984, BN0980, BN0898, BN0944, BN0917, BN0910, BN0913.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Straf

Meervoudige kamer

Parketnummer: 06/460446-09

Uitspraak d.d.: 12 juli 2010

Tegenspraak / dip/oip/oip

VONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte B],

geboren te [plaats, 1983],

wonende te [adres],

thans gedetineerd in het huis van bewaring te Zwolle.

Raadsman: mr. W.H. Teusink, advocaat te Wezep.

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van 19 maart, 29 april, 15 juni en 28 juni 2010.

De tenlastelegging

Nadat de tenlastelegging op de terechtzitting van 29 april 2010 is gewijzigd, is aan verdachte ten laste gelegd dat:

1.

hij (A) op of omstreeks 30 november 2009 en/of (B) op of omstreeks 2 december

2009 te Groessen, gemeente Duiven, en/of in de gemeente Zevenaar en/of elders

in Nederland,

(telkens) ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om

tezamen en in vereniging met (een) ander(en) en/of alleen

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning ( gelegen

aan de [adres 3] te Groessen) weg te nemen geld en/of (een)

goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan (de familie) [slachtoffer E],

althans aan de bewo(o)n(st)er(s) van voornoemde woning , in elk geval aan een

ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) ,

en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen

vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen

die (familie) [slachtoffer E], althans tegen die bewo(o)n(st)er(s) van voornoemde

woning,

te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk

te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht

mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

hij, verdachte, en/of (een of meer van) zijn mededader(s)

met voormeld oogmerk (telkens)

- tape en/of tie rips en/of (een) (bivak)muts(en) en/of een of meer

(geladen)(vuur)wapens, althans (een) daarop gelijkend(e)

voorwerp(en) in een auto heeft/hebben gelegd en/of vervoerd en/of

- een rolverdeling heeft/hebben afgesproken met betrekking tot de wijze waarop

bovengenoemd(e) strafba(a)r(e) feit(en) uitgevoerd zou(den) worden en/of

- heeft/hebben besproken hoe de buit verdeeld zou (kunnen) worden en/of

- met een auto in de richting van/naar de woning (gelegen aan de

[adres 3] te Groessen) is/zijn gereden

en/of aldaar is/zijn uitgestapt en/of naar (de achterzijde van ) die woning

is/zijn gelopen (met medeneming van tape en/of tie-rips en/of

(bivak)muts(en) en/of een of meer vuurwapen(s), althans daarop gelijkend(e)

voorwerp(en)) en/of

- met een auto in de richting van (die woning in) Groessen is/zijn gereden,

terwijl de uitvoering van dat/die voorgenomen misdrijf/misdrijven (telkens)

niet is voltooid;

en/of

hij (A) op of omstreeks 30 november 2009 en/of (B) op of omstreeks 2 december

2009 te Groessen, gemeente Duiven, en/of in de gemeente Zevenaar en/of elders

in Nederland,

(telkens) ter uitvoering van het door hem, verdachte, voorgenomen misdrijf om

tezamen en in vereniging met (een) ander(en) en/of alleen

met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door

geweld en/of bedreiging met geweld die (familie) [slachtoffer E] , althans die

bewo(o)n(st)er(s) van voornoemde woning,

te dwingen tot de afgifte van geld en/of (een) goed(eren), geheel of ten dele

toebehorende aan die (familie) [slachtoffer E] , althans aan die bewo(o)n(st)er(s)

van voornoemde woning, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte

en/of zijn mededader(s),

hij, verdachte, en/of (een of meer van) zijn medader(s)

met voormeld oogmerk (telkens)

- tape en/of tie rips en/of (een) (bivak)muts(en) en/of een of meer

(geladen)(vuur)wapens, althans (een) daarop gelijkend(e)

voorwerp(en) in een auto heeft/hebben gelegd en/of vervoerd en/of

- een rolverdeling heeft/hebben afgesproken met betrekking tot de wijze waarop

bovengenoemd(e) strafba(a)r(e) feit(en) uitgevoerd zou(den) worden en/of

- heeft/hebben besproken hoe de buit verdeeld zou (kunnen) worden en/of

- met een auto in de richting van/naar de woning (gelegen aan de

[adres 3] te Groessen) is/zijn gereden

en/of aldaar is/zijn uitgestapt en/of naar (de achterzijde van ) die woning

is/zijn gelopen (met medeneming van tape en/of tie-rips en/of

(bivak)muts(en) en/of een of meer vuurwapen(s), althans daarop gelijkend(e)

voorwerp(en)) en/of

- met een auto in de richting van (die woning in) Groessen is/zijn gereden,

terwijl de uitvoering van dat/die voorgenomen misdrijf/misdrijven (telkens)

niet is voltooid;

of, indien ten aanzien van het/de feit(en) gerelateerd aan het/de onder A

en/of B genoemde tijdstip(pen) geen veroordeling mocht volgen, geldt ten

aanzien van dat/die onder A en/of B genoemde tijdstip(pen) en daaraan

gerelateerde feit(en) dat:

[medeverdachte A] en/of [medeverdachte D] en/of [medeverdachte C] en/of [medeverdachte J] en/of

[medeverdachte K] en/of [medeverdachte L] en/of [medeverdachte I]

(A) op of omstreeks 30 november 2009 en/of (B) op of omstreeks 2 december 2009

te Groessen, gemeente Duiven, en/of in de gemeente Zevenaar en/of elders in

Nederland,

(telkens) ter uitvoering van het door die

[medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die

[medeverdachte K] en/of die [medeverdachte L] en/of die [medeverdachte I]

voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning ( gelegen

aan de [adres 3] te Groessen) weg te nemen geld en/of (een)

goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan (de familie) [slachtoffer E],

althans aan de bewo(o)n(st)er(s) van voornoemde woning , in elk geval aan een

ander of anderen dan aan die [medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C]

en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en/of die [medeverdachte L] en/of die

[medeverdachte I] en/of verdachte,

en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen

vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen

die (familie) [slachtoffer E], althans tegen die bewo(o)n(st)er(s) van voornoemde

woning,

te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk

te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht

mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

[medeverdachte A] en/of (een of meer van) zijn mededader(s)

met voormeld oogmerk (telkens)

- tape en/of tie rips en/of (een) (bivak)muts(en) en/of een of meer

(geladen)(vuur)wapens, althans (een) daarop gelijkend(e)

voorwerp(en) in een auto heeft/hebben gelegd en/of vervoerd en/of

- een rolverdeling heeft/hebben afgesproken met betrekking tot de wijze waarop

bovengenoemd(e) strafba(a)r(e) feit(en) uitgevoerd zou(den) worden en/of

- heeft/hebben besproken hoe de buit verdeeld zou (kunnen) worden en/of

- met een auto in de richting van/naar de woning (gelegen aan de

[adres 3] te Groessen) is/zijn gereden

en/of aldaar is/zijn uitgestapt en/of naar (de achterzijde van ) die woning

is/zijn gelopen (met medeneming van tape en/of tie-rips en/of

(bivak)muts(en) en/of een of meer vuurwapen(s), althans daarop gelijkend(e)

voorwerp(en)) en/of

- met een auto in de richting van (die woning in) Groessen is/zijn gereden,

terwijl de uitvoering van dat/die voorgenomen misdrijf/misdrijven (telkens)

niet is voltooid,

tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven

hij, verdachte, op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 6

november 2009 tot en met 30 november 2009 en/of in of omstreeks de periode van

30 november 2009 tot en met 2 december 2009 in de gemeente Zevenaar en/of

elders in Nederland

(telkens) opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft

en/of (telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest door (telkens) opzettelijk

- een of meer (vuur)wapen(s) en/of munitie te verschaffen/ter beschikking te

stellen aan die [medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die

[medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en/of

- een of meer auto('s) beschikbaar te stellen aan/te regelen voor die [medeverdachte A]

en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en/of die [medeverdachte L] en/of

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen als verzamelplek

voor die [medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J]

en/of die [medeverdachte K] en/of

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen voor het

bewaren en/of verbergen van (vuur)wapen(s) en/of tie-rips en/of tape en/of

(bivak)muts(en) (die gebruikt werden bij het plegen van genoemd(e)

strafba(a)r(e) feit(en))

en/of

[medeverdachte A] en/of [medeverdachte D] en/of [medeverdachte C] en/of [medeverdachte J] en/of

[medeverdachte K] en/of [medeverdachte L] en/of [medeverdachte I]

(A) op of omstreeks 30 november 2009 en/of (B) op of omstreeks 2 december 2009

te Groessen, gemeente Duiven, en/of in de gemeente Zevenaar en/of elders in

Nederland,

(telkens) ter uitvoering van het door die

[medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die

[medeverdachte K] en/of die [medeverdachte L] en/of die [medeverdachte I]

voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging

met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door

geweld en/of bedreiging met geweld die (familie) [slachtoffer E] , althans die

bewo(o)n(st)er(s) van voornoemde woning,

te dwingen tot de afgifte van geld en/of (een) goed(eren), geheel of ten dele

toebehorende aan die (familie) [slachtoffer E] , althans aan die bewo(o)n(st)er(s)

van voornoemde woning, in elk geval aan een ander of anderen dan aan die

[medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of

die [medeverdachte K] en/of die [medeverdachte L] en/of die [medeverdachte I] en/of verdachte

[medeverdachte A] en/of (een of meer van) zijn mededader(s)

met voormeld oogmerk (telkens)

- tape en/of tie rips en/of (een) (bivak)muts(en) en/of een of meer

(geladen)(vuur)wapens, althans (een) daarop gelijkend(e)

voorwerp(en) in een auto heeft/hebben gelegd en/of vervoerd en/of

- een rolverdeling heeft/hebben afgesproken met betrekking tot de wijze waarop

bovengenoemd(e) strafba(a)r(e) feit(en) uitgevoerd zou(den) worden en/of

- heeft/hebben besproken hoe de buit verdeeld zou (kunnen) worden en/of

- met een auto in de richting van/naar de woning (gelegen aan de

[adres 3] te Groessen) is/zijn gereden

en/of aldaar is/zijn uitgestapt en/of naar (de achterzijde van ) die woning

is/zijn gelopen (met medeneming van tape en/of tie-rips en/of

(bivak)muts(en) en/of een of meer vuurwapen(s), althans daarop gelijkend(e)

voorwerp(en)) en/of

- met een auto in de richting van (die woning in) Groessen is/zijn gereden,

terwijl de uitvoering van dat/die voorgenomen misdrijf/misdrijven (telkens)

niet is voltooid,

tot en/of bij het plegen van welk(e) misdrijf/misdrijven

hij, verdachte, op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 6

november 2009 tot en met 30 november 2009 en/of in of omstreeks de periode

van 30 november 2009 tot en met 2 december 2009, in de gemeente Zevenaar en/of

elders in Nederland

(telkens) opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft

en/of (telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest door (telkens) opzettelijk

- een of meer (vuur)wapen(s) en/of munitie te verschaffen/ter beschikking te

stellen aan die [medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die

[medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en/of

- een of meer auto('s) beschikbaar te stellen aan/te regelen voor die [medeverdachte A]

en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en/of die [medeverdachte L] en/of

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen als verzamelplek

voor die [medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J]

en/of die [medeverdachte K] en/of

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen voor het

bewaren en/of verbergen van (vuur)wapen(s) en/of tie-rips en/of tape en/of

(bivak)muts(en) (die gebruikt werden bij het plegen van genoemd(e)

strafba(a)r(e) feit(en))

en/of, indien ten aanzien van het/de feit(en) gerelateerd aan het/de onder A

en/of B genoemde tijdstip(pen) geen veroordeling mocht volgen, geldt ten

aanzien van dat/die onder A en/of B genoemde tijdstip(pen) en daaraan

gerelateerde feit(en) dat:

hij (op één of meer tijdstip(pen)) in of omstreeks de periode van 6 november

2009 tot en met 30 november 2009 en/of in of omstreeks de periode van 30

november 2009 tot en met 2 december 2009 te Groessen, gemeente Duiven, en/of

in de gemeente Zevenaar en/of elders in Nederland,

tezamen en in vereniging met (een) ander(en) en/of alleen

(telkens) ter voorbereiding van het misdrijf, waarop naar de wettelijke

omschrijving een gevangenisstraf van 8 jaren of meer is gesteld, te weten

diefstal met geweld in vereniging en/of afpersing in vereniging

van geld en/of goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan (de familie)

[slachtoffer E] ,althans aan de bewo(o)n(st)er(s) van een woning (gelegen aan de

[adres 3] te Groessen),

(telkens) opzettelijk

- (een) bivakmuts(en), althans een voor vermomming geschikt(e) voorwerp(en)

en/of

- tape en/of tie rips en/of

- een of meer (geladen) (vuur)wapen(s), althans (een) daarop gelijkend(e)

voorwerp(en) en/of

- een of meer auto('s) en/of

- een woning (gelegen aan de [adres 4] te Zevenaar), dienende als

verzamelplek van verdachte en/of zijn mededader(s) en/of als bewaarplaats

voor een of meer bivakmuts(en) en/of tape en/of tie-rips en/of vuurwapen(s)

en/of munitie ,

zijnde voorwerpen, stoffen, (een) vervoermiddel(en) en/of (een) ruimte(n)

bestemd tot het begaan van dat/die misdrijf/misdrijven, heeft/hebben verworven

en/of voorhanden gehad en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of doorgevoerd

en/of uitgevoerd, en/of

hij, verdachte, en/of (een of meer van) zijn mededader(s)

- inlichtingen heeft/hebben ingewonnen met betrekking tot het te overvallen

object en/of subject (te weten (de familie) [slachtoffer E]/ de bewo(o)n(st)er(s)

van perceel [adres 3] te Groessen) en/of

- zich die woning (gelegen aan de [adres 3] te Groessen) laten

aanwijzen en/of

- een of meer (mondelinge en/of telefonische en/of via MSN en/of via SMS)

gesprek(ken) heeft/hebben gevoerd met betrekking tot het al of niet

deelnemen van bepaalde perso(o)n(en) aan bovengenoemd(e) strafba(a)r(e)

feit(en) en/of het tijdstip en de wijze waarop bovengenoemd(e) strafbare

feit(en) uitgevoerd zou/zouden worden en/of

- met en/of vanuit een of meer auto('s) en/of lopend een of meer observaties

heeft/hebben gedaan en/of uitgevoerd van die woning ( gelegen aan de

[adres 3] te Groessen) en/of een of meer (van die) auto('s)

voor dat doel heeft/hebben geleend en/of gebruikt en/of

- een rolverdeling heeft/hebben afgesproken met betrekking tot de wijze waarop

bovengenoemd(e) strafbare feit(en) uitgevoerd zou/zouden worden en/of

- heeft/hebben besproken hoe de buit verdeeld zou (kunnen) worden en/of

- een of meer (van voornoemde) (vuur)wapen(s)/voorwerp(en) heeft/hebben

geladen met (een) patro(o)n(en)/munitie;

of

[medeverdachte A] en/of [medeverdachte D] en/of [medeverdachte C] en/of [medeverdachte J] en/of

[medeverdachte K] en/of [medeverdachte L] en/of [medeverdachte I]

(op één of meer tijdstip(pen)) in of omstreeks de periode van 6 november 2009

tot en met 30 november 2009 en/of in of omstreeks de periode van 30 november

2009 tot en met 2 december 2009, te Groessen, gemeente Duiven, en/of in de

gemeente Zevenaar en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging

(telkens) ter voorbereiding van het misdrijf, waarop naar de wettelijke

omschrijving een gevangenisstraf van 8 jaren of meer is gesteld, te weten

diefstal met geweld in vereniging en/of afpersing in vereniging

van geld en/of goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan (de familie)

[slachtoffer E] ,althans aan de bewo(o)n(st)er(s) van een woning (gelegen aan de

[adres 3] te Groessen),

(telkens) opzettelijk

- (een) bivakmuts(en), althans een voor vermomming geschikt(e) voorwerp(en)

en/of

- tape en/of tie rips en/of

- een of meer (geladen) (vuur)wapen(s), althans (een) daarop gelijkend(e)

voorwerp(en) en/of

- een of meer auto('s) en/of

- een woning (gelegen aan de [adres 4] te Zevenaar), dienende als

verzamelplek van verdachte en/of zijn mededader(s) en/of als bewaarplaats

voor een of meer bivakmuts(en) en/of tape en/of tie-rips en/of vuurwapen(s)

en/of munitie ,

zijnde voorwerpen, stoffen, (een) vervoermiddel(en) en/of (een) ruimte(n)

bestemd tot het begaan van dat/die misdrijf/misdrijven, heeft/hebben verworven

en/of voorhanden gehad en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of doorgevoerd

en/of uitgevoerd, en/of [medeverdachte A] en/of (een of meer van) zijn mededader(s)

- inlichtingen heeft/hebben ingewonnen met betrekking tot het te overvallen

object en/of subject (te weten (de familie) [slachtoffer E]/ de bewo(o)n(st)er(s)

van perceel [adres 3] te Groessen) en/of

- zich die woning (gelegen aan de [adres 3] te Groessen) laten

aanwijzen en/of

- een of meer (mondelinge en/of telefonische en/of via MSN en/of via SMS)

gesprek(ken) heeft/hebben gevoerd met betrekking tot het al of niet

deelnemen van bepaalde perso(o)n(en) aan bovengenoemd(e) strafba(a)r(e)

feit(en) en/of het tijdstip en de wijze waarop bovengenoemd(e) strafbare

feit(en) uitgevoerd zou/zouden worden en/of

- met en/of vanuit een of meer auto('s) en/of lopend een of meer observaties

heeft/hebben gedaan en/of uitgevoerd van die woning ( gelegen aan de

[adres 3] te Groessen) en/of een of meer (van die) auto('s)

voor dat doel heeft/hebben geleend en/of gebruikt en/of

- een rolverdeling heeft/hebben afgesproken met betrekking tot de wijze waarop

bovengenoemd(e) strafbare feit(en) uitgevoerd zou/zouden worden en/of

- heeft/hebben besproken hoe de buit verdeeld zou (kunnen) worden en/of

- een of meer (van voornoemde) (vuur)wapen(s)/voorwerp(en) heeft/hebben

geladen met (een) patro(o)n(en)/munitie

tot en/of bij het plegen van welk misdrijf

hij, verdachte, op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 6

november 2009 tot en met 30 november 2009 en/of in/of omstreeks de periode

van 30 november 2009 tot en met 2 december 2009, in de gemeente Zevenaar en/of

elders in Nederland (telkens) opzettelijk gelegenheid, middelen en/of

inlichtingen heeft verschaft en/of (telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest

door (telkens) opzettelijk

- een of meer (vuur)wapen(s) en/of munitie te verschaffen/ter beschikking te

stellen aan die [medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die

[medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en/of

- een of meer auto('s) beschikbaar te stellen aan/te regelen voor die [medeverdachte A]

en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en/of die [medeverdachte L] en/of

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen als verzamelplek

voor die [medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J]

en/of die [medeverdachte K] en/of

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen voor het

bewaren en/of verbergen van (vuur)wapen(s) en/of tie-rips en/of tape en/of

(bivak)muts(en) (die gebruikt werden bij het plegen van genoemd(e)

strafba(a)r(e) feit(en))

art 317 Wetboek van Strafrecht

art 312 Wetboek van Strafrecht

art 46 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 48 ahf/sub1 Wetboek van Strafrecht

art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht

art 317 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht

2.

hij in of omstreeks de periode van 30 november 2009 tot en met 2 december 2009

en/of op 03 december 2009

in de gemeente(n) Montferland en/of Zevenaar en/of Duiven en/of elders in

Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en) en/of alleen,

twee/een wapen(s) van categorie III (onder 1), te weten

- een gaspistool (merk Voltran, model Ekol Firat Compact, kaliber 9 mm) en/of

- een gaspistool (merk Röhm, model Vektor CP1, kaliber 9 mm) en/of

munitie van categorie III, te weten

(in totaal) 14 , althans een aantal patronen van het kaliber 9 mm P.A.K.,

zijnde voor deze/dit wapen(s) geschikte munitie, voorhanden heeft/hebben gehad

en/of

munitie van categorie III, te weten

39, althans een aantal patronen (kaliber 9 mm P.A.K) voorhanden heeft/hebben

gehad

De in deze telastelegging gebruikte termen en uitdrukkingen worden, voorzover

daaraan in de Wet wapens en munitie betekenis is gegeven, geacht in dezelfde

betekenis te zijn gebezigd;

art 26 lid 1 Wet wapens en munitie

3.

hij op of omstreeks 06 november 2009 te Didam, gemeente Montferland, tezamen en

in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen

door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer G] heeft gedwongen tot

de afgifte van een portemonnee met inhoud , in elk geval van enig goed, geheel

of ten dele toebehorende aan die [slachtoffer G], in elk geval aan een ander of

anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij,

verdachte, en/of zijn mededader(s)

- (geheel/gedeeltelijk ter bedekking van het gezicht) met een (bivak)muts(en)

op die [slachtoffer G] is/zijn toe gerend/gelopen en/of

- die [slachtoffer G] met kracht in diens rugstreek heeft/hebben geduwd en/of

- tegen die [slachtoffer G] heeft/hebben/ geschreeuwd /(op dreigende toon) de woorden

heeft/hebben toegevoegd : "Portemonnee"en/of "Liggen"en/of "Doe niet zo

dom"en/of

- (een) (vuur)wapen(s), althans (een) daarop gelijkend(e) voorwerp(en) op die

[slachtoffer G] heeft/hebben gericht en/of

- met dat/die (vuur)wapen(s), althans met die/dat/een daarop gelijkend(e)

voorwerp(en) (meermalen) een schot (in de lucht) heeft/hebben gelost;

en/of

hij op of omstreeks 06 november 2009 te Didam, gemeente Montferland, tezamen

en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen een

portemonnee met inhoud, in elk geval enig goed, geheel of ten dele

toebehorende aan [slachtoffer G],

in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn

mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd

van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer G], gepleegd met het

oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om

bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan (een) andere deelnemer(s)

aan voormeld misdrijf de vlucht mogelijk te maken, en/of het bezit van het

gestolene te verzekeren,

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij,

verdachte, en/of zijn mededader(s)

- (geheel/gedeeltelijk ter bedekking van het gezicht) met een (bivak)muts(en)

op die [slachtoffer G] is/zijn toe gerend/gelopen en/of

- die [slachtoffer G] met kracht in diens rugstreek heeft/hebben geduwd en/of

- tegen die [slachtoffer G] heeft/hebben/ geschreeuwd /(op dreigende toon) de woorden

heeft/hebben toegevoegd : "Portemonnee"en/of "Liggen"en/of "Doe niet zo

dom"en/of

- (een) (vuur)wapen(s), althans (een) daarop gelijkend(e) voorwerp(en) op die

[slachtoffer G] heeft/hebben gericht en/of

- met dat/die (vuur)wapen(s), althans met die/dat/een daarop gelijkend(e)

voorwerp(en) (meermalen) een schot (in de lucht) heeft/hebben gelost;

art 317 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht

althans, dat

hij in of omstreeks de periode van 6 november 2009 tot en met 2 december 2009

in de gemeente(n) Zevenaar en/of Montferland, in elk geval in Nederland,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

een portemonnee, onder meer inhoudende een ANWB-pas en/of een Rabobankpas

(op naam van [slachtoffer G])

heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen,

terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het

voorhanden krijgen van die portemonnee (met voornoemde inhoud) wist(en),

althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het een door misdrijf

verkregen goed betrof;

art 417 bis Wetboek van Strafrecht

art 416 lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht

4.

hij op of omstreeks 31 oktober 2009 te Zevenaar tezamen en in vereniging met

een ander of anderen, althans alleen,

met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen

door geweld en/of bedreiging met geweld [slachtoffer F] en/of [slachtoffer H]

heeft gedwongen tot de afgifte van sigaretten en/of een totobriefje en/of

(een) portemonnee(s) met inhoud en/of een hoeveelheid cocaïne,

in elk geval van enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan

die [slachtoffer F] en/of die [slachtoffer H], in elk geval aan een ander of anderen dan

aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij,

verdachte, en/of zijn mededader(s)

- een of meer (vuur)wapen(s), althans (een) daarop gelijkend(e) voorwerp(en),

heeft/hebben gericht op die [slachtoffer F] en/of die [slachtoffer H] en/of

- een (vuur)wapen, althans een daarop gelijkend voorwerp, heeft/hebben gezet

op/tegen de nek van die [slachtoffer F] (terwijl deze op de grond lag) en/of

- die [slachtoffer F] (meermalen) (met kracht) in diens gezicht en/of tegen

diens hoofd en/of elders tegen/op diens lichaam heeft/hebben geschopt en/of

geslagen (terwijl deze op de grond lag) en/of

- een (vuur)wapen, althans een daarop gelijkend voorwerp, heeft/hebben gezet

op/tegen het hoofd van die [slachtoffer H] en/of

deze (vervolgens) met dat/een (vuur)wapen, althans met dat/een daarop

gelijkend voorwerp, heeft/hebben geslagen en/of

- die [slachtoffer H] (meermalen) (met kracht) heeft/hebben geschopt en/of geslagen

en/of

- met dat/een (vuur)wapen, althans met dat/een daarop gelijkend voorwerp een

schot heeft/hebben gelost;

en/of

hij op of omstreeks 31 oktober 2009 te Zevenaar tezamen en in vereniging met

een ander of anderen, althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft/hebben weggenomen

sigaretten en/of een totobriefje en/of (een) portemonnee(s) met inhoud en/of

een hoeveelheid cocaïne,

in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan

die [slachtoffer F] en/of die [slachtoffer H], in elk geval aan een ander of anderen dan

aan verdachte en/of zijn mededader(s),

welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld

en/of bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer F] en/of die [slachtoffer H],

gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk

te maken en/of bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht

mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij,

verdachte, en/of zijn mededader(s)

- een of meer (vuur)wapen(s), althans (een) daarop gelijkend(e) voorwerp(en),

heeft/hebben gericht op die [slachtoffer F] en/of die [slachtoffer H] en/of

- een (vuur)wapen, althans een daarop gelijkend voorwerp, heeft/hebben gezet

op/tegen de nek van die [slachtoffer F] (terwijl deze op de grond lag) en/of

- die [slachtoffer F] (meermalen) (met kracht) in diens gezicht en/of tegen

diens hoofd en/of elders tegen/op diens lichaam heeft/hebben geschopt en/of

geslagen (terwijl deze op de grond lag) en/of

- een (vuur)wapen, althans een daarop gelijkend voorwerp, heeft/hebben gezet

op/tegen het hoofd van die [slachtoffer H] en/of

deze (vervolgens) met dat/een (vuur)wapen, althans met dat/een daarop

gelijkend voorwerp, heeft/hebben geslagen en/of

- die [slachtoffer H] (meermalen) (met kracht) heeft/hebben geschopt en/of geslagen

en/of

- met dat/een (vuur)wapen, althans met dat/een daarop gelijkend voorwerp een

schot heeft/hebben gelost;

en/of, indien ten aanzien van het hiervoor omschreven strafbare feit jegens

[slachtoffer H] geen veroordeling mocht volgen, geldt voorts ten aanzien van het aan

[slachtoffer H] gerelateerde feit dat:

hij op of omstreeks 31 oktober 2009 te Zevenaar ,

ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in

vereniging met (een) ander(en), althans alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen geld en/of

cocaïne en/of een of meer ander(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende

aan [slachtoffer H],

in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn

mededader(s),

en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen

vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen

die [slachtoffer H] te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of

gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij

de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren,

hij, verdachte, en/of (een of meer van) zijn mededader(s)

met voormeld oogmerk

- een of meer (vuur)wapen(s), althans (een) daarop gelijkend(e) voorwerp(en),

heeft/hebben gericht op die [slachtoffer H] en/of

- een (vuur)wapen, althans een daarop gelijkend voorwerp, heeft/hebben gezet

op/tegen het hoofd van die [slachtoffer H] en/of deze (vervolgens) met dat

(vuur)wapen, althans met een daarop gelijkend voorwerp heeft/hebben geslagen

en/of

- die [slachtoffer H] (meermalen) (met kracht) heeft/hebben geschopt en/of geslagen en/of

- met dat/een (vuur)wapen, althans met een daarop gelijkend voorwerp een

schot heeft/hebben gelost,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

en/of

hij op of omstreeks 31 oktober 2009 te Zevenaar ,

ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in

vereniging met (een) ander(en), althans alleen,

met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door

geweld en/of bedreiging met geweld

[slachtoffer H] te dwingen tot de afgifte van geld en/of cocaïne en/of een of meer

andere goederen, geheel of ten dele toebehorende aan die [slachtoffer H], in elk geval

aan een ander of anderen dan aan hem, verdachte, en/of zijn mededader(s),

hij, verdachte, en/of (een of meer van) zijn mededader(s)

met voormeld oogmerk

- een of meer (vuur)wapen(s), althans (een) daarop gelijkend(e) voorwerp(en),

heeft/hebben gericht op die [slachtoffer H] en/of

- een (vuur)wapen, althans een daarop gelijkend voorwerp, heeft/hebben gezet

op/tegen het hoofd van die [slachtoffer H] en/of deze (vervolgens) met dat

(vuur)wapen, althans met een daarop gelijkend voorwerp heeft/hebben geslagen

en/of

- die [slachtoffer H] (meermalen) (met kracht) heeft/hebben geschopt en/of geslagen en/of

- met dat/een (vuur)wapen, althans met een daarop gelijkend voorwerp een

schot heeft/hebben gelost,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 317 lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 312 lid 2 ahf/sub 2 Wetboek van Strafrecht

althans, dat

hij in of omstreeks de periode van 31 oktober 2009 tot en met 2 december 2009

in de gemeente(n) Zevenaar en/of Montferland, in elk geval in Nederland,

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,

een portemonnee, onder meer inhoudende een rijbewijs en/of een ING-bankpas

(op naam van [slachtoffer F])

heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen,

terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het

voorhanden krijgen van die portemonnee (met voornoemde inhoud) wist(en),

althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het een door misdrijf

verkregen goed betrof;

art 417 bis Wetboek van Strafrecht

art 416 lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

5.

hij in of omstreeks de periode van 18 oktober 2009 tot en met 19 oktober 2009

te Duiven

ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in

vereniging met een ander of anderen, en/of alleen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning ( gelegen

aan de [adres 1]) weg te nemen weed en/of geld en/of een of meer andere

goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer A], in elk geval aan

een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s) en zich daarbij

de toegang tot die woning te verschaffen en/of die/dat weg te nemen geld en/of

goed(eren) onder zijn/hun bereik te brengen door middel van braak en/of

verbreking,

hij, verdachte, en/of (een of meer van) zijn mededader(s)

met voormeld oogmerk

een voordeur en/of een schuttingdeur (ter hoogte van de deurgreep)

heeft/hebben geforceerd/beschadigd,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

art 310 Wetboek van Strafrecht

art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht

art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht

Taal- en/of schrijffouten

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Overwegingen ten aanzien van het bewijs1

1. Aanleiding van het onderzoek

Op 22 september 2009 is gepoogd een overval te plegen op de woning aan de [adres 1] in Duiven. Uit getuigenverklaringen kwam naar voren dat nabij de woning aan de [adres 1] in Duiven een auto met het kenteken [kenteken 1] was gesignaleerd2.

Twee dagen later, op 24 september 2009, werd aangifte gedaan van een gewelddadige overval op de woning aan de [adres 2] in Apeldoorn. Opvallend daarbij was dat uit getuigenverklaringen en meldkamergesprekken naar voren kwam dat ook bij dat voorval een auto was gesignaleerd met het kenteken [kenteken 1]3.

Omdat er ook gewapende overvallen hadden plaatsgevonden in Twello en Rekken werd op 5 oktober 2009 een opsporingsonderzoek gestart onder de naam Zeepkruid.

De Rijksdienst voor het Wegverkeer gaf als informatie dat de meergemelde auto op naam had gestaan van [medeverdachte A], maar dat die auto inmiddels op naam was gezet van [moeder medeverdachte A], zijnde de moeder van [medeverdachte A]4.

Vanaf 9 oktober 2009 heeft de officier van justitie die leiding gaf aan het Zeepkruid-onderzoek bevolen dat een reeks van telefoonnummers werd afgeluisterd.

Mede uit de inhoud van die afgeluisterde gesprekken kwam naar voren dat [medeverdachte A] vanaf 5 november 2009 als verdachte van zowel de poging tot overval in Duiven als de overval in Apeldoorn kon worden aangemerkt.

Op 1 december 2009 meldde zich bij de politie mevrouw [getuige A], die vertelde5 dat zij, verblijvend in haar (boven-)woning aan de [adres 5] in Zevenaar een gesprek had opgevangen van vier of vijf mannen die spraken over een oprit, een sensor en een M16. [getuige A] hoorde dat de jongens afspraken de volgende dag, dus 1 december 2009, om 18.00 uur weer bij elkaar te komen. Ze had het gevoel dat de jongeren iets van plan waren. Toen enkele van die mannen in een auto waren weggereden hoorde [getuige A] dat haar benedenbuurvrouw [medeverdachte I] met een man sprak.

De politie had inmiddels in diverse telefoongesprekken de naam van [medeverdachte I] ([medeverdachte I]) horen noemen en uit die taps kwam het vermoeden naar voren dat de woning van [medeverdachte I], [adres 4] in Zevenaar, als safehouse werd gebruikt.

Uit de mededelingen van [getuige A] en de verdere onderzoeksgegevens (telefoontaps, zendmastgegevens, maar ook onder meer observaties) kreeg de politie het vermoeden dat [medeverdachte A] met anderen bezig was een overval voor te bereiden. Besloten werd dat die overval moest worden voorkomen en daarom werd vanaf de namiddag van 1 december 2009 extra personeel, waaronder een observatieteam ingezet en werden er met spoed meer telefoons afgeluisterd. Duidelijk werd dat [medeverdachte A] zeer regelmatig en zeer intensief contact had met [verdachte B] (verdachte). Daarenboven kwamen als namen van mogelijke medeverdachten onder meer naar voren die van [medeverdachte D] en [medeverdachte C].

Op 2 december 2009 werd door een observatieteam geconstateerd6 dat een groep mannen in een Peugeot met het kenteken [kenteken 2] vertrok vanaf de [adres 4] in Zevenaar in de richting van Groessen. Gezien werd dat die auto enkele keren door Groessen reed. Nabij de afslag naar Groessen stond in de richting van Groessen een auto met pech, waarbij een opvallende politieauto stond7. De voormelde Peugeot reed rechtdoor. Op basis van de verkregen gegevens werd besloten het eerder die dag door de officier van justitie gegeven aanhoudingsbevel uit te voeren. De auto werd aangehouden en op verdenking van voorbereiding van een ernstig misdrijf werden aangehouden8 de verdachten [medeverdachte A], [medeverdachte D], [medeverdachte C] en [medeverdachte J].

In de auto werden goederen aangetroffen zoals (vermoedelijke) gasalarmpistolen, een knalpatroon, bivakmutsen, tie-rips en tape9.

Omdat aanwijzingen bestonden dat [verdachte B] (verdachte) zich zou bevinden in het perceel [adres 4] in Zevenaar werd daar door de politie op diezelfde avond binnengetreden. [medeverdachte I] bleek daar aanwezig en even later vervoegde [verdachte B] (verdachte) zich daar ook. Ook zij beiden werden aangehouden. Tijdens een doorzoeking in die woning werden knalpatronen en portemonnees (van ene [slachtoffer F] en van ene [slachtoffer G]) aangetroffen.

2. Standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie heeft met betrekking tot feit 1 gerekwireerd tot bewezenverklaring van het medeplegen van een poging tot diefstal met geweld en/of afpersing op 30 november 2009 en op 2 december 2009. Volgens haar was er geen sprake van vrijwillige terugtred. Bij feit 2 acht zij bewezen het medeplegen van het voorhanden hebben van twee gaspistolen met 14 patronen en het voorhanden hebben van 39 patronen. Wat betreft feit 3 acht de officier van justitie het medeplegen van afpersing bewezen, bij feit 4 diefstal met geweld in vereniging en bij feit 5 poging tot diefstal in vereniging met braak.

3. Standpunt van de verdachte / de verdediging

Ten aanzien van het eerste feit heeft de raadsman vrijspraak bepleit. Hij heeft betoogd dat wat betreft 30 november 2009 een poging niet bewezen kan worden verklaard. Het enkel van een afstand langs een woning lopen en naar binnen kijken kan volgens hem bezwaar worden opgevat als een begin van uitvoering. Bovendien zijn de ten laste gelegde feitelijkheden enkel gericht op het ten laste leggen van voorbereidingshandelingen. Verder blijkt uit de verklaringen van de medeverdachten dat ze geen overval wilden plegen. Er is sprake van vrijwillige terugtred. Ook ten aanzien van 2 december 2009 is er geen sprake van een poging.

De raadsman heeft verder betoogd dat de taps op toestel 06-[nummer] onrechtmatig zijn geweest, nu in het proces-verbaal op pagina 2818 wordt erkend dat ten tijde van de verlofaanvraag nog niet bekend was of dit een toestel was dat mogelijk door een van de verdachten werd gebruikt. Ook de door middel van die taps verzamelde gespreks- en andere informatie moet daarom als onrechtmatig verkregen worden geacht en moet worden uitgesloten van het bewijs. De raadsman heeft verder betoogd dat zijn cliënt geen plannenmaker was en dat hij niet anderszins betrokken is geweest bij plannen om in Groessen iets te ondernemen. In dit verband heeft hij opgemerkt dat alleen medeverdachte [medeverdachte D] een actieve rol aan zijn cliënt heeft toegedicht. Volgens de raadsman is er in het proces-verbaal ook geen bewijs voor de stelling dat zijn cliënt wapens of munitie had of dat hij wapens of munitie zou hebben gepakt of schoongemaakt. Dat een onvolledig DNA-spoor op een patroonhouder van een van beide alarmpistolen is aangetroffen bewijst dit niet. Daarbij komt dat onduidelijk is of de wetenschappelijke bewijswaarde van deze vondst voldoende is om met stelligheid te zeggen dat dit DNA-materiaal met zekerheid van zijn cliënt afkomstig is. Zijn cliënt heeft de wapens van medeverdachte [medeverdachte A] wel eens vastgehouden. Zijn cliënt heeft zich verder afzijdig gehouden van de roofacties van medeverdachte [medeverdachte A].

De raadsman heeft ten aanzien van feit 2 eveneens vrijspraak bepleit. Hij heeft in dit verband aangevoerd dat onder zijn cliënt geen wapens zijn aangetroffen. Evenmin was hij houder/bezitter van de munitie in de pistolen alsmede de aangetroffen munitie in het huis van medeverdachte [medeverdachte I].

Ten aanzien van de feiten 3 en 4 heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

De raadsman heeft met betrekking tot feit 5 vrijspraak bepleit, nu de naam van zijn cliënt anders dan uit de verklaring van [medeverdachte A] niet gelinkt kan worden aan de poging tot inbraak bij Bax.

4. Beoordeling door de rechtbank

Feit 1

30 november 2009

4.1 De rechtbank zal eerst ingaan op hetgeen aan verdachte is ten laste gelegd ten aanzien van 30 november 2009.

4.2 De rechtbank overweegt dat uit de verklaringen van verdachte en zijn medeverdachten naar voren komt dat het voornemen bestond om de woning aan de [adres 3] te Groessen te overvallen. Vooraf is besproken op welke wijze de overval zou plaatsvinden en welke taak ieder had bij de uitvoering van het plan. Ook is gesproken over de verdeling van de buit.

Woning te Groessen

Zo heeft medeverdachte [medeverdachte A] verklaard10 dat de woning was gelegen over het spoorviaduct aan de weg van Zevenaar naar Groessen. Op de gevel stond [naam huis]. Medeverdachte [medeverdachte J] heeft in dit verband verklaard11 dat hij zag dat op de voorgevel van de woning de naam [naam huis] stond. Ook zag hij het straatnaambord [adres 3]. [medeverdachte J] is verzocht het huis aan te wijzen welke zij voornemens waren te overvallen12. Hij heeft een huis aangewezen gelegen aan de [adres 3] te Groessen. Uit een bij het proces-verbaal gevoegde foto blijkt dat op dit huis [naam huis] staat.

Voornemen tot de overval

Medeverdachte [medeverdachte J] heeft verklaard13 dat [medeverdachte K] hem had gevraagd maandag 30 november 2009 mee te gaan naar Zevenaar. Dit wordt bevestigd door medeverdachte [medeverdachte K] die heeft verklaard14 dat hij op maandagavond had afgesproken met [medeverdachte J] om naar Zevenaar te gaan. Volgens [medeverdachte K] zijn ze in Zevenaar een huis binnen gegaan. [medeverdachte C] vertelde wat voor werk hij voor hen had. Ze zouden een woning binnen gaan, de mensen vastbinden en een kluis leegroven. Er is ook besproken dat hij, [medeverdachte K], zou aanbellen bij de woning15 en dat hij en [medeverdachte J] de kluis moesten gaan zoeken. Hij kreeg een zwart metalen wapen, dat niet meer werkte16. [medeverdachte C] en [medeverdachte D] hadden ook een wapen17, [medeverdachte J] kreeg tie-rips van ongeveer 30 cm lang18. Ze zouden met z'n vieren het huis binnengaan. [medeverdachte A] zou bij de auto wachten, aldus [medeverdachte K].

Met betrekking tot de verdeling van de buit heeft [medeverdachte K] verklaard19 dat de vier personen die naar het huis zouden gaan evenveel zouden krijgen. [medeverdachte A] zou ook een deel van de buit krijgen. Ook [medeverdachte A] heeft verklaard over de verdeling van de buit. Hij heeft verklaard20 dat de tipgever 10% van de buit zou krijgen. Dit wordt bevestigd door de verklaring van [medeverdachte D] die eveneens heeft verklaard21 dat [medeverdachte A] met de tipgever heeft besproken dat hij 10% van de buit zou krijgen.

Begin van uitvoering

[medeverdachte D] heeft verklaard22 dat ze op 30 november 2009 met z'n vijven zijn gaan rijden in de auto. [medeverdachte K]23 heeft verklaard dat ze twee of drie keer langs het huis zijn gereden en dat ze vervolgens een eind bij de woning vandaan hebben geparkeerd. Voor ze de auto verlieten hebben ze afgesproken24 dat [medeverdachte C] de slachtoffers zou vastbinden. Hij, [medeverdachte K], en [medeverdachte J] zouden op zoek gaan naar de kluis en het geld. Hij is met [medeverdachte D], [medeverdachte C] en [medeverdachte J] in de richting van het huis gelopen25. Ze zijn via de achterzijde naar de woning gegaan. Op de vraag van verbalisanten of ze wapens en bivakmutsen bij zich hadden, heeft [medeverdachte D] bevestigend geantwoord26. Hij, [medeverdachte D], en [medeverdachte C] hadden een pistool bij zich, [medeverdachte J] had tie-rips en plakband en [medeverdachte K] had een (kapot) pistool27.

[medeverdachte J] heeft verklaard28 dat ze vlakbij de woning die ze zouden gaan overvallen parkeerden. In de auto had hij een rol tape gekregen van [medeverdachte C]. [medeverdachte A] zou in de auto blijven. [medeverdachte K] zou aanbellen. [medeverdachte D] en [medeverdachte K] zouden als eerste naar binnen gaan om de mensen onder schot te houden en te laten liggen. Hij, [medeverdachte J], moest de man vastbinden en diens mond tapen. [medeverdachte C] zou hem daarbij helpen. [medeverdachte D] zou naar geld zoeken.

4.3 De rechtbank acht het medeplegen van een poging tot diefstal met geweld en/of afpersing op 30 november 2009 gelet op de genoemde bewijsmiddelen bewezen. De rechtbank overweegt in dit verband dat de medeverdachten op 30 november 2009 zijn begonnen met de uitvoering van hun voornemen om de woning in Groessen te overvallen. Zij zijn daartoe naar Groessen gereden, hebben de woning kennelijk geobserveerd door daar meermalen langs te rijden en zijn vervolgens in de buurt van de woning gestopt. Vier personen zijn uit de auto gestapt en voorzien van tape, tie-rips, bivakmutsen en wapens of daarop lijkende voorwerpen in de richting van de woning gelopen. Met de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat dit moet worden gezien als begin van uitvoering van het voornemen.

4.4 Verweer vrijwillige terugtred

De raadsman heeft betoogd dat er geen strafbaar feit is gepleegd omdat er sprake was van vrijwillige terugtred.

Van vrijwillige terugtred is sprake als het misdrijf niet is voltooid tengevolge van omstandigheden van de wil van de dader afhankelijk.

De rechtbank verwerpt het verweer en overweegt dat de medeverdachten hebben verklaard dat, toen zij iemand voor het raam zagen, zij hebben besloten niet verder te gaan en terug te keren naar de auto. Volgens de rechtbank kan dit niet als vrijwillige terugtred worden aangemerkt, te minder nu uit de verklaring van [medeverdachte K] naar voren komt dat bij terugkomst in Zevenaar werd gezegd dat ze de volgende dag de woning wel konden overvallen29. Ook uit de verklaring van [medeverdachte J] komt naar voren dat geen afstand is genomen van het plan tot de overval. Hij heeft met [medeverdachte K], die huisarrest had, afgesproken dat hij in diens plaats mee zou doen30. Er is derhalve veeleer sprake van het uitstellen van de overval tot een later tijdstip.

Geen medeplegen

4.5 De rechtbank is van oordeel dat niet overtuigend bewezen is dat verdachte kan worden aangemerkt als medepleger. Niet gebleken is van een bewuste en nauwe samenwerking gericht op het plegen van de ten laste gelegde poging tot diefstal met geweld en/of afpersing. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

Medeplichtigheid

4.6 Naar het oordeel van de rechtbank heeft verdachte zich echter wel schuldig gemaakt aan medeplichtigheid aan de poging tot diefstal met geweld en/of afpersing. De rechtbank overweegt in dit verband dat verdachte ter terechtzitting heeft verklaard dat hij op 30 november 2009 was gevraagd aanwezig te zijn in de woning van [medeverdachte I] en dat hij wist wat de jongens gingen doen. Verdachte heeft tegenover de politie verklaard31 dat [medeverdachte A] op 30 november 2009 tussen 19.30 en 20.00 uur naar de woning van [medeverdachte I] kwam. Tussen 20.00 en 20.30 uur kwamen de mannen van de foto 2 ([bijna medeverdachte D], opmerking rechtbank: zo wordt medeverdachte [medeverdachte D] veelal aangesproken) en 3 ([bijnaam medeverdachte C], opmerking rechtbank: zo wordt medeverdachte [medeverdachte C] ook wel aangesproken) binnen. [medeverdachte A], [medeverdachte D] en [medeverdachte C] hadden het op een gegeven moment over het weghalen van geld in Groessen. Hij, verdachte, hoorde [medeverdachte A] zeggen dat er in een woning in Groessen veel geld te halen was. Er zouden stapels bankbiljetten van 500 euro liggen. Het zou bij oudere mensen zijn. Er werd besproken dat er cash geld zou zijn en dat er een kluis zou zijn. Hij zag dat [medeverdachte A] een vuurwapen op tafel legde. [medeverdachte D] haalde een vuurwapen uit een tasje en legde dit ook op tafel en ook [medeverdachte C] legde een vuurwapen op tafel. Hij, [verdachte B], heeft alle drie wapens in zijn handen gehad en bekeken.

[medeverdachte D] heeft over de rol van verdachte verklaard32 dat [verdachte B] de persoon was die het safehouse ter beschikking stelde en die zorgde dat er wapens en patronen waren. Hij heeft dit gehoord van [medeverdachte A].

[medeverdachte D] heeft ook verklaard33 dat in het safehouse een man was met een ringbaardje. Hij dacht dat het een van de bazen was en dat zijn huis als safehouse werd gebruikt. Toen hij een keer in het safehouse was, zag hij pistolen op tafel liggen. Dit waren de pistolen die later bij de aanhouding zijn gevonden. Hij zag dat de man op een gegeven moment naar achteren liep en de deur achter zich dicht deed. Hij kwam terug met een zakje met patronen. Hij, [medeverdachte D], zag dat de man de patronen uit het zakje haalde, deze oppoetste zodat er geen vingerafdrukken meer opstonden en dat de man de patronen in het magazijn van beide pistolen deed. Het waren knalpatronen want hij, [medeverdachte D], zag een plastic dopje op de voorkant. De wapens werden doorgeladen om te kijken of ze het deden. Daarna ontlaadde de man de wapens weer.

[medeverdachte A] heeft verklaard34 dat de verklaring van [medeverdachte D] over het poetsen van de patronen door verdachte [verdachte B] klopt. Hij heeft het zelf gezien, omdat hij erbij was. Dit gebeurde op 30 november 2009. Volgens [medeverdachte A] was het zilveren wapen van [verdachte B] en het zwarte wapen van hem, [medeverdachte A].

Verdachte heeft ter terechtzitting over het zilveren pistool verklaard dat dit van [medeverdachte A] was, maar dat hij het van [medeverdachte A] had geleend.

2 december 2009

4.7 De rechtbank overweegt ten aanzien van 2 december 2009 dat vier medeverdachten op 2 december 2009 zijn aangehouden terwijl zij in de auto reden. De medeverdachten hielden zich (nog) niet op in de buurt van de te overvallen woning en zaten allemaal in de auto. Gelet op het arrest van de Hoge Raad van 8 september 1987, NJ 1988, 612, is er naar het oordeel van de rechtbank nog geen sprake geweest van een begin van uitvoering. Verdachte dient daarom te worden vrijgesproken van het medeplegen van een poging tot diefstal met geweld en/of afpersing op 2 december 2009 dan wel medeplichtigheid daaraan.

4.8 De officier van justitie heeft, voor zover het medeplegen van een poging tot diefstal met geweld en/of afpersing op 30 november 2009 en/of op 2 december 2009 niet tot een bewezenverklaring mocht leiden, de voorbereidingshandelingen ten aanzien van die feiten dan wel medeplichtigheid hieraan eveneens ten laste gelegd. Nu de rechtbank het medeplegen van een poging tot diefstal met geweld en/of afpersing op 30 november 2009 bewezen acht, zal zij zich beperken tot een beoordeling van de ten laste gelegde voorbereidingshandelingen dan wel medeplichtigheid daaraan voor zover deze betrekking hebben op de voorgenomen overval op 2 december 2009.

4.9 De rechtbank overweegt dat uit de verklaringen van de medeverdachten naar voren komt dat zij een tip hebben gekregen, waarna zij het voornemen hebben opgevat om de woning aan de [adres 3] te Groessen te overvallen.

Tip

Uit het proces-verbaal komt naar voren dat medeverdachte [medeverdachte L] een tip heeft gegeven betreffende de aanwezigheid van geld in een woning te Groessen. [medeverdachte L] heeft verklaard35 dat hij twee à drie maanden geleden als glazenwasser heeft gewerkt bij een woning in Groessen. Op foto's die verbalisanten hem hebben getoond, heeft hij het huis aan de [adres 3] te Groessen herkend. Toen hij, zijn baas en diens zoon klaar waren met de werkzaamheden, moest de vrouw van het huis € 150,- betalen. Ze betaalde met een briefje van € 200,- en ze zei dat ze nooit geld op de bank zette omdat er dan de kans was dat ze alles kwijt kon raken als gevolg van de crisis. Hij, [medeverdachte L], kreeg toen het idee dat ze veel geld in huis had. Een maand later vroeg [medeverdachte D] hem of hij wist of er ergens wat te verdienen was. Hij was op zoek naar een tip. Twee dagen later belde [medeverdachte D] op zijn telefoon en vroeg of hij buiten wilde komen. Buiten zag hij een rode Volkswagen waarin twee jongens zaten. Hij, [medeverdachte L], is in de auto gestapt en ze zijn gaan rijden. Hij heeft uitgelegd waar de woning was. De vrijdag daarna is hij weer gebeld door [medeverdachte D] en is hij met [medeverdachte D] en een man die hij op een hem getoonde foto heeft herkend meegereden naar het huis. Hij heeft de woning aangewezen. Hem is 10% van de opbrengst beloofd. Ook is gesproken over 30% en over een paar honderd euro. De eerste keer dat hij met [medeverdachte D] over de woning heeft gesproken was rond 5 of 10 november 2009.

[medeverdachte A] heeft verklaard36 dat de tip dat er stapels met bankbiljetten in een woning zouden liggen kwam van een maatje van [medeverdachte D], die daar als glazenwasser had gewerkt. Toen er met die glazenwasser moest worden afgerekend kwam er een vrouw aan de deur die een stapel bankbiljetten in haar hand had. De jongen had ook biljetten van 500 euro gezien. De beloning voor de tipgever zou afhangen van het bedrag dat daar zou worden gevonden, afgesproken was 10% van de buit. Besproken werd wat er te halen viel en of hij geïnteresseerd was om mee te doen. Hij, [medeverdachte A], heeft de glazenwasser twee keer gezien. De tweede keer heeft de glazenwasser de woning voor de overval aangewezen. Dat was mogelijk op 27 november 2009. De woning was gelegen direct over het spoorviaduct aan de weg van Zevenaar naar Groessen. Op de gevel stond volgens hem [naam huis].

Medeverdachte [medeverdachte J] heeft met betrekking tot de woning verklaard37 dat hij zag dat op de voorgevel van de woning de naam [naam huis] stond. Ook zag hij het straatnaambord [adres 3]. [medeverdachte J] is verzocht het huis aan te wijzen welke zij voornemens waren te overvallen38. Hij heeft een huis aangewezen gelegen aan de [adres 3] te Groessen. Uit een bij het proces-verbaal gevoegde foto blijkt dat op dit huis [naam huis] staat.

Gesprekken via de telefoon en sms-berichten

Uit diverse getapte gesprekken komt het beeld naar voren dat over de telefoon is gesproken over het voornemen de woning in Groessen te overvallen. Zo is [medeverdachte A] op 1 december 2009 om 18.07 uur gebeld39 door [medeverdachte C]. [medeverdachte A] zegt in dat gesprek dat iedereen om acht uur, half negen paraat is.

Om 19.39 uur is [medeverdachte A] gebeld40 door het nummer 06-[nummer]. Dit telefoonnummer hoort bij de telefoon die in de Peugeot van [medeverdachte J] is gevonden en waarover [medeverdachte J] heeft verklaard dat het toestel van hem is41.

[medeverdachte A] zegt: "...als je nu weinig tijd hebt, is fucked up. Kijk als je morgen eerder kan, dan wordt de afgesproken tijd van vandaag eigenlijk rond etenstijd..."

De beller ([medeverdachte J]) zegt: "ja ja heb je gelijk in".

[medeverdachte A] zegt: "dat is gemakkelijk voor ons en voor jou ook. Dat is boem boem en wegwezen".

De beller ([medeverdachte J]) zegt: "ja ok, dat is wel fijne tijd. Dan kan ik ook komen, tenzij ze morgen weer bellen voor werk...".

[medeverdachte A] zegt: dus spreken we nu af voor 100% morgen".

De beller ([medeverdachte J]) zegt: "ja ja, ik moet wel dan he".

[medeverdachte A] zegt: "ja? Dan doen we het morgen".

De beller ([medeverdachte J]) zegt: "als me moeder niet tegen ligt, dan moet alles goed komen. Ik denk het niet. Zo rond etenstijd, dat is normale tijd".

[medeverdachte A] zegt: "doe maar zes uur, half zeven. Als je gewoon mij om zes uur belt en dan naar Zevenaar komt is goed".

De beller ([medeverdachte J]) zegt: "ok man, zien we elkaar morgen".

Om 19.42 uur heeft [medeverdachte A] gebeld naar [medeverdachte C].

[medeverdachte A] zegt: "Luister... die boy die kan niet vandaag weet je hij moet snel...snel anders hij is fucked up...".

[medeverdachte C] zegt: "...je moet niet overhaasten...dus hoe gaan we het doen".

[medeverdachte A] zegt: "ik heb gezegd... morgen... de tijd van vandaag". ... "so wie so dat ding wat we gisteren wilden doen is echt goed serieus... je weet toch".

Om 20.33 uur wordt [medeverdachte A] gebeld42 door het nummer 06-[nummer]. Dit telefoonnummer staat op naam van N. [medeverdachte D], moeder van medeverdachte [medeverdachte D]. [medeverdachte A] zegt tegen de beller dat hij morgen om 6 uur paraat moet zijn bij de super.

Op 2 december 2009 heeft [medeverdachte A] om 14.58 uur een sms ontvangen43 met de tekst: "... kan ut vanavond? Dan komen we rond 10 oke?"

Om 18.07 uur heeft [medeverdachte A] een sms ontvangen44 met de tekst: "Oi gaan we vandaag? Dan kan k die andere laten weten...".

Om 18.30 uur is [medeverdachte A] gebeld45 door het nummer 06-[nummer]. Dit telefoonnummer hoort bij de telefoon die in de Peugeot van [medeverdachte J] is gevonden en waarover [medeverdachte J] heeft verklaard dat het toestel van hem is46. De beller zegt dat hij bij station Zevenaar is. [medeverdachte A] zegt dat hij naar Super de Boer moet rijden.

Om 18.30 uur is [medeverdachte A] gebeld47 door het nummer 06-[nummer]. De beller zegt dat [medeverdachte A] [bijna medeverdachte D] (opmerking rechtbank: zo wordt medeverdachte [medeverdachte D] veelal aangesproken) thuis moet ophalen.

MSN-gesprekken

Ook op MSN is gesproken over de overval van de woning in Groessen. Bij medeverdachte [medeverdachte D] is een gesprek48 aangetroffen van 1 december 2009, 11.43 uur, waarin hij tegen [medeverdachte A] zegt: "tonight is on kanniet anders". [medeverdachte A] antwoordt daarop: "zowiezo". Op dezelfde dag voert [medeverdachte D] om 20.30 uur een MSN-gesprek49 met medeverdachte [medeverdachte C] (emailadres [e-mailadres]50), waaruit blijkt dat de 'torrie' niet doorgaat. Op 2 december 2009, 19.16 uur voert [medeverdachte D] een MSN-gesprek51 met medeverdachte [medeverdachte L] (emailadres [e-mailadres]52). [medeverdachte D] zegt in dat gesprek dat hij moet wachten tot 10 uur. [medeverdachte L] informeert wanneer ze gaan en constateert dat ze dat niet via dinges kunnen zeggen, waarop [medeverdachte D] zegt: "stel dat iets gebeurt tog".

Verklaringen van verdachte en de medeverdachten

Uit de verklaringen van verdachte en de medeverdachten komt naar voren dat het de bedoeling was dat de overval van de woning te Groessen op 2 december 2009 zou plaatsvinden en dat daarvoor voorbereidingen werden getroffen.

Verdachte heeft in dit verband verklaard53 dat hij van [medeverdachte A] heeft gehoord dat de overval in Groessen niet is doorgegaan en dat ze het opnieuw zouden proberen op 1 december 2009. Toen dat ook niet doorging, werd een afspraak gemaakt voor 2 december 2009. De jongens zouden zich verzamelen in de woning van [medeverdachte I]. Ze noemden dat huis "safehouse". [medeverdachte A] heeft hem, [verdachte B], gevraagd of hij 2 december 2009 's avonds in die woning aanwezig kon zijn, zodat de jongens zich daar konden verzamelen ter voorbereiding op de overval in Groessen. Verdachte heeft ook verklaard54 dat hij op 2 december 2009 naar de woning van [medeverdachte I] is gegaan. Het eerste stuk heeft hij gelopen. Vervolgens is hij meegereden met een auto waarin een kameraad van hem zat. De bestuurder van de auto kende hij niet. Bij de woning van [medeverdachte I] zijn ze alledrie uitgestapt. Dit wordt bevestigd door de verklaring van [medeverdachte J]. [medeverdachte J] heeft verklaard55 dat hij op 2 december 2009 naar Zevenaar is gereden en dat hij [medeverdachte A] heeft opgepikt bij Super de Boer. Een onbekende jongen met een ringbaardje die hij op de maandag daarvoor in het huis in Zevenaar had gezien, stapte ook in de auto. Ze zijn naar de woning gereden en daar naar binnen gegaan.

Verdachte heeft verder verklaard56 dat zij altijd verzamelden in de woning van [medeverdachte I]. [medeverdachte I] woont blijkens een proces-verbaal van bevindingen57 op het adres [adres 4] te Zevenaar.

De woning van [medeverdachte I] werd door verdachte en de medeverdachten ook gebruikt als opslagplaats. Zo heeft [medeverdachte A] verklaard58 dat hij het zilveren pistool van [verdachte B] uit een kast in de woonkamer van [medeverdachte I] heeft gepakt. [medeverdachte D] heeft verklaard59 dat hij een van de keren dat hij in het safehouse is geweest pistolen op tafel zag liggen. Een onbekende man liep naar achteren en kwam terug met een zakje waarin patronen zaten.

Bij doorzoeking van de woning60 aan de [adres 4] te Zevenaar zijn onder meer 39 knalpatronen van het merk Y.A.S. aangetroffen.

Volgens [medeverdachte A]61 was het de bedoeling dat de overval in Groessen op 2 december 2009 zou plaatsvinden. Verdachte heeft verklaard62 dat een afspraak werd gemaakt voor 2 december 2009. [medeverdachte D] heeft daarover verklaard63 dat hij op 2 december 2009 thuis is opgehaald. Ze zijn naar het safehouse gegaan, waar [medeverdachte A] is uitgestapt. Toen [medeverdachte A] terugkwam haalde hij een zwart alarmpistool uit zijn zak en gaf dat aan [medeverdachte C]. Uit een andere zak haalde [medeverdachte A] een zilverkleurig pistool dat hij aan [medeverdachte D] gaf. Hij, [medeverdachte D], heeft het pistool onder de rechter voorstoel gelegd. Ze hadden ook twee bivakmutsen en tie-rips mee64.

Volgens [medeverdachte D] was er een taakverdeling gemaakt. Hij heeft verklaard65 dat [medeverdachte A] in de auto zou blijven. Hij, [medeverdachte D], zou naar geld zoeken en [medeverdachte C] en [medeverdachte J] zouden de mensen vastbinden. [medeverdachte J] en [medeverdachte C] zouden als eerste de woning in gaan via de voordeur. Zodra de bewoners de deur zouden openen, zou hij, [medeverdachte D], vanwege zijn lengte de deur verder opentrappen.

[medeverdachte J] heeft verklaard66 dat hij op dinsdag een bivakmuts heeft gekregen van [medeverdachte K]. Die heeft hij in het handschoenenvakje in de auto gelegd. Op woensdag 2 december 2009 was hij om ongeveer 18.30 uur in Zevenaar. Hij heeft [medeverdachte A] opgepikt en is met hem langs het huis gereden dat achteraf gezien overvallen zou worden. Hij had wel het idee dat ze daar in de buurt een huis zouden overvallen, omdat ze daar maandagavond ook al hadden gereden. Daarna hebben ze [medeverdachte C] en [medeverdachte D] opgehaald. Onderweg kreeg hij, [medeverdachte J], tape en tie-rips van [medeverdachte D] die hij bij zijn voeten heeft neergelegd. Nadat [medeverdachte D] was ingestapt hebben ze het over het geld gehad dat bij die man te halen was. De helft van de buit zou worden geïnvesteerd in weed, de andere helft zou worden verdeeld. In de auto heeft [medeverdachte A] gezegd hoe de taakverdeling was. [medeverdachte C], [medeverdachte D] en hij, [medeverdachte J], zouden het huis binnen gaan door gewoon aan te bellen. [medeverdachte A] zou in de auto blijven. [medeverdachte A] heeft gezegd dat hij, [medeverdachte J], de man moest vastbinden met tie-rips. [medeverdachte C] zei dat hij daarmee zou helpen door de handen van de man vast te houden. [medeverdachte D] moest zoeken naar geld. [medeverdachte A] heeft in de auto een pistool achter zijn broekriem vandaan gehaald en dat pistool aan iemand gegeven. [medeverdachte J] heeft verder verklaard67 dat hij met [medeverdachte K] had afgesproken dat die een deel van zijn aandeel in de buit zou krijgen.

[medeverdachte J] heeft verder verklaard68 dat hij een bordeauxrode Peugeot 306 heeft. Uit zijn verklaring valt op te maken dat ze op de avond van 2 december 2009 in zijn auto hebben gereden. [medeverdachte J] heeft in dit verband verklaard69 dat hij zijn auto, een Peugeot, bestuurde. Later heeft [medeverdachte A] hem gevraagd of hij mocht rijden. Hij, [medeverdachte J], vond dat goed en is rechts voorin de auto gestapt.

Na aanhouding van de inzittenden is op 2 december 2009 sporenonderzoek70 verricht in de personenauto van het merk Peugeot met het kenteken [kenteken 2]. Het onderzoek is voortgezet op 3 december 2009. Daarbij is onder andere veiliggesteld ten behoeve van DNA-onderzoek:

- een zilverkleurig gas-alarmpistool van het merk Ekol First compact met nummer [nummer] met in de houder 8 negen millimeter knalpatronen;

- een gas-alarmpistool van het merk Pak Vektor 9 mm, met in de houder 6 negen millimeter knalpatronen;

- 2 zwarte bivakmutsen met drie gaten;

- een rol brede grijze klussentape;

- 10 grote witte tie-rips.

4.10 De rechtbank overweegt dat uit de bewijsmiddelen volgt dat zowel in de periode van 6 november 2009 tot en met 30 november 2009 als in de periode van 30 november 2009 tot en met 2 december 2009 voorbereidingshandelingen zijn verricht voor het plegen van de overval op de woning aan de [adres 3] te Groessen op 2 december 2009. De rechtbank merkt met betrekking tot de genoemde bewijsmiddelen op dat een deel van de bewijsmiddelen, waaronder de tip van medeverdachte [medeverdachte L] en de observatie van de woning met de tipgever zowel gebruikt is voor de ondernomen poging op 30 november 2009 als onderdeel is van de voorbereidingshandelingen voor 2 december 2009. De tip is eenmalig gegeven, waarbij onbekend was wanneer de overval gepleegd zou worden. Daarnaast zijn na de bewezenverklaarde poging op 30 november 2009 nieuwe voorbereidingshandelingen verricht die uitsluitend gericht waren op een na die datum te plegen overval op dezelfde woning.

4.11 Naar het oordeel van de rechtbank kan niet bewezen worden dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van voorbereidingshandelingen. Niet is gebleken dat hij bij het incident van 2 december 2009 betrokken is geweest anders dan dat hij het perceel [adres 4] te Zevenaar beschikbaar heeft gesteld. De aan verdachte ten laste gelegde medeplichtigheid aan voorbereidingshandelingen acht de rechtbank wel bewezen.

4.12 Verweren met betrekking tot onrechtmatig verkregen bewijs en DNA-onderzoek

De rechtbank zal deze verweren passeren nu in de bewijsconstructie geen gebruik is gemaakt van de door de raadsman bedoelde taps en de resultaten van het DNA-onderzoek.

Feit 2

5.1 Verdachte heeft ter terechtzitting verklaard dat hij op 30 november 2009 in de woning van [medeverdachte I] was. Hij heeft daar de in de tenlastelegging bedoelde pistolen gezien en ook vastgehouden. Volgens verdachte was het zilveren pistool niet van hem, maar van [medeverdachte A]. [medeverdachte A] heeft het pistool aan hem, verdachte, geleend. Hij heeft het pistool niet in bezit, maar wel voorhanden gehad.

Verdachte heeft bij de politie verklaard71 dat hij op 30 november 2009 zag dat [medeverdachte A] een vuurwapen op tafel legde. [medeverdachte D] haalde een vuurwapen uit een tasje en legde dit ook op tafel en ook [medeverdachte C] legde een vuurwapen op tafel. Hij, [verdachte B], heeft alledrie wapens in zijn handen gehad en bekeken.

[medeverdachte D] heeft in dit verband verklaard72 dat in het safehouse een man was met een ringbaardje. Hij dacht dat het een van de bazen was en dat zijn huis als safehouse werd gebruikt. Toen hij een keer in het safehouse was, zag hij pistolen op tafel liggen. Dit waren de pistolen die later bij de aanhouding zijn gevonden. Hij zag dat de man op een gegeven moment naar achteren liep en de deur achter zich dicht deed. Hij kwam terug met een zakje met patronen. Hij, [medeverdachte D], zag dat de man de patronen uit het zakje haalde, deze oppoetste zodat er geen vingerafdrukken meer opstonden en dat de man de patronen in het magazijn van beide pistolen deed. Het waren knalpatronen want hij, [medeverdachte D], zag een plastic dopje op de voorkant. De wapens werden doorgeladen om te kijken of ze het deden. Daarna ontlaadde de man de wapens weer. [medeverdachte D] heeft verdachte niet herkend als de man met het ringbaardje73.

[medeverdachte A] heeft verklaard74 dat de verklaring van [medeverdachte D] over het poetsen van de patronen door verdachte [verdachte B] klopt. Hij heeft het zelf gezien, omdat hij erbij was. Dit gebeurde op 30 november 2009. Volgens [medeverdachte A] was het zilveren wapen van [verdachte B] en het zwarte wapen van hem, [medeverdachte A].

[medeverdachte A] heeft verder verklaard75 dat op 30 november 2009 twee pistolen op de tafel lagen in de woning van [medeverdachte I]. Dit waren de pistolen die bij hun aanhouding op 2 december 2009 in de auto zijn aangetroffen.

Verbalisant heeft gerelateerd76 dat op 2 december 2009 sporenonderzoek is verricht in een personenauto van het merk Peugeot met het kenteken [kenteken 2]. Daarbij is onder meer veiliggesteld ten behoeve van DNA-onderzoek: een zilverkleurig gas-alarmpistool van het merk Ekol First compact met nummer [nummer] met in de houder een aantal negen millimeter knalpatronen. Op 3 december 2009 is het sporenonderzoek in de auto voortgezet en is onder meer een gasalarmpistool Pak Vektor 9 mm, houder in wapen, veiliggesteld77. In het gaspistool van het merk Röhm, model Vektor CP1, zijn 6 patronen van het kaliber 9 mm P.A.K. aangetroffen78. In het gaspistool van het merk Voltran, model Ekol Firat Compact, zijn 8 patronen van het kaliber 9 mm P.A.K. aangetroffen79. Verder is gebleken dat verdachte en de medeverdachten geen verlof hadden tot het voorhanden hebben van een vuurwapen80.

5.2 Verbalisant heeft gerelateerd81 dat op 2 december 2009 een doorzoeking heeft plaatsgevonden op het adres [adres 4] te Zevenaar. Daarbij is onder meer aangetroffen en in beslag genomen 39 knalpatronen in een doos, merk Y.A.S. Volgens verbalisant82 zijn de aangetroffen knalpatronen aan te merken als munitie in de zin van de Wet wapens en munitie en had verdachte geen verlof tot het voorhanden hebben van wapens83.

Met betrekking tot de knalpatronen heeft verdachte ter terechtzitting verklaard dat hij had gezien dat er knalpatronen in de gereedschapkist lagen. De kist was van hem en moest hij nog steeds ophalen.

[medeverdachte A] heeft verklaard84 dat de gaspatronen die in de woning van [medeverdachte I] zijn gevonden van [verdachte B] waren en dat de patronen in alle wapens die ze hadden pasten.

5.3 Gelet op de bewijsmiddelen acht de rechtbank dit feit bewezen en wordt het verweer van de raadsman verworpen.

Feit 3

6. De rechtbank acht het primair ten laste gelegde medeplegen van afpersing bewezen gelet op de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting, de verklaringen van de medeverdachten [medeverdachte A]85 en [medeverdachte H]86, de verklaring van [getuige B]87 en de aangifte van [slachtoffer G]88.

Feit 4

7. De rechtbank acht niet bewezen dat [slachtoffer F] en [slachtoffer H] zijn afgeperst, nu uit de bewijsmiddelen naar voren komt dat de daders [slachtoffer F] en [slachtoffer H] hebben gefouilleerd en spullen uit de zakken van die [slachtoffer F] en [slachtoffer H] hebben gepakt. Verdachte zal daarom worden vrijgesproken van het onder 4 primair ten laste gelegde medeplegen van afpersing.

8. De rechtbank acht de onder 4 primair ten laste gelegde diefstal met geweld door twee of meer personen bewezen gelet op de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting, de verklaringen van de medeverdachten [medeverdachte A]89 en [medeverdachte H]90 en de aangiftes van [slachtoffer F]91 en [slachtoffer H]92.

Feit 5

9. De rechtbank is met de raadsman van oordeel dat er onvoldoende bewijs is dat verdachte bij het ten laste gelegde feit betrokken is geweest, nu de belastende verklaring van [medeverdachte A] onvoldoende wordt ondersteund door ander bewijs en verdachte het feit heeft ontkend. Weliswaar zijn er camerabeelden voorhanden, maar daarop is onvoldoende duidelijk te zien of verdachte een van de drie mannen is die daarop te zien zijn.

10. Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat:

1.

[medeverdachte A] en [medeverdachte D] en [medeverdachte C] en [medeverdachte J] en [medeverdachte K] op 30 november 2009 te Groessen, gemeente Duiven, en in de gemeente Zevenaar,

ter uitvoering van het door die [medeverdachte A] en die [medeverdachte D] en die [medeverdachte C] en die [medeverdachte J] en die [medeverdachte K] voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning gelegen aan de [adres 3] te Groessen weg te nemen geld en/of goederen, toebehorende aan (de familie) [slachtoffer E], althans aan de bewo(o)n(st)er(s) van voornoemde woning , in elk geval aan een ander of anderen dan aan die [medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en/of verdachte,

en daarbij die voorgenomen diefstal te doen vergezellen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen die (familie) [slachtoffer E], althans tegen die bewo(o)n(st)er(s) van voornoemde

woning,

te plegen met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken,

[medeverdachte A] en/of (een of meer van) zijn mededaders met voormeld oogmerk

- tape en tie-rips en bivakmutsen en (geladen)(vuur)wapens, althans daarop gelijkende

voorwerpen in een auto hebben gelegd en vervoerd en

- een rolverdeling hebben afgesproken met betrekking tot de wijze waarop

bovengenoemd strafbaar feit uitgevoerd zou worden en

- hebben besproken hoe de buit verdeeld zou (kunnen) worden en

- met een auto in de richting van de woning gelegen aan de [adres 3] te

Groessen zijn gereden en aldaar zijn uitgestapt en naar de achterzijde van die woning

zijn gelopen met medeneming van tape en tie-rips en bivakmutsen en vuurwapens,

althans daarop gelijkende voorwerpen

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid,

tot het plegen van welk misdrijf hij, verdachte, op tijdstippen in de periode van 6

november 2009 tot en met 30 november 2009 in de gemeente Zevenaar

(telkens) opzettelijk gelegenheid en middelen heeft verschaft en/of (telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest door opzettelijk

- een of meer (vuur)wapens en munitie te verschaffen/ter beschikking te stellen aan die

[medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen als verzamelplek

voor die [medeverdachte A] en die [medeverdachte D] en die [medeverdachte C] en die [medeverdachte J] en die [medeverdachte K] en

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen voor het bewaren en/of

verbergen van (vuur)wapen(s) die gebruikt werden bij het plegen van genoemd strafbaar

feit

en

[medeverdachte A] en [medeverdachte D] en [medeverdachte C] en [medeverdachte J] en [medeverdachte K] op 30 november 2009 te Groessen, gemeente Duiven, en in de gemeente Zevenaar,

ter uitvoering van het door die [medeverdachte A] en die [medeverdachte D] en die [medeverdachte C] en die [medeverdachte J] en die [medeverdachte K] voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging

met het oogmerk om zich en/of een ander wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en/of bedreiging met geweld die (familie) [slachtoffer E] , althans die bewo(o)n(st)er(s) van voornoemde woning, te dwingen tot de afgifte van geld en/of goederen, toebehorende aan die (familie) [slachtoffer E] , althans aan die bewo(o)n(st)er(s) van voornoemde woning, in elk geval aan een ander of anderen dan aan die [medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en/of verdachte

[medeverdachte A] en/of (een of meer van) zijn mededaders met voormeld oogmerk

- tape en tie-rips en bivakmutsen en (geladen)(vuur)wapens, althans daarop gelijkende

voorwerpen in een auto hebben gelegd en vervoerd en

- een rolverdeling hebben afgesproken met betrekking tot de wijze waarop

bovengenoemd strafbaar feit uitgevoerd zou worden en

- hebben besproken hoe de buit verdeeld zou (kunnen) worden en

- met een auto in de richting van de woning gelegen aan de [adres 3] te

Groessen zijn gereden en aldaar zijn uitgestapt en naar de achterzijde van die woning

zijn gelopen met medeneming van tape en tie-rips en bivakmutsen en vuurwapens,

althans daarop gelijkende voorwerpen

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid,

tot bij het plegen van welk misdrijf hij, verdachte, op tijdstippen in de periode van 6

november 2009 tot en met 30 november 2009, in de gemeente Zevenaar

(telken) opzettelijk gelegenheid en middelen heeft verschaft en/of (telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest door opzettelijk

- een of meer (vuur)wapens en munitie te verschaffen/ter beschikking te stellen aan die

[medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen als verzamelplek voor die

[medeverdachte A] en/of die [medeverdachte D] en/of die [medeverdachte C] en/of die [medeverdachte J] en/of die [medeverdachte K] en

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen voor het bewaren en/of

verbergen van (vuur)wapen(s) die gebruikt werden bij het plegen van genoemd

strafbaar feiten

EN

[medeverdachte A] en [medeverdachte D] en [medeverdachte C] en [medeverdachte J] op tijdstippen in de periode van 30 november 2009 tot en met 2 december 2009, te Groessen, gemeente Duiven, en/of in de gemeente Zevenaar en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging (telkens) ter voorbereiding van het misdrijf, waarop naar de wettelijke omschrijving een gevangenisstraf van 8 jaren of meer is gesteld, te weten diefstal met geweld in vereniging en afpersing in vereniging van geld en/of goed(eren), toebehorende aan (de familie) [slachtoffer E], althans aan de bewo(o)n(st)er(s) van een woning gelegen aan de [adres 3] te Groessen, (telkens) opzettelijk

- bivakmutsen en

- tape en tie rips en

- geladen vuurwapens, althans daarop gelijkende voorwerpen en

- een auto en

- een woning gelegen aan de [adres 4] te Zevenaar, dienende als verzamelplek

van verdachte en/of zijn mededader(s) en als bewaarplaats voor vuurwapens en munitie,

zijnde voorwerpen, een vervoermiddel en een ruimte bestemd tot het begaan van die misdrijven, hebben voorhanden gehad, en [medeverdachte A] en (een of meer van) zijn mededader(s)

- inlichtingen hebben ingewonnen met betrekking tot het te overvallen object en/of subject

(te weten (de familie) [slachtoffer E]/ de bewo(o)n(st)er(s) van perceel [adres 3] te Groessen) en

- zich die woning (gelegen aan de [adres 3] te Groessen) laten aanwijzen en

- mondelinge en telefonische en via MSN en via SMS gesprekken hebben gevoerd met

betrekking tot het al of niet deelnemen van bepaalde perso(o)n(en) aan bovengenoemd

strafbare feiten en het tijdstip en de wijze waarop bovengenoemde strafbare feiten

uitgevoerd zouden worden en

- met en/of vanuit een auto observaties hebben gedaan en/of uitgevoerd van die woning

gelegen aan de [adres 3] te Groessen en een auto voor dat doel hebben

geleend en gebruikt en

- hebben besproken hoe de buit verdeeld zou (kunnen) worden en/of

- voornoemde vuurwapens/voorwerpen hebben geladen met patronen/munitie

bij het plegen van welk misdrijf hij, verdachte, op tijdstippen in de periode van in de periode van 30 november 2009 tot en met 2 december 2009, in de gemeente Zevenaar (telkens) opzettelijk gelegenheid heeft verschaft en/of (telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest door (telkens) opzettelijk

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen als verzamelplek voor die

[medeverdachte A] en die [medeverdachte D] en die [medeverdachte C] en die [medeverdachte J] en

- de woning van die [medeverdachte I] ter beschikking te stellen voor het bewaren en/of

verbergen van (vuur)wapens die gebruikt werden bij het plegen van genoemde

strafbare feiten;

2.

hij in de periode van 30 november 2009 tot en met 2 december 2009 en op 3 december 2009 in de gemeente(n) Montferland en/of Zevenaar en/of Duiven en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen en alleen,

twee wapens van categorie III (onder 1), te weten

- een gaspistool (merk Voltran, model Ekol Firat Compact, kaliber 9 mm) en

- een gaspistool (merk Röhm, model Vektor CP1, kaliber 9 mm) en

munitie van categorie III, te weten in totaal 14 patronen van het kaliber 9 mm P.A.K., zijnde voor deze wapens geschikte munitie, voorhanden heeft gehad

en

munitie van categorie III, te weten 39 patronen (kaliber 9 mm P.A.K) voorhanden heeft

gehad;

3.

hij op 6 november 2009 te Didam, gemeente Montferland, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen door geweld en bedreiging met geweld [slachtoffer G] heeft gedwongen tot de afgifte van een portemonnee met inhoud, toebehorende aan die [slachtoffer G],

welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat hij, verdachte, en zijn mededaders

- geheel/gedeeltelijk ter bedekking van het gezicht met een (bivak)muts op die [slachtoffer G]

zijn toe gerend en

- die [slachtoffer G] met kracht in diens rugstreek hebben geduwd en

- tegen die [slachtoffer G] hebben geschreeuwd:

"Portemonnee" en/of "Liggen" en/of "Doe niet zo dom" en

- vuurwapens, althans daarop gelijkende voorwerpen op die [slachtoffer G] hebben gericht en

- met een vuurwapen een schot in de lucht hebben gelost;

4.

hij op 31 oktober 2009 te Zevenaar tezamen en in vereniging met anderen,

met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen sigaretten en een totobriefje en een portemonnee met inhoud en een hoeveelheid cocaïne, toebehorende aan die [slachtoffer F] en/of die [slachtoffer H],

welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen die [slachtoffer F] en die [slachtoffer H],

gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken,

welk geweld en welke bedreiging met geweld hierin bestonden dat hij, verdachte, en/of zijn mededaders

- vuurwapens, althans daarop gelijkende voorwerpen, hebben gericht op die [slachtoffer F] en die [slachtoffer H] en

- een vuurwapen, althans een daarop gelijkend voorwerp, hebben gezet tegen de nek van

die [slachtoffer F] terwijl deze op de grond lag en

- die [slachtoffer F] meermalen tegen diens hoofd en elders tegen diens lichaam hebben

geschopt en geslagen terwijl deze op de grond lag en

- een vuurwapen, althans een daarop gelijkend voorwerp, hebben gezet op/tegen het hoofd

van die [slachtoffer H] en deze vervolgens met een vuurwapen, althans met een daarop gelijkend

voorwerp, hebben geslagen en

- die [slachtoffer H] meermalen hebben geslagen en

- met een vuurwapen een schot hebben gelost;

11. Vrijspraak van het meer of anders ten laste gelegde

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. De verdachte behoort daarvan te worden vrijgesproken.

12. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde levert op de misdrijven:

De feiten onder 1:

Medeplichtigheid aan poging tot diefstal vergezeld van geweld en/of bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen;

en

medeplichtigheid aan poging tot afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen;

en

Medeplichtigheid aan voorbereiding tot diefstal vergezeld van geweld en/of bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen;

De feiten onder 2:

Medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, begaan met betrekking tot wapens en munitie van categorie III;

en

Handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, begaan met betrekking tot munitie van categorie III;

Feit 3:

Afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen;

Feit 4:

Diefstal voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen.

13. Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte heeft geweigerd mee te werken aan een persoonlijkheidsonderzoek.

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

14. Oplegging van straf en/of maatregel

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 jaar met aftrek van de tijd ei hij in voorlopige hechtenis heeft gezeten.

De raadsman heeft verzocht om matiging van de op te leggen gevangenisstraf gelet op de rol van verdachte.

De rechtbank heeft bij de bepaling van de op te leggen straf gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

De rechtbank heeft in het bijzonder in aanmerking genomen dat verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan het medeplegen van diefstal en afpersing dan wel medeplichtigheid aan pogingen daartoe en verboden wapenbezit. Daarbij werd geweld en bedreiging met geweld niet geschuwd. Verdachte en zijn mededaders gebruikten hierbij vuurwapens dan wel hierop gelijkende voorwerpen en hebben schoten gelost. Verdachte en zijn mededaders handelden puur uit financieel gewin. Ze waren daarbij met name uit op geld en drugs, die ze konden verkopen. Ze gingen hierbij uitermate berekenend te werk. Zo vonden zij dat ze personen van wie zij vermoedden dat ze drugs dan wel geld verkregen uit de verkoop van drugs bezaten, konden overvallen omdat deze personen zelf crimineel waren en geen aangifte zouden doen. Ze vroegen zich op geen enkele moment af wat voor impact hun handelen had op hun slachtoffers. Naar de ervaring leert, zijn delicten als de onderhavige veelal de oorzaak van langdurige en ingrijpende angstgevoelens bij het directe slachtoffer. Zij dragen bovendien bij aan in de samenleving levende gevoelens van onveiligheid. Hoewel een aantal medeverdachten de rol van verdachte heeft bestempeld als die van een baas of chef, overweegt de rechtbank dat uit het dossier onvoldoende duidelijk naar voren komt dat verdachte daadwerkelijk die rol binnen de groep had. De rechtbank zal dit dan ook niet als een strafverzwarende omstandigheid meewegen.

Uit het reclasseringsrapport van 10 maart 2010, opgemaakt door D. de Ruiter, komt naar voren dat het recidiverisico als hooggemiddeld wordt ingeschat. Verder wordt ingeschat dat er een hoog risico is op het onttrekken aan voorwaarden. Verdachte staat niet open voor een behandeling en heeft de reclassering laten weten dat de begeleiding die hij enkele jaren geleden heeft gehad nauwelijks effect heeft gehad. Een interventie door de reclassering wordt niet geïndiceerd geacht, aldus De Ruiter.

De rechtbank heeft ook de justitiële documentatie van verdachte in aanmerking genomen. Daaruit komt naar voren dat verdachte eerder is veroordeeld ter zake van geweldsdelicten.

Alle omstandigheden in aanmerking nemend is de rechtbank van oordeel dat alleen een lange gevangenisstraf recht doet aan de ernst van de feiten. Gelet op de rol van verdachte en rekening houdend met de straffen die in de zaken van de medeverdachten worden opgelegd acht de rechtbank een gevangenisstraf van 4 jaar passend en geboden. Deze straf is lager dan door de officier van justitie is gevorderd omdat de rechtbank tot een andere bewezenverklaring is gekomen.

15. Vordering tot schadevergoeding

De benadeelde partij [slachtoffer G] heeft zich met een vordering tot schadevergoeding ten bedrage van € 2.065,35 vermeerderd met de wettelijke rente gevoegd in het strafproces ten aanzien van het onder 3 ten laste gelegde.

De benadeelde partij [slachtoffer F] heeft zich met een vordering tot schadevergoeding ten bedrage van € 1.577,96 vermeerderd met de wettelijke rente gevoegd in het strafproces ten aanzien van het onder 4 ten laste gelegde.

16. De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de gevorderde bedragen vermeerderd met de wettelijke rente hoofdelijk toewijsbaar zijn, met toepassing van de schadevergoedingsmaatregel.

17. De raadsman heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

18. De rechtbank overweegt dat nu niet is weersproken dat de benadeelde partijen, zoals deze hebben gesteld, als gevolg van het onder respectievelijk 3 en 4 ten laste gelegde bewezen verklaarde handelen schade hebben geleden tot de gevorderde bedragen en de vorderingen de rechtbank niet ongegrond of onrechtmatig voorkomen, deze vorderingen zullen worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente.

De verdachte is voor de schade -naar burgerlijk recht- hoofdelijk aansprakelijk.

19. Schadevergoedingsmaatregel

Gelet op het vorenstaande ziet de rechtbank aanleiding om aan verdachte op basis van het bepaalde in artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht de verplichting op te leggen tot betaling aan de Staat van een som gelds ten behoeve van genoemde benadeelde partijen.

20. Toepasselijke wettelijke voorschriften

Deze strafoplegging/beslissing is gegrond op de artikelen:

- 10, 27, 36f, 45, 46, 47, 48, 57, 91, 312, 317 van het Wetboek van Strafrecht;

- 26 en 55 van de Wet wapens en munitie.

Beslissing

De rechtbank:

* verklaart niet bewezen, dat verdachte

- het onder 1 ten laste gelegde voor zover dit betreft het medeplegen van

een poging tot diefstal met geweld en/of afpersing op 30 november 2009 en op 2

december 2009;

- het onder 1 ten laste gelegde voor zover dit betreft het medeplegen van

voorbereidingshandelingen in de periode van 30 november 2009 tot en met 2 december

2009;

- het onder 4 eerste onderdeel ten laste gelegde;

- het onder 5 ten laste gelegde

heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij;

* verklaart bewezen dat verdachte het onder 1 ten laste gelegde -voor zover verdachte hiervan gelet op het voorgaande niet is vrijgesproken-, het onder 2, 3 primair, eerste onderdeel, en 4 primair, tweede onderdeel, heeft begaan;

* verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

* verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als:

De feiten onder 1:

Medeplichtigheid aan poging tot diefstal vergezeld van geweld en/of bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen;

en

Medeplichtigheid aan poging tot afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen;

en

Medeplichtigheid aan voorbereiding tot diefstal vergezeld van geweld en/of bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen;

De feiten onder 2:

Medeplegen van handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, begaan met betrekking tot wapens en munitie van categorie III;

en

Handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie, begaan met betrekking tot munitie van categorie III;

Feit 3:

Afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen;

Feit 4:

Diefstal voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer personen.

* verklaart verdachte strafbaar;

* veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) jaren;

* beveelt, dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

* veroordeelt verdachte tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [slachtoffer G], (bankrekeningnummer [nummer]), van een bedrag van € 2.065,35 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 6 november 2009, met veroordeling van verdachte in de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;

* veroordeelt verdachte tot betaling van schadevergoeding aan de benadeelde partij [slachtoffer F], (girorekeningnummer [nummer]), van een bedrag van € 1.577,96 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 31 oktober 2009, met veroordeling van verdachte in de kosten van het geding en de tenuitvoerlegging door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil;

* legt aan veroordeelde tevens de verplichting op aan de Staat ten behoeve van de navolgende benadeelde partijen te betalen, met bepaling dat bij gebreke van betaling en verhaal hechtenis zal kunnen worden toegepast van na te melden duur zonder dat de betalingsverplichting vervalt.

Benadeelde partij Bedrag Verv. Hechtenis

1. [slachtoffer G] € 2.065,35 met wett.rente 30 dagen;

2. [slachtoffer F] € 1.577,96 met wett.rente 25 dagen;

* bepaalt dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de Staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partijen in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien veroordeelde heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partijen daarmee de verplichting tot betaling aan de Staat in zoverre komt te vervallen;

* verstaat dat indien en voor zover door de mededader en/of mededaders het betreffende schadebedrag is betaald, veroordeelde daarvan zal zijn bevrijd.

Aldus gewezen door mrs. Gilhuis, voorzitter, Kleinrensink en Van de Wetering, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Althoff, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 12 juli 2010.

Eindnoten

1 Wanneer hierna verwezen wordt naar dossierpagina's, betreft dit delen van in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal, als bijlagen opgenomen bij (stam)proces-verbaal nummer 2009100087-D, Regiopolitie Noord- en Oost Gelderland, gesloten en ondertekend op 13 april 2010.

2 Proces-verbaal van verhoor van een anonieme getuige, p.1809

3 Proces-verbaal van bevindingen, p.2328, p.2331/2332

4 Proces-verbaal ambtelijk verslag, p.2336

5 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige A], p.2808-2811

6 Proces-verbaal observeren, p.2947-2949

7 Proces-verbaal van bevindingen, p.2952

8 Proces-verbaal van aanhouding, p.0261-0263

9 Proces-verbaal van bevindingen, p.2957, p.2959-2962

10 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte A], p.3222

11 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte J], p.3388

12 Proces-verbaal van bevindingen, p.2990/2991

13 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte J], p.3372/3373

14 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte K], p.3516/3517

15 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte K], p.3547-3548

16 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte K], p.3517

17 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte K], p.3527

18 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte K], p.3517

19 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte K], p.3527

20 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte A], p.3222

21 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3298

22 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3276

23 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte K], p.3517/3518

24 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte K], p.3547

25 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte K], p.3518

26 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3297

27 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3310

28 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte J], p.3394/3395

29 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte K], p.3519

30 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte J], p.3395

31 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte B], p.3460/3461

32 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3319

33 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3279

34 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte A], p.3220

35 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte L], p.3475-3479

36 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte A], p.3221-3222

37 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte J], p.3388

38 Proces-verbaal van bevindingen, p.2990/2991

39 Document geselecteerde tapgesprekken, p.2912

40 Document geselecteerde tapgesprekken, p.2912/2913

41 Proces-verbaal ambtelijk verslag, p.2820

42 Document geselecteerde tapgesprekken, p.2915

43 Document geselecteerde tapgesprekken, p.2919/2920

44 Document geselecteerde tapgesprekken, p.2923

45 Document geselecteerde tapgesprekken, p.2926/2927

46 Proces-verbaal ambtelijk verslag, p.2820

47 Document geselecteerde tapgesprekken, p.2932

48 Proces-verbaal van bevindingen, p.3023

49 Proces-verbaal van bevindingen, p.3119

50 Proces-verbaal ambtelijk verslag, p.2815

51 Proces-verbaal van bevindingen, p.3137/3138

52 Proces-verbaal ambtelijk verslag, p.2815

53 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte B], p.3464

54 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte B], p.3449

55 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte J], p.3379

56 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [medeverdachte A], p.3220

57 Proces-verbaal van bevindingen, p.2974

58 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [medeverdachte A], p.3220, 3243

59 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3279

60 Proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagneming, p.2971, 2973

61 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [medeverdachte A], p.3221

62 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte B], p.3464

63 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3277

64 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3320

65 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3319/3320

66 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte J], p.3379-3381

67 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte J], p.3395

68 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte J], p.0812

69 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte J], p.3370

70 Processen-verbaal van bevindingen, p.2955 en p. 2957

71 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte B], p.3461

72 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3279

73 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte D], p.3286

74 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte A], p.3220

75 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [medeverdachte A], p.3886

76 Proces-verbaal van bevindingen, p.3764

77 Proces-verbaal sporenonderzoek, p.3767/3769

78 Proces-verbaal van bevindingen, p.3787/3788

79 Proces-verbaal van bevindingen, p.3796

80 Proces-verbaal van bevindingen, p.3804

81 Proces-verbaal van doorzoeking ter inbeslagneming, p.3782 en 3784

82 Proces-verbaal van bevindingen, p.3802

83 Proces-verbaal van bevindingen, p.3804

84 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte A], p.3886

85 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte A], p.4413

86 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte H], p.4474/4475

87 Proces-verbaal van verhoor van getuige [getuige B], p.4372/4373

88 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer G], p.4359-4361

89 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte A], p.4228

90 Proces-verbaal van verhoor van medeverdachte [medeverdachte H], p.4296/4297

91 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer F], p.4162/4163

92 Proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer H], p.4169/4170