Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2009:BK7406

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
09-12-2009
Datum publicatie
23-12-2009
Zaaknummer
06/850195-09
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vechtpartij in woning: een vrijspraak, een veroordeling

De meervoudige strafkamer van de rechtbank in Zutphen heeft op 23 december 2009 een 27-jarige man uit Epe veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 maanden voorwaardelijk en 240 uren werkstraf. De Epenaar werd veroordeeld voor meerdere geweldsdelicten, waaronder een poging tot zware mishandeling van een 21-jarige man uit Groningen.

Op 27 mei 2009 kwam de Epenaar een woning binnen, waar de man uit Groningen ook aanwezig was. Direct na binnenkomst sloeg de Epenaar de andere man in het gezicht. Hierop ontstond een worsteling tussen de meerdere personen, met als doel de Epenaar de woning uit te werken. Bij deze worsteling heeft de Epenaar onder meer met een mes rondgezwaaid, waarbij hij meerdere personen heeft verwond.

De man uit Groningen werd, vanwege de worsteling in de gang van de woning, ook verdachte van mishandeling. Hij is op 9 december 2009 door de rechtbank vrijgesproken van dit feit.

Zie ook LJN BK7453

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Straf

Meervoudige kamer

Parketnummer: 06/850195-09

Vord. na voorw. veroord.: 21/003490-08

Uitspraak d.d.: 9 december 2009

Tegenspraak / dip

VONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren te [plaats,1988],

wonende te [adres],

raadsman: mr. De Korte, advocaat te Utrecht.

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 9 december 2009.

De tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 27 mei 2009 te Epe opzettelijk mishandelend [slachtoffer]

-meermalen, althans éénmaal, tegen en/of op het lichaam heeft geslagen en/of

getrapt en/of geschopt en/of (tegen de grond) heeft geduwd,

waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden;

art 300 lid 1 Wetboek van Strafrecht

Vaststaande feiten / aanleiding van het onderzoek1

Op 27 mei 2009 was verdachte in de woning van [naam] aanwezig. Rond 23.00 uur kwam tevens [slachtoffer] de woning binnen. Direct naar binnenkomst kwam [slachtoffer] op verdachte afgelopen en werd verdachte door [slachtoffer] in het gezicht geslagen.2 3 4

Standpunt van het openbaar ministerie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan. Op grond van de getuigenverklaringen kan worden bewezen dat verdachte [slachtoffer] heeft geslagen toen het slachtoffer de woning wilde verlaten. Ook heeft verdachte het slachtoffer, nadat [slachtoffer] op de grond was terechtgekomen, geslagen en geschopt.

Standpunt van de verdachte / de verdediging

Namens verdachte is onder meer aangevoerd dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan. Gelet op de verklaring van onder meer het slachtoffer kan niet worden bewezen dat het slachtoffer als gevolg van het handelen van verdachte pijn en/of letsel heeft bekomen.

Beoordeling door de rechtbank

De rechtbank is van oordeel dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan. Hiertoe overweegt de rechtbank als volgt.

Zoals reeds hiervoor is overwogen heeft [slachtoffer] verdachte geslagen. Hierna hebben [naam] en verdachte tezamen op hardhandige wijze gepoogd [slachtoffer] de woning uit te werken. Dat [slachtoffer] hierbij pijn en/of letsel heeft opgelopen kan blijken uit zijn verklaring die hij heeft afgelegd. Hij heeft verklaard dat hij door het handelen van [naam] en verdachte blauwe plekken heeft opgelopen en last had van zijn linkerarm.5 Echter kan niet worden bewezen dat dit is veroorzaakt door het handelen van verdachte. Niet is uit te sluiten dat de pijn en/of letsel is veroorzaakt door [naam], dan wel doordat [slachtoffer], tijdens de ontstane worsteling, ten val is gekomen.

Nu niet kan worden bewezen dat [slachtoffer] door het handelen van verdachte letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden, zal de rechtbank verdachte vrijspreken van het ten laste gelegde.

Vordering tenuitvoerlegging

De rechtbank zal de door de officier van justitie gevorderde (gedeeltelijke) tenuitvoerlegging van de bij arrest van het gerechtshof te Arnhem d.d. 9 maart 2009 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden afwijzen nu de rechtbank verdachte vrij zal spreken ten aanzien van het ten laste gelegde feit.

Beslissing

De rechtbank:

* verklaart niet bewezen, dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij;

* wijst af de vordering van de officier van justitie van 14 oktober 2009, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij arrest van gerechtshof te Arnhem van 9 maart 2009 voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 5 maanden.

Aldus gewezen door mr. Kleinrensink, voorzitter, mrs. Feraaune en Vaandrager, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Demmers, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 9 december 2009.

1 Wanneer hierna verwezen wordt naar dossierpagina's, betreft dit delen van in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal, als bijlagen opgenomen bij (stam)proces-verbaal, nummer PL0610/09-204639, Regiopolitie Noord- en Oost Gelderland, district Noord-West Veluwe, gesloten en ondertekend op 11 juni 2009.

2 Proces-verbaal van aangifte van [verdachte], dossierpagina's 25-27.

3 Proces-verbaal van aangifte van [naam], dossierpagina's 47-49.

4 Proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer], dossierpagina's 41-44.

5 Proces-verbaal van verhoor van [slachtoffer], dossierpagina's 41-44.