Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2009:BJ1986

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
08-07-2009
Datum publicatie
08-07-2009
Zaaknummer
06/580491-08 en 06/801497-06 (TUL)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De rechtbank veroordeelt een 47-jarige man wegens het bezit van kinderporno tot een gevangenisstraf van 213 dagen en de volgende bijzondere voorwaarden:

- verdachte de behandeling bij polikliniek de Tender volgt, conform de behandelovereenkomst, die periodiek bijgesteld kan worden ook indien dit een medicamenteuze behandeling inhoudt;

- verdachte verschaft de reclassering inzage in zijn doen en laten en bespreekt het verloop van de behandeling en belangrijke ontwikkelingen in zijn leven;

- verdachte zal, anders dan na toestemming, geen computer in zijn bezit hebben;

- verdachte heeft geen contact met zijn kinderen, anders dan onder toezicht zolang begeleidende instanties dit noodzakelijk achten;

- verdachte zal niet van woonplek veranderen anders dan na overleg en met toestemming van de reclassering;

- verdachte houdt zich aan de aanwijzingen en voorschriften hem te geven door of namens de reclassering;

- in aanvang van de begeleiding zal er minimaal wekelijks contact zijn tussen de reclassering en verdachte. Uitgangspunt is eens per twee weken face to face contact;

- verdachte verleent zijn medewerking aan het betrekken van belangrijke personen uit zijn netwerk bij de behandeling/begeleiding onder anderen zijn ex-vrouw en zijn broer;

- contact en afstemming met de wijkagent zal in de nieuwe woonomgeving tot stand gebracht worden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Straf

Meervoudige kamer

Parketnummers: 06/580491-08 en 06/801497-06 (TUL)

Uitspraak d.d.: 24 juni 2009

Tegenspraak / dip / oip

VONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte]

geboren te [plaats op 1961],

wonende te [adres en plaats],

raadsman: mr. A.A. Dooijeweerd, advocaat te Zutphen.

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 10 juni 2009.

De tenlastelegging

Nadat de tenlastelegging op de terechtzitting is gewijzigd, is aan verdachte ten laste gelegd dat:

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 5 juli 2007 tot

en met 26 september 2008, te Doetinchem, in elk geval in Nederland,

één of meermalen een afbeelding en/of een gegevensdrager, bevattende één of

meer afbeelding(en) van seksuele gedragingen, te weten 1440 afbeeldingen,

althans een (groot) aantal afbeeldingen en/of films, bestaande die afgebeelde seksuele gedraging(en) in algemene zin (telkens) uit (een) geheel of gedeeltelijk ontklede minderjarige die

- met een stijve penis en/of vinger(s) en/of een voorwerp anaal en/of vaginaal en/of oraal word/worden gepenetreerd; en/of

- (een) andere seksuele handeling(en) met zichzelf en/of met elkaar pleegt/plegen en/of van (een) volwassenen ondergaat en/of

- op een dusdanige wijze poseert/poseren dat het/de geslachtsde(e)l(en)

nadrukkelijk in beeld wordt/worden gebracht, welke wijze van poseren kennelijk bedoeld is om de seksuele prikkeling op te wekken,

van welke afgebeelde seksuele gedraging(en) een selectie - zakelijk weergegeven - onder meer als volgt is omschreven:

- een meisje kennelijk jonger dan 9 jaar. Meisje staat wijdbeens

voorovergebogen en met haar handen leunend op de buik van een volwassen man.

Deze man heeft een erectie en het lijkt alsof deze man zojuist een

zaadlozing in de mond van het meisje heeft gehad. Uit de mond van het meisje

en langs de stijve penis druipt sperma.

en/of

- een filmpje van 1 minuut en 28 seconden van een blank meisje, kennelijke

leeftijd 6-9 jaar. Het meisje is met een judoband vastgebonden en op het

filmpje is te zien hoe een volwassen man, die een erectie heeft, de vagina

van het meisje penetreert. Vervolgens is te zien hoe dezelfde man het de

anus van het meisje met zijn stijve penis penetreert. Tevens is te zien hoe

de man de anus van het meisje penetreert, terwijl hij zijn wijsvinger in

haar vagina brengt.

en/of

- een filmpje van 1 minuut en 40 seconden van een meisje, kennelijke leeftijd

3 tot 5 jaar. Op het filmpje is te zien hoe het meisje door een volwassen

man in haar vagina wordt gepenetreerd. De man beweegt zijn penis steeds

sneller en penetreert de vagina van het meisje dieper. De opnamen worden

steeds meer ingezoomd, waarbij zowel het gezicht van de man als het

meisje niet in beeld komen.

en/of

- een filmpje van 16 minuten en 33 seconden van een getint meisje, kennelijke

leeftijd 4 tot 6 jaar.

Op het filmpje is te zien hoe het meisje een volwassen man met een erectie

moet aftrekken en pijpen. Ook is te zien hoe de volwassen man het meisje

vaginaal met zijn stijve penis penetreert en hoe hij een vinger in haar

vagina steekt. Vervolgens is te zien hoe de man de anus van het meisje met

zijn vinger binnendringt.

en/of

- een afbeelding van een meisje, kennelijk jonger dan 15 jaar. Op de

afbeelding is te zien dat het meisje een stijve penis in haar mond heeft en

duidelijk in de camera kijkt.

en/of

- een afbeelding van een meisje, kennelijk jonger dan 14 jaar. De afbeelding

bestaat uit drie kleinere afbeeldingen. Op twee afbeeldingen is te zien dat

het meisje de stijve penis van een man in haar handen heeft en op een

plaatje is te zien dta het meisje de stijve penis van een man in haar mond

heeft.

en/of

- een afbeelding van een meisje, kennelijk jonger dan 15 jaar. Het meisje

ligt naakt op een bed met haar benen uit elkaar. Ze kijkt duidelijk in de

camera. Boven haar steunt een naakte man die met zijn stijve penis de vagina

van het meisje penetreert.

bij welke vorenbedoelde afbeelding(en) en/of film(s) (telkens) een persoon die

kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of

schijnbaar was betrokken, (telkens) heeft verspreid en/of vervaardigd en/of

ingevoerd en/of uitgevoerd en/of in bezit heeft gehad,

terwijl verdachte hiervan een gewoonte heeft gemaakt;

art 240b lid 1 Wetboek van Strafrecht

art 240b lid 2 Wetboek van Strafrecht

Overwegingen ten aanzien van het bewijs1

A. Inleiding

Verdachte is getrouwd (geweest) en woonde samen met zijn vrouw en twee kinderen, een zoon en een dochter.

In 2002 heeft verdachte een computer met internet aangeschaft. Hij heeft tot 2004 kinderporno van het internet afgehaald en op zijn computer opgeslagen. Verdachte is hiervoor in 2007 veroordeeld.2 In 2008 heeft hij begeleiding gekregen van de reclassering en een behandeling gehad in de Forensische Psychiatrische Kliniek Kairos te Arnhem.

Begin 2008 heeft verdachte thuis opnieuw toegang tot het internet gekregen, omdat zijn zoon internet nodig had voor school. Hij heeft dat aan de reclassering meegedeeld. Een medewerkster van de reclassering heeft, toen zij bij verdachte thuis was, geen kinderporno gevonden.

Op 25 juni 2008 heeft de buurvrouw van verdachte, [buurvrouw], gebruik gemaakt van de computer van verdachte. Zij heeft toen in de map ‘Mijn afbeeldingen’ van de computer van verdachte meerdere foto’s van naakt poserende kinderen gezien.3 Op 22 september 2008 heeft zij hiervan melding gemaakt bij de politie.

Op 25 september 2008 heeft onder leiding van de rechter-commissaris van deze rechtbank een doorzoeking plaatsgevonden in het huis van verdachte en is - onder andere - de computer van verdachte in beslag genomen.

Op 29 september 2008 heeft verdachte zich vrijwillig gemeld op het politiebureau te Doetinchem, waarna hij is aangehouden op verdenking van (onder meer) het in bezit hebben van kinderpornografisch beeldmateriaal.

Het Bureau Kinderporno van Team Regionale Recherche van de Regiopolitie Noord & Oost Gelderland heeft de in beslag genomen goederen onderzocht. Op de harde schijf van de computer van verdachte en op zijn CD-/DVD-’s zijn verscheidene multimediafiles aangetroffen, die door het Bureau Kinderporno zijn aangemerkt als kinderporno.

B. Standpunt van het openbaar ministerie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het feit wettig en overtuigend bewezen kan worden. Daartoe heeft zij het volgende betoogd.

Er zijn in totaal 1440 kinderpornografische afbeeldingen bij verdachte aangetroffen.

De in beslag genomen tijdschriften, waaronder de Seventeen, zijn tijdens een eerdere doorzoeking ook al bij verdachte aangetroffen en hadden toen moeten worden meegenomen. Nu dat niet is gebeurd, wordt de aanwezigheid van die tijdschriften verdachte thans niet aangerekend.

Voorts heeft verdachte er een gewoonte van gemaakt. Hierbij is van belang dat het hof te

’s-Gravenhage in zijn arrest van 17 april 2007 (LJN BA3188) heeft bepaald dat er uitgaande van een taalkundige uitleg sprake is van een gewoonte als iemand gewend is iets voor een langere periode te doen. Verdachte heeft gedurende een langere periode met enige regelmaat kinderporno van het internet gedownload. Hierbij komt dat verdachte al eerder is veroordeeld vanwege kinderporno, zodat er sprake is van recidive.

C. Standpunt van de verdediging

Door en namens verdachte wordt voor wat betreft de bewezenverklaring en de kwalificatie van het feit gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank, met dien verstande dat het louter om bezit van kinderporno gaat. Voorts wordt de tenlastegelegde periode betwist. Verdachte heeft namelijk vanaf het begin van 2008 kinderporno van het internet gehaald, toen hij weer internet had genomen. [Ex-vrouw] (de ex-vrouw van verdachte) heeft ook verklaard dat de reclassering begin 2008 niets op de computer heeft aangetroffen.

Er is verder sprake van minder afbeeldingen dan het tenlastegelegde aantal van 1.440 afbeeldingen. Verdachte wil dit laten voor wat het is, mits de videoband en de afbeeldingen van zijn kinderen hier niet onder vallen. Die videoband en afbeeldingen zijn geen kinderporno en zijn ook niet door hem vervaardigd of in zijn bezit geweest.

D. Beoordeling door de rechtbank

1. Het Bureau Kinderporno van het Team Regionale Recherche van de Regiopolitie Noord & Oost Gelderland heeft, handelend conform de richtlijn van het college van procureurs-generaal de “aanwijzing kinderpornografie (artikel 240B Wetboek van strafrecht)” van 1 september 2007/nr. 2007A020, een aantal multimediafiles op de harde schijf van de computer van verdachte en op DVD-/CD-’s van verdachte als volgt omschreven4:

- een meisje kennelijk jonger dan 15 jaar. Meisje heeft stijve penis in haar mond en kijkt duidelijk in de camera,

- een meisje kennelijk jonger dan 14 jaar. De afbeelding bestaat uit drie kleinere afbeeldingen. Op twee afbeeldingen is te zien dat het meisje de stijve penis van een man in haar handen heeft en op een plaatje is te zien dat het meisje de stijve penis van een man in haar mond heeft,

- een meisje kennelijk jonger dan 15 jaar. Meisje ligt naakt op een bed met haar benen uit elkaar. Ze kijkt duidelijk in de camera. Boven haar steunt een naakte persoon die met zijn stijve penis de vagina van het meisje penetreert,

- een meisje kennelijk jonger dan 9 jaar. Meisje staat wijdbeens voorovergebogen en met haar handen leunend tegen de buik van een volwassen man. Deze man heeft een erectie en het lijkt alsof deze man zojuist een zaadlozing in de mond van het meisje heeft gehad. Uit de mond van het meisje en langs de stijve penis druipt sperma.

- een video van 1 minuut en 28 seconden van een blank meisje, kennelijke leeftijd 6-9 jaar. Het meisje is met een witte band (kennelijk een judoband) vastgebonden. Te zien is dat een penis van een volwassen man, die een erectie heeft, de vagina van het meisje penetreert. Te zien is dat de man met zijn penis het meisje in de anus penetreert en zijn wijsvinger in haar vagina ingebracht is.

- een video van 1 minuut en 40 seconden van een meisje, kennelijke leeftijd 3-5 jaar oud. De man heeft een erectie en penetreert met zijn penis de vagina van het meisje. De man beweegt zijn penis steeds sneller en penetreert de vagina van het meisje steeds dieper. De opnamen worden steeds meer ingezoomd, waarbij zowel het gezicht van de man als het meisje niet in beeld komen.

- een video van 16 minuten en 33 seconden van een getint meisje, kennelijke leeftijd 4-6 jaar oud. Het meisje heeft met haar rechterhandje de penis vast en beweegt haar gezicht op en neer (pijpen). Het meisje pakt met beide handen de penis vast en maakt aftrekkende bewegingen. De man penetreert met zijn penis de vagina van het meisje. De man probeert zijn vinger verder in haar vagina te steken. De man dringt kennelijk met zijn rechterwijsvinger de anus van het meisje binnen.

Het Bureau Kinderporno stelt vast dat de niet omschreven kinderpornografische multimediafiles soortgelijk zijn aan de hierboven omschreven multimediafiles.5

2. De Digitale Recherche van het Team Forensische Opsporing van de Divisie Recherche van de Regiopolitie Noord- en Oost-Gelderland heeft geconcludeerd dat in totaal (965 – 201 + 1.177 – 801 =) 1.140 bestanden van het kinderpornografische beeldmateriaal dat op de harde schijf van de computer van verdachte is aangetroffen, voor verdachte normaal bereikbaar en beschikbaar waren. Die bestanden bevonden zich op een plaats, waar niet automatisch onbewust gedownloade bestanden worden opgeslagen.6

3. Verdachte heeft ten overstaan van de politie verklaard7 dat hij begin 2008 weer internet heeft genomen, omdat zijn zoon dat nodig had voor school.

Verdachte heeft vanaf dat moment kinderpornografisch beeldmateriaal van het internet afgehaald via het ‘shareware’-programma Limewire.8 Het betroffen hoofdzakelijk plaatjes van meisjes van 10 tot 14 jaar oud. Hij heeft honderden plaatjes gedownload en die in drie submapjes van de map ‘Mijn afbeeldingen’ opgeslagen. Hij zat bijna iedere avond voor of na het eten achter zijn computer om te downloaden.

Het is een bepaalde drang geweest om de plaatjes te downloaden. Hij wilde alleen maar meer hebben. Het ging dan ook om ‘het willen hebben’ van de plaatjes.9

4. Op basis van de bekennende verklaringen van verdachte en de processen-verbaal van bevindingen van voornoemd Bureau Kinderporno en de Digitale Recherche, in onderlinge samenhang beschouwd, acht de rechtbank het ten laste gelegde bezit van een groot aantal kinderpornografisch beeldmateriaal en het een gewoonte daarvan maken wettig en overtuigend bewezen.

5. De rechtbank acht dus niet wettig en overtuigend bewezen dat er sprake is van 1.440 afbeeldingen. De officier van justitie heeft dat aantal ter zitting gehandhaafd, maar de rechtbank kan haar daarin niet volgen. Uit de processen-verbaal van bevindingen van het Bureau Kinderporno en de Digitale Recherche, ook in onderlinge samenhang beschouwd, volgt namelijk niet dat bij verdachte in totaal 1.440 kinderpornografische afbeeldingen zijn aangetroffen.

6. De rechtbank is voorts van oordeel dat verdachte de kinderporno binnen de tenlastegelegde en bewezenverklaarde periode van het internet heeft gehaald en op zijn computer heeft opgeslagen. Het standpunt van de raadsman dat een en ander pas na het begin van 2008 is geschied moge niet onaannemelijk zijn, de rechtbank acht dat geen kwestie van bewezenverklaring maar van strafmaat.

Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat:

hij op meer tijdstippen in de periode van 5 juli 2007 tot en met 26 september 2008, te Doetinchem, meermalen een gegevensdrager, bevattende één of meer afbeeldingen van seksuele gedragingen, te weten een groot aantal afbeeldingen en films, bestaande die afgebeelde seksuele gedragingen in algemene zin (telkens) uit (een) geheel of gedeeltelijk ontklede minderjarige(n) die

- met een stijve penis en/of vinger(s) anaal en/of vaginaal en/of oraal wordt/worden gepenetreerd en/of

- (een) andere seksuele handelingen met zichzelf en/of met elkaar pleegt/plegen en/of van (een) volwassenen ondergaat en/of

- op een dusdanige wijze poseert/poseren dat het/de geslachtsde(e)l(en)

nadrukkelijk in beeld wordt/worden gebracht, welke wijze van poseren kennelijk bedoeld is om de seksuele prikkeling op te wekken,

van welke afgebeelde seksuele gedragingen een selectie - zakelijk weergegeven - onder meer als volgt is omschreven:

- een meisje kennelijk jonger dan 9 jaar. Meisje staat wijdbeens voorovergebogen en met haar handen leunend op de buik van een volwassen man. Deze man heeft een erectie en het lijkt alsof deze man zojuist een zaadlozing in de mond van het meisje heeft gehad. Uit de mond van het meisje en langs de stijve penis druipt sperma.

en

- een filmpje van 1 minuut en 28 seconden van een blank meisje, kennelijke leeftijd 6-9 jaar. Het meisje is met een judoband vastgebonden en op het filmpje is te zien hoe een volwassen man, die een erectie heeft, de vagina van het meisje penetreert. Vervolgens is te zien hoe dezelfde man het de anus van het meisje met zijn stijve penis penetreert. Tevens is te zien hoe de man de anus van het meisje penetreert, terwijl hij zijn wijsvinger in haar vagina brengt.

en

- een filmpje van 1 minuut en 40 seconden van een meisje, kennelijke leeftijd 3 tot 5 jaar. Op het filmpje is te zien hoe het meisje door een volwassen man in haar vagina wordt gepenetreerd. De man beweegt zijn penis steeds sneller en penetreert de vagina van het meisje dieper. De opnamen worden steeds meer ingezoomd, waarbij zowel het gezicht van de man als het meisje niet in beeld komen.

en

- een filmpje van 16 minuten en 33 seconden van een getint meisje, kennelijke leeftijd 4 tot 6 jaar. Op het filmpje is te zien hoe het meisje een volwassen man met een erectie moet aftrekken en pijpen. Ook is te zien hoe de volwassen man het meisje vaginaal met zijn stijve penis penetreert en hoe hij een vinger in haar vagina steekt. Vervolgens is te zien hoe de man de anus van het meisje met zijn vinger binnendringt.

en

- een afbeelding van een meisje, kennelijk jonger dan 15 jaar. Op de afbeelding is te zien dat het meisje een stijve penis in haar mond heeft en duidelijk in de camera kijkt.

en

- een afbeelding van een meisje, kennelijk jonger dan 14 jaar. De afbeelding bestaat uit drie kleinere afbeeldingen. Op twee afbeeldingen is te zien dat het meisje de stijve penis van een man in haar handen heeft en op een plaatje is te zien dat het meisje de stijve penis van een man in haar mond heeft.

en

- een afbeelding van een meisje, kennelijk jonger dan 15 jaar. Het meisje ligt naakt op een bed met haar benen uit elkaar. Ze kijkt duidelijk in de camera. Boven haar steunt een naakte man die met zijn stijve penis de vagina van het meisje penetreert.

bij welke vorenbedoelde afbeeldingen en films telkens een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken, telkens in bezit heeft gehad, terwijl verdachte hiervan een gewoonte heeft gemaakt.

Vrijspraak van het meer of anders ten laste gelegde

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezene levert op het misdrijf:

Een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit hebben, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Over verdachte is gerapporteerd in het rapport, gedateerd 23 februari 2009, opgemaakt door dr. L.H.W.M. Kaiser, psychiater, te weten dat verdachte lijdt aan een ziekelijke stoornis van zijn geestvermogens in de vorm van pedofilie van het exclusieve type dat ziet op het downloaden van porno van meisjes tussen de 12 en 14 jaar oud. Deze stoornis was tijdens het plegen van het ten laste gelegde feit bij verdachte aanwezig en heeft zijn gedragingen dusdanig beïnvloed dat dat feit daaruit verklaard kan worden. Verdachte recidiveerde ondanks en tijdens zijn behandeling in de Forensische Psychiatrische Kliniek Kairos te Arnhem. Hij voelde een sterke drang tot het downloaden van kinderporno en kon die drang niet stoppen. Door zijn stoornis kon verdachte zijn wil verminderd bepalen, zodat hij voor het ten laste gelegde - indien bewezen - als verminderd toerekeningsvatbaar wordt ingeschat.

Met de conclusie van dit rapport, te weten dat verdachte als verminderd toerekeningsvatbaar kan worden beschouwd, kan de rechtbank zich verenigen. Zij neemt deze conclusie over.

Verdachte is strafbaar, nu overigens geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

Oplegging van straf en maatregel

Standpunt van het openbaar ministerie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte terzake het ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf gelijk aan de duur van de tijd die door verdachte in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht. Tevens heeft zij de oplegging gevorderd van de maatregel van terbeschikkingstelling (verder: TBS-maatregel) met voorwaarden, zoals die voorwaarden geformuleerd zijn in het Maatregelrapport van Reclassering Nederland Regio Midden-Oost Nederland, gedateerd op 5 juni 2006, opgemaakt door I.F.J. Nibbelink, reclasseringswerker, en met de bijzondere voorwaarde dat de politie op elk moment een digitaal onderzoek kan doen naar de computer en/of andere digitale gegevensdragers van verdachte die hij voorhanden heeft, met een proeftijd van twee jaar.

Voorts heeft de officier van justitie gevorderd dat een last wordt gegeven tot de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf van zes maanden, waartoe verdachte bij voornoemd vonnis van de meervoudige kamer van de strafsector van deze rechtbank van 18 april 2007 is veroordeeld en ten aanzien waarvan bevel was gegeven dat die voorwaardelijk niet zou worden ten uitvoer gelegd.

De officier van justitie acht voor de strafmaat van belang de ernst van het feit en de omstandigheid dat het ook om zeer jeugdige kinderen gaat. Verdachte heeft niet uit commerciële redenen gehandeld. Er is verder sprake van recidive. Verdachte heeft reeds zeven maanden in voorarrest gezeten en tevens is verdachte reeds veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf waarvan de ten uitvoerlegging wordt verzocht.

Voor de gevorderde tenuitvoerlegging acht de officier van belang dat door de overheid aan de samenleving is beloofd dat een veroordeling alsnog ten uitvoer wordt gelegd als de voorwaarde tijdens de proeftijd wordt geschonden.

Standpunt van de verdediging

Door de raadsman is aangevoerd dat hij zich kan vinden in de gevorderde gevangenisstraf gelijk aan de tijd van het voorarrest van verdachte. Voorts is van belang dat de kans op herhaling tot nihil wordt gereduceerd. Verdachte is gemotiveerd om aan een maatregel van terbeschikkingstelling en de daarbij geldende voorwaarden en aanwijzingen mee te werken. De polikliniek De Tender is bereid verdachte te behandelen. Het is van belang dat de behandeling en begeleiding van verdachte zo snel mogelijk start. De op te leggen straf dient daarop geënt te zijn.

Tegen de bijzondere voorwaarde dat de politie op elk moment de gegevensdragers van verdachte digitaal kan onderzoeken, wordt geen bezwaar gemaakt.

De raadsman maakt wel bezwaar tegen de gevorderde tenuitvoerlegging. Verdachte moet namelijk op korte termijn met zijn behandeling kunnen starten. Hij heeft verder al lang genoeg in voorlopige hechtenis gezeten. Bovendien zal een tenuitvoerlegging de behandeling bij De Tender doorkruisen.

De beoordeling door de rechtbank

De rechtbank is van oordeel dat de beslissing in overeenstemming is met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan. Ook is gelet op de persoon van verdachte.

Bij de straftoemeting is in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het in bezit hebben van kinderporno en hij heeft daarvan een gewoonte gemaakt. Verdachte is weliswaar niet uit commerciële redenen met kinderporno bezig geweest en heeft niet zelf kinderporno gemaakt, maar het is hem indirect wel toe te rekenen dat verwerpelijke praktijken, die plaatsvinden met kinderen van veelal zeer jonge leeftijd, in stand worden gehouden en bevorderd. Het is goed mogelijk dat kinderen door betrokkenheid bij de op de afbeeldingen voorkomende seksuele gedragingen psychische schade kunnen oplopen, die vele jaren later nog diepe sporen achterlaat.

Verdachte heeft een strafblad10 waaruit blijkt dat hij bij vonnis van de meervoudige kamer van de strafsector van deze rechtbank van 18 april 2007 eerder is veroordeeld voor het verspreiden en bezitten van kinderporno en daarvan een gewoonte maken.

Verdachte heeft het onderhavige feit gepleegd, terwijl hij in zijn proeftijd van de eerdere veroordeling liep.

Verdachte wil de kans op herhaling echter terug brengen tot nihil. Hij is gemotiveerd om aan een maatregel van terbeschikkingstelling mee te werken en realiseert zich dat die terbeschikkingstelling een strikt kader zal zijn. Hij realiseert zich ook dat hij dat strikte kader nodig heeft.

In het Pro Justitia rapport, gedateerd op 23 februari 2009, opgemaakt door dr. L.H.W.M. Kaiser, psychiater, komt naar voren dat verdachte in zijn jeugd seksueel grensoverschrijdende gedragingen bij zijn ouders en naar zichzelf toe heeft ervaren en dat hij al jong een drang naar jonge kinderen voelde. Hij lijdt aan een ziekelijke stoornis van zijn geestvermogens in de vorm van pedofilie van het exclusieve type dat ziet op het downloaden van porno van meisjes tussen de 12 en 14 jaar oud. Gezien het recidiverende karakter van zijn pedofiele gedrag en de herhalingskans is een beschermende maatregel nodig in de vorm van een terbeschikkingstelling. Omdat verdachte gemotiveerd is voor behandeling en het gevaar zich beperkt tot het downloaden, wordt een terbeschikkingstelling met voorwaarden voldoende geacht om de kans op recidive te verkleinen.

In het Maatregelrapport van Reclassering Nederland Regio Midden-Oost Nederland, gedateerd op 5 juni 2006, opgemaakt door I.F.J. Nibbelink, reclasseringswerker, komt naar voren dat de reclassering, gelet op de door De Tender voorgestelde dagbehandeling van verdachte en diens acceptatie daarvan, een maatregel van terbeschikkingstelling met voorwaarden opgelegd zou kunnen worden conform de voorwaarden die in het Maatregelrapport zijn beschreven.

Verdachte heeft vanaf 29 september 2008 tot en met 29 april 2009 in totaal 213 dagen in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht.

Het voorgaande afwegend, acht de rechtbank de door de officier van justitie gevorderde gevangenisstraf van 213 dagen, gelijk aan de duur van het voorarrest van verdachte, passend en geboden. Verdachte heeft reeds 213 dagen in voorarrest gezeten, zodat hij voor het onderhavige feit niet alsnog een deel van de gevangenisstraf moet uitzitten.

De gevorderde maatregel van terbeschikkingstelling met voorwaarden, zoals in het Maatregelrapport van 5 juni 2006 is geformuleerd, is naar het oordeel van de rechtbank ook passend en geboden. De gevorderde bijzondere voorwaarde dat de politie op elk moment de gegevensdragers van verdachte digitaal kan onderzoeken, zal niet worden opgenomen. Gelet op de praktische uitvoering daarvan en mogelijk daarmee gepaard gaande schendingen van grondrechten bestaan daarvoor naar het oordeel van de rechtbank teveel bezwaren.

Door de bijzondere voorwaarde dat verdachte zich zal moeten houden aan wat de reclassering hem voorschrijft kan echter eenzelfde effect worden bereikt.

De rechtbank acht het van belang dat verdachte tegen zichzelf en de samenleving tegen verdachte wordt beschermd en dat verdachte al op korte termijn met zijn behandeling in De Tender start. Dit belang moet naar het oordeel van de rechtbank in dit geval zwaarder wegen dan het belang bij de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf. Hierbij neemt de rechtbank in aanmerking dat de reclasseringsmedewerker Nibbelink ter zitting heeft verklaard dat De Tender verdachte niet zal behandelen als hij in de gevangenis zit. De tenuitvoerlegging zal de behandeling van verdachte op korte termijn dus doorkruisen.

De gevorderde tenuitvoerlegging van de voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf wordt daarom afgewezen. De rechtbank ziet aanleiding om de proeftijd bij die voorwaardelijke gevangenisstraf evenwel te verlengen voor de duur van één jaar.

Toepasselijk wettelijke artikelen

Deze strafoplegging is gegrond op de artikelen 10, 14f, 27, 37a, 57, 240b van het Wetboek van Strafrecht.

Beslissing

De rechtbank:

* verklaart, zoals hiervoor overwogen, bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan;

* verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij;

* verklaart het bewezenverklaarde strafbaar en kwalificeert dit als:

Een gegevensdrager bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken of schijnbaar is betrokken, in bezit hebben, terwijl van het plegen van dit misdrijf een gewoonte wordt gemaakt, meermalen gepleegd.

* verklaart verdachte strafbaar;

* veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 213 dagen;

* beveelt, dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;

* gelast dat verdachte ter beschikking wordt gesteld onder de volgende voorwaarden:

- verdachte de behandeling bij polikliniek de Tender volgt, conform de behandelovereenkomst, die periodiek bijgesteld kan worden ook indien dit een medicamenteuze behandeling inhoudt;

- verdachte verschaft de reclassering inzage in zijn doen en laten en bespreekt het verloop van de behandeling en belangrijke ontwikkelingen in zijn leven;

- verdachte zal, anders dan na toestemming, geen computer in zijn bezit hebben;

- verdachte heeft geen contact met zijn kinderen, anders dan onder toezicht zolang begeleidende instanties dit noodzakelijk achten;

- verdachte zal niet van woonplek veranderen anders dan na overleg en met toestemming van de reclassering;

- verdachte houdt zich aan de aanwijzingen en voorschriften hem te geven door of namens de reclassering;

- in aanvang van de begeleiding zal er minimaal wekelijks contact zijn tussen de reclassering en verdachte. Uitgangspunt is eens per twee weken face to face contact;

- verdachte verleent zijn medewerking aan het betrekken van belangrijke personen uit zijn netwerk bij de behandeling/begeleiding onder anderen zijn ex-vrouw en zijn broer;

- contact en afstemming met de wijkagent zal in de nieuwe woonomgeving tot stand gebracht worden.

* wijst af de vordering van de officier van justitie van 18 november 2008, strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de meervoudige kamer van de strafsector van deze rechtbank van 18 april 2007 voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van zes (6) maanden;

* verlengt de proeftijd als vermeld in het vonnis van de meervoudige kamer van de strafsector van deze rechtbank van 18 april 2007 met een termijn van één (1) jaar;

* heft op het -geschorste- bevel tot voorlopige hechtenis.

Aldus gewezen door mrs. Kleinrensink, voorzitter, Varenhorst en Van den Dungen-Dijkstra, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Wever, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 24 juni 2009.

Voetnoten:

1 Voor zover niet anders is vermeld, wordt hierna in de voetnoten telkens verwezen naar in de wettelijke vorm opgemaakte processen-verbaal, met bijbehorende dossierpagina’s, die deel uitmaken van het (Stam)proces-verbaal nr. PL0610/09-206411. Het Stamproces-verbaal is op 16 december 2008 opgemaakt door M.J. de Bruyne, hoofdagent te Doetinchem, district Achterhoek, Regiopolitie Noord-Oost Gelderland.

2 Uittreksel justitiële documentatie d.d. 30 september 2008

3 Proces-verbaal van verhoor, dossierpagina 18 en 19

4 Proces-verbaal van bevindingen (multimedia), dossierpagina 38, 54, 55, 56, 57 en 58.

5 Proces-verbaal van bevindingen (multimedia), dossierpagina 53.

6 Proces-verbaal van vervolgonderzoek, dossierpagina 67 - 69

7 Proces-verbaal van verhoor, dossierpagina 81.

8 Proces-verbaal van verhoor, dossierpagina 82.

9 Proces-verbaal van verhoor, dossierpagina 83.

10 Uittreksel justitiële documentatie d.d. 30 september 2008