Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2009:BH2395

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
06-02-2009
Datum publicatie
10-02-2009
Zaaknummer
06-460507-06 (tul bijzondere voorwaarde)
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vordering ten uitvoerlegging wordt voor de duur van één maand toegewezen en wordt omgezet in zestig uren taakstraf. Voor het overige deel van de voorwaardelijke straf, te weten vijf maanden gevangenisstraf, wordt de proeftijd verlengd met één jaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Straf

Meervoudige kamer

Parketnummer: 06/460507-06 (tul bijzondere voorwaarde)

Uitspraak 6 februari 2009

De rechtbank heeft te beslissen op de op 29 december 2008 ter griffie ingekomen vordering van de officier van justitie strekkende tot tenuitvoerlegging van de bij onherroepelijk vonnis van de meervoudige kamer van deze rechtbank van 2 mei 2007 aan:

[verdachte],

geboren te [plaats] op [1978],

wonende te [adres en plaats],

voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden met een proeftijd van twee jaren, en waarbij de volgende bijzondere voorwaarde is gesteld:

de veroordeelde zal zich gedurende de proeftijd gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen, hem te geven door of namens de reclassering, zolang de reclassering dit noodzakelijk oordeelt.

De rechtbank heeft de stukken bezien, waaronder:

- drie voortgangsverslagen van de reclassering Nederland van respectievelijk 14 november, 3 december en 11 december 2008, ondertekend door [reclasseringswerker], reclasseringswerker, en [unitmanager], unitmanager;

De vordering is in het openbaar behandeld ter terechtzitting van de meervoudige kamer op 23 januari 2009. Van de behandeling is proces-verbaal opgemaakt.

Overwegingen:

Uit de voortgangsverslagen komt naar voren dat veroordeelde zich niet heeft gehouden aan de hem bij vonnis van 2 mei 2007 opgelegde voorwaarde. Hij kwam afspraken die de reclassering met hem maakte, niet na. Zo is hij is op de afspraak van 12 november 2008 niet verschenen, heeft hij drie keer kort van tevoren een afspraak laten verplaatsen en is een keer een afspraak vergeten. De aanwijzing van de reclassering om naar Tactus verslavingszorg te gaan en zich daar te laten behandelen, heeft veroordeelde niet opgevolgd. Ook tijdens het gesprek op 20 november 2008 was het niet mogelijk met veroordeelde een gesprek te voeren. Hij liet de reclasseringswerker niet uitpraten en wilde bij nader inzien toch niet naar Tactus. Ook een driegesprek tussen veroordeelde, [reclasseringswerker] en [unitmanager], heeft niet tot het gewenste resultaat geleid.

Door en namens veroordeelde is aangevoerd dat de vordering niet ten uitvoer moet worden gelegd. Het reclasseringscontact is pas in juni 2008 tot stand gekomen. Op dat moment had veroordeelde al een jaar van zijn vrijheid genoten. Hij heeft bij de reclassering niet direct het achterste van zijn tong laten zien en was terughoudend. De reclassering heeft gerapporteerd dat veroordeelde heeft verzuimd, gelogen en drugs heeft gebruikt. Veroordeelde heeft in het eerste gesprek een andere naam van zijn vriendin opgegeven, omdat hij niet direct een vertrouwensband met [reclasseringswerker] had. Hij heeft slechts één keer een afspraak afgebeld. Wel heeft hij drie keer een afspraak verplaatst, maar dan is geen sprake van verzuim. Er is een driegesprek geweest met [reclasseringswerker], [unitmanager] en veroordeelde. Veroordeelde heeft toen een folder meegekregen waarin stond, dat hij na dat gesprek een klacht kon indienen. Dat had veroordeelde voor ogen, maar op het moment dat veroordeelde dacht dat hij verder kon, is het toezicht teruggestuurd. Veroordeelde wil graag meewerken aan de behandeling bij Tactus. De raadsman heeft primair verzocht de vordering af te wijzen en subsidiair om de vordering deels toe te wijzen en overigens de proeftijd te verlengen.

De officier van justitie heeft ter terechtzitting gepersisteerd bij haar vordering.

De rechtbank heeft geconstateerd dat veroordeelde binnen de proeftijd van twee jaren de bijzondere voorwaarde van reclasseringstoezicht heeft overtreden. Uitgangspunt is dat veroordeelde zich moet houden aan de aanwijzingen en voorschriften die hem worden gegeven door de reclassering. Het is niet aan veroordeelde om op dat gebied regels of voorwaarden te stellen. Dat betekent dat veroordeelde, ook als het contact met zijn reclasseringsmedewerker [reclasseringswerker] niet soepel verloopt, zijn medewerking dient te verlenen aan de begeleiding en zich heeft te houden aan de aanwijzingen en voorschriften die hem worden gegeven.

De rechtbank overweegt dat uit het verhandelde ter zitting enerzijds naar voren is gekomen dat het reclasseringscontact erg laat is opgestart. De rechtbank heeft in de reclasseringsrapporten geen aanknopingspunten gevonden waaruit zou blijken dat veroordeelde hierover niet de waarheid heeft gesproken. Anderzijds heeft veroordeelde een waarschuwing gehad en kan de reclassering op enig moment een grens stellen aan wat werkbaar wordt geacht. De rechtbank vindt het van belang dat veroordeelde de behandeling bij Tactus voortzet, maar wil veroordeelde er tevens van doordringen dat zijn eigengereide opstelling in het contact met de reclassering niet acceptabel is.

Op grond van het voorgaande zal als volgt worden beslist.

Beslissing:

De rechtbank:

- wijst de vordering van de officier van justitie tot tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf toe voor de duur van één maand toe;

- zet deze gevangenisstraf om in een werkstraf voor de duur van zestig uren;

- verlengt voor het overige deel van de bij vonnis van 2 mei 2008 opgelegde voorwaardelijke straf, te weten vijf maanden gevangenisstraf, de proeftijd met één jaar;

Deze beslissing is gegeven door mrs. Hemrica, voorzitter, Van der Mei en Van de Wetering, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Ter Haar, griffier en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 6 februari 2009.