Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2008:BE8655

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
02-06-2008
Datum publicatie
19-08-2008
Zaaknummer
329975 - 441/08
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bewoner grensstreek ontvangt rekening van Nederlandse provider met daarop tarief van buitenlandse provider die - i.v.m. bijvoorbeeld atmosferische omstandigheden - in plaats van zijn Nederlandse provider de verbinding voor het binnenlands mobiel telefoonverkeer tot stand heeft gebracht. Bewoner grensstreek hoeft voor binnenlands mobiel telefoonverkeer dat op die wijze tot stand is gebracht niet het tarief van de buitenlandse provider te betalen. Dit is anders als de Nederlandse provider de klant aantoonbaar nadrukkelijk op deze mogelijkheid heeft gewezen en ook op de mogelijkheid dat het tot stand brengen van een verbinding via een buitenlandse provider uitgeschakeld kan worden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Kanton – Locatie Oost Gelre

Zaak-/ Rolnummer: 329975 - 441/08

Vonnis van de kantonrechter d.d. 2 juni 2008

inzake

De besloten vennootschap INTRUM JUSTITIA NEDERLAND B.V., gevestigd en kantoorhoudende te ’s-Gravenhage, eiseres,

gemachtigde mr. Guinée, werkzaam bij deurwaarderskantoor Van den Heuvel te Nijmegen,

tegen

[gedaagde], wonende te [plaats en adres], gedaagde, schriftelijk procederend.

Partijen worden hierna aangeduid als Intrum Justitia en [gedaagde].

Het procesverloop

Dit verloop blijkt uit:

* de dagvaarding van 14 juni 2007

* het mondelinge antwoord van [gedaagde]

* de conclusie van repliek

* de mondelinge reactie daarop van [gedaagde].

De kantonrechter heeft vonnis bepaald.

De feiten

1. Intrum Justitia heeft de vordering waar het in deze procedure om gaat gecedeerd gekregen van de naamloze vennootschap Orange Nederland N.V. (hierna te noemen Orange), voorheen genaamd Dutchtone N.V.

2. [gedaagde] heeft zich bij Orange aangemeld om tegen betaling gebruik te mogen maken van door haar verleende diensten op het gebied van telecommunicatie. Op de tussen hen gesloten overeenkomst zijn de door Orange gehanteerde algemene voorwaarden van toepassing.

[gedaagde] moet Orange voor de geleverde diensten maandelijks een vast bedrag betalen en de kosten van de gevoerde telefoongesprekken, alles conform de tussen hen overeengekomen tarieven.

3. Orange heeft [gedaagde] voor door hem gevoerde telefoongesprekken op 24 augustus en 23 september 2007 rekeningen gestuurd voor een totaalbedrag van € 275,02. [gedaagde] heeft de rekeningen niet betaald.

Het geschil

1. Intrum Justitia vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een bedrag van

€ 347,46, vermeerderd met de wettelijke rente over € 265,02 vanaf de dag der dagvaarding tot die dag der algehele voldoening, een en ander tezamen een bedrag van € 5.000,00 niet te bovengaande, kosten rechtens.

2. Intrum Justitia legt aan haar vordering de vastgestelde feiten ten grondslag, als ook de stelling dat [gedaagde] – ondanks herinneringen en aanmaningen daartoe - nagelaten heeft de hem voor de geleverde diensten gestuurde facturen te betalen. Daarom heeft zij haar vordering uit handen moeten geven. De kosten die dat met zich brengt moeten voor rekening van [gedaagde] komen, evenals de rente.

3. [gedaagde] heeft verweer tegen de vordering gevoerd. Hij heeft aangevoerd dat hij met Orange heeft gecontracteerd en bereid is een Nederlandse rekening te betalen. In het contract is geen sprake van grensoverschrijdende telefoongesprekken. De rekeningen die hij heeft gekregen houden ook kosten in voor gesprekken die vanuit Duitsland zijn gevoerd, maar daar is hij echter nooit geweest. Hij is aan huis gekluisterd in verband met zijn lichamelijke beperkingen en afhankelijk van thuiszorg.

De beoordeling

1. De door Orange in rekening gebrachte kosten voor telefoongesprekken die door tussenkomst van de Duitse provider T Mobile tot stand zijn gekomen, worden door [gedaagde] betwist. Bij antwoord heeft hij een brief van Orange overgelegd. Hierin deelt zij hem onder meer het volgende mee: ………”In het grensgebied zoals Dinxperlo, Aalten en Winterswijk kan het voorkomen dat het netwerk van een buitenlandse provider op een bepaald moment sterker is als het netwerk van Orange. Dit is afhankelijk van diverse factoren, waaronder weersomstandigheden. Met welke provider een gesprek tot stand wordt gebracht is altijd zichtbaar op het display van de mobiele telefoon. De gesprekken zijn op de juiste wijze gefactureerd”. ….

Ook heeft hij overgelegd een kopie van een brief van Intrum Justitia van 9 januari 2008, die hem onder meer schrijft: ……”Zoals Orange Nederland u ook al heeft gemeld is het mogelijk dat wanneer u in de buurt van de Duitse grens bent en het netwerk daar beter is er wordt overgeschakeld. Dan belt u via Duitsland. Wanneer deze instelling op uw telefoon niet is uitgeschakeld gebeurd dit automatisch”….

2. [gedaagde] heeft gesteld dat de gesprekken die hem in rekening zijn gebracht vanuit Nederland zijn gevoerd, de meeste vanaf een bepaald adres in Aalten.

Orange houdt het erop dat de gesprekken vanuit het buitenland zijn gevoerd, maar geeft daarop geen toelichting, zodat haar veronderstelling als te vaag moet worden gepasseerd.

Uit de overgelegde facturen blijkt dat alle gesprekken zijn gevoerd met vaste nummers in Nederland. Het gaat dus om telefoonverkeer uit Nederland naar Nederland – binnenlands telefoonverkeer. [gedaagde] heeft gesteld dat hij met Orange heeft gecontracteerd en er in het contract niet gesproken is over grensoverschrijdende telefoongesprekken of hogere kosten voor binnenlands telefoonverkeer in het geval een buitenlandse provider dat uitvoert.

Uit de facturen valt verder af te leiden dat de binnenlandse gesprekken die gevoerd zijn door tussenkomst van Orange goedkoper zijn dan de gesprekken die tot stand zijn gebracht door DE-T Mobile.

Intrum Justitia geeft niet aan dat [gedaagde] bij het aangaan van het contract uitdrukkelijk gewezen is op het feit dat, nu hij vlak bij de grens woonachtig is, het kan gebeuren dat een door hem gewenste verbinding niet door Orange, maar door een Duitse provider tot stand wordt gebracht en dat dat duurder is. Ook is uit de stukken niet af te leiden dat [gedaagde] op de hoogte is gebracht van de mogelijkheid om op zijn toestel de totstandkoming van verbindingen door een Duitse provider uit te schakelen. De enkele verwijzingen in de door Orange en Intrum Justitia aan [gedaagde] gestuurde brieven is te weinig om te concluderen dat [gedaagde] van de hoed en de rand wist.

Daarom kan niet worden gezegd dat [gedaagde] zich heeft verbonden voor binnenlands telefoonverkeer tegen hogere tarieven dan de door Orange gehanteerde, in het geval een buitenlandse provider de dienst verleent.

Onder deze omstandigheden moet worden geconcludeerd dat de vordering van Intrum Justitia slechts doel treft ten aanzien van de door [gedaagde] gevoerde gesprekken die door tussenkomst van Orange tot stand zijn gebracht. Bij de vaststelling van het door [gedaagde] te betalen bedrag zal worden uitgegaan van de door hem bij zijn conclusie van antwoord overgelegde kopie van de specificaties bij de rekeningen van 25 juli 2007, 25 augustus 2007 en 25 september 2007, nu van de zijde van Intrum Justitia verzuimd is een kopie van de rekeningen in het geding te brengen.

3. Nu Orange voor het grootste deel van haar vordering in het ongelijk wordt gesteld, ziet de kantonrechter geen aanleiding de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten en rente toe te wijzen en zal zij worden veroordeeld in de proceskosten.

Beslissing

De kantonrechter, rechtdoende;

Veroordeelt [gedaagde] om aan Intrum Justitia tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen € 9,75.

Veroordeelt Intrum Justitia in de kosten van dit geding tot aan deze uitspraak aan de kant van [gedaagde] begroot op nihil.

Wijst het meer of anders gevorderde af.

Aldus gewezen door mr. W.C. Haasnoot, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van maandag 2 juni 2008, in tegenwoordigheid van de griffier.