Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2008:BD9754

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
25-07-2008
Datum publicatie
08-08-2008
Zaaknummer
07/2200 HOREC
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Afwijzing door B&W van de gemeente Epe van het verzoek om handhavend op te treden tegen zelfstandige horeca-activiteiten in het dorpscentrum 'De Wieken" in Vaassen. Beroep is gegrond verklaard. De rechtbank is van oordeel dat sprake is reguliere horeca-activiteiten welke niet passen binnen het bestemmingsplan. Het gaat daarbij om de volgende evenementen: Rock in night en Dance classic.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Module Horeca 2008/784
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Bestuursrecht

Enkelvoudige kamer

Reg.nr.: 07/2200 HOREC

Uitspraak in het geding tussen:

Afdeling Apeldoorn en omstreken van het Koninklijk verbond van ondernemers in het

horeca- en aanverwante bedrijf Horeca Nederland,

gevestigd te Apeldoorn,

eiseres,

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Epe,

verweerder.

1. Bestreden besluit

Besluit van verweerder van 21 november 2007.

2. Feiten

Bij besluit van 28 juni 2007 heeft verweerder afwijzend beslist op het namens eiseres op

29 januari 2007 ingediende verzoek om handhavend op te treden tegen het ontplooien van

zelfstandige commerciële horeca-activiteiten in het dorpscentrum 'De Wieken' aan de

Molenstraat 15 te Vaassen.

Namens eiseres is tegen dit besluit bezwaar gemaakt.

Bij het bestreden besluit heeft verweerder - in overeenstemming met het advies van de

commissie voor de Bezwaarschriften - het bezwaar ongegrond verklaard.

3. Procesverloop

Namens eiseres heeft drs. M.R.F. Wiesehahn, werkzaam bij het Bureau Eerlijke

Mededinging te Woerden, beroep ingesteld op de in het beroepschrift vermelde gronden

Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken en een verweerschrift

ingediend.

Het beroep is behandeld ter zitting van 24 april 2008, waar eiseres, met kennisgeving vooraf,

niet is verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door B. Verberk-Jansen.

Ter zitting heeft de rechtbank het onderzoek met toepassing van artikel 8:64, eerste lid, van

de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geschorst, om verweerder in de gelegenheid te stellen

een nader stuk over te leggen. Dit is gebeurd bij schrijven van 24 april 2008.

Vervolgens heeft de rechtbank na verkregen toestemming van partijen bij brieven van 24 juni

2008 bepaald dat (nader) onderzoek ter zitting achterwege blijft en het onderzoek gesloten.

4. Motivering

4.1. De rechtbank stelt allereerst vast dat eiseres als een belanghebbende als bedoeld in

artikel 1:2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan worden aangemerkt. Daartoe

wordt het volgende overwogen.

Eiseres is volgens artikel 2 van haar statuten een vereniging met als doel onder andere in de

gemeente Epe de algemene materiële en immateriële (bedrijfs)belangen van de leden en de

bedrijfscategorieën waartoe deze behoren te behartigen.

Uit de gedingstukken kan worden afgeleid dat het tegengaan van oneerlijke concurrentie in

het werkgebied, waartoe het handhavingsverzoek kennelijk is ingediend, een belang betreft

waarvan de behartiging voldoende kenmerken vertoont van behartiging van bovenbedoeld

belang, dat los kan worden gezien van het belang van individuele leden.

4.2. Ter beoordeling staat of verweerder op goede gronden het handhavingsverzoek van

eiseres van 29 januari 2007 heeft afgewezen.

4.3. Eiseres heeft aan haar handhavingsverzoek ten grondslag gelegd dat haar is gebleken

dat Dorpscentrum 'De Wieken' haar pand geopend houdt voor het houden van feesten en

partijen die als zelfstandige horeca-activiteiten zijn aan te merken en daarmee in strijd zijn

met de gebruiksvoorschriften van het ter plaatse geldende bestemmingsplan.

4.4. Dorpscentrum 'De Wieken' wordt geëxploiteerd door de Stichting Dorpscentrum

Vaassen (hierna: De Stichting). In het dorpscentrum is een sporthal aanwezig, een

multifunctionele zaal en een restaurantgedeelte. Acht plaatselijke (sport)verenigingen

hebben er hun activiteiten.

Op het betreffende perceel rust ingevolge het vigerende bestemmingsplan "Centrum-

Vaassen" (hierna: het bestemmingsplan) de bestemming "Bijzondere Doeleinden".

Ingevolge artikel 2.4 van de voorschriften van het bestemmingsplan mag de op de plankaart

blijkens de daarop voorkomende verklaring als zodanig bestemde grond uitsluitend worden

gebruikt voor instellingen terzake van openbare dienstverlening, verenigingsleven, cultuur,

onderwijs, volksgezondheid en religie met de daarbij behorende gebouwen, waaronder

begrepen een al dan niet vrijstaande dienstwoning, andere bouwwerken en andere werken.

Ingevolge artikel 3.1, eerste lid, van de planvoorschriften is; het verboden gronden en

opstallen te gebruiken op een wijze of tot een doel strijdig met de in het bestemmingsplan

aan de grond en ten aanzien van het gebruik van de grond gegeven bestemming.

4.5. Verweerder heeft bij de voorbereiding van haar besluitvorming vastgesteld dat voor

2007 de volgende evenementen in het dorpscentrum gepland stonden:

1. Carnaval van 17 t/m 20 februari;

2. Antiek- en rommelmarkt op 25 maart;

3. Rock in night op 7 april;

4. Dance classic op 16 juni;

5. Verzamel- en ruilbeurs op 1 1 augustus;

6. Poppenbeurs op 26 augustus;

7. Oktoberfeesten van l l tot en met 14 oktober;

8. Rock in night begin september;

9. Rock in night eind november.

Uit de stukken blijkt dat het handhavingsverzoek zich niet richt tegen activiteiten als vermeld

onder 2, 5 en 6.

Met betrekking tot de overige evenementen heeft verweerder gesteld dat deze worden

georganiseerd door de Stichting dan wel door vrijwilligers en het verenigingsleven uit de

kringen van de Stichting en dat gelet daarop geen sprake is van strijd met het

bestemmingsplan omdat binnen de bestemming 'bijzondere doeleinden' het verenigingsleven

haar activiteiten mag ontplooien. In de voorschriften zijn geen beperkingen opgelegd ten

aanzien van de te ontplooien activiteiten door de verenigingen, aldus verweerder.

4.6. De rechtbank kan verweerder in dit standpunt niet volgen.

Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting stelt de rechtbank vast dat de

evenementen 'Rock in night' en de 'Dance classic' niet in verenigingsverband worden

georganiseerd. Vaststaat dat beide feesten worden georganiseerd door een stichting die niet

haar basis heeft in het dorpscentrum. Evenmin is sprake van een connectie met een van de in

het dorpscentrum 'huizende' verenigingen. Daar komt bij dat het bij deze evenementen gaat

om openbaar toegankelijke feesten, met een vaste toegangsprijs, waarvoor lidmaatschap van

een vereniging in Vaassen niet vereist is. Iedere (toevallige) bezoeker wordt toegelaten.

Naar het oordeel van de rechtbank is bij deze evenementen dan ook sprake van reguliere

horeca-activiteiten, welke niet passen binnen de bestemming "Bijzondere doeleinden".

Dit ligt anders wat betreft het carnaval en de oktoberfeesten, nu gebleken is dat deze worden

georganiseerd door de plaatselijke carnavalsvereniging.

4.7. Vaststaat dat evenementen als de 'Rock in night' en 'Dance classic' ten tijde van

belang voor de beoordeling van het nu voorliggende besluit van verweerder, op structurele

basis plaatsvonden in het dorpscentrum. Dat, zoals verweerder heeft aangegeven, het voor

november 2007 geplande evenement geen doorgang heeft gevonden en dat de betreffende

organiserende stichting geen feesten meer in de dorpscentrum zal organiseren, kan aan die

conclusie niet afdoen.

Er was mitsdien ten tijde van belang sprake van met het in het bestemmingsplan opgenomen

gebruiksverbod strijdig gebruik van het dorpscentrum. Venveerder was derhalve, anders dan

hij heeft aangenomen, bevoegd tot handhavend optreden er zake van overtreding van artikel

3.1, eerste lid, van de bestemmingsplanvoorschriften.

4.8. Gelet op het algemeen belang dat is gediend met handhaving, zal in geval van

overtreding van een wettelijk voorschrift het bestuursorgaari dat bevoegd is om met

bestuursdwang of een last onder dwangsom op te treden, in de regel van deze bevoegdheid

gebruik moeten maken. Slechts onder bijzondere omstandigheden mag het bestuursorgaan

weigeren, dit te doen. Dit kan zich voordoen indien concreet zicht op legalisering bestaat.

Voorts kan handhavend optreden zodanig onevenredig zijn in verhouding tot de daarmee te

dienen belangen dat van optreden in die concrete situatie behoort te worden afgezien.

Voor zover verweerder heeft beoogd zich op het standpunt te stellen dat concreet zicht op

legalisering bestaat gelet op de voorschriften van het nieuwe (vastgestelde maar niet

goedgekeurde) bestemmingsplan "Vaassen-Centrum", kan dat door de rechtbank niet worden

gevolgd, reeds omdat ook onder de nieuwe doeleindenbeschrijving, om dezelfde redenen als

hierboven vermeld, sprake zou zijn van strijdig gebruik.

Ook overigens is niet gebleken van bijzondere omstandigheden op grond waarvan

handhavend optreden in dit geval zodanig onevenredig is dat daarvan behoort te worden

afgezien.

4.9. Het voorgaande leidt tot de slotsom dat het bestreden besluit niet op een deugdelijke

motivering berust en derhalve voor vernietiging in aanmerking komt wegens strijd met

artikel 7: 12 van de Awb. Het beroep is gegrond. Verweerder dient met inachtneming van

deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op het bezwaar van eiseres.

4.10. Er is aanleiding voor een veroordeling van verweerder in de proceskosten van eiseres.

Met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht wordt ter zake van rechtsbijstand

1 punt toegekend, waarbij een wegingsfactor 1 wordt gehanteerd.

5. Beslissing

De rechtbank:

- verklaart het beroep gegrond;

- vernietigt het bestreden besluit;

- draagt verweerder op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een

nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak;

- bepaalt dat verweerder het betaalde griffierecht van € 285,-- aan eiseres vergoedt;

- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 322,--, te

betalen door de gemeente Epe, ter zake van verleende rechtsbijstand.

Aldus gegeven door mr. L.J.P. Lambooij en in het openbaar uitgesproken op 25 juli 2008 in

v a.mn: M.H.M. Steigenga-Gerritsen als griffier.