Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2007:BB4922

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
05-10-2007
Datum publicatie
05-10-2007
Zaaknummer
06/580244-07
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Oplichter veroordeeld tot 10 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk.

Verdachte heeft door zijn handelwijze ernstig afbreuk gedaan aan het vertrouwen dat in het economisch verkeer wordt gehecht aan documenten en creditcard, terwijl aan de betrokken creditcardmaatschappijen c.q. gedubpeerde rekeninghouders bovendien aanzienlijke financiële schade is toegebracht.

De benadeelde partij is niet-ontvankelijk verklaard in zijn vordering, nu deze geen rechtstreekse schade heeft geleden. Degene die in alle rechten op schadevergoeding van het slachtoffer is getreden, kan zich niet als beledigde partij in het strafgeding voegen.

Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Straf

Meervoudige kamer

Parketnummer: 06/580244-07

Uitspraak d.d.: 5 oktober 2007

Tegenspraak / dnip

VERKORT VONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren te [plaats] op [geboortedatum] 1973,

wonende te [adres en woonplaats].

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting

van 21 september 2007.

De tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

1.

hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 juli 2006 tot en met 09 mei 2007 in de gemeente(n) Zutphen en/of Hengelo (Overijssel) en/of Amsterdam en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en) en/of alleen (telkens) opzettelijk gebruik heeft gemaakt van (een) vals(e) of vervalst(e) loonstrook, – (elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen – als ware die/dat geschrift(en) (telkens) echt en onvervalst, bestaande dat gebruikmaken hierin dat hij en/of zijn mededader(s) die loonstrook tezamen met een aanvraag voor een Visa World Card en/of een Tell Sell Master Card, althans een Visa Card/Master Card heeft/hebben verzonden naar International Card Services BV ter verkrijging van die Visa (World) Card en/of die (Tell Sell) Master Card, en bestaande die valsheid of vervalsing (onder meer) hierin dat een (origineel) loonstrookje (onder de scanner) was gekopieerd en de naam op dat loonstrookje was gewijzigd in de na(a)m(en)

- [naam A] en/of

- [naam B] en/of

- [naam C] en/of

- [naam D] en/of

- [naam E] en/of

- [naam F] en/of

- [naam G] en/of

- [naam H] en/of

- [naam I] en/of

- [naam J] en/of

- [naam K] en/of

- [naam L] en/of

- [naam M];

(incidentnrs 1 t/m 4, 6, 7, 9 t/m 14, 16 t/m 19)

art 225 lid 2 Wetboek van Strafrecht

2.

hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 juli 2006 tot en met 09 mei 2007 in de gemeente(n) Zutphen en/of Hengelo (Overijssel) en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en) en/of alleen, (telkens) een loonstrookje, – (elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen – valselijk heeft opgemaakt of vervalst, immers hebben/heeft verdachte en/of zijn mededader(s) (telkens)

valselijk een (origineel) loonstrookje (onder de scanner) gekopieerd en de naam op dat loonstrookje gewijzigd in de na(a)m(en)

- [naam A] en/of

- [naam B] en/of

- [naam C] en/of

- [naam D] en/of

- [naam E] en/of

- [naam F] en/of

- [naam G] en/of

- [naam H] en/of

- [naam I] en/of

- [naam J] en/of

- [naam K] en/of

- [naam L] en/of

- [naam M];

(incidentnrs 1 t/m 4, 6, 7, 9 t/m 14, 16 t/m19)

art 225 lid 1 Wetboek van Strafrecht

3.

hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 01 juli 2006 tot en met 09 mei 2007 in de gemeente(n) Zutphen en/of Utrecht en/of Hengelo (Overijssel) en/of Deventer en/of Arnhem en/of Rotterdam en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, en/of alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse

hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels,(respectievelijk)

- International Card Services BV heeft bewogen tot de (een) Visa (World) Card(s) en/of

(een) (Tell Sell) Mastercard(s) op na(a)m(en) van: [naam A] en/of [naam B] en/of [naam C] en/of [naam H] en/of [naam I] en/of [naam J] en/of

[naam K]/[naam K] en/of [naam M]

en/of

- International Card Services BV en/of een of meer (andere) bedrijven/bedrijf en/of (een) perso(o)n(en) heeft bewogen tot de afgifte van (een) geldbedrag(en) en/of een of meer ander(e) goed(eren) en/of dienst(en),

hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) (telkens) met vorenomschreven oogmerk – zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (respectievelijk)

- zich aan die International Card Services BV voorgedaan als zijnde [naam A] en/of [naam B] en/of [naam C] en/of [naam H] en/of [naam I] en/of [naam J] en/of [naam K]/[naam K] en/of [naam M], althans als zijnde de rechtmatige aanvrager(s) van die Visa World Card(s) en/of die Tell Sell Mastercard(s) en/of

- zich bij aanko(o)p(en)/transactie(s) met die Visa World Card(s) en/of die Tell Sell Mastercard(s) aan die International Card Services BV en/of die/dat bedrijven/bedrijf en/of perso(o)n(en) voorgedaan als zijnde de rechtmatige houder(s) van die Visa World Card(s) en/of die Tell Sell Mastercard(s),

waardoor die International Card Services BV en/of die/dat bedrijven/bedrijf en/of die/dat perso(o)n(en) werd(en) bewogen tot bovenomschreven afgifte;

(incidentnrs 1, 2, 3, 12, 13, 14, 16, 19)

art 326 Wetboek van Strafrecht

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

4.

hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 03 juli 2003 tot en met 09 mei 2007 in de gemeente(n) Zutphen en/of Apeldoorn, en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, en/of alleen, een identiteitskaart/-bewijs (op naam van [naam E]) en/of een rijbewijs (op naam van [naam D]), voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij en/of zijn mededader(s) ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die/dat identiteitskaart/-bewijs en/of dat rijbewijs wist(en), dan wel redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

(incidenten 3 en 4)

art 417 bis lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht

art 416 lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

ALTHANS, dat

hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 3 juli 2003 tot en met 09 mei 2007 in de gemeente Apeldoorn en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, en/of alleen, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen (respectievelijk)

- een identiteitskaart/-bewijs en/of een of meer ander(e) goed(eren) geheel of ten dele toebehorende aan [naam E] en/of

- een rijbewijs en/of een of meer ander(e) goed(eren), geheel of ten dele toebehorende aan [naam D], en/of aan een of meer andere perso(o)n(en), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s),

waarbij verdachte en/of zijn mededader(s) zich (telkens) de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben verschaft en/of de/het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking, (een) valse sleutel(s) en/of inklimming;

(incidenten 3 en 4)

art 310 Wetboek van Strafrecht

art 311 lid 1 ahf/sub 4 Wetboek van Strafrecht

art 311 lid 1 ahf/sub 5 Wetboek van Strafrecht

Taal- en/of schrijffouten

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bewijsoverweging ten aanzien van het onder 1 en 2 ten laste gelegde

Door en namens verdachte is aangevoerd dat ten aanzien van het onder 1 en 2 ten laste gelegde geen sprake is van medeplegen.

De rechtbank deelt dit standpunt ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde. Niet is gebleken dat tussen verdachte en de door hem genoemde Ibo sprake was van nauwe en volleidge samenwerking bij het gebruik van de valse loonstroken.

Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde, te weten het valselijk opmaken van de loonstroken, is de rechtbank van oordeel dat zodanige samenwerking wel bestond. Ter zitting heeft verdachte verklaard, dat Ibo hem het idee aan de hand heeft gedaan om loonstroken te vervalsen teneinde op basis van die vervalste loonstroken creditcards te verkrijgen. Daarnaast neemt de rechtbank in ogenschouw de verklaring van verdachte bij de politie, waarin hij heeft aangegeven dat Ibo heeft laten zien op welke wijze een loonstrook vervalst kon worden en hoe verdachte vervolgens een creditcard kon aanvragen, welke verklaring verdachte ter zitting heeft bevestigd. Voorts heeft verdachte verklaard dat hij van genoemde Ibo enige malen vervalste kopieën van loonstroken heeft gekocht.

Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2, 3 en 4 ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat:

1.

hij op tijdstippen in de periode van 1 juli 2006 tot en met 9 mei 2007 in de gemeenten Zutphen en/of Hengelo (Overijssel) en/of Amsterdam en/of elders in Nederland, telkens opzettelijk gebruik heeft gemaakt van een valse loonstrook – zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen – als ware dat geschrift telkens echt en onvervalst, bestaande dat gebruikmaken hierin dat hij die loonstrook tezamen met een aanvraag voor een Visa World Card en/of een Tell Sell Master Card heeft verzonden naar International Card Services BV ter verkrijging van die Visa World Card en/of die Tell Sell Master Card, en bestaande die valsheid hierin dat een (origineel) loonstrookje (onder de scanner) was gekopieerd en de naam op dat loonstrookje was gewijzigd in de naam:

- [naam A] of

- [naam B] of

- [naam C] of

- [naam D] of

- [naam E] of

- [naam F] of

- [naam G] of

- [naam H] of

- [naam I] of

- [naam J] of

- [naam K] of

- [naam L] of

- [naam M];

2.

hij in de periode van 1 juli 2006 tot en met 9 mei 2007 in de gemeenten Zutphen en/of Hengelo (Overijssel) en/of elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander, telkens een loonstrookje, – zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen – valselijk heeft opgemaakt, immers hebben verdachte en zijn mededader telkens een (origineel) loonstrookje (onder de scanner) gekopieerd en de naam op dat loonstrookje gewijzigd in de naam

- [naam A] of

- [naam B] of

- [naam C] of

- [naam D] of

- [naam E] of

- [naam F] of

- [naam G] of

- [naam H] of

- [naam I] of

- [naam J] of

- [naam K] of

- [naam L] of

- [naam M];

3.

hij op tijdstippen in de periode van 1 juli 2006 tot en met 9 mei 2007 in de gemeenten Zutphen en/of Utrecht en/of Hengelo (Overijssel) en/of Deventer en/of Arnhem en/of Rotterdam en/of elders in Nederland, telkens met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen

- International Card Services BV heeft bewogen tot de afgifte van Visa (World) Cards

en/of Tell Sell Mastercards op naam van: [naam A] en/of [naam B] en/of [naam C] en/of [naam H] en/of [naam I] en/of [naam J] en/of

[naam K]/[naam K] en/of [naam M]

en

- bedrijven heeft bewogen tot de afgifte van geldbedragen

hebbende verdachte telkens met vorenomschreven oogmerk – zakelijk weergegeven – valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (respectievelijk)

- zich bij transacties met die Visa World Card(s) en/of die Tell Sell Mastercard(s) aan die bedrijven voorgedaan als de rechtmatige houder van die Visa World Card(s) en/of die Tell Sell Mastercard(s),

waardoor die bedrijven werden bewogen tot bovenomschreven afgifte;

4.

hij in de periode van 3 juli 2003 tot en met 9 mei 2007 in de gemeenten Zutphen en/of Apeldoorn, en/of elders in Nederland, een identiteitskaart/-bewijs op naam van [naam E] en een rijbewijs op naam van [naam D], voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die/dat identiteitskaart/-bewijs en dat rijbewijs wist, dat het door misdrijf verkregen goederen betrof.

Vrijspraak van het meer of anders tenlastegelegde

Wat meer of anders onder 1, 2, 3 en 4 is ten las¬te gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. De verdachte behoort daarvan te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezene levert op de misdrijven:

Feit 1 :Opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift als bedoeld in artikel 225,

eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst,

meermalen gepleegd.

Feit 2 :Medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd.

Feit 3 :Medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd.

Feit 4 :Opzetheling.

Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

Oplegging van straf en/of maatregel

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 10 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren.

De rechtbank acht na te melden strafoplegging in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Bij haar straftoemeting heeft de rechtbank in het bijzonder in aanmerking genomen – en vindt daarin de redenen die tot de keuze van een deels onvoorwaardelijke vrijheidsstraf van na te melden duur leiden – dat door de handelwijze van verdachte ernstig afbreuk wordt gedaan aan het vertrouwen dat in het economisch verkeer wordt gehecht aan documenten en creditcards, terwijl aan de betrokken creditcardmaatschappijen c.q. gedupeerde rekeninghouders bovendien aanzienlijke financiële schade wordt toegebracht. De rechtbank rekent dit de verdachte ernstig aan.

De rechtbank heeft tevens rekening gehouden met de justitiële documentatie van verdachte, waaruit blijkt dat hij reeds eerder – zij het geruime tijd geleden – veroordeeld is voor soortgelijke feiten.

De rechtbank acht een voorwaardelijke gevangenisstraf op zijn plaats teneinde verdachte ervan te weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen.

Ad informandum gevoegde zaken

De rechtbank heeft tevens in aanmerking genomen de ter kennisneming gevoegde zaak, bekend onder parketnummer 06/580244-07.

Verdachte heeft bekend dat feit te hebben begaan en de officier van justitie heeft toegezegd dat voor dat feit geen verdere strafvervolging zal volgen.

In beslag genomen voorwerpen – onttrekking aan het verkeer

De na te melden in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen dienen te worden onttrokken aan het verkeer, aangezien het van zodanige aard is dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met het algemeen belang.

In beslag genomen voorwerpen – verbeurdverklaring

De na te melden in beslag genomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, zijn vatbaar voor verbeurdverklaring, nu het voorwerpen zijn met behulp waarvan het bewezenverklaarde is begaan dan wel grotendeels door middel van het bewezenverklaarde is verkregen.

De rechtbank heeft hierbij rekening gehouden met de draagkracht van verdachte.

Vordering tot schadevergoeding

De benadeelde partij International Card Services B.V., gevestigd aan de [adres en plaats] (bankrekeningnummer: [nummer]) heeft zich met een vordering tot schadevergoeding ten bedrage van € 9.843,66 gevoegd in het strafproces ten aanzien van het onder 1 en 3 tenlastegelegde.

Deze benadeelde partij zal niet-ontvankelijk worden verklaard in haar vordering, nu aan haar geen rechtstreekse schade is toegebracht door een bewezen verklaard feit, zoals bedoeld in artikel 51a, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering. De rechtbank overweegt daartoe dat International Card Services de gedupeerde rekeninghouders schadeloos heeft gesteld, waardoor International Card Services in hun rechten is gesubrogeerd. Blijkens vaste rechtspraak van de Hoge Raad kan degene die in alle rechten op schadevergoeding van het slachtoffer is getreden, zich niet als beledigde partij in het strafgeding voegen.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Deze beslissing is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 24, 27, 33, 33a, 36b, 36c, 47, 57, 225, 326 en 416 van het Wetboek van Strafrecht.

Beslissing

De rechtbank beslist als volgt.

Verklaart, zoals hiervoor overwogen, bewezen dat verdachte het onder 1, 2, 3 en 4 primair tenlastegelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders onder 1, 2, 3 en 4 primair is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart verdachte strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 10 (tien) maanden.

Bepaalt, dat een gedeelte van de gevangenisstraf, groot 6 (zes) maanden niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat veroordeelde zich vóór het einde van een proeftijd van 2 jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Beveelt, dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorge¬bracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.

Beveelt de onttrekking aan het verkeer van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

- creditcard (Visa) t.n.v. [naam M] (nrs. 3 en 22);

- rijbewijs t.n.v. [naam I] (nr. 10);

- 3 loonstrookjes t.n.v. [naam M] (nr. 18);

- bankafschrift van rekening 51.98.50.998 t.n.v. [naam G] (nr. 19)

- 2 jaaropgaven (nr. 23) ;

- 3 brieven van Visa gericht aan [naam M] (nr. 26);

- creditcard (Visa) t.n.v. [naam I] (nr. 30);

- cd met daarop de gesprekken van [naam] (nr. 36);

- 2 kentekenplaten ([kenteken]) (nr. 37).

Verklaart verbeurd de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

- kentekenbewijs deel I en overschrijvingsbewijs (nr. 16);

- kentekenbewijs BMW 5-serie (nr. 17).

Verklaart de benadeelde partij International Card Services BV niet-ontvankelijk in haar vordering.

Aldus gewezen door mrs. Hemrica, voorzitter, Van Harreveld en Hödl, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Meerdink, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 5 oktober 2007.

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Straf

Meervoudige kamer

Parketnummer: 06/580244-07 (ontneming)

Uitspraak d.d.: 5 oktober 2007

Tegenspraak / onip

VERKORT VONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren te [plaats] op [geboortedatum] 1973,

wonende te [adres en woonplaats].

Procesgang

Bij vonnis van de meervoudige kamer voor strafzaken in deze rechtbank, van 5 oktober 2007, is de veroordeelde onder meer, voor zover hier van belang, terzake van het in zijn strafzaak bewezenverklaarde, gekwalificeerd als:

- opzettelijk gebruik maken van eenvals geschrift als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst, meermalen gepleegd;

- medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd,

- medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd,

tot straf veroordeeld.

Onderzoek van de zaak

Deze beslissing is genomen naar aanleiding van het in het openbaar gehouden terechtzitting van 28 september 2007, waarbij zijn gehoord de officier van justitie, veroordeelde en zijn raadsman.

Vordering van het Openbaar Ministerie

De vordering van het Openbaar Ministerie houdt in dat aan verdachte als wederrechtelijk verkregen voordeel zal worden ontnomen een bedrag van EUR 11.591,92.

Ter terechtzitting heeft de officier van justitie de vordering verhoogd tot een bedrag van EUR 12.341,92 en geconcludeerd dat de rechtbank de vordering tot dat bedrag zal toewijzen.

Beoordeling van de vordering

Naar het oordeel van de rechtbank heeft de veroordeelde tot het hierna vermelde bedrag wederrechtelijk voordeel verkregen door middel van of uit baten van de in zijn strafzaak bewezenverklaarde feiten.

De rechtbank grondt haar overtuiging dat de veroordeelde vorenbedoeld voordeel heeft verkregen op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en zij ontleent aan de inhoud daarvan tevens de schatting van bedoeld voordeel. De bewijsmiddelen zullen in die gevallen waarin de wet aanvulling van het vonnis met de bewijsmiddelen vereist in een aan dit vonnis gehechte bijlage worden opgenomen.

Vaststelling van de hoogte van het wederrechtelijk verkregen voordeel

De rechtbank neemt bij de vaststelling van de hoogte van het wederrechtelijk verkregen voordeel de volgende feiten en omstandigheden als uitgangspunt:

- Het in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal, genummerd PL0631/06-460744, opgemaakt en ondertekend door [naam], brigadier van politie Team Recherche, District IJsselstreek (dossierpagina: 292-304a), inhoudende een overzicht van de door veroordeelde gedane pintransacties met de ten onrechte verkregen creditcards:

Creditcard ten name van [naam A] € 900,00

Creditcard ten name van [naam B] € 1.250,00

Creditcard ten name van [naam C] € 2.150,00

Creditcard ten name van [naam] € 2.000,00

Creditcard ten name van [naam I] € 2.342,26

Creditcard ten name van [naam J] € 2.899,66

Creditcard ten name van [naam M] € 750,00

- De door veroordeelde gemaakte kosten, schat de rechtbank op een bedrag van € 1.800,00, zijnde het totaalbedrag dat veroordeelde – volgens zijn eigen verklaring – heeft betaald aan de leverancier van de door hem gebruikte documenten.

Het voorgaande leidt tot de navolgende berekening:

- Totaal pinopnames € 12.291,92

- Totaal gemaakte kosten € 1.800,00

Totaal voordeel: € 10.491,92

De rechtbank schat de hoogte van het wederrechtelijk verkregen voordeel op € 10.491,92.

Omvang van de betalingsverplichting

De veroordeelde heeft ter terechtzitting aangevoerd dat hij niet in staat is een bedrag te betalen en dat dientengevolge de ontnemingsmaatregel zou ontaarden in een verkapte vrijheidsstraf.

De rechtbank is van oordeel dat – mede gelet op de leeftijd van de veroordeelde, de hoogte van het bedrag en veroordeeldes draagkracht, zoals van een en ander ter terechtzitting is gebleken – niet aannemelijk is geworden dat de veroordeelde (blijvend) buiten staat zou zijn voormeld bedrag (geleidelijk) te voldoen. Mocht zodanige situatie zich later alsnog voordoen, dan zal daarover kunnen worden geoordeeld op basis van een verzoek als bedoeld in artikel 577b, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

Gelet op het voorgaande zal de rechtbank de veroordeelde de verplichting opleggen het bedrag waarop het wederrechtelijk voordeel wordt geschat aan de Staat te betalen.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

De rechtbank heeft gelet op artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

De rechtbank

Stelt het bedrag waarop het door de veroordeelde wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vast op EUR 10.491,92 (tienduizend-vierhonderd-een-en-negentig euro en tweeënnegentig eurocent).

Legt aan de veroordeelde, ter ontneming van het door hem wederrechtelijk verkregen voordeel, de verplichting op tot betaling aan de Staat van een bedrag van in totaal

EUR 10.491,92 (tienduizend-vierhonderd-een-en-negentig euro en tweeënnegentig eurocent).

Aldus gewezen door mrs. Hemrica, voorzitter, Van Harreveld en Hödl, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Meerdink, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 5 oktober 2007.