Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2007:BA7117

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
13-06-2007
Datum publicatie
13-06-2007
Zaaknummer
06/802381-05
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

De politierechter spreekt een tussenvonnis uit omdat hij het noodzakelijk acht dat er aanvullend onderzoek wordt gedaan met betrekking tot het mogelijk aanwezig hebben van een hennepkwekerij te Apeldoorn. Er dient een onderzoek te worden gedaan naar het (verschil in) elektriciteitsgebruik van het perceel in de periode vóór 2 maart 2004, de ten laste gelegde periode van 2 maart 2004 tot en met 21 juni 2005, en in de periode daarna. Daarbij dient het soort werkzaamheden dat er mogelijk in de loods werd verricht en het daarmee gepaard gaande energiegebruik in ogenschouw genomen te worden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Straf

Politierechter

Parketnummer: 06/802381-05

Uitspraak d.d.: 13 juni 2007

Tegenspraak/ oip

(art. 279, lid 2, Wetboek van Strafvordering)

TUSSENVONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren te [plaats] op [geboortedatum],

wonende te [postcode, plaats], [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 30 mei 2007.

De tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 02 maart 2004

tot en met 21 juni 2005 in de gemeente Apeldoorn (telkens) opzettelijk heeft

geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt, in elk geval opzettelijk

aanwezig heeft gehad (in een pand aan de [adres]) een groot aantal

hennepplanten en/of delen daarvan, in elk geval (telkens) een hoeveelheid van

meer dan 30 gram van een materiaal bevattende hennep, zijnde hennep een middel

vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst II;

art 3 ahf/ond B Opiumwet

art 3 ahf/ond C Opiumwet

Heropening onderzoek

Onder de beraadslaging is gebleken, dat het onderzoek niet volledig is geweest. De politierechter acht het noodzakelijk dat er aanvullend onderzoek wordt gedaan.

Er dient een onderzoek te worden gedaan naar het (verschil in) elektriciteitsgebruik van het perceel [adres] te Apeldoorn in de periode vóór 2 maart 2004, de ten laste gelegde periode van 2 maart 2004 tot en met 21 juni 2005, en in de periode daarna. Daarbij dient het soort werkzaamheden dat er mogelijk in de loods werd verricht en het daarmee gepaard gaande energiegebruik in ogenschouw genomen te worden.

De politierechter zal de stukken in handen stellen van de officier van justitie voor het laten opmaken van een aanvullend proces-verbaal.

Beslissing

De politierechter beslist als volgt.

De politierechter heropent het onderzoek en schorst het onderzoek voor onbepaalde tijd.

Stelt de stukken in handen van de officier van justitie voor het laten opmaken van een aanvullend proces-verbaal ter fine als voormeld.

Beveelt de oproeping van de verdachte tegen een nader te bepalen terechtzitting en kennisgeving van die datum en het tijdstip aan de raadsvrouw.

Dit tussenvonnis is gewezen mr. Lucassen, politierechter, in tegenwoordigheid van Jansen, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 13 juni 2007.