Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2007:BA1985

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
19-02-2007
Datum publicatie
30-03-2007
Zaaknummer
06/ 923234-06
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Aan de orde is de vraag hoe het begrip 'aanbinden' in de zin van het aanbinden van kalveren, moet worden uitgelegd.

Daartoe wordt het onderzoek geschorst en zal de kwestie in de vorm van een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen worden voorgelegd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN - NEDERLAND

Sector Straf

Economische politierechter

Parketnummer: 06/ 923234-06

TUSSENVONNIS

In de zaak tegen:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1944 te [plaats],

wonende te [adres en woonplaats].

1. Onderzoek van de zaak

Dit tussenvonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van

16 oktober 2006 en 19 februari 2007.

2. De tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

hij, op of omstreeks 20 oktober 2005, althans in de maand oktober 2005, te [plaats], gemeente

Ermelo, op [adres], al dan niet opzettelijk, 25 althans een aantal kalveren, heeft gehouden,

terwijl dit niet geschiedde overeenkomstig punt 8, eerste zin van de bijlage bij richtlijn

91/629/EEG, immers waren die kalveren aangebonden.

3. Ter terechtzitting gegeven beslissing

Het onderzoek ter terechtzitting van 19 februari 2007 wordt voor onbepaalde tijd geschorst, teneinde duidelijkheid te krijgen wat moet worden verstaan onder het begrip aanbinden als bedoeld in punt 8 van de Richtlijn 91/629/EEG juncto Beschikking 97/182/EG. Daartoe zal de economische politierechter ambtshalve een prejudiciële vraag voorleggen aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen.

4. Het voorwerp van het geschil

- Op het bedrijf van verdachte zijn 25 kalveren aangetroffen die waren ondergebracht in boxen.

- Elke box heeft een afmeting van circa 2.50 meter x 1.20 meter, met een dak erboven.

- Elk kalf was door middel van een touw, met een lengte van circa 3 meter, om de hals vastgebonden.

- De leeftijd van de kalveren varieerde van enkele dagen tot 4 maanden oud. Het oudste kalf was niet ouder dan 6 maanden.

5. Het standpunt van het openbaar ministerie

- De wijze waarop de kalveren zijn vastgebonden is aan te merken als aanbinden.

- De lengte of het materiaal van het touw is niet van belang bij de uitleg van het begrip aanbinden.

- De officier van justitie weet zich gesteund door het ministerie van Landbouw, natuur en voedselkwaliteit die stelt dat aanbinden, anders dan in de regeling wordt beschreven, niet is toegestaan en dat de lengte van het touw daarbij niet relevant is.

- De officier van justitie weet zich gesteund door de uitleg die in het woordenboek Van Dale aan het begrip aanbinden geeft namelijk: bevestigen met een riem, touw, enz. Het begrip vastbinden wordt omschreven als: door binden vastmaken.

6. Het standpunt van de verdediging

- De kalveren van verdachte zijn niet aangebonden in de zin van punt 8 in de bijlage bij Richtlijn 91/629/EEG juncto Beschikking 97/182/EG.

- Noch de Richtlijn /Beschikking, noch het Kalverenbesluit geeft een definitie van het begrip aanbinden.

- Met aanbinden wordt bedoeld, kort vastbinden van de kop van een kalf zodat het kalf weinig tot geen bewegingsvrijheid heeft.

- De wijze waarop de kalveren van verdachte zijn vastgebonden, aan 3,5 meter touw is niet aan te merken als aanbinden.

- De kalveren hebben veel bewegingsvrijheid en kunnen zowel binnen als buiten verblijven en kunnen veel contact hebben met andere kalveren.

- Door de kalveren in deze fase al te laten wennen aan een touw, verloopt de overgang naar de grupstal zonder noemenswaardige problemen hetgeen voor het kalf minder stress oplevert.

7. Het standpunt van de economische politierechter

- Noch de Richtlijn 91/629/EEG juncto Beschikking 97/182/EG, noch het Kalverenbesluit geeft een definitie van het begrip aanbinden.

- De uitleg van het begrip ‘aanbinden’ door het ministerie van Landbouw, natuur en voedselkwaliteit, biedt onvoldoende aanknopingspunten om tot een redelijk wetsuitleg te kunnen komen.

8. De vraagstelling

- Hoe dient het begrip aanbinden als bedoeld in de Richtlijn 91/629/EEG juncto Beschikking 97/182/EG te worden uitgelegd

- Is daarbij het materiaal, de lengte en het doel van het aanbinden van enig belang.

9. Relevante Europese Regelingen / Beschikkingen

- Richtlijn 91/629/EEG

- Richtlijn 97/2/EG

- Beschikking 97/182/EG

10. Bijlagen

De navolgende stukken zijn bijgevoegd:

10.1 Stukken van het strafgeding:

10.1.1 Proces-verbaal van politie;

10.1.2 Foto’s van de omstandigheden;

10.1.3 Visie van het ministerie van Landbouw, natuur en voedselkwaliteit;

10.1.4 Pleitnotie van de verdediging;

10.1.5 Proces-verbaal der terechtzitting d.d. 16 oktober 2006;

10.1.6 Proces-verbaal der terechtzitting d.d. 19 februari 2007.

10.2 De van toepassing zijnde nationale regelgeving:

10.2.1 Artikel 2 van het Kalverenbesluit;

10.2.2 Staatsblad 478 d.d. 22 september 1997.

11. Ondertekening

Deze vraag is opgesteld te Zutphen op 19 februari 2007 door mr. Brouns, economische politierechter bij de rechtbank te Zutphen, Nederland, in het bijzijn van Wiering, griffier.