Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2006:AV3246

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
01-03-2006
Datum publicatie
03-03-2006
Zaaknummer
06/580189-05
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Rechtbank acht 'verleiding' bewezen in door Brummense verdachte gepleegde Webcam-activiteiten

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJFS 2006, 108
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Meervoudige kamer voor strafzaken

Parketnummer: 06/580189-05

Uitspraak d.d.: 1 maart 2006

tegenspraak / dnip - oip

VERKORT VONNIS

in de zaak tegen:

[voor- en achternaam verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

wonende te [postcode en woonplaats], [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 15 februari 2006.

De tenlastelegging

Nadat de tenlastelegging op de terechtzitting is gewijzigd is aan de verdachte ten laste gelegd dat:

1.hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 april 2005 tot en met 29 april 2005 in de gemeente(n) Brummen en/of 's-Gravenhage meermalen, althans eenmaal, [slachtoffer A] (geboren op [geboortedatum]), waarvan verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, opzettelijk heeft bewogen om door giften en beloften van geld, misbruik van uit feitelijke verhoudingen

voortvloeiend overwicht

(- door te dreigen met het "hacken" (kraken) van de computer door verdachte

en/of

- door te dreigen met het tonen van afbeeldingen van die [slachtoffer A] met haar ontblote lichaamsdelen op internet, indien [slachtoffer A] niet haar ontblote boven- en/of onderlichaam aan hem via de webcam zou tonen),

waarbij verdachte [slachtoffer A] opzettelijk heeft bewogen tot het plegen van ontuchtige handelingen en/of het dulden van ontuchtige handelingen bestaande uit het tonen van haar (blote) borst(en) en/of (blote) bil(len) via de webcam aan verdachte;

art 248a Wetboek van Strafrecht

althans dat,

hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1 april 2005 tot en met 29 april 2005 in de gemeente(n) Brummen en/of 's-Gravenhage, [slachtoffer A] (geboren [geboortedatum]) door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid, te weten via de e-mail, althans chatbox, althans internet een foto aan die [slachtoffer A] te sturen en/of (vervolgens) te zeggen/schrijven/mailen dat haar computer gehacked, althans gecrashed, althans vernield zal worden als zij niet haar borsten en/of schaamlippen en/of vagina en/of billen en/of anus voor de webcam zou tonen, gericht tegen [slachtoffer A] en haar (aldus) wederrechtelijk heeft gedwongen iets te doen, niet te doen of te dulden, te weten die [slachtoffer A] zich laten/doen ontkleden en/of deze [slachtoffer A] voor de webcam te laten plaatsnemen en/of (vervolgens) deze [slachtoffer A] haar borsten en/of schaamlippen en/of vagina en/of billen en/of anus voor de webcam te laten/doen tonen;

artikel 284 lid 1 sub 1 Wetboek van Strafrecht

2.hij in de periode van 11 augustus 2004 tot en met 31 december 2004 in de gemeente(n) Brummen en/of Pijnacker-Nootdorp, meermalen, althans eenmaal, [slachtoffer B] (geboren op [geboortedatum]), wiens minderjarigheid hij kende, door giften en beloften van geld, misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht(- door te dreigen met het "leeghalen" (kraken en/of laten "crashen" van de computer door verdachte), indien die [slachtoffer B] niet haar ontblote

boven- en/of onderlichaam aan hem via de webcam zou tonen), waarbij verdachte die [slachtoffer B] opzettelijk heeft bewogen tot het plegen van ontuchtige handelingen en/of het dulden van ontuchtige handelingen bestaande uit het tonen van haar (blote) borst(en) en/of (blote) bil(len) en/of vagina via de webcam aan verdachte;

art 248a Wetboek van Strafrecht

althans dat,

hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) op of omstreeks 3 mei 2005 te Brummen en/of Pijnacker-Nootdorp, [slachtoffer B] (geboren [geboortedatum]) door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid, te weten via de e-mail, althans chatbox, althans internet een foto aan die [slachtoffer B] te sturen en/of (vervolgens) te zeggen/schrijven/mailen dat haar computer gehacked, althans gecrashed, althans vernield zal worden als zij niet haar borsten en/of schaamlippen en/of vagina en/of billen en/of anus voor de webcam zou tonen, gericht tegen [slachtoffer B] en haar (aldus) wederrechtelijk heeft gedwongen iets te doen, niet te doen of te dulden, te weten het die [slachtoffer B] zich laten/doen ontkleden en/of deze [slachtoffer B] voor de webcam te laten plaatsnemen en/of (vervolgens) deze [slachtoffer B] haar borsten en/of schaamlippen en/of vagina en/of billen en/of anus voor de webcam te laten/doen tonen;

artikel 284 lid 1 sub 1 Wetboek van Strafrecht

3.hij in de periode van 1 januari 2005 tot en met 12 mei 2005 in de gemeente(n) Brummen en/of Pijnacker-Nootdorp, meermalen, althans eenmaal, [slachtoffer B] (geboren op [geboortedatum]), waarvan verdachte wist of redelijkerwijs

moest vermoeden dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, door giften en beloften van geld, misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht (- door te dreigen met het "leeghalen" (kraken en/of laten "crashen"

van de computer door verdachte), indien die [slachtoffer B] niet haar ontblote boven- en/of onderlichaam aan hem via de webcam zou tonen), waarbij verdachte [slachtoffer B] opzettelijk heeft bewogen tot het plegen van ontuchtige handelingen en/of het dulden van ontuchtige handelingen bestaande uit het tonen van haar (blote) borst(en) en/of (blote) bil(len) en/of vaginavia de webcam aan verdachte;

art 248a Wetboek van Strafrecht

althans dat,

hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) op of omstreeks 3 mei 2005 te Brummen en/of Pijnacker-Nootdorp, [slachtoffer B] (geboren [geboortedatum]) door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid, te weten via de e-mail, althans chatbox, althans internet een foto aan die [slachtoffer B] te sturen en/of (vervolgens) te zeggen/schrijven/mailen dat haar computer gehacked, althans gecrashed, althans vernield zal worden als zij niet haar borsten en/of schaamlippen en/of vagina en/of billen en/of anus voor de webcam zou tonen, gericht tegen [slachtoffer B] en haar (aldus) wederrechtelijk heeft gedwongen iets te doen, niet te doen of te dulden, te weten het die [slachtoffer B] zich laten/doen ontkleden en/of deze [slachtoffer B] voor de webcam te laten plaatsnemen en/of (vervolgens) deze [slachtoffer B] haar borsten en/of schaamlippen en/of vagina en/of billen en/of anus voor de webcam te laten/doen tonen;

artikel 284 lid 1 sub 1 Wetboek van Strafrecht

4.hij op of omstreeks 18 januari 2005 en/of 19 januari 2005 in de gemeente(n) Brummen en/of Tilburg ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf, de minderjarige [slachtoffer C] (geboren [geboortedatum]), waarvan verdachte

wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht (- door te dreigen met het plaatsen van (naakt)foto's (die zouden zijn gemaakt

met de webcam) op internet en/of

- door te dreigen met het "hacken" (kraken) van de computer door verdachte)),

opzettelijk deze [slachtoffer C] te bewegen ontuchtige handelingen te plegen of

zodanige handelingen te dulden, met dat opzet

- die [slachtoffer C] via de webcam, haar (blote) borst(en) en/of (blote) bil(len)

en/of vagina aan verdachte te laten tonen, terwijl de uitvoering van dat misdrijf niet is voltooid.

art 248a Wetboek van Strafrecht

althans dat,

hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) op of omstreeks 18 januari 2005 te Brummen en/of Tilburg, [slachtoffer C] (geboren [geboortedatum]) door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid, te weten via de e-mail, althans chatbox, althans internet een foto aan die [slachtoffer C] te sturen en/of (vervolgens) te zeggen/schrijven/mailen dat haar computer gehacked, althans gecrashed, althans vernield zal worden als zij niet haar borsten en/of schaamlippen en/of vagina en/of billen en/of anus voor de webcam zou tonen, gericht tegen [slachtoffer C] en haar (aldus) wederrechtelijk heeft gedwongen iets te doen, niet te doen of te dulden, te weten deze [slachtoffer C] zich doen/laten ontkleden en/of deze [slachtoffer C] voor de webcam te laten/doen plaatsnemen en/of (vervolgens) deze [slachtoffer C] haar borsten enlof schaamlippen en/of vagina en/of billen en/of anus voor de webcam te laten/doen tonen;

artikel 284 lid 1 sub 1 Wetboek van Strafrecht

5.hij op of omstreeks 11 augustus 2004 in de gemeente(n) Brummen en/of Westland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf, de minderjarige [slachtoffer D] (geboren [geboortedatum]) wiens minderjarigheid hij kende, door

misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht (- door het kraken van het e-mail wachtwoord van die [slachtoffer D] en/of - dreigen dat zij, [slachtoffer D], aan zijn, verdachte's, opdrachten moest voldoen, omdat hij anders haar e-mailadres niet terug zou geven)), opzettelijk te bewegen ontuchtige handelingen te plegen of zodanige handelingen te dulden, opzettelijk deze [slachtoffer D] te bewegen ontuchtige handelingen te plegen of zodanige handelingen te dulden, met dat opzet - die [slachtoffer D] via de webcam, haar (blote) borst(en) en/of (blote) bil(len) en/of vagina aan verdachte te laten tonen, terwijl de uitvoering van dat misdrijf niet is voltooid.

art 248a Wetboek van Strafrecht

althans dat,

hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) op of omstreeks 11 augustus 2004 te Brunmen en/of Westland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om [slachtoffer D] (geboren [geboortedatum]) door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid, te weten door het kraken van het e-mail wachtwoord van die [slachtoffer D] en/of het dreigen dat zij, [slachtoffer D] aan zijn verdachte's opdrachten moest voldoen, omdat hij anders haar e-mailadres niet terug zou geven en/of te zeggen/schrijven/mailen dat haar computer gehacked, gericht tegen [slachtoffer D] om haar (aldus) wederrechtelijk te dwingen iets te doen, niet te doen of te dulden, namelijk deze [slachtoffer D] zich laten doen ontkleden enlof deze [slachtoffer D] voor de webcam te laten plaatsnemen en/of (vervolgens) deze [slachtoffer D] haar borsten en/of schaamlippen en/of vagina en/of billen en/of anus voor de webcam te laten tonen, terwijl de uitvoering van dat misdrijf niet is voltooid;

artikel 284 lid 1 sub 1 Wetboek van Strafrecht.

Taal- en/of schrijffouten

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Vrijspraak

Naar het oordeel van de rechtbank is niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 2 primair en onder 2 subsidiair tenlastegelegde heeft begaan. De verdachte behoort hiervan te worden vrijgesproken.

Overweging ten aanzien van het bewijs

Door de raadsvrouwe van verdachte is ten aanzien van de overige primair tenlastegelegde feiten onder meer aangevoerd, dat deze - gelet op de feitelijke omschrijving in samenhang met het begrip “ontuchtige handelingen” - niet kunnen worden gekwalificeerd in de zin van artikel 248a van het Wetboek van Strafrecht, maar veeleer in de zin van artikel 284 van het Wetboek van Strafrecht.

Met zijn aanvankelijk vriendelijke benadering heeft verdachte een zodanige sfeer gecreëerd dat de jonge slachtoffers seksuele intimiteiten van henzelf aan hem hebben prijsgegeven. Vervolgens heeft verdachte de meisjes op een zeer opdringerige bijna agressieve wijze bewogen tot verdergaande seksuele gedragingen voor de webcam. Tegenwerpingen van de meisjes heeft hij kunnen passeren door de meisjes te melden dat hij inmiddels afbeeldingen van ontblote lichaamsdelen van hen had opgeslagen en deze op internet zou kunnen plaatsen.

Gelet op het leeftijdsverschil, zijn vergeleken met de slachtoffers veel grotere communicatieve ervaring op internet en zijn dwingende benadering is er naar het oordeel van de rechtbank sprake geweest van een overwicht van verdachte op de meisjes, waarvan verdachte misbruik heeft gemaakt door hen te zo ver te krijgen dat zij de in de dagvaarding genoemde seksuele handelingen voor de webcam hebben verricht. Hiermee heeft verdachte artikel 248a van het wetboek van strafrecht overtreden, welk artikel jeugdigen tegen seksuele verleiding beoogt te beschermen.

In die samenhang bezien kunnen de volgende feiten bewezen worden verklaard, waarbij de rechtbank zich onder meer baseert op

- de verschillende aangiften (van [aangifte A] - pagina 229 -, [aangifte B] - pagina 234 -, [aangifte C] - pagina 9 - en [aangifte D] - pagina 244 -),

- de verklaringen van de verschillende meisjes (al dan niet vanwege hun leeftijd in studio gehoord), te weten [slachtoffer A], [slachtoffer B], [slachtoffer C] en [slachtoffer D],

- de op de computers van verdachte aangetroffen chatlogs en de daarop aangetroffen chatsessies met de hiervoor genoemde meisjes (pagina’s 63 e.v. [slachtoffer A], pagina 54 e.v. [slachtoffer B], pagina 200 e.v. [slachtoffer C] en pagina 46 e.v. [slachtoffer D]);

- de (bekennende) verklaringen van verdachte tegenover de politie in de daarop aansluitende verklaringen van verdachte ter terechtzitting.

Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 primair, 3 primair, 4 primair en 5 primair ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat:

1.hij op tijdstippen in de periode van 1 april 2005 tot en met 29 april 2005 in de gemeenten Brummen en ’s-Gravenhage meermalen [slachtoffer A] (geboren op [geboortedatum]), van wie verdachte wist dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, opzettelijk heeft bewogen om door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht

(- door te dreigen met het "hacken" (kraken) van de computer door verdachte

en

- door te dreigen met het tonen van afbeeldingen van die [slachtoffer A] met haar ontblote lichaamsdelen op internet, indien [slachtoffer A] niet haar ontblote boven- en onderlichaam aan hem via de webcam zou tonen),

waarbij verdachte [slachtoffer A] opzettelijk heeft bewogen tot het plegen van ontuchtige handelingen bestaande uit het tonen van haar blote borsten en blote billen via de webcam aan verdachte;

3. hij op 3 mei 2005 in de gemeenten Brummen en Pijnacker-Nootdorp, [slachtoffer B] (geboren op [geboortedatum]), van wie verdachte wist dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht (- door te dreigen met het "leeghalen" (kraken en/of laten "crashen" van de computer door verdachte), indien die [slachtoffer B] niet haar ontblote boven- en onderlichaam aan hem via de webcam zou tonen), waarbij verdachte [slachtoffer B] opzettelijk heeft bewogen tot het plegen van ontuchtige handelingen bestaande uit het tonen van haar blote borsten en blote billen en vagina via de webcam aan verdachte;

4. hij op 19 januari 2005 in de gemeenten Brummen en Tilburg ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf, de minderjarige [slachtoffer C] (geboren [geboortedatum]), van wie verdachte wist dat deze de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht (- door te dreigen met het plaatsen van (naakt)foto's (die zouden zijn gemaakt met de webcam) op internet en - door te dreigen met het "hacken" (kraken) van de computer door verdachte), opzettelijk deze [slachtoffer C] te bewegen ontuchtige handelingen te plegen, met dat opzet

die [slachtoffer C] via de webcam, haar blote borsten en/of blote billen en/of vagina aan verdachte te laten tonen, terwijl de uitvoering van dat misdrijf niet is voltooid.

5.hij op 11 augustus 2004 in de gemeenten Brummen en Westland, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf, de minderjarige [slachtoffer D] (geboren [geboortedatum]) wiens minderjarigheid hij kende, door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht (- door het kraken van het e-mail wachtwoord van die [slachtoffer D] en

- dreigen dat zij, [slachtoffer D], aan zijn, verdachte's, opdrachten moest voldoen, omdat hij anders haar e-mailadres niet terug zou geven), opzettelijk te bewegen ontuchtige handelingen te plegen, met dat opzet die [slachtoffer D] via de webcam, haar blote borsten en/of blote billen en/of vagina aan verdachte te laten tonen, terwijl de uitvoering van dat misdrijf niet is voltooid.

Vrijspraak van het meer of anders tenlastegelegde

Wat meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. De verdachte behoort daarvan te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezene levert op de misdrijven:

1. door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht een minderjarige, wiens minderjarigheid hij kent, opzettelijk bewegen ontuchtige handelingen te plegen, meermalen gepleegd;

3. door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht een minderjarige, wiens minderjarigheid hij kent, opzettelijk bewegen ontuchtige handelingen te plegen;

4. poging tot door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht een minderjarige, wiens minderjarigheid hij kent, opzettelijk bewegen ontuchtige handelingen te plegen;

5. poging tot door misbruik van uit feitelijke verhoudingen voortvloeiend overwicht een minderjarige, wiens minderjarigheid hij kent, opzettelijk bewegen ontuchtige handelingen te plegen.

Strafbaarheid van de verdachte

Over verdachte is een monodisciplinair rapport gedateerd 11 februari 2006 opgemaakt door de klinisch en forensisch psycholoog prof dr. J.J. Baneke. Met de conclusie van dit rapport, te weten dat verdachte volledig toerekeningsvatbaar moet worden geacht, kan de rechtbank zich verenigen. Zij neemt deze conclusie over.

Verdachte is strafbaar, nu ook overigens geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

Oplegging van straf en/of maatregel

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie (zie voor de inhoud van de vordering bijlage I).

Gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, acht de rechtbank een gevangenisstraf met daarnaast een taakstraf als na te melden - met welke strafmodaliteit verdachte heeft ingestemd - op zijn plaats. Bedoelde taakstraf zal moeten worden verricht op een projectplaats als opgenomen in de door de Reclassering Nederland gehanteerde lijst van projectplaatsen. De rechtbank heeft bij de straftoemeting in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte is in oktober 2004 via een anonieme mailaccount actief meisjes gaan benaderen met als doel meisjes in seksueel geladen poses voor de webcam te krijgen. Het aanvankelijk vriendelijke contact slaat om zodra verdachte een foto (zogenaamd van hemzelf, maar feitelijk van een oude vriend van hem) heeft verstuurd. Verdachte geeft vervolgens de betrokken meisjes te verstaan dat hij met behulp van die foto hun computer kan hacken. Vervolgens weet verdachte de meisjes op een dwingend verleidende wijze ertoe te bewegen zich te ontkleden en intieme delen voor de webcam te tonen. Als dat laatste eenmaal is gelukt herhaalt zich een en ander vaker, maar dan onder de aankondiging dat hij filmpjes van hen heeft gemaakt en deze op internet zal zetten.

De wijze waarop verdachte van de relatief jonge meisjes misbruik heeft gemaakt, acht de rechtbank uiterst verwerpelijk. Algemeen bekend is dat dit soort feiten aanzienlijke schade kunnen toebrengen slachtoffers, juist waar dit ziet op jonge meisjes die in een seksuele ontwikkelingsfase verkeren.

Uit het rapport van de gedragsdeskundige komt naar voren dat bij verdachte sprake is van een zekere onrijpheid in de emotionele en psychoseksuele ontwikkeling en een geremdheid om zich over seksuele en intieme zaken te uiten. Gezien die geremdheid en het feit dat hij over een relatief lange periode meisjes via internet heeft lastig gevallen, kan de kans op herhaling niet uitgesloten worden. Daarbij speelt ook een rol dat verdachte in een periode waarin hij zich geregeld machteloos heeft gevoeld, die machteloosheid heeft afgereageerd op relatief machteloze jongere meisjes, hetgeen hem een gevoel van macht verschafte.

Geadviseerd wordt om naast een eventuele straf als bijzondere bijzondere voorwaarde een behandeling op te leggen in combinatie met een verplicht reclasseringscontact.

Daarnaast is gelet op de persoonlijke omstandigheden van verdachte, zoals deze mede uit de opgemaakte reclasseringsrapporten van 14 december 2005 en 14 februari 2006 voor voren komen.

Uit verdachtes proceshouding maakt de rechtbank op dat hij het verwerpelijke van zijn handelwijze inziet en dat hij bereid is een behandeling te ondergaan.

Op grond van het vorenstaande acht de rechtbank een strafoplegging zoals door de officier van justitie gevorderd passend en geboden.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Deze strafoplegging is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 27, 45, 57 en 248a van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

De rechtbank beslist als volgt.

Verklaart niet bewezen, dat verdachte het onder 2 primair danwel subsidiair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart, zoals hiervoor overwogen, bewezen dat verdachte het onder 1 primair, 3 primair, 4 primair en 5 primair tenlastegelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart verdachte strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 7 (zeven) maanden.

Bepaalt, dat de gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat veroordeelde zich vóór het einde van een proeftijd van 2 jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt dan wel de navolgende bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd.

Stelt als bijzondere voorwaarde dat veroordeelde zich gedurende de proeftijd zal gedragen naar de aanwijzingen en voorschriften die veroordeelde zullen worden gegeven door of namens de Reclassering Nederland, arrondissement Zutphen, zolang deze instelling dit noodzakelijk oordeelt, ook als dit inhoudt dat veroordeelde zich ambulant zal laten behandelen bij Kairos te Arnhem of De Tender te Deventer danwel een soortgelijke instelling.

De veroordeelde zal zich dan houden aan regels die hem door of namens de leiding van die instelling zullen worden gegeven.

Geeft genoemde reclasseringsinstelling opdracht de veroordeelde bij de naleving van de opgelegde voorwaarde hulp en steun te verlenen.

Beveelt dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.

Veroordeelt de verdachte tot de navolgende taakstraf, te weten:

een werkstraf gedurende 180 (honderdentachtig) uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 90 (negentig) dagen.

Aldus gewezen door mrs. Elders, voorzitter, Krijger en Lagarde, rechters, in tegenwoordigheid van Van Bun, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 1 maart 2006.

RECHTBANK ZUTPHEN

Meervoudige kamer voor strafzaken

Parketnummer: 06/580189-05

Uitspraak d.d.: 1 maart 2006