Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2006:AU9897

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
19-01-2006
Datum publicatie
19-01-2006
Zaaknummer
74567 / KG ZA 05-330
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Beveiligingsbedrijf Globe Security verliest het bij het Zutphense rechtbank aangespannen kort geding tegen de vader van de op 12 september 2005 te Amsterdam ontvoerde vrouw. Het bedrijf heeft volgens de president van de Zutphense rechtbank vooralsnog onvoldoende aannemelijk gemaakt dat het naast de reeds door vader van ontvoerde vrouw betaalde € 50.000,- nog aanspraak kan maken op meer. In een kort geding worden hoge eisen gesteld aan de spoedeisendheid van geldvorderingen en de zekerheid over de verschuldigdheid. In dit geval betwistte vader van ontvoerde vrouw de gestelde afspraken. Indien het beveiligingsbedrijf op zijn standpunt blijft staan zal het – desgewenst - een bodemprocedure dienen te starten waarin ook het horen van getuigen mogelijk is

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank [plaats A]

Sector Civiel

Afdeling Handel

Rolnummer: 74567 / KG ZA 05-330

Uitspraak: 19 januari 2006

Vonnis in kort geding in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

GLOBE SECURITY BV,

gevestigd te Zelhem (gemeente Bronckhorst),

eiseres,

procureur mr. J.H. van den Sigtenhorst,

advocaat mr. S.L. Geeraths te Almelo,

tegen

[gedaagde],

wonende te Vorden (gemeente Bronckhorst),

gedaagde,

advocaat mr. M.J. Pelinck te Amsterdam.

Partijen zullen hierna Globe Security BV en [gedaagde] genoemd worden.

De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 21 december 2005

- de mondelinge behandeling op 5 januari 2006

- de pleitnota van Globe Security BV

- de brief van mr. M.J. Pelinck van 4 januari 2006 aan de hand waarvan hij ter zitting zijn pleidooi heeft gehouden.

Ten slotte is vonnis bepaald.

De feiten

Op 12 september 2005 is de dochter van [gedaagde], [dochter], te Amsterdam ontvoerd.

Gezien de dreiging die deze situatie voor [gedaagde] en zijn naaste relaties meebracht, heeft [gedaagde] op woensdag 14 september 2005 zijn rentmeester, [naam rentmeester] (hierna te noemen [naam rentmeester]) opdracht gegeven een bewaker voor zijn landgoed "Het Onstein" (hierna te noemen het Onstein) te Vorden te zoeken. [naam rentmeester] heeft vervolgens telefonisch contact opgenomen met Globe Security BV.

Naar aanleiding van dit contact is de directeur van Globe Security BV, [naam directeur Globe Security BV], zich ook wel noemende [directeur Globe Security BV], (hierna te noemen [directeur Globe Security BV]) naar het Onstein gegaan waarna op diezelfde avond Globe Security BV het Onstein is gaan bewaken. De volgende dag is Globe Security BV ook het huis van de partner van [gedaagde] in [plaats A], het huis van de andere dochter van [gedaagde] in [plaats B] en haar vakantiehuis in [plaats C] gaan bewaken.

Op 14 september 2005 om 18.20 uur heeft [directeur Globe Security BV] aan [naam rentmeester] een fax gestuurd met een kostenopgave. Deze fax luidt - voorzover relevant -:

Week van maandag tot en met vrijdag:

07:00-19:00 uur € 34,00

19:00-24:00 uur € 34,00 10% avondtoeslag

00:00-07:00 uur € 34,00 20% nachttoeslag

Weekend

Zaterdag

00:00-07:00 uur € 34,00 20% nachttoeslag

07:00-24:00 uur € 34,00 10% weekend-/avondtoeslag

Zondag

00:00-24:00 uur € 34,00 35% weekendtoeslag zondag

Op de fax is door [directeur Globe Security BV] met de hand nog de volgende mededeling geschreven:

"Hierbij alvast de prijzen zoals afgesproken. Morgen zal het kantoor U een officiele offerte sturen/Faxen.

Vr.Gr. [directeur Globe Security BV]"

(w.g. [directeur Globe Security BV])

In de nacht van 14 op 15 september 2005 is [dochter] vrijgelaten. [dochter] is vervolgens in de middag van 15 september 2005 naar het Onstein gegaan en heeft haar intrek genomen in [naam huis], een huis dat is gelegen op het terrein van het Onstein.

Gezien de omstandigheden waaronder [dochter] was vrijgelaten, heeft [gedaagde] op 15 september 2005 [naam rentmeester] gevraagd ervoor te zorgen dat de bewaking van het Onstein zou worden uitgebreid. In overleg met [directeur Globe Security BV] is besloten dat om [naam huis] een cordon zou worden gelegd. [directeur Globe Security BV] heeft hiervoor onder meer derden ingeschakeld zoals een bedrijf dat is gespecialiseerd in bewaking met behulp van honden en een bedrijf dat is gespecialiseerd in cameratoezicht. Met ingang van 17 september 2005 is deze uitbreiding door Globe Security BV daadwerkelijk gerealiseerd. Partijen hebben niet gesproken over de extra kosten die deze uitbreiding met zich bracht.

Op 19 september 2005 om 12.56 uur heeft [voornaam dochter directeur] [directeur Globe Security BV] namens eiseres aan [gedaagde] en [naam rentmeester] per mail een overzicht gestuurd van de uren die tot dan gemoeid waren met het bewaken van het Onstein. Zowel [gedaagde] als [naam rentmeester] hebben als reactie hierop per mail een overzicht gevraagd van tot nu toe gemaakte kosten voor deze uren. Op diezelfde dag, om 14.50 uur heeft [voornaam dochter directeur] [directeur Globe Security BV] teruggemailed dat de kosten voor de bewaking tot 12.00 uur die dag € 49.054,17 bedroegen. Om 16.28 uur heeft [voornaam dochter directeur] [directeur Globe Security BV] wederom een mail gestuurd naar [naam rentmeester] en [gedaagde], die - voorzover relevant - luidt:

"Naar aanleiding van het mailtje dat ik u heb gestuurd met de kosten van beveiliging en de commandowagen tot vanmiddag 12.00 uur stuur ik u deze email.

Wat kunnen we afspreken over de betaling van de geleverde diensten?

En tevens ook voor de komende tijd.

(...)

In afwachting van uw reactie verblijf ik met vriendelijke groet,

(...)"

Omdat [dochter] zich nog niet veilig voelde - de bewaking door Globe Security BV was projectgericht en zij had behoefte aan beveiliging die op haar persoon was gericht - heeft [gedaagde] contact gezocht met Interseco B.V. te Den Haag (hierna te noemen Interseco).

Op 20 september 2005 om 7.35 uur heeft [voornaam dochter directeur] [directeur Globe Security BV] aan [gedaagde] een mail gestuurd die luidt - voorzover relevant -:

"Gisteren heb ik u een email gestuurd met de vraag (...) wat we kunnen afspreken over de betaling van de geleverde diensten en tevens ook voor de komende tijd.

Tot op heden heb ik hierop geen reactie van u ontvangen.

Gelieve zo spoedig mogelijk een reactie."

Op 12.01 uur op dezelfde dag heeft [voornaam dochter directeur] [directeur Globe Security BV], [gedaagde] een mail gestuurd die luidt - voorzover relevant -:

"Tot op heden heb ik nog geen reactie gekregen op mijn mail van gisterenmiddag en heden ochtend.

Kunnen we misschien een afspraak met u maken om het een en ander door te nemen wat betreft de betaling van de geleverde diensten en ook voor de komende tijd?"

Op de middag van dinsdag 20 september 2005 zijn medewerkers van Interseco naar het Onstein gegaan. Er heeft toen op verzoek van [gedaagde] een overleg plaats gevonden tussen onder meer de medewerkers van Interseco en [directeur Globe Security BV]. Tijdens dit gesprek gaf [directeur Globe Security BV] te kennen dat [gedaagde] terstond € 50.000,00 moest betalen voor de beveiligingswerkzaamheden die waren verricht tot maandag 20 september 2005 te 12.00 uur. Indien hij daartoe niet zou overgaan, zo stelde [directeur Globe Security BV], zouden alle beveiligingsmaatregelen met onmiddellijke ingang worden opgeheven. [gedaagde] heeft als reactie hierop [directeur Globe Security BV] toegezegd dat de volgende dag, woensdag 21 september 2005, € 50.000,-- zou worden betaald.

[directeur Globe Security BV] heeft [gedaagde] kort daarop medegedeeld dat ook nog voor de werkzaamheden verricht tot dinsdag 20 september 2005 te 15.00 uur betaald moest worden hetgeen neerkwam op een bedrag van € 16.000,00 bij gebreke waarvan de werkzaamheden beëindigd zouden worden.

Op 21 september 2005 heeft Globe Security BV twee facturen bij het Onstein afgegeven ten bedrage van respectievelijk € 49.054,17 exclusief BTW (€ 58.384,46 inclusief BTW) en € 15.684,08 exclusief BTW (€ 18.664,06 inclusief BTW).

Op 21 september 2005 in de morgen is door [gedaagde] € 50.000,00 aan Globe Security BV overgemaakt. Op diezelfde dag om 15.00 uur heeft Globe Security BV haar werkzaamheden beëindigd waarna Interseco de bewaking van het Onstein heeft overgenomen.

Globe Security BV heeft [gedaagde] diverse keren aangemaand om € 18.664,06 respectievelijk € 8.374,46 te voldoen. Op 23 november 2005 heeft de advocaat van Globe Security BV, [gedaagde] gemaand een bedrag te voldoen van € 33.499,15.

[gedaagde] heeft tot op heden aan deze sommaties geen gehoor gegeven.

Het geschil

Globe Security BV vordert - samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 33.499,15 te vermeerderen met de buitengerechtelijke kosten en de wettelijke rente vanaf 12 oktober 2005 c.q. 13 oktober 2005 tot de dag der voldoening met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van de procedure.

Aan deze vordering legt Globe Security BV in het licht van de feiten de volgende stellingen ten grondslag. Partijen zijn overeengekomen dat zou worden afgeweken van de door Globe Security BV gehanteerde algemene voorwaarden, voor zover daarin een betalingstermijn van 21 dagen is opgenomen. [gedaagde] zou op 20 september 2005 vóór 17.00 uur € 50.000,-- voldoen en op 21 september 2005 het resterende bedrag. [gedaagde] heeft slechts € 50.000,-- betaald. [gedaagde] dient thans nog een bedrag van € 33.499,15, te vermeerderen met de kosten voor buitengerechtelijke incassowerkzaamheden, te voldoen. Aan [gedaagde] zijn diverse malen betalingsherinneringen en sommaties gestuurd waaraan [gedaagde] geen gevolg heeft gegeven. Globe Security BV heeft er een spoedeisend belang bij dat [gedaagde] het gevorderde bedrag betaalt. Globe Security BV heeft diverse ondernemingen moeten inhuren om te kunnen voldoen aan de wensen van [gedaagde]. Globe Security BV heeft de rekeningen van deze ondernemingen betaald, waardoor zij een negatief saldo heeft gekregen. Hierdoor is het noodzakelijk geworden liquide middelen uit de holding te betrekken. Globe Security BV heeft dan ook het gevorderde bedrag nodig om haar onderneming in stand te houden. .

[gedaagde] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

De beoordeling

Voor alle overige weren heeft [gedaagde] ter zitting de bevoegdheid van de voorzieningenrechter te [plaats A] in twijfel getrokken in verband met artikel 16 van de Algemene Voorwaarden van Globe Security BV dat luidt:

"Toepasselijk recht

Op alle overeenkomsten van Globe is het Nederlands recht van toepassing. Rechtspraak geschiedt in eerste instantie via de Rechtbank te Arnhem."

Na beraad heeft [gedaagde] te kennen gegeven dat hij zich refereert aan het oordeel van de voorzieningenrechter over dit beroep op diens onbevoegdheid. Nu [gedaagde] in het arrondissement [plaats A] woont, acht de voorzieningenrechter te [plaats A] zich bevoegd van het geschil kennis te nemen.

De gevorderde voorziening strekt tot betaling van een geldsom. Voor toewijzing van een dergelijke vordering in kort geding is slechts dan plaats, als het bestaan en de omvang van de vordering in hoge mate aannemelijk zijn, terwijl voorts uit hoofde van onverwijlde spoed een onmiddellijke voorziening vereist is en het risico van onmogelijkheid van terugbetaling - bij afweging van de belangen van partijen - aan toewijzing niet in de weg staat.

Voorop gesteld kan worden dat [gedaagde] de betalingsafspraken die Globe Security BV ten grondslag legt aan haar vordering, integraal betwist.

Globe Security BV heeft ter staving van haar vordering specificaties in het geding gebracht: één specificatie die betrekking heeft op de kosten die gemoeid waren met de beveiliging van het Onstein en [naam huis] van woensdag 14 september 2005 tot en met maandag 19 september 2005 tot 12.00 uur, één specificatie die betrekking heeft op de beveiliging van deze objecten maar nu voor de periode maandag 19 september 12.00 uur tot woensdag 21 september 15.00 uur en een specificatie die betrekking heeft op de beveiliging van de panden in [plaats A], [plaats B] en [plaats C].

Uit deze specificaties kan worden opgemaakt dat Globe Security BV, regelmatig een basistarief van € 39,50 en hogere toeslagen dan op de onder 2.4 aangehaalde fax van 14 september 2005 stonden vermeld, heeft gehanteerd. Globe Security BV heeft hierover aangevoerd dat in overleg met [naam rentmeester] met ingang van zaterdag 17 september 2005 het basistarief is verhoogd en de toeslagen zijn gewijzigd omdat Globe Security BV extra kosten kreeg ten gevolge van de gewenste intensivering van de beveiliging van het Onstein. [gedaagde] heeft deze afspraak echter gemotiveerd betwist en Globe Security BV heeft niet tegenover deze betwisting feiten of omstandigheden gesteld - laat staan dat ze het bestaan ervan aannemelijk heeft gemaakt - waaruit deze afspraak af te leiden valt. Hier komt bij dat als Globe Security BV in haar stelling moet worden gevolgd, dit nog niet verklaart waarom Globe Security BV aan [gedaagde] dit hogere tarief ook in rekening brengt voor de beveiliging van de panden in [plaats B], [plaats A] en [plaats C] nu deze beveiliging reeds op vrijdag 16 september 2005 gestaakt werd.

Voorts volgt uit de specificaties dat Globe Security BV, [gedaagde] een algemene toeslag van 10% en BTW berekent. Tussen partijen is onbetwist dat de fax van 14 september 2005, zoals hiervoor onder 2.4 vermeld, het enige schriftelijke stuk is dat [directeur Globe Security BV] aan [gedaagde] over de door hem gehanteerde tarieven heeft doen toekomen. De in deze fax aangekondigde offerte heeft [directeur Globe Security BV] nooit uitgebracht.

Aan de stelling van Globe Security BV dat de in de fax vermelde tarieven exclusief BTW, kantoorkosten en object risico ter hoogte van 10% waren en dat [gedaagde] dit wist of behoorde te weten nu [directeur Globe Security BV] [gedaagde]' vertegenwoordiger, [naam rentmeester], hiervan op de hoogte had gesteld, zal voorbij worden gegaan. [gedaagde] heeft dit gemotiveerd betwist en ook hier geldt dat Globe Security BV tegenover deze betwisting geen feiten of omstandigheden heeft gesteld - laat staan aannemelijk heeft gemaakt - dat [gedaagde] wist dat deze extra kosten nog geheven zouden worden. Voorts is van belang dat Globe Security BV, door alsnog BTW te vorderen, in strijd handelt met wetsartikel 38 van de Wet op de omzetbelasting 1968 nu dit artikel als volgt luidt:

"Het is de ondernemer verboden aan anderen dan ondernemers en publiekrechtelijke lichamen goederen en diensten aan te bieden tegen prijzen met zodanige aanduidingen dat de omzetbelasting niet in de prijzen zou zijn begrepen."

Globe Security BV heeft in haar specificaties ook kosten voor een 'stand-by' team opgevoerd. Uit de stukken en het verhandelde ter zitting kan terzake het volgende worden opgemaakt. Op 8 december 2005 heeft de advocaat van [gedaagde] aan de advocaat van Globe Security BV een brief gestuurd die - voor zover relevant - luidt:

"4. Blijkens de specificaties worden ook uren voor 'stand-by' gerekend, naar dezelfde tarieven als in aanmerking genomen zijn voor de fysiek aanwezige bewakers. Ik weet niet beter, dan dat 'stand-by' betekent dat bewakers oproepbaar zijn (snel ter plekke kunnen zijn in geval van noodzaak). Het is uiteraard niet aan de orde dat daarvoor het 'volle' tarief berekend zou kunnen worden.

[gedaagde] heeft onbetwist gesteld dat Globe Security BV op deze opmerking niet meer inhoudelijk heeft gereageerd alvorens zij tot dagvaarding is overgegaan. Nu Globe Security BV evenmin ter zitting heeft verduidelijkt op grond waarvan zij meent dat [gedaagde] voor deze uren moet betalen - de opmerking dat [gedaagde] wist wat het stand-by team was nu zijn advocaat door een lid ervan naar het Onstein is vervoerd, heeft [gedaagde] genoegzaam weerlegd - luidt het voorlopige oordeel ook hier dat de vordering van Globe Security BV op dit punt niet voldoende aannemelijk is geworden.

Gelet op het voorgaande dient te worden geconcludeerd dat Globe Security BV onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij naast de reeds ontvangen € 50.000,00 nog aanspraak heeft op het door haar hier gevorderde bedrag. De vordering zal desgewenst in een bodemprocedure, waar ook getuigenverhoor mogelijk, is aanhangig moeten worden gemaakt en reeds hierom dan ook in dit kort geding moeten worden afgewezen.

Globe Security BV zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld waarbij geen aanleiding bestaat om af te wijken van het gebruikelijk te hanteren liquidatietarief in kort geding. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op:

- vast recht EUR 870,00

- salaris advocaat 579,00

Totaal EUR 1.449,00

De beslissing

De voorzieningenrechter

wijst de vorderingen af;

veroordeelt Globe Security BV in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] tot op heden begroot op EUR 1.449,00;

verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling

uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. G. Vrieze en in het openbaar uitgesproken op 19 januari 2006 in aanwezigheid van mr. H.C. Wichers Hoeth als griffier.