Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2005:AT9729

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
20-07-2005
Datum publicatie
20-07-2005
Zaaknummer
05/1150
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Zutphense zomerfeesten. De bestuursrechter oordeelt dat het besluit afwijkt van de nog geldende "oude" beleidsregels en deze afwijking is in strijd met artikel 4:84 Awb. Er zijn namelijk geen bijzondere omstandigheden die deze afwijking kunnen rechtvaardigen. Het besluit is onrechtmatig. De rechter bepaalt dat er redelijkerwijs voor het zomerfeest van deze woensdagavond (20 juli 2005) niet van de organisatoren kan worden gevergd dat er wordt afgeweken van de vergunning. Op de overige woensdagvonden zal de muziek tot 23.00 uur actief mogen zijn op de podia. En op de muziekpodia Schupstoel en hoek Zaadmarkt/Proosdijsteeg is een geluidsniveau van 75dB(A) toegestaan.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Bestuursrecht

Reg.nr.: 05/1150

UITSPRAAK

op het verzoek om een voorlopige voorziening in het geschil tussen:

[naam verzoeker]l en 16 anderen, te Zutphen, verzoekers,

en

de burgemeester van Zutphen, verweerder,

alsmede Kraam- en Evenementenverhuur Zutphen, derde-partij.

1. Bestreden besluit

Besluit van 13 juli 2005, waarbij verweerder aan de derde-partij vergunning heeft verleend voor het houden van de zomerfeesten op de woensdagen 20 juli, 27 juli, 3 augustus en

10 augustus 2005.

2. Procesverloop

Verzoekers hebben bezwaarschriften ingediend bij verweerder. Bij brief van 18 juli 2005 hebben zij verzocht om een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Het verzoek is behandeld ter zitting van 19 juli 2005. Namens verzoekers is verschenen

mr. W.J.C. Schalken, advocaat te Zutphen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door [naam A. ] en mr. [naam B]. Namens de derde-partij is verschenen [naam C. ], exploitant van café De Ruif.

3. Motivering

3.1. Ingevolge artikel 8:81 van de Awb moet worden nagegaan, of onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, een voorlopige voorziening vereist. Voor zover dit meebrengt dat het geschil in de bodemprocedure wordt beoordeeld, heeft deze uitspraak daaromtrent een voorlopig karakter en is deze niet bindend voor de beslissing in die procedure.

3.2. Ingevolge artikel 2.2.2 van de APV van Zutphen is het verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te houden. Een vergunning kan worden geweigerd in het belang van de openbare orde, veiligheid, zedelijkheid of gezondheid.

3.3. Ter uitvoering van deze bepaling heeft het gemeentebestuur op 4 juli 2000 een evenementenbeleid vastgesteld, waaraan aanvragen om vergunning worden getoetst. Hierin zijn onder meer richtlijnen ter voorkoming van geluidsoverlast vastgelegd met betrekking tot evenementen waar muziek ten gehore wordt gebracht. Voor wat betreft versterkte muziek wordt onderscheid gemaakt tussen muziek met groot geluidsvolume (categorie A1) en muziek met beperkt geluidsvolume (categorie A2). Er is een beperkt aantal locaties aangewezen voor categorie A1, waar een geluidsniveau van 85 dB(A) is toegestaan. Voor categorie A2 is een geluidsniveau van 75 dB(A) toegestaan. Voorts geldt ten aanzien van onder meer de zomerfeesten voor muziek een eindtijdstip van 23.00 uur.

3.4. De bij het bestreden besluit verleende vergunning houdt in – voor zover hier van belang – dat op vijf buitenpodia (o.a. op de locatie Schupstoel) in de binnenstad muziek in categorie A1 wordt toegestaan en op 3 augustus 2005 ook op een zesde podium (locatie hoek Zaadmarkt/Proosdijsteeg). Hiermee wordt ten dele afgeweken van het vastgestelde beleid, aangezien de locaties Schupstoel en hoek Zaadmarkt/Proosdijsteeg daarin niet zijn aangewezen als A1-locaties. Verder voorziet de vergunning in een eindtijdstip van 24.00 uur voor de muziek op de vijf (op 3 augustus zes) buitenpodia, waarmee in zoverre eveneens wordt afgeweken van het vastgestelde beleid.

3.5. Met deze afwijkingen loopt verweerder vooruit op het voornemen voor een gewijzigd beleid, dat in de vorm van een concept-besluit op 27 juni 2005 gedurende vier weken ter inzage is gelegd en waarop belanghebbenden nog hun zienswijzen kunnen inbrengen.

3.6. Met verzoekers, allen bewoners van de binnenstad, moet worden vastgesteld dat het voorgenomen nieuwe beleid nog niet bij besluit is vastgesteld, laat staan dat het in werking is getreden. Voorts moet naar voorlopig oordeel het bestaande beleid, zoals vastgesteld op 4 juni 2000 en vervolgens bekendgemaakt, worden aangemerkt – voor zover hier van belang – als een verzameling beleidsregels in de zin van artikel 4:81 van de Awb, waarmee verweerder invulling heeft gegeven aan zijn beleidsvrijheid in het kader van artikel 2.2.2 van de APV.

3.7. In artikel 4:84 van de Awb is bepaald dat het bestuursorgaan handelt overeenkomstig de beleidsregel, tenzij dat voor een of meer belanghebbenden gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen. Gelet op de gedingstukken en het verhandelde ter zitting zijn er wel valide argumenten aanwezig te achten voor de voorgenomen beleidswijzigingen inzake geluidsniveau en eindtijd van muziek tijdens evenementen, maar niet kan worden gezegd dat sprake is van bijzondere omstandigheden en onevenredige gevolgen als bedoeld in artikel 4:84 Awb, die een afwijking van de thans nog geldende beleidsregels kunnen rechtvaardigen.

3.8. Derhalve moet vooralsnog worden geoordeeld dat het bestreden besluit in strijd is met artikel 4:84 van de Awb, voor zover daarin muziek tot een geluidsniveau van 85 dB(A) wordt toegestaan op de locaties Schupstoel en hoek Zaadmarkt/Proosdijsteeg, en voor zover daarin voor de muziek op de buitenpodia een eindtijdstip van 24.00 uur is bepaald in plaats van 23.00 uur.

3.9. Op dit moment kan evenwel van de organisatoren redelijkerwijs niet meer worden gevergd dat de vergunning nog wordt aangepast ten aanzien van het zomerfeest op 20 juli 2005. Bij afweging van de betrokken belangen, waaronder ook die van verzoekers, zal daarom voor het zomerfeest op deze dag geen voorlopige voorziening worden getroffen. Voor de volgende drie zomerfeesten wordt echter wel een voorlopige voorziening getroffen, zoals hierna te melden, zulks in het licht van hetgeen onder 3.8 is overwogen.

3.10. Ter voorlichting van partijen wordt ten slotte opgemerkt dat artikel 8:87 van de Awb in beginsel de mogelijkheid biedt van indiening van een verzoek om opheffing of wijziging van een voorlopige voorziening in geval van nieuwe feiten of gewijzigde omstandigheden.

4. Beslissing

De voorzieningenrechter:

- wijst het verzoek af voor wat betreft het zomerfeest op 20 juli 2005;

- bepaalt ten aanzien van de zomerfeesten op 27 juli, 3 augustus en 10 augustus 2005 dat de openingstijden van de muziekpodia om 23.00 uur in plaats van 24.00 uur eindigen en dat op de muziekpodia Schupstoel en hoek Zaadmarkt/Proosdijsteeg een geluidsniveau van 75 dB(A) in plaats van 85 dB(A) is toegestaan;

- gelast de gemeente Zutphen aan verzoekers het betaalde griffierecht van € 138,- te vergoeden;

- veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekers tot een bedrag van € 322,-, te betalen door de gemeente Zutphen.

Aldus gegeven door mr. K. van Duyvendijk en in het openbaar uitgesproken op 20 juli 2005 in tegenwoordigheid van de griffier.