Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2005:AT8479

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
22-06-2005
Datum publicatie
01-07-2005
Zaaknummer
06/922015-04
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Ontslag van alle rechtsvervolging terzake medeplichtigheid aan het verkopen en in voorraad hebben van niet in Nederland geregisteerde medicijnen (Fiagrapillen, niet zijnde de geregistreerde Viagrapillen), nu de strafbaarheid van medeplichtigheid aan een overtreding is uitgesloten. Wel veroordeling tot taakstraf van 120 uur voor medeplichtigheid aan handel in het namaakproduct Fiagra, waarvan door gelijkenissen de indruk werd gewekt dat het ging om het in Nederland geregisteerde medicijn Viagra.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Meervoudige kamer voor strafzaken

Parketnummer: 06/922015-04

Uitspraak d.d.: 22 juni 2005

Tegenspraak / onip

VERKORT VONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

wonende te [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 8 juni 2005.

Ter terechtzitting gegeven beslissingen

Ter terechtzitting zijn de volgende beslissingen gegeven:

- De vordering wijziging van de tenlastelegging ten aanzien van het onder 2 primair en 2 subsidiair ten laste gelegde feit is toegewezen. De rechtbank is, anders dan de raadsvrouw, van oordeel dat door de wijziging de grondslag van de tenlastelegging niet wordt verlaten.

- Door de raadsvrouw is aangevoerd dat wijziging van de tenlastelegging een onrechtvaardige situatie voor verdachte oplevert, daar in een reeds afgedane strafzaak tegen een andere verdachte de dagvaarding met betrekking tot een soortgelijk feit nietig is verklaard.

De rechtbank is van oordeel dat er geen sprake is van een voor verdachte onrechtvaardige situatie, nu de officier van justitie in de strafzaak tegen die andere verdachte alsnog kan besluiten om tot (verdere) vervolging over te gaan.

De tenlastelegging

Nadat de tenlastelegging op de terechtzitting is gewijzigd is aan de verdachte ten laste gelegd dat:

1.

zij in de periode van 1 januari 2003 tot en met 11 september 2003 te Zutphen en/of te Warnsveld, althans in het arrondissement Zutphen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen ongeregistreerde farmaceutische specialités en/of ongeregistreerde farmaceutische preparaten, te weten ongeveer 200.000, in elk geval een (groot)aantal "Fiagra"pillen, pillen die het uiterlijk hebben van de zgn. Viagrapillen en als werkzame stof sildanafil bevatten, heeft bereid en/of heeft verkocht en/of heeft afgeleverd en/of heeft verhandeld en/of ter aflevering in voorraad heeft gehad;

(Artikel 3 lid 4 onder a en b van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening)

art 3 lid 4 ahf/ond b Wet op de Geneesmiddelenvoorziening

ALTHANS, dat

Een of meer derde(n) in de periode van 1 januari 2003 tot en met 11 september 2003 te Zutphen en/of te Warnsveld, althans in het arrondissement Zutphen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen ongeregistreerde farmaceutische specialités en/of ongeregistreerde farmaceutische preparaten, te weten ongeveer 200.000, in elk geval een (groot) aantal "Fiagra"pillen, pillen die het uiterlijk hebben van de zgn. Viagrapillen en als werkzame stof sildanafil bevatten, heeft/hebben bereid en/of heeft/hebben verkocht en/of heeft/hebben afgeleverd en/of heeft/hebben verhandeld en/of ter aflevering in voorraad heeft/hebben gehad, bij welke misdrijf/misdrijven hij, verdachte in de periode van 1 januari 2003 tot en met 11 september 2003 te Zutphen en/of te Warnsveld, althans in het arrondissement Zutphen, in elk geval in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen opzettelijk behulpzaam geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen, inlichtingen heeft verschaft tot het plegen van dit/deze misdrijf (ven) door informatie in te winnen over de mogelijkheden van handel in (imitatie) Viagrapillen en/of contact gelegd met verpakkers/ompakkers van medicijnen ("blisteren") en /of drukwerk heeft verzorgd.(bijsluiters en doosjes);

(Artikel 3 lid 4 onder a en b van de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening

Artikel 48 wetboek van Strafrecht)

art 3 lid 4 ahf/ond a Wet op de Geneesmiddelenvoorziening

2.

zij in de periode van 1 januari 2003 tot en met 11 september 2003 te Zutphen en/of te Warnsveld, althans in het arrondissement Zutphen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,opzettelijk waren, waarop of op de verpakking waarvan een handelsnaam van een ander of een merk waarop een ander recht heeft, zij het dan ook met een geringe afwijking, is nagebootst of waren of onderdelen daarvan die valselijk hetzelfde uiterlijk vertonen als een tekening of model waarop een ander recht heeft, dan wel daarmede slechts ondergeschikte verschillen vertonen, te weten (delen van) ongeveer 200.000, in elk geval een grote partij, vervalste/nagemaakte viagra-pillen (waarop en/of op de verpakking waarvan de naam “fiagra” staat vermeld, in elk geval sterk op viagra-pillen gelijkende pillen, heeft/hebben verkocht en/of te koop heeft/hebben aangeboden en/of heeft/hebben afgeleverd, terwijl zij en/of haar medeverdachte(n) van het plegen van dit misdrijf haar/hun beroep heeft/hebben gemaakt en/of als bedrijf heeft/hebben uitgeoefend”;

(art. 337 lid 1 jo lid 3 wetboek van Strafrecht)

art 337 lid 1 ahf/ond a Wetboek van Strafrecht

ALTHANS, dat

een of meer derde(n) in de periode van 1 januari 2003 tot en met 11 september 2003 te Zutphen en/of te Warnsveld, althans in het arrondissement Zutphen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk waren, waarop of op de verpakking waarvan een handelsnaam van een ander of een merk waarop een ander recht heeft, zij het dan ook met een geringe afwijking, is nagebootst of waren of onderdelen daarvan die valselijk hetzelfde uiterlijk vertonen als een tekening of model waarop een ander recht heeft, dan wel daarmede slechts ondergeschikte verschillen vertonen, te weten (delen van) ongeveer 200.000, in elk geval een

grote partij, vervalste/nagemaakte viagra-pillen (waarop en/of op de verpakking waarvan de naam “fiagra” staat vermeld, in elk geval sterk op viagra-pillen gelijkende pillen, heeft/hebben verkocht en/of te koop heeft/hebben aangeboden en/of heeft/hebben afgeleverd, terwijl zij en/of haar medeverdachte(n) van het plegen van dit misdrijf haar/hun beroep heeft/hebben gemaakt en/of als bedrijf heeft/hebben uitgeoefend”;

bij welke misdrijf/misdrijven hij, verdachte in de periode van 1 januari 2003 tot en met 11 september 2003 te Zutphen en/of te Warnsveld, althans in het arrondissement Zutphen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk behulpzaam geweest en/of opzettelijk gelegenheid, middelen, inlichtingen heeft verschaft tot het plegen van dit/deze misdrijf (ven) door informatie in te winnen over de mogelijkheden van handel in (imitatie) Viagra-pillen en/of contact gelegd met verpakkers/ompakkers van medicijnen

("blisteren") en/of drukwerk heeft verzorgd (bijsluiters en doosjes);

art. 337 lid 1 jo lid 3 wetboek van Strafrecht

art. 48 wetboek van Strafrecht

art 337 lid 3 Wetboek van Strafrecht

Taal- en/of schrijffouten

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Vrijspraak

Naar het oordeel van de rechtbank is niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 primair en 2 primair tenlastegelegde heeft begaan. Het is niet vast komen te staan dat er sprake is geweest van een zodanig nauwe en bewuste samenwerking tussen verdachte en de mededaders, die de betreffende pillen daadwerkelijk in Nederland hebben ingevoerd en ook onderdelen van die partij hebben verkocht, dat er sprake is van medeplegen. Verdachte heeft haar werkzaamheden weliswaar verricht op verzoek van een de twee hoofddaders, maar niet is gebleken dat verdachte zelf zou delen in de winst van het strafbaar handelen of meer heeft gedaan dan behulpzaam zijn door het verrichten van hand- en spandiensten.

De verdachte behoort te worden vrijgesproken van het ten laste gelegde medeplegen.

Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 subsidiair en 2 subsidiair ten laste gelegde heeft begaan, te weten dat:

1. subsidiair:

derden in de periode van 1 januari 2003 tot en met 11 september 2003 te Zutphen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander, ongeregistreerde farmaceutische specialités, te weten ongeveer 200.000 "Fiagra"pillen, pillen die het uiterlijk hebben van de zgn. Viagrapillen en als werkzame stof sildanafil bevatten, hebben verkocht en ter aflevering in voorraad hebben gehad,

bij welk feit zij, verdachte in de periode van 1 januari 2003 tot en met 11 september 2003 in Nederland tezamen en in vereniging met een of meer anderen, opzettelijk behulpzaam is geweest en opzettelijk middelen en inlichtingen heeft verschaft tot het plegen van dit feit door informatie in te winnen over de mogelijkheden van handel in imitatie Viagrapillen en contact gelegd met verpakkers/ompakkers van medicijnen ("blisteren") en drukwerk heeft verzorgd (bijsluiters en doosjes);

2. subsidiair:

derden in de periode van 1 januari 2003 tot en met 11 september 2003 te Zutphen, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk waren, waarop of op de verpakking waarvan een handelsnaam van een ander of een merk waarop een ander recht heeft, zij het dan ook met een geringe afwijking, is nagebootst en daarmede slechts ondergeschikte verschillen vertonen, te weten ongeveer 200.000, in elk geval een grote partij nagemaakte viagra-pillen (waarop en/of op de verpakking waarvan de naam “fiagra” staat vermeld, in elk geval sterk op viagra-pillen gelijkende pillen, hebben verkocht en te koop hebben aangeboden en hebben afgeleverd, terwijl haar medeverdachten het plegen van dit misdrijf als bedrijf hebben uitgeoefend”;

bij welke misdrijf zij, verdachte in de periode van 1 januari 2003 tot en met 11 september 2003 in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, opzettelijk behulpzaam is geweest tot het plegen van dit misdrijf door informatie in te winnen over de mogelijkheden van handel in imitatie Viagra-pillen en/of contact heeft gelegd met verpakkers/ompakkers van medicijnen ("blisteren") en/of drukwerk heeft verzorgd (bijsluiters en doosjes);

De rechtbank acht telkens het ten laste gelegde opzet op de medeplichtigheid bewezen op grond van onder meer het volgende.

Verdachte was op het moment dat zij voor het verrichten van werkzaamheden werd benaderd werkzaam als gezondheidsadviseuse bij een centrum voor natuurgeneeswijze, welk centrum middelen verkoopt op natuurbasis. Op grond daarvan mag van haar meer kennis worden verwacht dan de gemiddelde Nederlander met betrekking tot de regelgeving van het op de markt brengen van (genees)middelen, al dan niet op natuurbasis. Uit de verklaring die verdachte op 21 oktober 2003 heeft afgelegd blijkt dat het haar, op het moment zij voor het eerst werd benaderd, al bekend was dat Viagra door een huisarts voorgeschreven dient te worden omdat het een medicijn is. Voorts wist verdachte uit door haar - op verzoek van een medeverdachte - ingewonnen informatie dat het op de markt brengen van een dergelijk medicijn aan strenge voorschriften is verbonden. Verdachte heeft, ondanks dat het haar bekend was dat er met betrekking tot deze partij pillen op dat moment niet aan de in Nederland geldende wettelijke voorschriften werd voldaan en het nog niet vaststond dat daaraan alsnog zou kunnen worden voldaan, werkzaamheden verricht met betrekking tot drukwerk en het verpakken van de pillen. Het was verdachte ook duidelijk, dat hier sprake was van een “namaak”product Fiagra dat uit India kwam en dat het niet ging om het echte product Viagra, al werd die indruk door de gelijkenissen van de producten en de verpakking en de naamgeving gewekt.

De bewijsmiddelen in samenhang bezien laten redelijkerwijs geen andere conclusie toe dan dat verdachte door haar handelen willens en wetens de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat zij zich bezig hield met illegale praktijken.

Vrijspraak van het meer of anders tenlastegelegde

Wat meer of anders is ten las-te gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is naar het

oordeel van de rechtbank niet bewezen. De verdachte behoort daarvan te worden vrijgesproken.

Geen strafbaar feit

Het onder 1 subsidiair bewezen verklaarde levert geen strafbaar feit op nu het onder 1 subsidiair bewezen verklaarde gronddelict een overtreding betreft en de strafbaarheid van medeplichtigheid aan een overtreding is uitgesloten.

De verdachte moet wat dat betreft dan ook worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

Strafbaarheid van het onder 2 subsidiair bewezenverklaarde

Het onder 2 subsidiair bewezene levert op het misdrijf:

- medeplichtigheid aan:

medeplegen van opzettelijk waren, waarop of op de verpakking waarvan een handelsnaam van een ander of een merk waarop een ander recht heeft, zij het dan ook met een geringe afwijking, is nagebootst of daarmede slechts ondergeschikte verschillen vertonen, verkopen en te koop aanbieden, terwijl de schuldige het plegen van dit misdrijf als bedrijf uitoefent.

Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is met betrekking tot het onder 2 subsidiair bewezen verklaarde strafbaar, nu ook overigens geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

Oplegging van straf en/of maatregel

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie (zie voor de inhoud van de vordering bijlage I).

Gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdachte zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, acht de rechtbank een taakstraf als na te melden op zijn plaats. Deze taakstraf zal moeten worden verricht op een projectplaats als opgenomen in de door de Stichting Reclassering Nederland gehanteerde lijst van projectplaatsen.

De rechtbank heeft bij de straftoemeting in het bijzonder in aanmerking genomen dat verdachte betrokken is geweest bij de verhandeling van een grote hoeveelheid pillen.

De pillen waar het om handelde zijn pillen die een stof bevatten die in soortgelijke hoeveelheden voorkomen in medicijnen die in Nederland geregistreerd zijn. Gelet op de mogelijke schadelijke bijwerkingen zijn die medicijnen in Nederland alleen na een medisch onderzoek op doktersvoorschrift verkrijgbaar. Het valt verdachte te verwijten dat mede door

haar toedoen pillen via het illegale circuit verkregen kunnen worden en dat gebruikers aanzienlijke gezondheidsrisico’s zouden kunnen lopen.

Anderzijds houdt de rechtbank er rekening mee dat verdachte een blanco strafblad heeft.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Deze strafoplegging is gegrond op de artikelen 22c, 22d, 47, 48, 52 en 337 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

De rechtbank beslist als volgt.

Verklaart niet bewezen, dat verdachte het onder 1 primair en 2 primair tenlastegelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart, zoals hiervoor overwogen, bewezen dat verdachte het onder 1 subsidiair en 2 subsidiair tenlastegelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1 subsidiair bewezenverklaarde niet strafbaar en ontslaat verdachte voor dit feit van alle rechtsvervolging.

Verklaart het onder 2 subsidiair bewezenverklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot de navolgende taakstraf, te weten:

een werkstraf gedurende 120 uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 60 dagen.

Aldus gewezen door mrs. Elders, voorzitter, Hemrica en Van de Wetering, rechters, in tegenwoordigheid van Jansen, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van

22 juni 2005.

Mr. Van de Wetering is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.