Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2005:AT7068

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
02-06-2005
Datum publicatie
08-06-2005
Zaaknummer
235678 / AZ 05-2
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Is de Wet Klachtrecht Cliënten Zorgsector van toepassing op TBS-instelling? Kantonrechter veroordeelt TBS-instelling tot naleving van artikel 2 WKCZ.

Wetsverwijzingen
Wet klachtrecht cliënten zorgsector
Wet klachtrecht cliënten zorgsector 1
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
GJ 2005/81
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Kanton

Locatie Groenlo

Zaaknummer : 235678 / AZ 05-2

Datum : 2 juni 2005

Beschikking van de kantonrechter te Groenlo in de zaak van:

[verzoekster]

voorheen verblijvende in het centrum voor forensische psychiatrische behandeling Oldenkotte te Rekken, thans verblijvende in de [verblijfplaats],

verzoekster,

procederend in persoon,

tegen

De stichting Centrum voor forensische psychiatrische behandeling Oldenkotte

gevestigd te [adres],

verweerster,

procederend bij haar directeur P.A.J. Zijlstra

Partijen worden in het hiernavolgende mede aangeduid als [verzoekster] en Oldenkotte.

1. HET PROCESVERLOOP

Dit blijkt uit:

- het verzoekschrift, ingekomen ter griffie van de sector kanton Groenlo op 8 februari 2005;

- de brief van verzoekster van 7 maart 2005, waarin zij te kennen geeft haar verzoek te willen handhaven;

- het verweerschrift.

2. HET VERZOEK EN HET VERWEER

2.1. [verzoekster] heeft de kantonrechter verzocht om Oldenkotte te bevelen artikel 2 van de Wet Klachtrecht Cliënten Zorgsector (WKCZ) na te leven, hetgeen kort gezegd inhoudt dat Oldenkotte een regeling treft voor de behandeling van klachten over een gedraging van de zorgaanbieder (Oldenkotte) of van voor de zorgaanbieder werkzame personen. Blijkens artikel 2 lid 2 sub a WKCZ dient de hiervoor genoemde regeling er in te voorzien dat er een klachtencommissie wordt ingesteld. Voorts heeft [verzoekster] verzocht dat de kantonrechter Oldenkotte beveelt de hiervoor verzochte regeling binnen een termijn van drie maanden na inwerkingtreding van de WKCZ te treffen.

2.2. [verzoekster] heeft aan haar verzoek ten grondslag gelegd dat Oldenkotte een zorginstelling in stand houdt en zorg verleent krachtens de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten. [verzoekster] is van mening dat de WKCZ van toepassing is op TBS-patiënten. Dit blijkt onder andere uit de toelichting op de WKCZ, de Leidraad inspectie Volksgezondheid en uit uitspraken van de beklagcommissie uit de Commissie van Toezicht bij Oldenkotte en van de Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming.

2.3. Oldenkotte heeft verweer gevoerd. Zij heeft aangevoerd dat uit artikel 1 lid 4 WKCZ blijkt dat de wet niet van toepassing is op onvrijwillig in een inrichting opgenomen patiënten. In Oldenkotte is sprake van onvrijwillig opgenomen patiënten, namelijk TBS-patiënten, die op grond van de Beginselenwet Verpleging Terbeschikkinggestelden een beroep kunnen doen op een klachtenregeling.

3. DE BEOORDELING

3.1. Vooropgesteld wordt dat [verzoekster] heeft voldaan aan het vereiste zoals vermeld in artikel 3 lid 2 WKCZ, zodat zij in zoverre ontvankelijk kan worden geacht in haar verzoek.

3.2. Vervolgens moet worden beoordeeld of [verzoekster] een cliënt is in de zin van artikel 3 WKCZ en als zodanig het verzoek aan de kantonrechter kan doen. Daartoe wordt het volgende overwogen. In artikel 1 WKCZ wordt een cliënt gedefinieerd als “een natuurlijk persoon aan wie de zorgaanbieder maatschappelijk zorg of gezondheidszorg verleent of heeft verleend”. De wet maakt op dit punt geen onderscheid in vrijwillig en onvrijwillig opgenomen patiënten. Aldus is [verzoekster], ook nu zij in de [verblijfplaats] verblijft, een cliënt in de zin van de WKCZ en kan zij als zodanig het verzoek doen.

3.3. Oldenkotte heeft met een beroep op artikel 1 lid 4 WKCZ aangevoerd dat deze wet niet van toepassing is op haar omdat bij haar sprake is van patiënten die onvrijwillig in de inrichting verblijven.

3.4. Blijkens artikel 1 lid 4 WKCZ geldt deze wet alleen niet ten aanzien van klachten van onvrijwillig in een inrichting verblijvende cliënten, voor zover zij op grond van een andere regeling een klacht in kunnen dienen. Oldenkotte heeft aangevoerd dat voor TBS-patiënten de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden (Bvt) van toepassing is die voorziet in een aparte klachtenregeling in artikel 56 e.v. Bvt. Op zich is de stelling van Oldenkotte dat TBS-patiënten op basis van die wet hun beklag kunnen doen juist. Daar staat echter tegenover dat deze regeling een limitatieve opsomming bevat van beslissingen van de zorginstelling waarover kan worden geklaagd. Weliswaar is deze opsomming in de jurisprudentie wel opgerekt, maar over bejegening door personeel van de zorginstelling kan op grond van de Bvt niet worden geklaagd. Deze mogelijkheid biedt de WKCZ daarentegen wel. Artikel 2 bepaalt immers dat een regeling moet worden getroffen voor de behandeling van klachten over een gedraging van hem (kantonrechter: de zorgaanbieder) of van voor hem werkzame personen jegens een cliënt.

3.5. Het bovenstaande leidt ertoe dat de WKCZ van toepassing is op klachten van TBS-patiënten voorzover zij hun klacht niet op grond van de Bvt kunnen indienen. De kantonrechter zal Oldenkotte dan ook bevelen om artikel 2 van de WKCZ na te leven.

3.6. Het verzoek van [verzoekster] om Oldenkotte te bevelen het voorgaande binnen 3 maanden na inwerkingtreding van de WKCZ te realiseren kan niet worden gehonoreerd. De wet is immers reeds op 1 augustus 1995 in werking getreden.

3.7. In de omstandigheden van het geval ziet de kantonrechter aanleiding Oldenkotte te verwijzen in de kosten van de procedure.

4. BESLISSING

De kantonrechter, beschikkende:

beveelt Oldenkotte artikel 2 Wet Klachtrecht Cliënten Zorgsector na te leven;

verwijst Oldenkotte in de kosten van de procedure, aan de zijde van [verzoekster] begroot op:

€ 103,-- griffierecht.

Aldus gegeven door mr. M.C.J. Heessels, kantonrechter te Groenlo en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 juni 2005 in tegenwoordigheid van de griffier.