Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2003:AN8493

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
19-11-2003
Datum publicatie
19-11-2003
Zaaknummer
06/065013-03
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte in de Piramide-zaak veroordeeld tot een werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf. De gevoegde benadeelde partijen worden niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen omdat die vorderingen niet van zodanig eenvoudige aard zijn dat afdoening daarvan door de strafrechter mogelijk is. De benadeelden kunnen hun vordering slechts aanbrengen bij de burgerlijke rechter.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Meervoudige kamer voor strafzaken

Parketnummer: 06/065013-03

Uitspraak d.d.: 19 november 2003

tegenspraak / dip

VERKORT VONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren te [plaats] op [geboortedatum],

wonende te [postcode en woonplaats], [adres]

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van

5 november 2003.

Ter terechtzitting gegeven beslissingen

Ter terechtzitting zijn de volgende beslissingen gegeven:

Het door de raadsman van verdachte gedane verzoek om aanhouding van de zaak teneinde in de gelegenheid te worden gesteld de vorderingen van de benadeelde partijen uitvoeriger met verdachte te bespreken is afgewezen.

Het namens verdachte gedane verzoek om aanhouding van de zaak voor nader onderzoek is eveneens afgewezen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

1.

hij in of omstreeks 1 juli 1996 tot en met 15 juli 1999 te Apeldoorn, in elk

geval in Nederland tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans

alleen, (telkens) met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en)

wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam

en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen

en/of door een samenweefsel van verdichtsels,

[slachtoffers]

(telkens) heeft/hebben bewogen en/of doen/laten bewegen tot de afgifte van

meerdere, althans een geldbedrag(en), in elk geval van enig goed, hebbende

verdachte en/of zijn mededader(s) toen aldaar (telkens) met vorenomschreven

oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk

en/of in strijd met de waarheid

- aan eerdergenoemde perso(o)n(en) medegedeeld en/of doen/laten mededelen dat

Life Invest (Fund) en/of Unilife en/of (Uni)life Investment Fund en/of

Powersystem een beleggingsfonds/produkt betrof, althans een combinatie van

sparen en beleggen, althans dat hun/zijn/haar gelden worden belegd en/of

gespaard en/of

- aan eerdergenoemde perso(o)n(en) medegedeeld en/of doen/laten mededelen dat

Life Invest (Fund) en/of Unilife en/of (Uni)life Investment Fund en/of

Powersystem geen piramidespel betrof en/of

- aan eerdergenoemde perso(o)n(en) gesproken over en/of doen/laten spreken

over aandelen en opties in combinatie met Life Invest (Fund) en/of Unilife

en/of (Uni)life Investment Fund en/of Powersystem en/of

- aan eerdergenoemde perso(o)n(en) medegedeeld en/of doen/laten mededelen dat

Life Invest (Fund) en/of Unilife en/of (Uni)life Investment Fund en/of

Powersystem (een) bankgarantie heeft en/of

- aan eerdergenoemde perso(o)n(en) (een) voorlichtingsbijeenkomst(en) geven

en/of doen/laten geven waarbij de deelneming van Life Invest (Fund) en/of

Unilife en/of (Uni)life Investment Fund en/of Powersystem werd gecombineerd

met en/of werd verbonden aan de zogenaamde GAMAX Top 110 Fund en/of het WWM

fonds en/of AXA beleggingsrekening en/of professionele beleggingsfondsen en/of

banken en/of

- aan eerdergenoemde perso(o)n(en) een (bijzonder) hoog rendement over

hun/zijn/haar deelneming in Life Invest (Fund) en/of Unilife en/of (Uni)life

Investment Fund en/of Powersystem gegarandeerd en/of doen garanderen,

waardoor

[slachtoffers]

(telkens) werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

art 326 Wetboek van Strafrecht

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

ALTHANS, dat

hij in of omstreeks 1 juli 1996 tot en met 15 juli 1999 te Apeldoorn, althans

in Nederland (telkens) tezamen en in vereniging met een ander of anderen,

althans alleen, (telkens) opzettelijk meerdere, althans een geldbedrag(en), in

elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffers], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn

mededader(s), welk(e) goed(eren) verdachte en/of zijn mededader(s) anders dan

door misdrijf, te weten namelijk als beheerder van deze gelden, althans de

door bovengenoemde personen overgedragen (inleg/deelnemers)gelden, onder zich

had(den), wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

art 321 Wetboek van Strafrecht

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

2.

hij op meerdere, althans een tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 1

april 1994 tot en met 15 juli 1999 te Apeldoorn, in elk geval in Nederland

tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen meermalen,

althans eenmaal, (telkens)

- een deelnamereglement van Life Invest en/of Life Investment Fund (doc 4)

en/of

- een wervings/informatiepapier (doc 8) en/of

- een nieuwsbrief (doc 57) en/of

- een bulletin/informatiepapier (doc 38)

, - (elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te

dienen - valselijk heeft opgemaakt of vervalst, immers heeft verdachte

(telkens) valselijk

- in dit deelnamereglement onder paragraaf 13 opgenomen en/of doen/laten

opnemen: "de correcte afwikkeling van de geldstroom wordt periodiek

gecontroleerd door tenminste twee externe en onafhankelijke

accountants/belastingadviseurs" en/of "Daarnaast verzorgt een onafhankelijke

commissie van deelnemers de controle over het behoorlijk gebruik van het

maatschappelijk kapitaal in het fonds." en/of (doen/laten) vermelden dat er

een Raad van Toezicht bestaat en/of

- in dit deelnamereglement onder paragraaf 16 (doen/laten) vermelden dat Life

Invest is gedeponeerd als een financieel trechterfonds en/of

- op dit wervings/informatie papier (doen/laten) vermelden: "unilife

beleggersassociatie" en/of " een intelligente combinatie van Powersystem

Investment Fund en AXA beleggingsrekening" en/of

- in deze nieuwsbrief (doen/laten) vermelden: "de eerste aandelen zijn

uitbetaald. Vanaf nu af aan zullen zij, die maandelijks nieuwe aandelen hebben

opgebouwd, ook maandelijks uitbetalingen ontvangen" en/of "Thans vinden er

afrondende gesprekken plaats met een van de grootste Nederlandse banken

waarbij het binnenkort voor nieuwe deelnemers mogelijk wordt gemaakt, indien

men dat wenst, een bankgarantie te verkrijgen" en/of

- in dit bulletin/nieuwspapier (doen/laten) vermelden dat het innovatieve

Life Invest Fund terecht geassocieerd wordt met professionele en vertrouwde

beleggingsfondsen"

, zulks (telkens) met het oogmerk om die/dat geschrift(en) als echt en

onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;

art 225 lid 1 Wetboek van Strafrecht

ALTHANS, dat

hij in of omstreeks 1 april 1994 tot en met 15 juli 1999 te Apeldoorn, in elk

geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen,

althans alleen meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk gebruik heeft

gemaakt en/of doen/laten gebruiken van (een) vals(e) of vervalst(e)

- een deelnamereglement van Life Invest en/of Life Investment Fund (doc 4)

en/of

- een wervings/informatiepapier (doc 8) en/of

- een nieuwsbrief (doc 57) en/of

- een bulletin/informatiepapier (doc 38),

- (elk) zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te

dienen - als ware die/dat geschrift(en) (telkens) echt en onvervalst,

bestaande dat gebruikmaken hierin dat verdachte en/of zijn medeverdachte(n)

genoemde documenten aan (potentiele) deelnemers heeft/hebben overhandigd en/of

doen/laten overhandigen, althans ter beschikking heeft/hebben gesteld en/of

doen/laten stellen (om aldus deze personen te bewegen tot deelname aan Life

Invest/Life Investment Fund/Unilife/Powersystem en bestaande die valsheid of

vervalsing hierin dat

- in dit deelnamereglement onder paragraaf 13 opgenomen of doen/laten opnemen:

"de correcte afwikkeling van de geldstroom wordt periodiek gecontroleerd door

tenminste twee externe en onafhankelijke accountants/belastingadviseurs" en/of

"Daarnaast verzorgt een onafhankelijke commissie van deelnemers de controle

over het behoorlijk gebruik van het maatschappelijk kapitaal in het fonds."

en/of (doen/laten) vermelden dat er een Raad van Toezicht bestaat en/of

- in dit deelnamereglement onder paragraaf 16 (doen/laten) vermelden dat Life

Invest is gedeponeerd als een financieel trechterfonds en/of

- op dit wervings/informatie papier (doen/laten) vermelden: "unilife

beleggersassociatie" en/of " een intelligente combinatie van Powersystem

Investment Fund en AXA beleggingsrekening" en/of

- in deze nieuwsbrief (doen/laten) vermelden: "de eerste aandelen zijn

uitbetaald. Vanaf nu af aan zullen zij, die maandelijks nieuwe aandelen hebben

opgebouwd, ook maandelijks uitbetalingen ontvangen" en/of "Thans vinden er

afrondende gesprekken plaats met een van de grootste Nederlandse banken

waarbij het binnenkort voor nieuwe deelnemers mogelijk wordt gemaakt, indien

men dat wenst, een bankgarantie te verkrijgen" en/of

- in dit bulletin/nieuwspapier (doen/laten) vermelden dat het innovatieve

Life Invest Fund terecht geassocieerd wordt met professionele en vertrouwde

beleggingsfondsen";

art 225 lid 2 Wetboek van Strafrecht

Ontvankelijkheid van de officier van justitie

· Verjaring

De rechtbank overweegt hieromtrent het volgende. De verjaringstermijn voor het onder 1 ten laste gelegde delict bedraagt zes jaren. Genoemde termijn vangt aan op de dag na die waarop het feit is gepleegd, hetgeen in de onderhavige zaak inhoudt dat het constitutieve gevolg, te weten de afgifte van goederen, heeft plaatsgevonden. De verjaring wordt gestuit op het moment van het uitbrengen van de dagvaarding op 19 juni 2003. De rechtbank is derhalve van oordeel dat de officier van justitie niet-ontvankelijk is, voor zover de tenlastelegging betrekking heeft op de afgifte van goederen in de periode van 1 juli 1996 tot 19 juni 1997.

· Het verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie.

Namens verdachte is aangevoerd dat de officier van justitie het strafdossier opzettelijk incompleet heeft aangeleverd en opzettelijk belangrijke personen niet als getuige dan wel als verdachte heeft doen horen, hetgeen dient te resulteren in de niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie.

De rechtbank verwerpt dit verweer. Het is de rechtbank niet gebleken dat er sprake is van een opzettelijk incompleet strafdossier, noch is gebleken, dat de officier van justitie opzettelijk bepaalde personen niet heeft doen horen. Ten overvloede overweegt de rechtbank dat voor de raadsman van verdachte de mogelijkheid bestond om in het kader van een mini-instructie aan de rechter-commissaris te verzoeken getuigen te horen of andere onderzoekshandelingen te (doen) verrichten en dat de raadsman hiervan geen gebruik heeft gemaakt.

· Het overige verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie.

Namens verdachte is aangevoerd dat de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaard dient te worden, nu zij de personen die juridisch en feitelijk leiding hadden en de andere adviseurs niet heeft gedagvaard en zij aldus heeft gehandeld in strijd met het gelijkheidsbeginsel door verdachte wel te dagvaarden.

De rechtbank verwerpt dit verweer.

Wie wel en wie niet zal worden vervolgd, behoort tot de beleidsvrijheid van de officier van justitie. Het in het eerste en tweede lid van artikel 167 van het Wetboek van Strafvordering neergelegde opportuniteitsbeginsel houdt in, dat de officier van justitie

bevoegd is op gronden aan het algemeen belang ontleend al dan niet af te zien van het overgaan tot vervolging. De beslissing van de officier van justitie om tot vervolging over te gaan, staat in beginsel niet ter beoordeling van de rechter behoudens de werking van beginselen van een goede procesorde. In het onderhavige geval levert toetsing van de vervolgingsbeslissing aan de beginselen voornoemd geen schending daarvan op.

Taal- en/of schrijffouten

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Vrijspraak

Naar het oordeel van de rechtbank is niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 primair ten laste gelegde met betrekking tot de slachtoffers [Drie slachtoffers] heeft begaan, nu niet kan worden vastgesteld dat de feiten in Nederland zijn gepleegd.

Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 primair en 2 primair ten las-te gelegde heeft begaan, te weten dat:

1.

hij in de periode van 19 juni 1997 tot en met 15 juli 1999 te Apeldoorn, in elk

geval in Nederland tezamen en in vereniging met anderen, telkens met het

oogmerk om zich en anderen wederrechtelijk te bevoordelen telkens door

een samenweefsel van verdichtsels,

[slachtoffers]

heeft bewogen en/of doen/laten bewegen tot de afgifte van geldbedragen, hebbende

verdachte en/of zijn mededaders toen aldaar telkens met vorenomschreven

oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de

waarheid

- aan eerdergenoemde personen medegedeeld en/of doen/laten mededelen dat

Life Invest (Fund) en/of Unilife en/of (Uni)life Investment Fund en/of

Powersystem een beleggingsfonds/produkt betrof en/of

- aan eerdergenoemde personen medegedeeld en/of doen/laten mededelen dat

Life Invest (Fund) en/of Unilife en/of (Uni)life Investment Fund en/of

Powersystem geen piramidespel betrof en/of

- met eerdergenoemde personen gesproken over en/of doen/laten spreken

over aandelen en opties in combinatie met Life Invest (Fund) en/of Unilife

en/of (Uni)life Investment Fund en/of Powersystem en/of

- aan eerdergenoemde personen een (bijzonder) hoog rendement over

hun deelneming in Life Invest (Fund) en/of Unilife en/of (Uni)life

Investment Fund en/of Powersystem gegarandeerd en/of doen garanderen,

waardoor

[slachtoffers]

telkens werden bewogen tot bovenomschreven afgifte;

2.

hij op tijdstippen in de periode van 1 april 1994 tot en met 15 juli 1999 te

Apeldoorn, tezamen en in vereniging met een ander,

een deelnamereglement van Life Invest en/of Life Investment Fund,

zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te

dienen - valselijk heeft opgemaakt of vervalst, immers heeft verdachte

valselijk

- in dit deelnamereglement onder paragraaf 13 opgenomen en/of laten opnemen:

"De correcte afwikkeling van de geldstroom wordt periodiek gecontroleerd door tenminste

twee externe en onafhankelijke accountants/belastingadviseurs" en "Daarnaast

verzorgt een onafhankelijke commissie van deelnemers de controle over het

behoorlijk gebruik van het maatschappelijk kapitaal in het fonds.", en

- in dit deelnamereglement onder paragraaf 16 (doen/laten) vermeld(en) dat Life

Invest is gedeponeerd als een financieel trechterfonds,

zulks met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken

of door anderen te doen gebruiken.

Aangaande het onder 2 primair bewezenverklaarde overweegt de rechtbank dat het wervings/informatiepapier, de nieuwsbrief en het bulletin, als weergegeven in de tenlastelegging, naar haar oordeel geen geschriften betreffen bestemd om tot bewijs van enig feit te dienen.

Vrijspraak van het meer of anders tenlastegelegde

Wat meer of anders is ten las-te gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. De verdachte be-hoort daarvan te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezene levert op de misdrijven:

feit 1: medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd;

feit 2: medeplegen van valsheid in geschrift.

Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aanne-melijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

Oplegging van straf en/of maatregel

Gelet op de aard en de ernst van hetgeen bewezen is verklaard, de omstandigheden waaronder dit is begaan, alsmede gelet op de persoon en de omstandigheden van de verdach-te zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken, acht de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf met daarnaast een taakstraf als na te melden - met welke strafmodaliteit verdachte heeft ingestemd - op zijn plaats. Bedoelde taakstraf zal moeten worden verricht op een projectplaats als opgenomen in de door de Stichting Reclassering Nederland gehanteerde lijst van projectplaatsen.

De rechtbank heeft bij de straftoemeting in het bijzonder in aanmerking genomen dat verdachte samen met zijn mededaders een financieel product aan de man heeft gebracht als ware het een vorm van beleggen, terwijl de deelname feitelijk inhield deelname aan een piramidespel. Er zijn hoge rendementen gegarandeerd, maar de meeste deelnemers hebben niets dan wel een relatief gering bedrag terugontvangen. Verdachte heeft hierdoor vele slachtoffers, die in de meeste gevallen hoge bedragen hadden ingelegd, aanzienlijk financieel benadeeld. Verdachte heeft misbruik gemaakt van het vertrouwen dat de deelnemers in hem hadden als financieel deskundige. Verdachte kan worden beschouwd als coördinator van de verkoop van het product. Hij was initiatiefnemer op het gebied van voorlichting aan de (toekomstige) deelnemers, scholing van de verkopers van het product en het op de Nederlandse markt brengen en houden van Life Invest.

De rechtbank acht een voorwaardelijke gevangenis-straf op zijn plaats teneinde verdachte ervan te weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen.

Vordering tot schadevergoeding

De benadeelde partijen:

[slachtoffers],

hebben zich met een vordering tot schade-vergoeding gevoegd in het strafproces.

Deze benadeelde partijen zullen niet-ontvankelijk worden verklaard in hun vorderingen, nu de vorderingen worden betwist en niet van zodanig eenvoudige aard zijn, dat zij zich lenen voor afdoening in het strafgeding. De onderlinge verhouding tussen de diverse schuldenaren is niet eenvoudig vast te stellen. Teneinde die verhouding vast te stellen zou de verdediging mogelijkerwijs in de gelegenheid moeten worden gesteld getuigen te kunnen doen horen. Daarnaast dient zij zonodig de mogelijkheid te hebben personen in vrijwaring op te kunnen roepen. Deze mogelijkheden kent het strafgeding niet.

De benadeelde partijen kunnen hun vordering slechts aanbrengen bij de burgerlijke rechter.

De benadeelde partijen [3 slachtoffers] hebben zich eveneens met een vordering tot schade-vergoeding gevoegd in het strafproces.

Deze benadeelde partijen zullen niet-ontvankelijk worden verklaard in hun vorderingen, nu verdachte van het onder 1 primair tenlastegelegde partieel is vrijgesproken.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Deze beslissing is gegrond op de artikelen 10, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 27, 47, 57, 225 en 326 van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

De rechtbank beslist als volgt.

Verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in haar straf-vervolging met betrekking tot feit 1 voor zover de tenlastelegging betrekking heeft op de afgifte van goederen in de periode van 1 juli 1996 tot 19 juni 1997.

Verklaart niet bewezen, dat verdachte het onder 1 primair tenlastegeleg-de met betrekking tot de slachtoffers [Drie slachtoffers] heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart, zoals hiervoor overwogen, bewezen dat verdachte het onder 1 primair en 2 primair tenlastegelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten las-te gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt ver-dachte daarvan vrij.

Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar.

Het bewezenverklaarde levert op de misdrijven:

feit 1: medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd;

feit 2: medeplegen van valsheid in geschrift.

Verklaart de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde straf-baar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden.

Bepaalt, dat de gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, op grond dat veroordeelde zich vóór het einde van een proeftijd van 2 jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Veroordeelt de verdachte tot de navolgende taakstraf, te weten:

een werkstraf gedurende 240 uren, met bevel dat indien deze straf niet naar behoren wordt verricht vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 120 dagen.

Beveelt dat voor de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van de taakstraf in verzekering is doorgebracht, bij de uitvoering van die straf uren in mindering worden gebracht volgens de maatstaf dat voor een dag in verzekering doorgebracht 2 uur per dag in mindering wordt gebracht.

Verklaart de benadeelde partijen:

[slachtofers],

niet-ontvankelijk in hun vordering en bepaalt dat de benadeelde partijen hun vordering slechts bij de burgerlijke rechter kunnen aanbrengen.

Aldus gewezen door mr. Elders, voorzitter, mrs. Van Apeldoorn en Van den Dungen, rechters, in tegenwoordigheid van mr. De Bruijn-van der Sluijs, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van 19 november 2003.