Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZUT:2002:AF2607

Instantie
Rechtbank Zutphen
Datum uitspraak
17-12-2002
Datum publicatie
03-01-2003
Zaaknummer
06/060296-02
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZUTPHEN

Meervoudige kamer voor strafzaken

Parketnummer: 06/060296-02

Uitspraak d.d.: 17 december 2002

tegenspraak / dip / aangezegd

VERKORT VONNIS

in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren te [plaats] ([land]) op [geboortedatum],

thans gedetineerd in de penitentiaire inrichting "Achterhoek" te Zutphen.

Onderzoek van de zaak

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 3 december 2002

De tenlastelegging

Aan verdachte is het volgende tenlastegelegd:

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 mei 2002 tot

en met 7 augustus 2002, te Beek, in de gemeente Bergh, althans in Nederland,

althans Frankrijk, althans in enige (andere) staat welke gehouden is mede ten

behoeve van Nederland grenscontrole uit te oefenen, tezamen en in vereniging

met een ander of anderen, in elk geval alleen,

(telkens) (een) ander(en), te weten [persoon A] (geboren op [geboortedatum]) en/of [persoon B] (geboren op [geboortedatum]) en/of [persoon C] (geboren [geboortedatum])

en/of [persoon D] (geboren op [geboortedatum]) en/of één of meer andere

perso(o)n(en) uit winstbejag behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen

van toegang tot en/of verblijven in Nederland en/of Frankrijk en/of enige

(andere) staat welke gehouden is mede ten behoeve van Nederland grenscontrole

uit te oefenen en/of

(telkens) die [persoon A] en/of die [persoon B] en/of die [persoon C] en/of die [persoon D]

en/of één of meer andere perso(o)n(en) daartoe uit winstbejag gelegenheid,

middelen en/of inlichtingen heeft verschaft, terwijl hij wist of ernstige

redenen had te vermoeden dat de toegang en/of dat verblijf van genoemde [persoon A] en/of genoemde [persoon B] en/of [persoon C] en/of [persoon D] en/of één of meer

andere perso(o)n(en) wederrechtelijk was, immers:

- heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) (telkens) toen daar genoemde

[persoon A] en/of genoemde [persoon B] en/of genoemde [persoon C] en/of genoemde [persoon D] en/of en/of een of meer andere perso(o)n(en) met een auto in Tsjechië

en/of Duitsland, opgehaald en/of vervolgens die perso(o)n(en) met een auto

over de Duits-Nederlandse grens naar Beek, gemeente Bergh, althans naar/in

Nederland, althans naar/in Frankrijk, althans naar/in enige (andere) staat

welke gehouden is mede ten behoeve van nederland grenscontrole uit te oefenen

(Frankrijk) gebracht en/of

- heeft /hebben verdachte en/of zijn mededaders(s) (telkens) een of meer

bedrag(en) aan geld van die [persoon A] en/of die [persoon B] en/of die [persoon C] en/of

die [persoon D] en/of één of meer andere perso(o)n(en), danwel de perso(o)n(en)

die deze reis voor hen regelde(n), ontvangen en/of aangenomen en/of bedongen;

art 197a lid 1 Wetboek van Strafrecht

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten en/of kennelijke omissies voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Bevoegdheid rechtbank

Voor zover de tenlastelegging mede ziet op het in Frankrijk en/of elders buiten Nederland begaan van het in artikel 197a van het Wetboek van Strafrecht omschreven delict zal de rechtbank zich onbevoegd verklaren, nu dit delict niet is vermeld in artikel 4 van het Wetboek van Strafrecht en de rechtbank niet is gebleken van enige andere bepaling waaraan zij in dit geval rechtsmacht zou kunnen ontlenen ten aanzien van de, niet de Nederlandse nationaliteit bezittende, verdachte.

Bewezenverklaring

Naar het oordeel van de rechtbank is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het tenlastegelegde heeft begaan, te weten dat:

hij in de periode van 1 augustus 2002 tot en met 7 augustus 2002, te Beek, in de gemeente Bergh, tezamen en in vereniging met anderen,

anderen, te weten [persoon A] (geboren op [geboortedatum]) en [persoon B] (geboren op [geboortedatum]) en [persoon C] (geboren [geboortedatum]) en [persoon D] (geboren op [geboortedatum]) uit winstbejag behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van toegang tot Nederland en

die [persoon A] en die [persoon B] en die [persoon C] en die [persoon D] daartoe uit winstbejag gelegenheid en middelen heeft verschaft, terwijl hij wist dat de toegang van genoemde [persoon A] en [persoon B] en [persoon C] en [persoon D] wederrechtelijk was, immers:

- hebben verdachte en zijn mededaders toen daar genoemde [persoon A] en genoemde [persoon B] en genoemde [persoon C] en genoemde [persoon D] met een auto in Tsjechië en/of Duitsland, opgehaald en vervolgens die personen met een auto over de Duits-Nederlandse grens naar Beek, gemeente Bergh, gebracht en

- hebben verdachte en zijn mededaders bedragen aan geld van die [persoon A] en/of die [persoon B] en/of die [persoon C] en/of die [persoon D], danwel de perso(o)n(en) die deze reis voor hen regelde(n), ontvangen en/of aangenomen en/of bedongen.

Wat meer of anders is tenlastegelegd dan hiervoor bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. De verdachte be-hoort daarvan te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het bewezene levert op het misdrijf:

een ander uit winstbejag behulpzaam zijn bij het zich verschaffen van toegang tot Nederland, terwijl de schuldige weet dat de toegang of dat verblijf wederrechtelijk is, in vereniging begaan, door meerdere personen, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar, nu geen omstandigheid is gebleken of aanne-melijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit.

Oplegging van straf en/of maatregel

De rechtbank acht na te melden strafoplegging in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezen-verklaarde en de omstandigheden waar-onder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan mensensmokkel, een heden ten dage weer sterk toenemende vorm van criminaliteit, die zich kenmerkt door grof gewin en vaak mensonterende omstandigheden voor de betrokken slachtoffers.

Daarnaast heeft deze vorm van smokkel een sterk verstorende invloed op het binnen Nederland en de Europese Unie gevoerde immigratie en asielbeleid.

Inbeslaggenomen voorwerpen

Door de officier van justitie is de verbeurdverklaring gevorderd van de onder verdachte inbeslaggenomen personenauto. Nu evenwel door verdachte ter terechtzitting gedocumenteerd is aangevoerd dat de auto hem niet toebehoort en zich hier evenmin het geval voordoet als bedoeld in artikel 33a, tweede lid onder a, van het Wetboek van Strafrecht, zal de rechtbank de teruggave bevelen aan de rechthebbende, de firma [bedrijf, adres, woonplaats] (Tsjechië).

Aangezien er naar het oordeel van de rechtbank geen strafvorderlijk belang meer aanwezig is dat zich verzet tegen teruggave van de op de lijst van inbeslaggenomen voorwerpen onder 2 t/m 10 genoemde voorwerpen, zal de teruggave daarvan worden bevolen aan degene bij wie zij inbeslaggenomen zijn, te weten de verdachte.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Deze beslissing is gegrond op de artikelen 57 en 197a van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

De rechtbank beslist als volgt.

Verklaart zich onbevoegd tot kennisneming van het tenlastegelegde voorzover dit ziet op onder de delictsomschrijving vallende feiten, die in Frankrijk en/of elders buiten Nederland zouden zijn begaan.

Verklaart bewezen dat verdachte het tenlastegelegde heeft begaan in voege als hiervoor overwogen.

Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlas-tegelegd dan hierboven is bewezenverklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart het bewezenverklaarde strafbaar.

Het bewezenverklaarde levert op het misdrijf:

een ander uit winstbejag behulpzaam zijn bij het zich verschaffen van toegang tot Nederland, terwijl de schuldige weet dat de toegang of dat verblijf wederrechtelijk is, in vereniging begaan, door meerdere personen, meermalen gepleegd.

Verklaart de verdachte ter zake van het bewezenverklaarde straf-baar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van acht (8) maanden.

Beveelt, dat de tijd, door veroordeelde vóór de tenuitvoerleg-ging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorge-bracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.

Gelast de teruggave van de inbeslaggenomen, nog niet terugge-ge-ven, personenauto merk Skoda, type Octovia, kleur rood, gekentekend [nummer], aan: de firma [bedrijf, adres, woonplaats] (Tsjechië).

Gelast de teruggave aan veroordeelde van de inbeslaggenomen, nog niet terugge-geven voorwerpen als aangegeven op de aan dit vonnis gehechte lijst van inbeslaggenomen voorwerpen onder de nummers 2 t/m 10.

Aldus gewezen door mrs. Van Harreveld, voorzitter, Elders en Welbergen, rechters, in tegenwoordigheid van Van Bun, griffier en uitge-sproken op de openbare terechtzitting van 17 december 2002.