Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZLY:2012:BY0503

Instantie
Rechtbank Zwolle-Lelystad
Datum uitspraak
20-07-2012
Datum publicatie
31-10-2012
Zaaknummer
200471
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Verplichting tot medewerking aan doorhaling pandrecht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ZWOLLE-LELYSTAD

Sector civiel recht

Locatie Zwolle

zaaknummer / rolnummer: 200471 / KZ ZA 12-137

Vonnis in kort geding van 20 juli 2012

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

MICROSIGN HOLDING B.V.,

gevestigd te [woonplaats],

eiseres,

advocaat mr. A. Ben Daoued te Zwolle,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[gedaagde] HOLDING B.V.,

gevestigd te [woonplaats],

gedaagde,

advocaat mr. P.H. Redeker te Leeuwarden.

Partijen zullen hierna Microsign en [gedaagde] genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de mondelinge behandeling

- de pleitnota van Microsign

- de pleitnota van [gedaagde].

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. Microsign heeft de aandelen in de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Microsign B.V. overgenomen van [gedaagde]. De koopprijs van de aandelen bestaat uit een vast gedeelte van EUR 800.000,00 en een nader vast te stellen variabel gedeelte. Partijen zijn overeengekomen dat Microsign de vaste koopprijs schuldig blijft aan [gedaagde] en dat deze schuld wordt omgezet in een geldlening. Een en ander is neergelegd in een door beide partijen op 1 oktober 2010 getekende overeenkomst van geldlening.

2.2. Artikel 4 lid 2 van de overeenkomst van geldlening luidt:

"Schuldenaar verbindt zich tot het uiterste in te spannen om haar schuld uit hoofde van deze geldlening zo spoedig mogelijk te herfinancieren teneinde deze geldlening volledig af te lossen"

2.3. Tot zekerheid van de nakoming van de overeenkomst van geldlening heeft Microsign aan [gedaagde] een eerste pandrecht verleend op de aandelen in Microsign B.V. Een en ander is neergelegd in een notariële akte van 1 oktober 2010.

In de notariële akte is - voor zover voor de beoordeling van dit geschil van belang - het volgende opgenomen:

"VOORWAARDEN PANDRECHT

Met betrekking tot het pandrecht gelden de volgende bepalingen:

[...]

f. Schuldenaar mag de verpande aandelen niet zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de schuldeiser vervreemden en/of bezwaren of zich daartoe verplichten.

[..]

h. Het pandrecht eindigt, zodra schuldenaar uit hoofde van de geldlening niets meer aan schuldeiser schuldig is. Schuldeiser zal in dat geval onmiddellijk de vennootschap daarvan schriftelijk in kennis stellen."

2.4. De verhouding tussen partijen is verstoord geraakt vanwege een geschil over de vaststelling van de variabele koopprijs. In verband hiermee wenst Microsign de geldlening geheel af te lossen en onder te brengen bij een andere financier.

2.5. Met betrekking tot de door Microsign voorgenomen aflossing hebben partijen ter zitting van de voorzieningenrechter van deze rechtbank d.d. 10 juli 2012 in een vaststellingsovereenkomst het volgende afgesproken:

"3. na de vóór 24 juli 2012 voorziene betaling door Microsign van de restantvordering uit hoofde van de akte van geldlening d.d. 1 oktober 2010 zal [gedaagde] haar volledige medewerking verlenen aan de doorhaling van het ingeschreven pandrecht op de aandelen van Microsign B.V. in het aandeelhoudersregister; De kosten van de instrumenterende notaris, te weten Duret de Kroon (met wie Microsign de contacten zal onderhouden) met betrekking tot de doorhaling van het pandrecht en met inbegrip van de kosten van een eventuele volmacht komen voor rekening van Microsign"

2.6. In een e-mail van 17 juli 2012 14:07 uur van mr. J.C. Ophuis, kandidaat-notaris, is de voorgenomen werkwijze uitgelegd. Voor zover van belang staat in genoemde mail:

"[...]

WERKWIJZE

- Ik vraag zo spoedig mogelijk de voor de betaling van de restantvordering vereiste gelden bij de financier op met het verzoek deze op de derdengeldenrekening van ons kantoor te storten. Daarvoor is nog wel vereist dat duidelijk is wat de restantvordering precies is.

- Op zo kort mogelijke termijn wordt de verpanding van de aandelen aan de financier bewerkstelligd. Deze financier verkrijgt dan een pandrecht dat tweede is in rang na het eerste pandrecht dat dan nog ten behoeve van [gedaagde] Holding B.V. op de aandelen rust.

- Na ondertekening van de akte van verpanding ten behoeve van de financier boekt ons kantoor de gelden (voor het bedrag zie de uitgangspunten hiervoor) over naar de door mevrouw [naam] opgegeven rekening van [gedaagde] Holding B.V. Dat doen we door middel van een spoedoverboeking. Van de ontvangst van de gelden ontvang ik graag een schriftelijke bevestiging van mevrouw [naam] (namens [gedaagde] Holding B.V.) of van haar contactpersoon bij de bank van [gedaagde] Holding B.V.

- Door de betaling van de restantvordering eindigt het pandrecht van [gedaagde] Holding B.V. en kan dit doorgehaald worden in het aandeelhoudersregister van Microsign B.V.

TOESTEMMING [gedaagde] HOLDING B.V.

Op grond van punt f. onder het kopje "VOORWAARDEN PANDRECHT"in de akte van verpanding van 1 oktober 2010 dient [gedaagde] Holding B.V. nog schriftelijk en vooraf toestemming te geven voor de verpanding van de aandelen Microsign B.V. aan de financier. Als mevrouw [naam] en de heer Redeker zich in de inhoud van dit bericht kunnen vinden, dan zou ik graag zien dat mevrouw [naam] namens [gedaagde] Holding B.V. die toestemming verleent. Dat kan, wat mij betreft, door een kort e-mailbericht van die strekking naar mij te sturen.

[...]"

2.7. Voor verpanding van de aandelen aan de financier is gelet op het bepaalde in de pandakte toestemming van [gedaagde] vereist. [gedaagde] weigert de verlangde toestemming te geven.

3. Het geschil

3.1. Microsign vordert - samengevat - dat de voorzieningenrechter bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad:

I. [gedaagde] zal veroordelen om, na voldoening c.q. betaling door Microsign van de restantvordering uit hoofde van de akte van geldlening d.d. 1 oktober 2010 - zijnde een bedrag van EUR 593.439,37 - aan [gedaagde], uiterlijk 20 juli 2012 te 14.00 uur alle noodzakelijke medewerking te verlenen - zoals is omschreven in het mailbericht d.d. 17 juli 2012 te 14.07 uur van mr. J. Ophuis - aan het doorhalen van het ingeschreven pandrecht op de aandelen van Microsign B.V. in het aandeelhoudersregister van Microsign B.V., op straffe van een onmiddellijk opeisbare dwangsom van EUR 25.000,00 voor elke dag (een dagdeel daaronder begrepen) dat [gedaagde] in gebreke blijft aan het in deze te wijzen vonnis te voldoen.

II. [gedaagde] zal veroordelen in de proceskosten.

3.2. [gedaagde] voert verweer.

3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Van een spoedeisend belang van Microsign bij de gevorderde voorziening is in voldoende mate gebleken. De voorzieningenrechter acht in dit verband voldoende aannemelijk geworden dat het financieringsaanbod geldig is tot 24 juli 2012. Gelet op de door Microsign getoonde e-mail van kandidaat-notaris mr. Ophuis is voorts aannemelijk dat de financier het toegezegde bedrag reeds op de derdenrekening van de notaris heeft gestort.

4.2. Beantwoord moet worden de vraag of onder de in de vaststellingsovereenkomst van 10 juli 2012 genoemde "volledige medewerking" moet worden begrepen het meewerken aan de door de kandidaat-notaris op 17 juli 2012 beschreven werkwijze, meer in het bijzonder het geven van toestemming voor het vestigen van een tweede pandrecht.

4.3. De voorzieningenrechter overweegt als volgt.

Uit de notariële akte van 1 oktober 2010 volgt dat het pandrecht eindigt, zodra Microsign uit hoofde van de geldlening niets meer aan [gedaagde] schuldig is. De conclusie van partijen dat voor doorhaling van het pandrecht sec geen medewerking van [gedaagde] nodig is, is juist. De vordering van Microsign ziet ook niet zozeer op het verlenen van medewerking aan het doorhalen van het pandrecht in enge zin, maar in ruime zin, namelijk het geven van toestemming voor het vestigen van een tweede pandrecht zodat (door)betaling aan [gedaagde], en daarmee de feitelijke aflossing van de geldlening, mogelijk wordt.

De voorzieningenrechter acht het in dit verband aannemelijk dat de financier niet akkoord gaat met doorbetaling van het door hem op de derdenrekening van de notaris gestorte bedrag zolang ten behoeve van hem geen (tweede) pandrecht op de aandelen van Microsign B.V. is gevestigd.

Gelet op het bepaalde in artikel 4 lid 2 van de Overeenkomst van geldlening is de insteek van partijen geweest te komen tot een zo spoedig mogelijke herfinanciering van de geleende gelden, en daarmee tot een aflossing van de geldlening. Een spoedige aflossing is ook de insteek geweest in de vaststellingsovereenkomst van 10 juli 2012.

De door de kandidaat-notaris in de e-mail van 17 juli 2012 voorgestelde werkwijze behelst vier stappen te weten:

- betaling door de financier op de derdenrekening van de notaris

- verlenen van toestemming door [gedaagde] voor en vestigen van een tweede pandrecht

- (door)betaling aan [gedaagde]

- verval van pandrechten van [gedaagde]

Met de voorgestelde werkwijze zijn de belangen van alle partijen, waaronder de belangen van de financier, gewaarborgd. [gedaagde] heeft - afgezien van het door haar genoemde gebrek aan vertrouwen - geen enkel belang gesteld bij de weigering toestemming te verlenen aan de voor de aflossing noodzakelijke vestiging van het tweede pandrecht. Een dergelijk belang is de voorzieningenrechter ook niet gebleken. [gedaagde] blijft immers, zolang zij de betaling niet heeft ontvangen, eerste pandhouder.

Het voorgaande maakt dat [gedaagde] door haar weigering in te stemmen met de voorgestelde werkwijze van de notaris niet voldoet aan de in overeenkomst van 10 juli 2012 genoemde volledige medewerking.

Daarbij komt nog dat partijen niet enkel gehouden zijn aan de letterlijke tekst van de tussen hen gesloten overeenkomsten maar dat partijen tevens gehouden zijn jegens elkaar de normen van redelijkheid en billijkheid in acht te nemen. Het zonder enig belang volharden in de weigering toestemming te verlenen voor het vestigen van een tweede pandrecht is in strijd met hetgeen waartoe partijen op grond van de redelijkheid en billijkheid - bezien in het licht van de strekking van de tussen hen gesloten overeenkomsten van 1 oktober 2010 en 10 juli 2012 - jegens elkaar zijn gehouden.

4.4. De slotsom is dan ook dat de vordering van Microsign zal worden toegewezen. De voorzieningenrechter zal - gebruikmakend van haar bevoegdheid het mindere toe te wijzen - het moment waarop [gedaagde] medewerking moet hebben verleend stellen op uiterlijk 23 juli 2012, 14:00 uur.

De gevorderde dwangsom zal worden gemaximeerd op EUR 600.000,00.

4.5. [gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Microsign worden begroot op:

- dagvaarding EUR 82,17

- griffierecht 575,00

- salaris advocaat 904,00

Totaal EUR 1.561,17

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. veroordeelt [gedaagde] om uiterlijk 23 juli 2012 te 14:00 uur alle noodzakelijke medewerking te verlenen - zoals omschreven in het mailbericht van 17 juli 2012 te 14.07 uur van mr. J. Ophuis - aan het doorhalen van het ingeschreven pandrecht op de aandelen van Microsign B.V. in het aandeelhoudersregister van Microsign B.V.,

5.2. veroordeelt [gedaagde] om aan Microsign een dwangsom te betalen van EUR 25.000,00 voor iedere dag of gedeelte daarvan dat zij, na betekening van dit vonnis, niet aan de in 5.1. uitgesproken hoofdveroordeling voldoet, tot een maximum van EUR 600.000,00 is bereikt,

5.3. veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, aan de zijde van Microsign tot op heden begroot op EUR 1.561,17,

5.4. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.5. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.H.S. Lebens-de Mug en in het openbaar uitgesproken op 20 juli 2012.