Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZLY:2012:BX8814

Instantie
Rechtbank Zwolle-Lelystad
Datum uitspraak
27-09-2012
Datum publicatie
02-10-2012
Zaaknummer
12/688 t/m 12/696
Rechtsgebieden
Ambtenarenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Inpassing ambtenaar in functie; overgegane (para)medisch medewerkers. Beroep ongegrond. De rechtbank is van oordeel dat verweerder op juiste gronden de generieke functiebeschrijving van (Para)medisch medewerker F op eisers van toepassing heeft kunnen achten waarbij als minimum opleidingsniveau geldt MBO met zeer ruime ervaring. De functiebeschrijving van (para)medisch medewerker F heeft geleid tot een indeling in schaal 8, hetgeen niet heeft geleid tot een lager salarisniveau dan bij Carinova.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZWOLLE-LELYSTAD

Sector Bestuursrecht

Registratienummers: Awb 12/688 t/m Awb 12/696

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen

A, B, C, D, E, F, G en H, eisers,

gemachtigde: mr. M. Vetkamp,

en

het dagelijks bestuur van GGD IJsselland,

gevestigd te Zwolle, verweerder,

gemachtigde: mr. C. Matla.

Procesverloop

Bij besluit van 14 oktober 2011 heeft verweerder op eisers de functie van (Para)medisch medewerker F (schaal 8) van toepassing verklaard.

Het daartegen door eisers gemaakte bezwaar is bij besluiten van 24 februari 2012 ongegrond verklaard. Eisers hebben tegen dit besluit beroep ingesteld.

De beroepen zijn ter zitting van 16 augustus 2012 behandeld. Van eisers zijn A en G verschenen, bijgestaan door hun gemachtigde en I van de vakbond Nu ’91.

Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door de gemachtigde, vergezeld door N.A.M. Richter, directeur, en H.D. Bonsink, P&O-adviseur.

Overwegingen

In geding is de vraag of verweerder terecht de functie van (Para)medisch medewerker F op eisers van toepassing heeft verklaard.

Bij de beantwoording van deze vraag gaat de rechtbank uit van de volgende feiten en omstandigheden.

Eisers waren als wijkverpleegkundige Jeugdgezondheidszorg (JGZ) werkzaam bij Carinova te Deventer. Omdat de gemeente Deventer besloten heeft de zorg voor 0 – 19 jarigen onder te brengen bij één organisatie, zijn eisers met ingang van 1 april 2011 overgegaan naar de organisatie van verweerder. Om deze overgang goed te laten verlopen is op 21 maart 2011 tussen Stichting Carinova en het openbaar lichaam “GGD IJsselland” enerzijds, en Abvakabo FNV, CNV Publieke Zaak, FBZ en Nu ’91 anderzijds, een sociaal convenant gesloten.

Op grond van dit convenant zijn eisers in dezelfde functie overgegaan en deze functie is gewaardeerd aan de hand van het bij verweerder van kracht zijnde functiewaarderings- systeem. Hiertoe is een zogenoemde “was-wordt lijst” opgemaakt. In de door eisers ontvangen “was-wordt lijst” is aangegeven dat hun functie “Wijkverpleegkundige” was en ook “Wijkverpleegkundige” wordt. De formele functiebeschrijving is “Sociaal Verpleegkundige” in functieschaal 8.

Eisers zijn in de gelegenheid gesteld te reageren op de “was-wordt lijst”, maar daar hebben zij geen gebruik van gemaakt.

Verweerder heeft eisers bij brief van 11 maart 2011 bericht dat GGD IJsselland bezig is

met voorbereidingen om over te gaan naar een generiek functiegebouw. Dit functiegebouw

is ingedeeld in een aantal functiereeksen en bestaat uit een overzichtelijk aantal functies. De functiebeschrijvingen zijn algemeen beschreven en kunnen toegepast worden voor verschillende functies, dwars door de organisatie heen. Een generieke functie beschrijft in hoofdlijnen wat er in een functie moet gebeuren.

Bij brief van 9 september 2011 heeft verweerder het voornemen bekend gemaakt op eisers

de functie van (Para)medisch medewerker F van toepassing te verklaren. Het niveau van deze functie is vastgesteld op schaal 8. Eisers hebben geen gebruik gemaakt van één van de inloopspreekuren. Evenmin hebben zij een zienswijze ingediend. Het voornemen is omgezet in het besluit van 14 oktober 2011. Eisers hebben hiertegen bezwaar gemaakt.

In het kader van de behandeling van het bezwaarschrift heeft op 12 januari 2012 een hoorzitting plaatsgevonden voor de functiewaarderingskamer van de vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften (hierna: de commissie). Op 10 februari 2012 heeft de commissie advies uitgebracht.

Bij het thans bestreden besluit heeft verweerder in overeenstemming met het advies van de commissie het bezwaar van eisers ongegrond verklaard.

Eisers zijn blijkens het beroepschrift van mening dat niet de generieke functie van (Para)medisch medewerker F van toepassing is, maar de generieke functie van (Para)medisch medewerker E. Hiertoe is gesteld dat het werk- en denkniveau van de functie (Para)medisch medewerker F niet overeenkomt met het vereiste kennisniveau van de functiebeschrijving die ten grondslag lag aan de Functiewaardering Gezondheidszorg (FWG) van Carinova. Het vereiste kennisniveau voor de functie van Verpleegkundige JGZ werd bij Carinova vastgesteld op minimaal verpleegkundige A + MGZ/HBO-V, aangevuld met een post-HBO opleiding. Voor de functie van (Para)medisch medewerker F is een MBO werk- en denkniveau en ruime aanvullende ervaring vereist.

Daarnaast wordt in de functiebeschrijving van (Para)medisch medewerker F niets gesteld over beleidsontwikkeling, maar wordt uitsluitend genoemd “doet voorstellen voor het aanpassen van protocollen”, terwijl in de functiebeschrijving van (Para)medisch medewerker E gesproken wordt over “ontwikkelt mede het behandelbeleid” en “het leveren van een bijdrage aan het ontwikkelen van beleid”.

Naar de mening van eisers doet het verschil tussen MBO- en HBO-niveau zich sterk voelen in het ontwikkelen van het behandelbeleid (in de gezinnen), alsmede door de inbreng in velerlei werkgroepen, waarin een bijdragen wordt geleverd aan het ontwikkelen van beleid op de diverse gebieden.

De functie van Verpleegkundige JGZ bij Carinova viel onder het begrip ‘complex’. Bij (Para)medisch medewerker F is dat gemiddeld complex, terwijl bij de (Para)medisch medewerker E wordt gesproken over complex.

Hieruit volgt, alsdus eisers, dat op hen de functie van (Para)medisch medewerker E toegepast moet worden.

Verweerder heeft aangevoerd dat in de functie van (Para)medisch medewerker F sprake is van werkzaamheden die volgen uit een takenpakket of opdrachten die veelal in meer specifieke aanwijzingen zijn gesteld, zoals de kaders, protocollen en richtlijnen die van toepassing zijn op de functiebeschrijving van Wijkverpleegkundige JGZ. Van belang is voorts dat diagnoses en behandelplannen onder verantwoordelijkheid van de arts worden vastgesteld. De complexiteit van de aandachtsgebieden in de functie (Para)medisch medewerker F is gemiddeld, dat wil zeggen dat er sprake is van zowel meer als minder complexe zaken. Ook dit komt overeen met de situaties waarop de functiebeschrijving Wijkverpleegkundige JGZ betrekking heeft.

Het werk- en denkniveau van de generieke functie (Para)medisch medewerker F is MBO-werk- en denkniveau met ruime aanvullende ervaring. In het kader van het generieke functiegebouw betekent werk- en denkniveau: het minimaal benodigde werk- en denkniveau en de ervaring die nodig is voor het succesvol uitvoeren van de functie. Het betreft het werk-en denkniveau behorende bij de aard en het karakter van de functie. Er wordt niet gekeken naar het daadwerkelijke werk- en denkniveau of huidige opleidingsniveau van de medewerker(s) die deze functie uitoefenen.

In de functiebeschrijving Wijkverpleegkundige JGZ zijn geen werkzaamheden opgenomen waaruit blijkt dat er een bijdrage aan het behandelbeleid wordt geleverd. Koppeling aan de generieke functie (Para)medisch medewerker E zou in mindere mate passend zijn omdat deze functie onder meer gekenmerkt wordt door het ontwikkelen van behandelbeleid. Verweerder merkt hierbij op dat het geven van input ten behoeve van het beleid en het deelnemen aan overleg, werkgroepen en projecten niet valt onder beleidsontwikkeling.

De rechtbank overweegt als volgt.

Ingevolge vaste jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep, bijvoorbeeld LJN BP9661, dient inpassing in een generieke functie terughoudend te worden getoetst. Die toetsing is, naast de overigens in aanmerking komende toetsing aan regels van geschreven en ongeschreven recht, beperkt tot de vraag of de inpassing op voldoende gronden berust.

Dit betekent dat pas tot vernietiging van het bestreden besluit kan worden overgegaan als deze inpassing als onhoudbaar moet worden aangemerkt. Daarvoor is ontoereikend de enkele omstandigheid dat inpassing in een ander, hoger gewaardeerd functieprofiel op zichzelf denkbaar en verdedigbaar is.

Eisers zijn met ingang van 1 april 2011 overgegaan van Carinova naar de organisatie van verweerder. Ter zitting hebben eisers aangegeven dat zij vanaf 1 april 2011 dezelfde werkzaamheden zijn blijven verrichten voor ten minste hetzelfde salaris en op hetzelfde niveau.

Hiermee is naar het oordeel van de rechtbank voldaan aan het bepaalde in het Sociaal Convenant ten behoeve van de overgang van werknemers jeugdgezondheidszorg.

Eisers hebben niet gereageerd op de hen toegezonden “was-wordt lijst”, op grond waarvan

er vanuit mag worden gegaan dat zij met deze lijst instemden. Daarna heeft verweerder de inpassing van hun functie in het nieuwe generieke functiegebouw aangekondigd. Zoals verweerder ook heeft aangegeven is voor de inpassing in het generieke functiegebouw de functie van eisers, zoals zij deze verrichtten bij Carinova en voortgezet hebben bij de GGD IJsselland, als uitgangspunt genomen.

Uit de leeswijzer generieke functieboek is af te leiden dat het functiegebouw is ingedeeld in zes functiereeksen en de functies binnen elke reeks worden gekenmerkt door een vergelijkbare aard van de werkzaamheden. Bij de naamgeving is gebruik gemaakt van een letteraanduiding, waarbij A zwaardere, complexere werkzaamheden zal bevatten dan de B etc. Tevens blijkt uit deze leeswijzer dat een generieke functiebeschrijving beknopt is en geen specifieke vakgebieden beschrijft. Generieke functiebeschrijvingen zijn te algemeen om alle taken te beschrijven die een medewerker daadwerkelijk uitvoert.

Verweerder heeft derhalve moeten beoordelen bij welke generieke functiebeschrijving de door eisers bij Carinova uitgeoefende functie het beste past.

Het gaat er hierbij niet om of aan alle aspecten van een functie wordt voldaan, maar om de vraag welke generieke functiebeschrijving het beste aansluit past bij de uitgeoefende functie in zijn totaliteit bezien.

Gelet op het advies van de commissie, hetgeen door partijen aangevoerd is en het verhandelde ter zitting, is de rechtbank van oordeel dat verweerder op juiste gronden de generieke functiebeschrijving van (Para)medisch medewerker F op eisers van toepassing heeft kunnen achten waarbij als minimum opleidingsniveau geldt MBO met zeer ruime ervaring.

Hiertoe wordt overwogen dat er sprake is van specifieke aanwijzingen en de werkzaamheden van eisers strak zijn geprotocolleerd. Zij kunnen niet zelfstandig een behandelplan op stellen, maar dienen dit te doen in overleg met een arts. Wel dragen zij informatie aan op grond waarvan het behandelplan wordt opgesteld. De combinatie van werkzaamheden, zoals de controles op het consultatiebureau en de huisbezoeken, is van gemiddelde complexiteit.

Zoals ook door de commissie is weergegeven is het in de generieke functiebeschrijving van (Para)medisch medewerker F genoemde werk- en denkniveau een minimaal benodigd werk- en denkniveau.

Naar het oordeel van de rechtbank is evenmin gebleken dat het ontwikkelen van beleid een onderdeel is van de functie van eisers. Dat zij meedenken en input leveren voor het ontwikkelen van beleid is voldoende afgedekt door de taak ‘doet voorstellen voor de aanpassing van protocollen’.

De rechtbank stelt vast dat de functiebeschrijving van (para)medisch medewerker F heeft geleid tot een indeling in schaal 8, hetgeen niet heeft geleid tot een lager salarisniveau dan bij Carinova.

Aan de functiebeschrijving bij Carinova kan geen beslissende betekenis worden toegekend nu die functiebeschrijving is opgesteld en alleen geldend is binnen het systeem van beschrijving en waardering zoals dat bij Carinova gold.

De beroepen van eisers zijn ongegrond.

Beslissing

De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond

Deze uitspraak is gedaan door mr. A. Oosterveld, rechter, en door hem en Y. van der Zaan-van Arnhem, als griffier ondertekend. Uitgesproken in het openbaar op 27 september 2012.

Afschrift verzonden op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat voor een belanghebbende en het bestuursorgaan hoger beroep open. Dit dient te worden ingesteld binnen zes weken na de datum van verzending van deze uitspraak door een beroepschrift en een kopie van deze uitspraak te zenden aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.