Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZLY:2010:BO2130

Instantie
Rechtbank Zwolle-Lelystad
Datum uitspraak
29-10-2010
Datum publicatie
29-10-2010
Zaaknummer
07.976406-07
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De zaken tegen de vijf verdachten zijn in september en oktober 2010 inhoudelijk behandeld. De rechtbank heeft echter besloten om het onderzoek te heropenen. Door de verdediging is aangevoerd dat in het Kluivingsbosonderzoek mogelijk sprake is geweest van beïnvloeding en/of ongeoorloofd uitgeoefende druk bij de vermeende slachtoffers door de ervaringsdeskundige. De rechtbank heeft beslist dat audio-opnamen van de gesprekken tussen de ervaringsdeskundige en de slachtoffers, met behulp van een tolk in het Nederlands vertaald moeten worden. De vertalingen moeten daarna aan het dossier worden toegevoegd zodat de rechtbank er kennis van kan nemen. De zaken zijn voor onbepaalde tijd aangehouden

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ZWOLLE - LELYSTAD

Sector Strafrecht - Meervoudige Strafkamer

Parketnr. : 07.976406-07

Uitspraak: 29 oktober 2010

Vonnis in de zaak van:

het openbaar ministerie

tegen

[Verdachte D],

geboren op [datum] 1972 te [geboorteplaats],

wonende te [adres].

Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 24 september 2010. De verdachte is verschenen, bijgestaan door mr. N.F. Hoogervorst, advocaat te Amsterdam.

De officieren van justitie, mr. L.N. Stempher en G.R.C. Veurink, hebben ter terechtzitting gevorderd de veroordeling van verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van

30 maanden met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht en toewijzing van de vordering van de benadeelde partij, [Slachtoffer N] - bij wijze van voorschot - tot een bedrag ad € 33.000,--.

TENLASTELEGGING

De verdachte is ten laste gelegd dat:

(volgt nadere aanpassing tenlastelegging)

HERVATTING VAN HET ONDERZOEK

De rechtbank is van oordeel dat nog nader onderzoek nodig is. Zij acht zich thans onvoldoende geïnformeerd om tot een verantwoorde beslissing te kunnen komen.

In (onder meer) het Kluivingsbos-onderzoek heeft het openbaar ministerie een verhoorprotocol opgesteld waarin niet alleen de rol van de politie, de ervaringsdeskundige en de dominee is beschreven, maar waarin ook is aangegeven op welke wijze de gesprekken met c.q. verhoren van vermeende slachtoffers dienen plaats te vinden. De ervaringsdeskundige en de dominee zijn bij enkele getraceerde slachtoffers ook daadwerkelijk ingezet. Dit heeft ertoe geleid dat een aantal slachtoffers bereid was te verklaren over wat hen was overkomen. Bij de gesprekken, die de ervaringsdeskundige met de slachtoffers heeft gevoerd, is gebruik gemaakt van geluidsapparatuur.

Gelet op hetgeen de verdediging in de zaken van het Kluivingsbos-onderzoek heeft aangevoerd met betrekking tot mogelijke beïnvloeding van en/of ongeoorloofd uitgeoefende druk op de vermeende slachtoffers door de ervaringsdeskundige, acht de rechtbank het noodzakelijk de beschikking te hebben over de inhoud van het gesprek dat de ervaringsdeskundige heeft gevoerd met het hierna te noemen slachtoffer, teneinde te kunnen toetsen of bij de totstandkoming van de aangifte (en nadere verhoren) van enige druk dan wel beïnvloeding door de ervaringsdeskundige sprake is geweest.

De rechtbank acht het onderzoek in zoverre onvolledig en zal derhalve het onderzoek heropenen en terstond schorsen en de stukken in handen stellen van de rechter-commissaris, teneinde - voorafgaande aan een nader te bepalen terechtzitting - met behulp van een tolk/vertaler een in de Nederlandse taal gesteld proces-verbaal van de gemaakte audio-opname van het gesprek van de ervaringsdeskundige met het vermeende slachtoffer [Slachtoffer N] verbatim te laten uitwerken.

BESLISSING

Het onderzoek wordt heropend en terstond voor onbepaalde tijd geschorst.

De rechtbank stelt de stukken in handen van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in deze rechtbank, teneinde bovenbedoelde proces-verbaal aan de stukken toe te voegen.

Aldus gewezen door mr. F. van der Maden, voorzitter, mrs. G.P. Nieuwenhuis en

J.W.M. Bunt, rechters, in tegenwoordigheid van mr. S.A. van den Hoek en W.F. Grotenhuis, griffiers en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 oktober 2010.

Mr. Van der Maden voornoemd was buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.