Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZLY:2009:BL3722

Instantie
Rechtbank Zwolle-Lelystad
Datum uitspraak
23-12-2009
Datum publicatie
17-02-2010
Zaaknummer
156699 / HA ZA 09-538
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Schending zorg- en onderzoeksplicht van energieleverancier na goed gemotiveerde, herhaalde klacht omtrent meter.

Dit leidt tot de conclusie dat energieleverancier het verweer niet gemotiveerd heeft kunnen weerleggen. Volgt afwijzing vordering.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ZWOLLE-LELYSTAD

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 156699 / HA ZA 09-538

Vonnis van 23 december 2009

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ELECTRABEL NEDERLAND RETAIL B.V. door fusie rechtsopvolgster van Cogas Energie B.V. en van Rendo Energielevering B.V.

gevestigd te Zwolle,

eiseres,

advocaat mr. P. van Rossum,

tegen

[gedaagde],

wonende te [woonplaats],

gedaagde,

advocaat mr. W.J.A. van Es.

Partijen zullen hierna Electrabel en [gedaagde] genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 29 juli 2009

- het proces-verbaal van comparitie van 12 november 2009.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. Tussen [gedaagde] en Rendo Energielevering BV (rechtsvoorgangster van Electrabel, hierna: Electrabel) gold tot 12 april 2006 een overeenkomst met betrekking tot levering van energie.

2.2. [gedaagde] bewoonde destijds de bovenverdieping van het pand aan de [adres] te [woonplaats]. De benedenverdieping werd gebruikt door haar vader. Het hele pand werd verwarmd door dezelfde centrale verwarmingsinstallatie en er was één gas- en elektriciteitsmeter.

2.3. In 2004 is gedurende een aantal maanden de benedenverdieping van het pand verbouwd en werden daar regelmatig feesten gegeven.

2.4. Electrabel heeft aan [gedaagde] een factuur gezonden ten bedrage van

EUR 7.566,47. Hierin wordt een openstaande post van EUR 7.093,12 vermeld, die bestaat uit de jaarafrekening 2005 terzake gas en elektriciteit ten bedrage van EUR 5.889,62, voorschotbedragen voor 2006, aanmaningskosten en een betaling welke in mindering is gebracht.

2.5. Volgens de jaarafrekening 2005 was in 2004 sprake van een gasverbruik van 1.493 m3. In 2005 was dit verbruik volgens deze jaarafrekening 12.584 m3.

2.6. [gedaagde] heeft de volgende betalingen verricht:

Datum bedrag in euro’s

08-06-2004 265,00

23-06-2004 125,00

05-08-2004 125,00

09-09-2004 125,00

14-10-2004 125,00

16-11-2004 127,00

13-01-2005 125,00

14-02-2005 125,00

18-03-2005 137,00

20-05-2005 137,00

15-06-2005 137,00

15-06-2005 137,00

18-08-2005 400,00

26-09-2005 200,00

25-10-2005 200,00

15-12-2005 200,00

14-02-2006 200,00

14-02-2006 200,00

14-03-2006 200,00

Op 4 maart 2005 heeft [gedaagde] in verband met een afrekening een bedrag van EUR 71,48 ontvangen.

2.7. In maart 2006 heeft [gedaagde] de jaarafrekening 2005 ontvangen. Daartegen heeft zij geprotesteerd.

3. Het geschil

3.1. Electrabel vordert samengevat - veroordeling van [gedaagde] tot betaling van EUR 8.938,96, vermeerderd met rente en kosten.

3.2. [gedaagde] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Electrabel heeft betaling gevorderd van de factuur van 9 mei 2006 die betrekking heeft op de periode 1 januari 2006 tot en met 12 april 2006 ten bedrage van EUR 7.566,47.

Deze factuur bestaat voor het grootste gedeelte uit een openstaande post die betrekking heeft op het gasverbruik in 2005. Daarnaast heeft zij betaling van wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten gevorderd.

4.2. [gedaagde] heeft de factuur betwist. Zij heeft daartoe aangevoerd dat zij iedere maand haar termijnbedragen heeft betaald en dat het verschil in verbruik van 2004 en 2005 extreem groot is. Zij heeft zich op het standpunt gesteld dat een deel van de kosten voor rekening van haar vader zou moeten komen en voorts betoogd dat het verschil tussen het verbruik in 2004 en 2005 waarschijnlijk te verklaren is door een defecte energiemeter. Daartoe heeft [gedaagde] verklaard dat zij op of omstreeks 12 april 2006 het pand heeft verlaten. Nadat zij alle apparatuur, waaronder ook de cv-ketel, had uitgezet bleek dat de meter nog steeds doorliep. De opa, oma en tante van [gedaagde] waren daarvan getuige. [gedaagde] heeft dit telefonisch doorgegeven aan Electrabel, waarop van de zijde van Electrabel zou zijn gereageerd met de mededeling dat naar aanleiding van deze melding onderzoek zou worden gedaan. Dit onderzoek heeft, voor zover [gedaagde] bekend is, nooit plaatsgevonden.

4.3. Vooropgesteld wordt dat [gedaagde] de contractspartij van Electrabel is, zodat het energiegebruik van de vader voor de benedenverdieping in deze procedure voor risico en rekening van [gedaagde] komt. Of en wat [gedaagde] en haar vader daarover onderling hebben afgesproken heeft interne werking en kan niet aan Electrabel worden tegengeworpen.

4.4. Ter zake van de energiemeter heeft Electrabel ter zitting desgevraagd medegedeeld dat, in het geval dat alle apparatuur uitgeschakeld is de meter stil zou moeten staan. Normaal gesproken wordt een dergelijke melding doorgegeven aan de netwerkbeheerder die vervolgens onderzoek verricht aan de meter. De uitkomst van een dergelijk onderzoek kan, naar Electrabel heeft gesteld, gevolgen hebben voor de eindafrekening. In de administratie van Electrabel kon geen telefonische melding van [gedaagde] worden gevonden. Verder is ter zitting door Electrabel verklaard dat de gasmeter in juni 2006 uit het pand [adres] is verwijderd, dat geen onderzoek heeft plaatsgevonden naar de meter en dat deze ook niet is geijkt.

4.5. In de onderhavige zaak moet worden geconstateerd dat het gestelde gasverbruik in 2005 ruim acht keer zo hoog is als in 2004. Electrabel heeft daarvoor geen enkele verklaring kunnen geven. Een verbouwing en grote feesten hadden wellicht een hoger verbruik kunnen verklaren, maar deze hebben juist in 2004 plaatsgevonden. Ondanks het extreme verschil in verbruik en het protest van [gedaagde] tegen de eindafrekening 2005 heeft Electrabel geen aanleiding gezien zelf een deugdelijk onderzoek in te stellen. Zij heeft geen bezoek aan de woning van [gedaagde] gebracht en heeft evenmin een onderzoek naar de technische staat van de meter ingesteld of laten instellen. In plaats daarvan heeft zij volstaan met het laten opnemen van meterstanden door [gedaagde]. Van dit “onderzoek” heeft zij, ondanks het verzoek daartoe van [gedaagde], geen gegevens en of bevindingen kunnen overleggen.

4.6. De gemotiveerde stelling van [gedaagde] dat zij op of omstreeks 12 april 2006 telefonisch heeft gemeld dat de meter doorliep op het moment dat zij alle apparatuur had uitgeschakeld is door Electrabel niet gemotiveerd betwist. Weliswaar heeft zij opgemerkt dat van deze melding in de administratie niets kon worden teruggevonden, maar daarbij heeft zij niet - gemotiveerd en onderbouwd met feiten en omstandigheden - betoogd dat de administratieve organisatie van Electrabel zo is ingericht dat alle telefonische meldingen worden geregistreerd op grond waarvan het onmogelijk is dat de bewuste telefonische mededeling is gedaan. Dit leidt tot de conclusie dat de stelling van [gedaagde] onvoldoende is weersproken, zodat de rechtbank hiervan in rechte zal uitgaan.

4.7. Mede gelet op hetgeen Electrabel ter zitting uiteen heeft gezet over de normale gang van zaken in geval van een dergelijke melding, moet worden geconcludeerd dat zij een onderzoek had moeten (laten) instellen naar de meter. De omstandigheid dat dit onderzoek niet heeft plaatsgevonden - waarbij geldt dat de meter is verwijderd zodat een onderzoek ook thans niet kan plaatsvinden - kan Electrabel worden verweten. Van Electrabel als grote energieleverancier mag worden verwacht dat zij op zorgvuldige wijze omgaat met klachten. Haar afnemers zijn immers niet zelf in de gelegenheid om onderzoek aan de meter te verrichten. De gehoudenheid tot het instellen van een onderzoek geldt te meer in een situatie als de onderhavige, waarin het gemeten verbruik acht keer zo hoog was als in het jaar daarvoor en voor dit verschil niet onmiddellijk een reden was aan te wijzen.

Nu Electrabel geen onderzoek heeft ingesteld kan niet worden vastgesteld of de meter deugdelijk was en daarmee of de gemeten standen overeenkomen met het werkelijke gebruik. Geconcludeerd moet worden dat Electrabel het verweer van [gedaagde] niet gemotiveerd heeft kunnen weerleggen, zodat geoordeeld wordt dat zij de vordering onvoldoende nader heeft onderbouwd. Dit betekent dat de vordering dient te worden afgewezen.

4.8. De stelling dat de vordering ter zake van elektriciteit ten bedrage van EUR 701,41 inclusief BTW voor toewijzing gereed ligt, kan niet worden gevolgd. De voorschotbedragen die [gedaagde] vanaf juni 2004 steeds heeft verricht zien immers op zowel gas- als elektriciteitsverbruik. Zonder een nadere specificatie is derhalve niet eenvoudig vast te stellen of [gedaagde] meer elektriciteit heeft verbruikt dan het bedrag dat zij als voorschot heeft betaald. Nu niet in geschil is dat [gedaagde] haar voorschotbedragen steeds heeft voldaan en ook uit de specificatie niet kan worden afgeleid dat sprake is van een hoger elektriciteitsgebruik dan het geschatte verbruik waarop het voorschotbedrag is bepaald, is ook dit deel van de vordering onvoldoende nader onderbouwd.

4.9. Electrabel zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [gedaagde] worden begroot op:

- betaald vast recht EUR 156,50

- in debet gesteld vast recht 156,50

- salaris advocaat 768,00 (2,0 punten × tarief EUR 384,00)

Totaal EUR 1.081,00

5. De beslissing

De rechtbank

5.1. wijst de vorderingen af,

5.2. veroordeelt Electrabel in de proceskosten, aan de zijde van [gedaagde] tot op heden begroot op EUR 1.081,00, te voldoen aan de griffier door overmaking op rekeningnummer 1923.25.930 ten name van MvJ Arrondissement Zwolle onder vermelding van "proceskostenveroordeling" en het zaak- en rolnummer,

5.3. verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.N. Bartels en in het openbaar uitgesproken op 23 december 2009.