Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZLY:2008:BD5452

Instantie
Rechtbank Zwolle-Lelystad
Datum uitspraak
22-05-2008
Datum publicatie
31-07-2008
Zaaknummer
143186 - KG ZA 08-114
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Hypotheekverstrekker mag overgaan tot opeising van gehele leensom en tot verkoop van in hypotheek gegeven pand.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ZWOLLE-LELYSTAD

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 143186 / KG ZA 08-114

Vonnis in kort geding van 22 mei 2008

in de zaak van

[eiser],

wonende te [woonplaats],

eiser,

procureur mr. A.J. ter Wee,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

QUION 9 B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

gedaagde,

procureur mr. M.F.H.M. van Haastert,

advocaat mr. M. Verhoeff te Utrecht.

Partijen zullen hierna [eiser] en Quion 9 genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de mondelinge behandeling, waarin tevens het verzoek van Quion 9 tot onderhandse verkoop ex artikel 3:268 lid 2 BW is behandeld

- de pleitnota van [eiser]

- de pleitnota van Quion 9.

1.2. Ter mondelinge behandeling zijn verschenen:

- [eiser]

- mr. Ter Wee, voornoemd

- de heer E. Vos, teamcoördinator van Quion 9

- mr. K.B. Sluiter te Utrecht, advocaat van Quion 9

- de heer A. Schouten

- mr. J.B. Heldoorn, notaris te Almere.

1.3. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. [eiser] is eigenaar van de onroerende zaak: het woonhuis met ondergrond, erf, tuin en verdere bestanddelen, staande en gelegen aan de [adres] te [postcode] [woonplaats], kadastraal bekend gemeente Almere, [sectie], nummer [nummer], groot 1.35 are, hierna te noemen: “woning”.

2.2. Ten behoeve van de aankoop van de woning heeft [eiser] met Quion 9 een overeenkomst van geldlening voor een bedrag van EUR 216.000,= gesloten en aan Quion 9 een recht van hypotheek verstrekt. Hiervan blijkt uit de door/namens partijen ondertekende hypotheekakte van 14 oktober 2005 (productie 1 van de zijde van [eiser]). De hypothecaire geldlening bestaat uit een bedrag van EUR 149.500,= met een maandelijks verschuldigde rente van 3,8% en een bedrag van EUR 66.500,= met een rente van 3,7%.

2.3. In februari 2007 is een betalingsachterstand ontstaan. Omdat [eiser] niet tot betaling is overgegaan heeft Quion 9 de inning van de achterstallige renteverplichtingen begin april 2007 aan GGN Incasso B.V. overgedragen. GGN Incasso B.V. heeft met [eiser] een betalingsregeling getroffen, inhoudende dat hij in één keer de achterstand ten bedrage van EUR 2.528,06 zal voldoen. Per brief van 23 april 2007 is deze afspraak aan [eiser] bevestigd (productie 8 van de zijde van Quion 9). [eiser] heeft niet aan de betalingsregeling voldaan.

2.4. Op 16 mei 2007 heeft GGN Incasso B.V. aan [eiser] een brief verzonden waarin is opgenomen: “In bovengenoemde map bevestigen wij de met u getroffen betalingsregeling voor de vordering van Quion Groep B.V. Zoals afgesproken zult u met ingang van 24-5-2007 maandelijks een bedrag van EUR 1.264,03 aan ons overmaken (buiten uw maandelijkse hypotheeklasten).” (productie 10 van de zijde van Quion 9).

2.5. Bij brief van 26 november 2007 (productie 3 van de zijde van Quion 9) heeft Quion 9 de lening opgeëist en [eiser] verzocht het bedrag van de geldlening, vermeerderd met renten, boeten en kosten, tezamen EUR 226.788,46 (behoudens p.m. posten) te voldoen. Hieraan heeft [eiser] niet voldaan.

2.6. Bij deurwaardersexploit van 12 februari 2008 is [eiser] aangezegd dat hij in gebreke is gebleven aan zijn betalingsverplichtingen te voldoen en dat Quion 9 wenst over te gaan tot openbare verkoop van de woning, ten overstaan van mr. J.B. Heldoorn, notaris te Almere.

2.7. In de aanloop naar de veiling zijn bij de notaris onderhandse biedingen uitgebracht. Quion 9 heeft het onderhandse bod van Vastgoed Barneveld B.V. ten bedrage van EUR 161.310,= geaccepteerd en de voorzieningenrechter te Zwolle ex artikel 3:268 lid 2 BW, verzocht toestemming te verlenen voor deze onderhandse verkoop van de woning.

3. Het geschil

3.1. [eiser] vordert Quion 9 te gebieden de tussen partijen gesloten overeenkomst van geldlening en hypotheek van 14 oktober 2005 te eerbiedigen en deswege te oordelen dat de overeenkomst van geldlening in stand blijft, een en ander onder de voorwaarde dat [eiser] strikt de aan Quion 9 aangeboden betalingsregeling nakomt, welke regeling inhoudt:

- dat [eiser] uiterlijk binnen één week na dit vonnis ten behoeve van Quion 9 een aflossing van EUR 4.000,= voldoet;

- dat [eiser] uiterlijk in de maand mei alsmede in de daaropvolgende vijf maanden ten behoeve van Quion 9 maandelijks EUR 2.069,55 voldoet;

- dat [eiser] aan de ingevolge de overeenkomst van geldlening voor hem geldende normale maandelijkse betalingsverplichtingen voldoet,

met veroordeling van Quion 9 in de kosten van deze procedure.

3.2. Quion 9 voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Van een spoedeisend belang van [eiser] bij zijn vorderingen is in voldoende mate gebleken.

4.2. [eiser] heeft gesteld dat de onderhavige overeenkomst door Quion 9 niet rechtsgeldig is beëindigd, nu deze niet is opgezegd. De voorzieningenrechter kan [eiser] hierin niet volgen. Quion 9 is op grond van artikel 3:268 lid 1 BW bevoegd de woning in het openbaar te doen verkopen indien [eiser] in verzuim is met de voldoening van de rentetermijnen. Het verzuim treedt in, volgens artikel 6:82 lid 1 BW, wanneer de schuldenaar in gebreke wordt gesteld bij een schriftelijke aanmaning waarbij hem een redelijke termijn voor de nakoming wordt gesteld, en nakoming binnen deze termijn uitblijft. Quion 9 heeft [eiser] diverse malen schriftelijk aangemaand na te komen en daarvoor termijnen gesteld. Dit blijkt uit de brief van Quion 9 van 26 maart 2007 (productie 2) en uit de brieven van GGN Incasso B.V. van 11 april 2007 (productie 7) en 25 april 2007 (productie 9). [eiser] is binnen de gestelde termijnen niet nagekomen. Vervolgens heeft Quion 9 bij brief van 26 november 2007 de lening opgeëist, [eiser] een termijn van 14 dagen gegeven om na te komen en vermeld dat zij, indien [eiser] wederom in gebreke blijft, tot openbare verkoop zal overgaan. Nu [eiser] ook hieraan niet heeft voldaan was hij in verzuim en kon Quion 9 rechtsgeldig overgaan tot executoriale verkoop van de woning.

4.3. [eiser] heeft erkend gedurende een periode van een half jaar (van juli 2007 tot half februari 2008) vanwege verblijf in het buitenland niet aan zijn verplichtingen ten opzichte van Quion 9 te hebben voldaan. Zijn betalingsachterstand is echter in februari 2007 ontstaan. In de daaropvolgende periode (van 12 maart tot en met 15 juni 2007) zijn door of namens Quion 9 diverse brieven aan [eiser] verzonden. In deze periode verbleef [eiser] kennelijk wel in Nederland. Toch heeft [eiser] niet gereageerd op de brieven van Quion 9 van 12 en 26 maart 2007. Vervolgens is GGN Incasso B.V. in april 2007 met [eiser] een betalingsregeling overeengekomen, die [eiser] niet is nagekomen. In mei 2007 is nogmaals een betalingsregeling tot stand gekomen. Hoewel [eiser] ter zitting heeft gesteld niets van deze tweede regeling te weten heeft Quion 9 met de als productie 10 overgelegde brief van 16 mei 2007 voldoende aannemelijk gemaakt dat er een tweede afbetalingsafspraak met [eiser] is gemaakt. Ook hieraan heeft [eiser] niet voldaan.

4.4. Gezien het vorenstaande is de voorzieningenrechter, anders dan [eiser], van oordeel dat Quion 9 zorgvuldig met de belangen van [eiser] is omgegaan voordat zij bij brief van 26 november 2007 de gehele geldlening heeft opgeëist. Quion 9 is immers niet over 1 nacht ijs gegaan. Zij heeft [eiser] diverse malen in de gelegenheid gesteld zijn betalingsachterstanden in te lopen en betalingsafspraken met hem gemaakt. [eiser] is, hoewel hij op dat moment wel in Nederland verbleef, geen van deze afspraken nagekomen.

4.5. Daarom kan nu van Quion 9 niet worden verwacht dat zij zich een nieuwe betalingsregeling laat welgevallen. Quion 9 kan de executoriale verkoop van de woning voortzetten. De vorderingen van [eiser] zullen worden afgewezen.

4.6. [eiser] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Quion 9 worden begroot op:

- vast recht EUR 254,00

- overige kosten 71,80

- salaris procureur 904,00

Totaal EUR 1.229,80

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. wijst de vorderingen af,

5.2. veroordeelt [eiser] in de proceskosten, aan de zijde van Quion 9 tot op heden begroot op EUR 1.229,80.

Dit vonnis is gewezen door mr. M. Zomer en in het openbaar uitgesproken op 22 mei 2008.