Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZLY:2007:BC9151

Instantie
Rechtbank Zwolle-Lelystad
Datum uitspraak
05-07-2007
Datum publicatie
10-04-2008
Zaaknummer
133949/ KG ZA 07.281
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Toewijzing van vordering tot continuering van bancaire relatie.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RF 2008, 64

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ZWOLLE-LELYSTAD

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 133949/ KG ZA 07.281

Vonnis in kort geding van 5 juli 2007

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

H.T. CAPITAL BV,

gevestigd te Genemuiden,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

TIMMATRA HOLDING BV,

gevestigd te Genemuiden,

3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

M.I.D. CARPETS BV,

gevestigd te Genemuiden,

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ROBUSTA BV,

gevestigd te Genemuiden,

5. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SCREEN TRADE INTERNATIONAL BV,

gevestigd te Genemuiden,

6. de vennootschap naar Engels recht

NATURAL WEAVING LIMITED in liquidatie,

gevestigd te Oakham, Leicestershire, Groot-Brittannië,

7. [eiseres sub 7],

wonende te [woonplaats],

eiseressen,

procureur mr. M.F.H.M. van Haastert,

advocaat C.P.B. Kroep te Enschede,

tegen

de coöperatie

COÖPERATIEVE RABOBANK GENEMUIDEN U.A.,

gevestigd en kantoorhoudende te Genemuiden,

gedaagde,

procureur mr. M.G.I.W. Teunis,

advocaat mr. M.J. Muller te Utrecht.

Eiseressen 1 tot en met 7 zullen hierna tezamen worden aangeduid als H.T. Capital c.s. Gedaagde zal hierna Rabobank Genemuiden worden genoemd.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding met producties

- de voorafgaande aan de mondelinge behandeling bij brieven van 26 en 27 juni 2007 door mr. Muller toegezonden producties

- de mondelinge behandeling

- de pleitnota van eiseressen

- de pleitnota van gedaagde.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. De heer [A] is bestuurder/enig aandeelhouder van H.T. Capital BV. De dochtervennootschappen van H.T. Capital BV zijn Timmatra Holding BV, M.I.D. Carpets BV, Robusta BV, Screen Trade International BV en Natural Weaving Limited.

2.2. H.T. Capital c.s. heeft sinds 1960 een exclusieve bancaire relatie met Rabobank Genemuiden c.q. haar rechtsvoorgangers. [eiseres sub 7], echtgenote van [A], heeft een betaalrekening bij Rabobank Genemuiden.

2.3. H.T. Capital c.s. heeft diverse rekeningen met debet-creditsaldi bij Rabobank Genemuiden, hetgeen tezamen bezien resulteert in een schuld van circa EUR 1.450.000,-. Rabobank Genemuiden heeft een bedrag van circa EUR 10.600.000,- aan zekerheden in verband met de aan H.T. Capital c.s. verstrekte kredieten.

2.4. In april 2006 heeft er binnen H.T. Capital c.s. een “quick scan” plaatsgevonden die is uitgevoerd door Balanced Business Network (hierna: BBN). Dit heeft geresulteerd in het verslag “View Robusta” d.d. 30 juni 2006 (hierna: “het verslag”).

2.5. Rabobank Genemuiden heeft op 13 juli 2006 een brief gestuurd aan [A] die onder andere vermeldt dat Rabobank Genemuiden het noodzakelijk acht dat [A] terugtreedt als algemeen directeur en dat een interim algemeen directeur wordt benoemd die (ook) de voorkeur geniet van Rabobank Genemuiden, waarbij dringend in overweging wordt gegeven deze opdracht aan BBN te verstrekken. Daarnaast wordt in deze brief aangegeven dat Rabobank Genemuiden de financieringen niet langer continueert indien H.T. Capital c.s. niet aan deze of een alternatieve oplossingsrichting meewerkt.

2.6. Bij brief van 18 augustus 2006 heeft Rabobank Genemuiden de kredieten van H.T. Capital c.s. met onmiddellijke ingang opgezegd. Betaling van openstaande vorderingen dient uiterlijk op 1 december 2006 plaats te vinden. H.T. Capital c.s. heeft hier bij brief van 28 augustus 2006 bezwaar tegen gemaakt.

3. Het geschil

3.1. H.T. Capital c.s. vordert, voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad en op de minuut en op alle dagen en uren, Rabobank Genemuiden bij wijze van voorlopige maatregel met onmiddellijke ingang te gebieden de bancaire relatie tussen Rabobank Genemuiden enerzijds en H.T. Capital c.s. anderzijds op de gebruikelijke wijze voort te zetten, en derhalve ook de rekening-courantfaciliteiten ad EUR 1.050.000,- ná 1 juli 2007 en ná 1 september 2007 te continueren totdat de overeenkomsten tussen partijen rechtsgeldig zijn beëindigd, althans tot 1 juli 2012, althans tot het moment zoals de voorzieningenrechter in goede justitie zal bepalen, op verbeurte (bij overtreding) van een dwangsom door Rabobank Genemuiden aan H.T. Capital c.s. te betalen van EUR 1.450.000,-, met veroordeling van Rabobank Genemuiden in de kosten van deze procedure.

3.2. Rabobank Genemuiden voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Van een spoedeisend belang van H.T. Capital c.s. is voldoende gebleken nu de bancaire relatie is opgezegd door Rabobank Genemuiden tegen een opzegtermijn die uiteindelijk is verlengd tot heden en H.T. Capital c.s. onweersproken nog geen (passende) nieuwe financiering heeft gevonden.

4.2. Volgens artikel 17 van de Algemene voorwaarden rekening-courant van de Rabobankorganisatie 2001, welke voorwaarden op het onderhavige geschil van toepassing zijn, kan zowel de rekeninghouder als de bank te allen tijde een kredietfaciliteit opzeggen, met inachtneming van een termijn van ten minste drie maanden. De eisen van de redelijkheid en billijkheid en de concrete omstandigheden van het geval kunnen echter meebrengen dat de opzegging slechts tot een rechtsgeldige beëindiging van de overeenkomst leidt indien een voldoende zwaarwegende grond voor opzegging bestaat. Voor een bank geldt immers dat zij uit hoofde van haar maatschappelijke functie een bijzondere zorgplicht heeft, zowel tegenover haar cliënten uit hoofde van de met hen bestaande contractuele verhouding, als ten opzichte van derden met wier belangen zij rekening behoort te houden op grond van hetgeen volgens ongeschreven recht in het maatschappelijke verkeer betaamt. Bij de onderhavige kredietopzegging dient dan ook rekening gehouden te worden met de vereisten van proportionaliteit en subsidiariteit en dienen de belangen van H.T. Capital c.s. en Rabobank Genemuiden tegen elkaar te worden afgewogen.

4.3. H.T. Capital c.s. heeft sinds 1960 een exclusieve bancaire relatie met Rabobank Genemuiden en haar rechtsvoorgangers. Door Rabobank Genemuiden is niet betwist dat H.T. Capital c.s. in al die jaren haar financiële verplichtingen tijdig is nagekomen. Desondanks heeft Rabobank Genemuiden bij brief van 18 augustus 2006 de relatie opgezegd. De reden voor opzegging is volgens Rabobank Genemuiden gelegen in de slechte bedrijfsresultaten, de door H.T. Capital c.s. in april 2006 veroorzaakte vertrouwensbreuk en de omstandigheid dat H.T. Capital c.s. zich kennelijk aan de aanbevelingen van BBN niets gelegen wilde laten liggen. Rabobank Genemuiden heeft de opzegtermijn enkele keren in verband met overleg tussen partijen verlengd, maar heeft inmiddels aangegeven dat zij niet meer bereid is de financieringsrelatie te continueren en dat deze per 1 juli 2007 is beëindigd. Ter zitting heeft de bank aangegeven deze te continueren tot de datum van dit vonnis in kort geding.

4.4. Rabobank Genemuiden heeft de stelling van H.T. Capital c.s. dat het rapport van BBN (als bedoeld in rechtsoverweging 2.4.) een momentopname betreft en de financiële situatie er sindsdien een stuk beter uit ziet betwist. Naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter had het op de weg van H.T. Capital c.s. gelegen om deze stelling nader te onderbouwen, bijvoorbeeld aan de hand van jaarcijfers of jaarstukken. De voorzieningenrechter neemt derhalve aan dat Rabobank Genemuiden overeenkomstig de conclusies van “het verslag” ervan uit heeft mogen gaan dat de resultaten en de liquiditeitsontwikkeling van H.T. Capital c.s. onder druk stonden. Overigens is onvoldoende aannemelijk geworden dat Rabobank Genemuiden in maart 2006 nog een ruimer financieringsaanbod heeft gedaan.

4.5. Daarnaast heeft H.T. Capital c.s. gesteld dat zij groot belang heeft bij de continuering van de financiering bij Rabobank Genemuiden, omdat herfinanciering bij andere banken tegen dezelfde voorwaarden niet, althans niet tegen dezelfde (gunstige) voorwaarden, zal plaatsvinden. Rabobank Genemuiden heeft ter zitting voorgerekend dat verhuizing naar een andere bank verhoudingsgewijs nauwelijks extra kosten teweeg zou brengen. De voorzieningenrechter is voorshands van oordeel dat H.T. Capital c.s. haar stelling onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt. Zo had H.T. Capital c.s. brieven/notities naar aanleiding van de bezoeken bij andere banken kunnen overleggen in deze procedure om haar stelling te onderbouwen. Bovendien ligt het niet voor de hand dat H.T. Capital c.s. geen vergelijkbare financiering zou kunnen vinden, nu zij zelf stelt dat zij een schuldpositie kent van EUR 1.450.000,- en dat daartegenover een ruim bedrag van in ieder geval EUR 10.600.00,- aan zekerheden staat.

4.6. De voorzieningenrechter is op grond van het bovenstaande voorshands van oordeel dat na afweging van de verschillende belangen van partijen er voor Rabobank Genemuiden een voldoende zwaarwegende grond heeft bestaan om de bancaire relatie met H.T. Capital c.s. op te zeggen. Bovendien is aannemelijk dat er inderdaad sprake is (geweest) van een vertrouwensbreuk. Deze omstandigheden in onderlinge samenhang bezien leiden tot de gevolgtrekking dat de opzegging van de financieringsrelatie voldoet aan de vereisten van proportionaliteit en subsidiariteit.

4.7. De opzegtermijn is daarentegen wel in strijd met de redelijkheid en billijkheid. Rabobank Genemuiden heeft op 18 augustus 2006 met onmiddellijke ingang opgezegd, echter feitelijk per 1 december 2006, omdat dan uiterlijk de vorderingen van Rabobank Genemuiden op H.T. Capital c.s. zouden moeten zijn voldaan. Gelet op de langdurige exclusieve relatie tussen partijen, het feit dat H.T. Capital c.s. steeds aan haar financiële verplichtingen heeft voldaan, alsmede de schuldpositie tegenover de omvang van de gegeven zekerheden was de opzegtermijn disproportioneel kort. De voorzieningenrechter ziet aanleiding bij wijze van voorlopige maatregel te bepalen dat de bancaire relatie pas beëindigd mag worden met inachtneming van een redelijke termijn. Daarbij wordt aansluiting gezocht bij de termijn van drie maanden uit artikel 17 van de Algemene Voorwaarden rekening-courant van de Rabobankorganisatie 2001. De bancaire relatie zal derhalve drie maanden na dit vonnis beëindigd mogen worden, te weten op 5 oktober 2007. De voorzieningenrechter acht een termijn van drie maanden redelijk nu H.T. Capital c.s. vanaf 18 augustus 2006 er rekening mee heeft moeten houden dat zij eventueel in de toekomst een andere financier zou moeten zoeken, maar anderzijds pas kortgeleden definitief is gebleken dat Rabobank Genemuiden er met H.T. Capital c.s. niet uit zou komen.

4.8. Voor het opleggen van een dwangsom ziet de voorzieningenrechter geen aanleiding, nu zij er vanuit gaat dat Rabobank Genemuiden, gelet op haar houding tot dusverre, zich aan de beslissing zal houden.

4.9. Aangezien elk van partijen als op enig punt in het ongelijk gesteld is te beschouwen (H.T. Capital c.s. met betrekking tot de opzegging, Rabobank Genemuiden met betrekking tot de opzegtermijn), zullen de proceskosten worden gecompenseerd op de hierna te vermelden wijze.

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1. gebiedt Rabobank Genemuiden met onmiddellijke ingang de bancaire relatie met H.T. Capital c.s. op de gebruikelijke wijze voort te zetten, tot 5 oktober 2007, op welke datum de voormelde bancaire relatie rechtsgeldig beëindigd mag worden;

5.2. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.3. compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,

5.4. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.B.E.M. Rikaart-Gerard en in het openbaar uitgesproken op 5 juli 2007.