Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBZLY:2007:BB1522

Instantie
Rechtbank Zwolle-Lelystad
Datum uitspraak
09-08-2007
Datum publicatie
10-08-2007
Zaaknummer
07/400041-07 ontneming
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

"Drietal vrijgesproken van afpersing Zwolse zakenman. Wel veroordeeld terzake diefstal met geweld".

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK ZWOLLE - LELYSTAD

Sector Strafrecht

Parketnr. : 07.400041-07

Datum : 9 augustus 2007

Beslissing op de vordering ex artikel 36e Wetboek van Strafrecht

d.d. 3 april 2007 van de officier van justitie in de zaak tegen:

[naam verdachte]

geboren op [geboortedatum/geboorteplaats]

wonende te [adres]

thans verblijvende in de [verblijfplaats]

[ ]

Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 3 mei 2007 en 26 juli 2007.

[naam verdachte] is verschenen, bijgestaan door mr. R.W. van Faassen, advocaat te Zwolle.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken van het voorbereidend onderzoek in de strafzaak met opgemeld parketnummer tegen [naam verdachte], te weten:

- de stukken van het opsporingsonderzoek van Regiopolitie IJsselland, District Midden, Zwolle, dossiernummer PL04MI/06-506688;

- het door [naam verbalisant] op 26 maart 2006 in de wettelijke vorm opgemaakt proces-verbaal ter zake ontneming met dossiernummer PL04MI/06-506688.

OVERWEEGT

De officier van justitie heeft gevorderd dat [naam verdachte] zal worden veroordeeld tot betaling aan de Staat van het geschatte voordeel dat hij heeft genoten door middel van of uit de baten van de feiten, zoals ten laste gelegd in de strafzaak met opgemeld parketnummer, welk voordeel door de officier van justitie na een ter terechtzitting gedane aanpassing wordt geschat op

€ 8.500,-.

De rechtbank heeft [naam verdachte] in de onderliggende strafzaak met opgemeld parketnummer bij vonnis van 9 augustus 2007 onder meer veroordeeld ter zake afpersing.

De rechtbank is op grond van de stukken van voornoemd voorbereidend onderzoek en gelet op hetgeen ter terechtzitting naar voren is gebracht van oordeel dat [naam verdachte] wederrechtelijk voordeel heeft genoten door middel van en uit de baten van feit 4 ter zake waarvan [naam verdachte] bij opgemeld vonnis onder meer is veroordeeld.

De rechtbank schat dit voordeel op € 5.000,-. Hierbij wordt aangetekend dat niet kan worden vastgesteld dat [naam verdachte] wederrechtelijk voordeel heeft genoten door middel van of uit de baten van feit 2 op de tenlastelegging.

De rechtbank is bij haar schatting uitgegaan van de uit de voorhanden zijnde bewijsmiddelen voortvloeiende -als aannemelijk aan te merken- gegevens, waarop ook bovenvermeld proces-verbaal wederrechtelijk verkregen voordeel d.d. 26 maart 2006 is gebaseerd.

De rechtbank is voor

In de strafzaak tegen [naam verdachte] heeft benadeelde partij [naam benadeelde partij] zich gesteld. Zijn vordering is door de rechtbank toegewezen tot een bedrag van EUR 5.000,--. Gelet op deze toewijzing ziet de rechtbank thans geen ruimte meer voor toewijzing van de ontnemingsvordering van de officier van justitie.

BESLISSING

De rechtbank wijst de vordering van de officier van justitie d.d. 3 april 2007, strekkende tot ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, af.

Aldus gegeven door mr. C.A.M. Heeregrave, voorzitter, mrs. C. Kleinrensink en G. Eelsing, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J.C.W. Emmen als griffier en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 augustus 2007.

Mr. C. Kleinrensink voornoemd was buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.