Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBUTR:2011:BU8778

Instantie
Rechtbank Utrecht
Datum uitspraak
14-12-2011
Datum publicatie
20-12-2011
Zaaknummer
301854 / HA ZA 11-340
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Opdracht, beroep op opschortingsrecht loonbetaling ivm sociale en fiscale verplichtingen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK UTRECHT

Sector handel en kanton

Handelskamer

zaaknummer / rolnummer: 301854 / HA ZA 11-340

Vonnis van 14 december 2011

in de zaak van

[eiser],

wonende te [woonplaats], Spanje,

eiser,

advocaat mr. E.N. Mulder,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

TERACH B.V.,

gevestigd te Amersfoort,

gedaagde,

advocaat mr. E.R. Jonker.

Partijen zullen hierna [eiser] en Terach B.V. genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 20 april 2011

- het proces-verbaal van comparitie van 20 september 2011.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. Terach B.V. heeft met Ziggo een overeenkomst gesloten, waarbij zij van Ziggo de opdracht heeft aanvaard tot het uitvoeren van een ICT-project.

2.2. Terach B.V. heeft vervolgens [eiser] geïntroduceerd bij Ziggo als degene die vanuit Terach bij Ziggo op detacheringsbasis het project daadwerkelijk zou gaan uitvoeren. Terach B.V. heeft daarvoor bij Ziggo een bedrag van

€ 63.000,- exclusief BTW, in rekening gebracht, althans heeft zij dit bedrag geoffreerd. [eiser] woont in Spanje.

2.3. [eiser] heeft aan Terach B.V. een factuur uitgebracht op 15 februari 2009 ter grootte van € 46.200,-, corresponderende met 60 dagen werk tegen een vergoeding van € 770,- per dag. BTW heeft [eiser] niet over dit bedrag berekend.

2.4. Op een sommatie tot betaling van deze factuur van de kant van [eiser] is afwijzend gereageerd door Terach B.V. De factuur is niet betaald.

3. Het geschil

3.1. [eiser] vordert samengevat - veroordeling van Terach B.V. tot betaling aan [eiser] van primair € 54.400,- en subsidiair € 46.200,- vermeerderd met rente en kosten.

3.2. Terach B.V. voert verweer.

3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Terach B.V. heeft aangevoerd dat niet zij, maar Terach Group B.V. de contractuele wederpartij is van [eiser]. Zij trekt daaruit de conclusie dat [eiser] de verkeerde rechtspersoon heeft gedagvaard en dat hij niet-ontvankelijk is in zijn eisen.

4.2. Dit verweer wordt verworpen. Het was Terach B.V. die [eiser] introduceerde bij Ziggo en aangaf dat [eiser] zou kunnen worden gedetacheerd. Het was Terach B.V. die een bedrag ter zake aan Ziggo heeft berekend of geoffreerd. Het was Terach B.V. die inhoudelijk de sommatie namens [eiser] weersprak. De enige verbinding in het rechtbankdossier met Terach Group B.V. is te vinden in het nummer van deze vennootschap bij de Kamer van Koophandel, dat is vermeld door [eiser] op zijn factuur, die hij richtte aan Terach B.V. Ook op uitsluitend dit gegeven heeft Terach B.V. gewezen ter onderbouwing van haar verweer. Dat is te mager en wordt gepasseerd.

4.3. Het verweer dat [eiser] niet aan diens substantiëringsplicht in de dagvaarding zou hebben voldaan, leidt niet tot de conclusie dat hij in zijn vordering niet kan worden ontvangen of dat deze hem moet worden ontzegd. De wet biedt voor die conclusie van Terach B.V. geen grondslag.

4.4. Het verweer dat [eiser] niet heeft voldaan aan zijn stelplicht door niet aan te voeren dat hij zijnerzijds de overeenkomst deugdelijk is nagekomen, vindt geen grondslag in het recht.

4.5. Het verweer dat Terach B.V. zich op een opschortingsrecht beroept althans op een recht van verrekening, omdat Terach Group B.V. schade heeft geleden door toedoen van [eiser], snijdt geen hout, omdat zonder verdere stellingen, die ontbreken, niet duidelijk is waarom Terach B.V. rechten van welke aard dan ook kan ontlenen aan een niet door haarzelf geleden schade, die Terach B.V. uitdrukkelijk stelt in deze procedure niet te willen vorderen.

4.6. Het verweer dat [eiser] de door hem in rekening gebracht factuur eerst moet specificeren door urenstaten, alvorens Terach B.V. deze factuur verschuldigd kan zijn, gaat niet op. Op de comparitie heeft Terach B.V. gezegd dat zij niet zeker weet of [eiser] de met hem overeengekomen 60 dagen heeft gewerkt voor Ziggo, dat zij met Ziggo een projectopdracht van 60 dagen had afgesproken en dat Ziggo geen klacht heeft geuit dat [eiser] het werk niet heeft gedaan. Tegen die achtergrond had Terach B.V. duidelijk moeten maken welk belang zij nog heeft bij deze urenstaten, dat zodanig zwaar is dat zij betaling van de factuur mag opschorten tot deze urenstaten zijn aangeleverd. Dit klemt te meer nu Terach B.V. niet heeft aangevoerd dat zij niet volledig is betaald door Ziggo.

4.7. Het verweer dat Terach B.V. niet weet welke factuur zij moet voldoen, is ingetrokken, nadat [eiser] duidelijk had gemaakt dat het alleen gaat om de factuur van € 46.200,-. Dat laatste leidt er wel toe dat de primair door [eiser] gevorderde € 54.400,- (het bedrag van de andere factuur) wordt afgewezen.

4.8. Dan resteert het verweer dat [eiser] eerst gegevens moet aanleveren aan Terach B.V. die van belang zijn voor de positie van Terach B.V. op fiscaal en sociaal-verzekeringsrechtelijk terrein, bij gebreke waarvan Terach B.V. stelt de betaling van de factuur te mogen opschorten. Het meer specifieke verweer, dat kennelijk in dit verband is aangevoerd, dat [eiser] een Verklaring arbeidsrelatie (VAR) had moeten aanvragen, snijdt geen hout, omdat alleen personen die in Nederland woonachtig zijn dat kunnen doen

4.9. Het verweer dat is verwoord in 4.8 kan niet de BTW betreffen. Vaststaat immers dat Terach B.V. zonder BTW aan [eiser] een bedrag van € 46.200,- is verschuldigd. In de factuur ter zake is geen BTW opgenomen. Indien BTW verschuldigd is over dit notabedrag, is het de verplichting van [eiser] deze af te dragen. Voorzover de fiscus Terach B.V. aansprakelijk kan stellen, als [eiser] niet afdraagt, is dat geen schade voor Terach B.V. Zij had dan immers dat bedrag aan [eiser] moeten betalen.

4.10. Het verweer in 4.8 gaat uitdrukkelijk over loonbelasting en sociale premies. Terach B.V. kan ter zake daarvan slechts worden aangesproken als er in fiscale en sociaal-verzekeringsrechtelijke zin een arbeidsrelatie heeft bestaan tussen haar en [eiser]. Of sprake is van een arbeidsrelatie in voormelde fiscale en sociaal-verzekeringsrechtelijk zin, hangt af van het bestaan van een gezagsverhouding. De rechtbank behoeft dit echter niet inhoudelijk te beoordelen, omdat onbetwist is gebleven dat [eiser] aan Terach B.V. het berekende bedrag in rekening mocht brengen. Terach B.V. heeft geen enkele stelling ontwikkeld die tot de conclusie zou voeren dat tussen partijen is overeengekomen dat dit een bruto bedrag zou zijn. Dat betekent dat tussen partijen het gefactureerde bedrag moet worden afgerekend. Indien Terach B.V. daarna fiscaal en/of sociaal-verzekeringsrechtelijk aansprakelijk wordt gehouden en verplicht blijkt het gefactureerde bedrag te bruteren, is in de rechtsverhouding tussen partijen uitsluitend voor haar rekening en risico en geeft haar dus tegenover [eiser] niet het recht haar betalingsverplichting op te schorten, totdat [eiser] gegevens aanlevert om de positie van Terach B.V. tegenover fiscus en bedrijfsvereniging te verduidelijken en/of te waarborgen.

4.11. Uit al het voorgaande volgt dat de door [eiser] gevorderde € 46.200,- wordt toegewezen.

4.12. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten zal worden afgewezen. [eiser] heeft niet (voldoende onderbouwd) gesteld dat hij deze kosten daadwerkelijk heeft gemaakt en dat die kosten betrekking hebben op verrichtingen die meer omvatten dan een enkele aanmaning, het enkel doen van een schikkingsvoorstel, het inwinnen van eenvoudige inlichtingen of het op gebruikelijke wijze samenstellen van het dossier.

4.13. [eiser] vordert vergoeding van de wettelijke rente. Nu [eiser] niet heeft aangegeven de wettelijke rente van art. 6:119a BW te vorderen, zal de rechtbank de wettelijke rente van art. 6:119 BW als het mindere toewijzen.

4.14. Terach B.V. zal als de (grotendeels) in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [eiser] worden begroot op:

- dagvaarding € 90,81

- griffierecht 588,00

- salaris advocaat 1.788,00 (2,0 punten × tarief € 894,00)

Totaal € 2.466,81

5. De beslissing

De rechtbank

5.1. veroordeelt Terach B.V. om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 46.200,00 (zesenveertig duizendtweehonderd euro), vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW over het toegewezen bedrag vanaf 15 december 2008 tot de dag van volledige betaling,

5.2. veroordeelt Terach B.V. in de proceskosten, aan de zijde van [eiser] tot op heden begroot op € 2.466,81,

5.3. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

5.4. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. L.A.C. de Vaan en in het openbaar uitgesproken op 14 december 2011.