Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ9821

Instantie
Rechtbank Utrecht
Datum uitspraak
22-06-2011
Datum publicatie
30-06-2011
Zaaknummer
733367 AC EXPL 11-450 MT/4253
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Algemeen civiel recht Consumentenrecht

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK UTRECHT

Sector Civiel

Kantonrechter

Locatie Amersfoort

zaaknummer: 733367 AC EXPL 11-450 MT/4253

vonnis d.d. 22 juni 2011

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Direct Pay Services B.V.,

gevestigd te Barendrecht,

verder ook te noemen Direct Pay,

eisende partij,

gemachtigde: Webcasso B.V.,

tegen:

[gedaagde],

wonende te [woonplaats], gemeente Rhenen,

verder ook te noemen [gedaagde],

gedaagde partij,

procederende in persoon.

1. Het verloop van de procedure

De kantonrechter verwijst naar het tussenvonnis van 30 maart 2011.

Direct Pay heeft voorafgaand aan de comparitie nog stukken in het geding gebracht.

De comparitie is gehouden op 20 mei 2011. Daarvan is aantekening gehouden.

Hierna is uitspraak bepaald.

2. Het geschil en de beoordeling daarvan

2.1. Direct Pay vordert veroordeling van [gedaagde] tot betaling van € 63,60 aan openstaande facturen over de maanden februari 2010 tot en met mei 2010, € 1,61 aan rente tot 13 december 2010, € 37,00 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 102,21 vanaf 13 december 2010 en met veroordeling van [gedaagde] in de kosten van deze procedure.

Zij legt aan haar vordering ten grondslag dat [gedaagde] toerekenbaar tekort geschoten is in zijn betalingsverplichtingen voortvloeiende uit de tussen [gedaagde] en Natuals B.V. (verder: Natuals) gesloten overeenkomst.

Bij akte van cessie van 7 februari 2010, welke aan [gedaagde] is betekend, heeft Natuals haar vordering gecedeerd aan Direct Pay.

2.2. [gedaagde] voert verweer. Op dit verweer wordt hierna voor zover voor de beoordeling van dit geschil noodzakelijk teruggekomen.

2.3. De kantonrechter overweegt als volgt.

2.4. Direct Pay stelt dat [gedaagde] met Natuals op 3 augustus 2009 telefonisch een overeenkomst is aangegaan tot levering van vitaminepillen. Deze overeenkomst houdt volgens Direct Pay in dat door Natuals aan [gedaagde] een proefzending van 30 vitaminepillen (éénmalige kosten € 6,90) zou worden toegezonden, en vervolgens ieder kwartaal een vervolgzending (kosten € 15,90 per maand). Zij stelt dat aan [gedaagde] zijn geleverd: één proefzending, verzonden in de week van 15 augustus 2009, en drie vervolgzendingen, respectievelijk verzonden in de week van 15 september 2009, de week van 8 december 2009 en de week van 2 maart 2010.

[gedaagde] erkent dat hij op 3 augustus 2009 een overeenkomst met Natuals is aangegaan, maar stelt dat de pakketten maandelijks zouden worden geleverd. Hij voert als verweer dat hij in augustus € 6,90 betaald voor het proefpakket en vervolgens in de maanden september 2009 tot en met januari 2010 € 15,90 per maand heeft betaald, maar geen zendingen heeft ontvangen van Natuals. Omdat hij geen zendingen van Natuals heeft ontvangen, heeft hij met ingang van februari 2010 de betalingen stopgezet. Hij heeft kort daarna, in maart 2010, één pakket ontvangen. Dat pakket heeft hij ongeopend weggegooid.

2.5. Op 22 maart 2010 heeft Natuals de overeenkomst met [gedaagde] ontbonden omdat [gedaagde] zijn betalingsverplichtingen niet (langer) na is gekomen.

2.6. Vast staat dat op 3 augustus 2009 een overeenkomst tussen [gedaagde] en Natuals tot stand is gekomen tot levering van vitaminepillen. Op grond van deze overeenkomst rustte op Natuals de verplichting tot levering van vitaminepillen en op [gedaagde] de verplichting tot betaling. Nu de overeenkomst inmiddels is ontbonden, zijn partijen van deze verplichtingen bevrijd maar zijn tevens verplichtingen tot ongedaanmaking van verrichte prestaties ontstaan. De vraag is nu aan welke leveringsverplichtingen door Natuals is voldaan. Ten aanzien van door hem ontvangen leveringen rust op [gedaagde] de verplichting deze ongedaan te maken. Dit houdt in dat hij de ontvangen pakketten moet terugzenden dan wel, indien dit niet mogelijk is, de waarde hiervan moet vergoeden. [gedaagde] heeft, met uitzondering van één pakket, gemotiveerd betwist de door Direct Pay gestelde pakketten met vitaminepillen te hebben ontvangen. Het ligt op de weg van Direct Pay te bewijzen dat [gedaagde] die pakketten heeft ontvangen. Ter onderbouwing van haar stelling heeft Direct Pay aangeboden de pakbonnen en verzendlijsten van de diverse pakketten in het geding te brengen. De kantonrechter overweegt dat deze bewijsmiddelen niet kunnen leiden tot de conclusie dat [gedaagde] de pakketten daadwerkelijk heeft ontvangen, maar slechts kunnen bijdragen aan het bewijs dat deze zijn verzonden. Direct Pay heeft geen concrete feiten en omstandigheden gesteld die, indien bewezen, tot het oordeel kunnen leiden dat [gedaagde] de pakketten heeft ontvangen, zodat de kantonrechter om deze reden het bewijsaanbod van Direct Pay zal passeren. Daarmee is niet komen vast te staan dat [gedaagde] de gestelde pakketten, met uitzondering van één pakket, heeft ontvangen.

De kantonrechter overweegt dat op Natuals op grond van de overeenkomst meerdere verbintenissen tot levering van (dezelfde soort) vitaminepillen rustten. Als door de schuldenaar, in dit geval Natuals, niet is aangewezen op welke verbintenis een levering betrekking heeft, die verbintenissen tot levering allen opeisbaar zijn en even bezwarend zijn, dient de levering te worden toegerekend op de oudste verbintenis (artikel 6:43 BW). Niet is komen vast te staan dat het pakket dat [gedaagde] in maart 2010 heeft ontvangen het proefpakket betrof dan wel enige vervolgzending. Het pakket dat [gedaagde] heeft ontvangen in maart 2010, heeft dan ook te gelden als de nakoming van de oudste verplichting van Natuals tot levering van de proefzending, althans de eerste vervolgzending. Vast staat tussen partijen dat [gedaagde] een bedrag van € 6,90 en vijf maal een bedrag van € 15,90 heeft betaald. Hiermee is hij zijn verplichting tot de betaling voor de levering van het proefpakket en (ten minste) een vervolgzending reeds nagekomen. Nu niet is vast komen te staan dat [gedaagde] de overige vervolgzendingen heeft ontvangen, rust op hem ook geen verbintenis tot vergoeding van de waarde hiervan en dient de vordering van Direct Pay te worden afgewezen.

2.7. Nu de hoofdsom wordt afgewezen, worden ook de nevenvorderingen afgewezen.

2.8. Direct Pay wordt als in het ongelijk gestelde partij in de kosten van de procedure veroordeeld, welke kosten tot op heden worden begroot op nihil.

3. De beslissing

De kantonrechter:

wijst de vordering af;

veroordeelt Direct Pay tot betaling van de proceskosten aan de zijde van [gedaagde], tot de uitspraak van dit vonnis begroot op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.C. Hartendorp, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 22 juni 2011.