Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBUTR:2010:BL4284

Instantie
Rechtbank Utrecht
Datum uitspraak
17-02-2010
Datum publicatie
18-02-2010
Zaaknummer
16/443050-09; 16/442155-08 (ttz.gev.) [P]
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Veroordeling wegens een groot aantal feiten, te weten: meermalen belediging, bedreiging en beschadiging. Verminderd toerekeningsvatbaar. Ad-informandum gevoegde feiten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Vonnis

RECHTBANK UTRECHT

Sector strafrecht

parketnummer: 16/443050-09; 16/442155-08 (ttz.gev.) [P]

vonnis van de meervoudige kamer d.d. 17 februari 2010

in de strafzaak tegen

[verdachte]

geboren op [1983] te [geboorteplaats]

wonende aan de [adres], [woonplaats]

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Overeenkomstig artikel 369 van het Wetboek van Strafvordering heeft de politierechter de zaak onder parketnummer 16/442155-08 naar deze kamer verwezen. Het onderzoek ter terechtzitting heeft plaatsgevonden op 3 februari 2010. De verdachte is in persoon verschenen en heeft zich ter terechtzitting laten bijstaan door mr. M.P. Hilhorst, advocaat te Utrecht. Ter terechtzitting zijn overeenkomstig artikel 285 van het Wetboek van Strafvordering de zaken onder voormelde parketnummers gevoegd.

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie en van de standpunten door de raadsvrouwe van verdachte en verdachte zelf naar voren gebracht.

2 De tenlastelegging

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan (onder parketnummer 16/443050-09) meermalen belediging, bedreiging en mishandeling en aan (onder parketnummer 16/442155-08) vernieling, bedreiging, belediging en mishandeling.

Voluit luidt de tenlastelegging aan de verdachte onder

parketnummer 16/443050-09, dat:

1.

hij op of omstreeks 9 april 2009 te Utrecht, althans in het arrondissement

Utrecht, opzettelijk een persoon genaamd [slachtoffer 1] (buschauffeuse) in het

openbaar mondeling, in dier tegenwoordigheid, heeft beledigd, door haar

mondeling de woorden toe te voegen "Je spoort niet. Je bent niet normaal"

en/of "Verrot kutwijf, hoer", of woorden van gelijke beledigende aard of

strekking;

2.

hij op of omstreeks 22 april 2009 te Utrecht, althans in het arrondissement

Utrecht, [slachtoffer 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht,

althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde

[slachtoffer 2] dreigend de woorden toegevoegd :"Kom hier, ik maak je dood! Haal je

broers en je vader er maar bij, ik maak ze allemaal dood! Ik bezorg ze

hersenletsel" en/of "Kom hier ik maak je dood. Ik ga hier niet weg voordat ik

je klappen heb gegeven" en/of "Ik pak je", althans woorden van gelijke

dreigende aard of strekking;

3.

hij op of omstreeks 22 april 2009 te Utrecht, opzettelijk mishandelend [slachtoffer 2] (met kracht) een stoel op/tegen haar lichaam, heeft gegooid, waardoor

voornoemde [slachtoffer 2] letsel heeft bekomen en / of pijn heeft ondervonden;

4.

hij op of omstreeks 21 oktober 2008 te Amsterdam, althans in het arrondissement

Amsterdam, [slachtoffer 3] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven

gericht, althans met zware mishandeling, immers is verdachte opzettelijk

dreigend op voornoemde [slachtoffer 3] afgelopen en/of heeft verdachte zijn gezicht

tot vlak voor het gezicht van die [slachtoffer 3] gebracht en/of heeft verdachte het

voorwiel van zijn fiets tegen de fiets van die [slachtoffer 3] gestoten en/of

(daarbij) die [slachtoffer 3] dreigend de woorden toegevoegd :"Ik sla je helemaal

verrot", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

5.

hij op of omstreeks 21 oktober 2008 te Amsterdam, althans in het arrondissement

Amsterdam, opzettelijk een persoon genaamd [slachtoffer 3], in het openbaar

mondeling heeft beledigd, door die [slachtoffer 3] (meermalen) de woorden toe te

voegen: "Kankerhoer, ben je gefrustreerd ofzo" en/of "Kankerhoer, ga je

kinderen opvoeden", althans woorden van gelijke beledigende aard en/of

strekking.

Voluit luidt de tenlastelegging aan de verdachte onder

parketnummer 16/442155-08, dat:

1.

hij op of omstreeks 2 juni 2008 te Utrecht opzettelijk en wederrechtelijk een

fiets, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer 4], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, heeft

vernield en / of beschadigd en / of onbruikbaar gemaakt, door toen aldaar

opzettelijk en wederrechtelijk voornoemde fiets om te gooien;

2.

hij op of omstreeks 19 juli 2008 te Utrecht, althans in het arrondissement

Utrecht, [slachtoffer 5] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht,

immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer 5] dreigend de woorden

toegevoegd :"Jij bent niet veilig, jij moet achterom gaan kijken" en/of "er

gaat iets met je huis gebeuren, je huis is niet veilig", althans woorden van

gelijke dreigende aard of strekking;

3.

hij op of omstreeks 12 augustus 2008 te Utrecht, althans in het arrondissement

Utrecht, opzettelijk een persoon genaamd [slachtoffer 6], in het openbaar mondeling

heeft beledigd en/of heeft beledigd door een feitelijkheid, door meermalen,

althans eenmaal

- te spuwen in het gezicht, althans in de richting, van die [slachtoffer 6] en/of

- het woord "Kankerhoer" toe te voegen, althans een woord van gelijke

beledigende aard en/of strekking;

4.

hij op of omstreeks 03 augustus 2008 te Utrecht, althans in het arrondissement

Utrecht, opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer 7]) een

kopstoot heeft gegeven, waardoor voornoemde [slachtoffer 7] letsel heeft bekomen en

/ of pijn heeft ondervonden.

3 De voorvragen

De rechtbank heeft vastgesteld dat de dagvaardingen geldig zijn, dat zijzelf bevoegd is tot kennisneming van de zaak, dat de officier van justitie ontvankelijk is in de vervolging en dat er geen redenen zijn voor schorsing van de vervolging.

4 De beoordeling van het bewijs

4.1 Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht alle aan verdachte ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend bewezen, met uitzondering van hetgeen verdachte onder parketnummer 16/443050-09 onder 3 is ten laste gelegd. Voor dit feit heeft de officier van justitie vrijspraak gevraagd.

4.2 Het standpunt van de verdediging

De verdediging is eveneens van mening dat de rechtbank niet tot een bewezenverklaring kan komen van het onder parketnummer 16/443050-09 onder 3 ten laste gelegde. Voor wat betreft de andere feiten is de verdediging van oordeel dat een bewezenverklaring kan volgen.

4.3 Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank is met de officier van justitie en de verdediging van oordeel dat verdachte behoort te worden vrijgesproken van hetgeen hem onder parketnummer 16/443050-09 onder 3 is ten laste gelegd, nu daartoe het wettige en overtuigende bewijs ontbreekt.

De rechtbank acht de overige feiten wettig en overtuigend bewezen gelet op:

Ten aanzien van feit 1 onder parketnummer 16/443050-09:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de terechtzitting van 3 februari 2010;

- de aangifte van [slachtoffer 1].

Ten aanzien van feit 2 onder parketnummer 16/443050-09:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de terechtzitting van 3 februari 2010;

- de aangifte van [slachtoffer 2].

Ten aanzien van feit 4 en 5 onder parketnummer 16/443050-09:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de terechtzitting van 3 februari 2010;

- de aangifte van [slachtoffer 3].

Ten aanzien van feit 1 onder parketnummer 16/442155-08:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de terechtzitting van 3 februari 2010;

- de aangifte van [slachtoffer 4].

Ten aanzien van feit 2 onder parketnummer 16/442155-08:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de terechtzitting van 3 februari 2010;

- de aangifte van [slachtoffer 5].

Ten aanzien van feit 3 onder parketnummer 16/442155-08:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de terechtzitting van 3 februari 2010;

- de aangifte van [slachtoffer 6].

Ten aanzien van feit 4 onder parketnummer 16/442155-08:

- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd tijdens de terechtzitting van 3 februari 2010;

- de aangifte van [slachtoffer 7].

4.4 De bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van hetgeen hiervoor is vastgesteld en overwogen wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

onder parketnummer 16/443050-09:

1.

op 9 april 2009 te Utrecht, opzettelijk een persoon genaamd [slachtoffer 1] (buschauffeuse) in het openbaar mondeling, in dier tegenwoordigheid, heeft beledigd, door haar mondeling de woorden toe te voegen "Je spoort niet. Je bent niet normaal"

en "Verrot kutwijf, hoer";

2.

op 22 april 2009 te Utrecht [slachtoffer 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer 2] dreigend de woorden toegevoegd :"Kom hier, ik maak je dood! Haal je broers en je vader er maar bij, ik maak ze allemaal dood! Ik bezorg ze hersenletsel" en "Kom hier ik maak je dood. Ik ga hier niet weg voordat ik je klappen heb gegeven" en "Ik pak je";

4.

op 21 oktober 2008 te Amsterdam, [slachtoffer 3] heeft bedreigd met zware mishandeling, immers is verdachte opzettelijk dreigend op voornoemde [slachtoffer 3] afgelopen en heeft verdachte zijn gezicht tot vlak voor het gezicht van die [slachtoffer 3] gebracht en heeft verdachte het voorwiel van zijn fiets tegen de fiets van die [slachtoffer 3] gestoten en daarbij die [slachtoffer 3] dreigend de woorden toegevoegd :"Ik sla je helemaal verrot";

5.

op 21 oktober 2008 te Amsterdam, opzettelijk een persoon genaamd [slachtoffer 3], in het openbaar mondeling heeft beledigd, door die [slachtoffer 3] (meermalen) de woorden toe te

voegen: "Kankerhoer, ben je gefrustreerd ofzo" en "Kankerhoer, ga je kinderen opvoeden".

onder parketnummer 16/442155-08:

1.

op 2 juni 2008 te Utrecht opzettelijk en wederrechtelijk een fiets, toebehorende aan [slachtoffer 4], heeft beschadigd, door toen aldaar opzettelijk en wederrechtelijk voornoemde fiets om te gooien;

2.

op 19 juli 2008 te Utrecht, [slachtoffer 5] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, immers heeft verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer 5] dreigend de woorden

toegevoegd : "Jij bent niet veilig, jij moet achterom gaan kijken" en "er gaat iets met je huis gebeuren, je huis is niet veilig";

3.

op 12 augustus 2008 te Utrecht, opzettelijk een persoon genaamd [slachtoffer 6], in het openbaar mondeling heeft beledigd en heeft beledigd door een feitelijkheid, door meermalen,

- te spuwen in het gezicht van die [slachtoffer 6] en/of deze [slachtoffer 6]

- het woord "Kankerhoer" toe te voegen;

4.

op 03 augustus 2008 te Utrecht, opzettelijk mishandelend een persoon te weten [slachtoffer 7] een kopstoot heeft gegeven, waardoor voornoemde [slachtoffer 7] pijn heeft ondervonden.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen telkens meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

5 De strafbaarheid

5.1 De strafbaarheid van de feiten

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

Het bewezenverklaarde levert de navolgende strafbare feiten op.

Ten aanzien van het onder parketnummer 16/443050-09 onder 1 en 5 en het onder parketnummer 16/442155-08 onder 3 bewezenverklaarde:

Telkens : eenvoudige belediging;

Ten aanzien van het onder parketnummer 16/443050-09 onder 2 en het onder parketnummer 16/442155-08 onder 2 bewezenverklaarde:

Telkens: bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht;

Ten aanzien van het onder parketnummer 16/443050-09 onder 4 bewezenverklaarde:

Bedreiging met zware mishandeling;

Ten aanzien van het onder parketnummer 16/442155-08 onder 1 bewezenverklaarde:

Opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel aan een ander toebehoort, beschadigen

Ten aanzien van het onder parketnummer 16/442155-08 onder 4 bewezenverklaarde:

Mishandeling.

5.2 De strafbaarheid van verdachte

Over de persoon van de verdachte is door R.J.A. van Helvoirt, gezondheidszorgpsycholoog, d.d. 5 november 2009 een rapport uitgebracht.

Uit dit rapport leidt de rechtbank af dat in diagnostische zin de problematiek van verdachte het beste te omschrijven is als een persoonlijkheidsstoornis met narcistische, borderline en antisociale kenmerken. Tevens is er sprake van cannabismisbruik en van identiteitsproblemen die ten tijde van de delicten aanwezig waren. Verdachte dient naar het oordeel van Van Helvoirt als verminderd toerekeningsvatbaar te worden beschouwd.

De rechtbank neemt de conclusies van deze deskundige, ook ten aanzien van de verminderde toerekenbaarheid over en maakt deze tot de hare. Verdachte is strafbaar, omdat de rechtbank ook overigens niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.

6 De strafoplegging

6.1 De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd aan verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van een jaar voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren met reclasseringstoezicht als bijzondere voorwaarde en behandeling bij De Waag, ook als dit inhoudt het volgen van een agressieregulatietraining. Daarnaast heeft de officier van justitie gevorderd aan verdachte op te leggen een werkstraf voor de maximale duur van 240 uren subsidiair 120 dagen vervangende hechtenis onder aftrek van het voorarrest.

6.2 Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat de eis van de officier van justitie afgewogen is, maar dat de voorwaardelijke gevangenisstraf maximaal acht maanden zou kunnen bedragen.

6.3 Het oordeel van de rechtbank

Bij het bepalen van de op te leggen straffen heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van de verdachte.

Verdachte heeft zich in een betrekkelijk korte periode schuldig gemaakt aan een groot aantal strafbare feiten. De door verdachte gepleegde feiten, kenmerken zich door een vrijwel ongeremde verbale agressiviteit. In één geval heeft hij ook fysiek de confrontatie gezocht.

Deze gedragingen zijn angstwekkend geweest voor de slachtoffers, en krenkend waar het de beledigingen betrof, waarbij verdachte in één geval zelfs in het gezicht van het slachtoffer heeft gespuugd.

Wat betreft zijn persoon heeft de rechtbank gelet op een de verdachte betreffend rapport van Centrum Maliebaan d.d. 27 januari 2010, waarin wordt geadviseerd een deels voorwaardelijke straf op te leggen gekoppeld aan een verplicht reclasseringscontact en een agressieregulatietraining bij De Waag als bijzondere voorwaarde. Dit komt overeen met hetgeen de psycholoog Van Helvoirt in het hiervoor aangehaalde rapport heeft geadviseerd.

De rechtbank heeft voorts gelet op het strafblad van verdachte, waaruit blijkt dat hij eerder is veroordeeld.

De rechtbank acht, alles afwegende en in het bijzonder gezien de positieve ontwikkelingen in de persoonlijke omstandigheden van verdachte zoals die ter terechtzitting naar voren zijn gekomen, een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van na te melden duur alsmede een taakstraf van 180 uren passend en geboden.

Naar het oordeel van de rechtbank kan met deze straf, die lager is dan door de officier van justitie is gevorderd, worden volstaan.

6.4 Het ad informandum gevoegde

De rechtbank heeft bij de strafbepaling rekening gehouden met de volgende door verdachte bekende en ad informandum op de dagvaarding onder parketnummer 16/443050-09 vermelde strafbare feiten:

- Diefstal van een jas, merk Hugo Boss, bij de Bijenkorf te Utrecht op 10 maart 2009;

- Diefstal van een riem en twee vesten bij de Bijenkort te Rotterdam op 4 januari 2009;

- Diefstal van benzine te Utrecht op 13 februari 2009;

- Diefstal van benzine te Breukelen op 26 februari 2009;

- Diefstal van benzine te Utrecht op 6 maart 2009;

- Diefstal van benzine te Utrecht op 1 april 2009.

De rechtbank heeft voorts bij de strafbepaling rekening gehouden met de volgende door verdachte bekende en ad informandum op de dagvaarding onder parketnummer 16/442155-08 vermelde strafbare feiten:

- Vernieling van twee flessen wijn te Utrecht op 3 juni 2008;

- Diefstal van twee flessen wijn te Utrecht op 3 juni 2008;

- Wederspannigheid te Utrecht op 3 juni 2008;

- Oplichting te Utrecht in de periode van 1 februari 2008 tot en met 1 maart 2008;

- Poging tot oplichting te Utrecht in de periode van 1 maart 2008 tot en met 1 juni 2008;

- Poging tot oplichting te Utrecht op 3 juni 2008;

- Vernieling te Utrecht op 2 juni 2008.

7 De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c,14d, 22c, 22d, 57, 266, 285, 300 en 350 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezenverklaarde.

8 De beslissing

De rechtbank:

Vrijspraak

- spreekt verdachte vrij van het onder parketnummer 16/443050-09 onder 3 ten laste gelegde feit;

Bewezenverklaring

- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat telkens meer of anders is ten laste gelegd;

Strafbaarheid

- verklaart dat het bewezenverklaarde de onder 5.1 genoemde strafbare feiten oplevert:

- verklaart verdachte daarvoor strafbaar;

Strafoplegging

- veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van 6 maanden, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;

- bepaalt dat de voorwaardelijke straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast:

* omdat verdachte zich voor het einde van de proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit;

* omdat verdachte tijdens de proeftijd de bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd;

- stelt als bijzondere voorwaarde:

* dat verdachte zich tijdens de proeftijd moet gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen die worden gegeven door of namens Reclassering Nederland;

* dat verdachte zich bij De Waag, centrum voor ambulante forensische psychiatrie, zal laten behandelen, ook indien dit het volgen van een agressieregulatietraining inhoudt.

- draagt Reclassering Nederland op om aan verdachte hulp en steun te verlenen bij de naleving van deze voorwaarden;

- veroordeelt verdachte voorts tot een werkstraf van 180 uren;

- beveelt dat indien verdachte de werkstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast van 90 dagen;

- bepaalt dat de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de uitvoering van de werkstraf naar rato van twee uur per dag;

Voorlopige hechtenis

- heft op het – reeds geschorste – bevel tot voorlopige hechtenis van verdachte.

Dit vonnis is gewezen door mr. G. Perrick, voorzitter, mr. M.J. Grapperhaus en

mr. P. Bender, rechters, in tegenwoordigheid van mr. J.A. van Wageningen, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting op 17 februari 2010.