Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBUTR:2009:BL0566

Instantie
Rechtbank Utrecht
Datum uitspraak
30-10-2009
Datum publicatie
26-01-2010
Zaaknummer
649664 UF VERZ 09-6608
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Art. 4:55 lid 2 BW. Verzoek toestemming tot maken uiterste wilsbeschikking. Toestemming geweigerd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK UTRECHT

Sector kanton

Locatie Utrecht

zaaknummer: 649664 UF VERZ 09-6608 MVV

beschikking d.d. 30 oktober 2009

inzake het verzoek ex art. 4:55 lid 2 BW van

[betrokkene]

wonende te [woonplaats], [adres],

geboren te Nederlands Indië op [1929],

hierna te noemen: betrokkene.

Procedure

- Bij brief ontvangen op 25 augustus 2009 heeft [curator], in zijn hoedanigheid van curator van betrokkene, namens betrokkene de kantonrechter verzocht betrokkene toestemming te verlenen tot het opmaken van een uiterste wilsbeschikking (wijziging testament).

- De curator is naar aanleiding van het verzoek gehoord op de rechtbank ter zitting van 14 oktober 2009.

- Betrokkene is gehoord op haar woonadres ter zitting van 26 oktober 2009.

- Van beide zittingen is aantekening gehouden.

Beoordeling van het verzoek

1.

Betrokkene is bij beschikking van 4 juni 2009 wegens geestelijke stoornis onder curatele gesteld. Op grond van het bepaalde in artikel 4:55 lid 2 BW kan degene die wegens geestelijke stoornis onder curatele staat slechts met toestemming van de kantonrechter uiterste wilsbeschikkingen maken. De kantonrechter kan die toestemming slechts verlenen indien hij zich ervan heeft overtuigd dat de geestelijke stoornis niet verhinderd dat de curandus de gevolgen van de voorgestane uiterste wilsbeschikking overziet.

2.

Op grond van hetgeen de kantonrechter ter zitting van 26 oktober 2009 heeft waargenomen en hetgeen betrokkene op die zitting heeft verklaard, is de kantonrechter van oordeel dat de geestelijke stoornis van betrokkene haar verhinderd vorenbedoelde gevolgen te overzien.

De kantonrechter overweegt daartoe dat bij aanvang van de zitting betrokkene verklaarde haar curator niet te kennen. Voort verklaarde zij dat zij niet op de hoogte was van het verzoek tot toestemming voor het opmaken van een testament. Zij verklaarde dat zij haar testament niet wilde wijzigen en dat zij nimmer een testament heeft gemaakt. Desgevraagd verklaarde betrokkene dat zij nimmer bij een notaris was geweest voor het opmaken van een testament. Daarna verklaarde betrokkene dat ze wellicht ooit had gezegd dat ze haar testament wilde veranderen, maar dat dat niet serieus was bedoeld, omdat er niet zoveel overblijft als zij overlijdt.

Uit deze verklaringen en met name het gebrek aan samenhang leidt de kantonrechter af dat betrokkene niet in staat is de gevolgen van een door haar op te maken uiterste wilsbeschikking te overzien.

3.

Op grond van het hiervoor overwogene zal het verzoek worden afgewezen.

Beslissing

De kantonrechter wijst het verzoek af.

Deze beschikking is gegeven door mr. M.H.F. van Vugt, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 30 oktober 2009.

Tegen deze beslissing kan binnen drie maanden na de dag van de uitspraak hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam, nevenzittingsplaats Arnhem,

Postbus 9030, 6800 EM Arnhem. Het beroepschrift kan uitsluitend door een advocaat worden ingediend.