Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ8991

Instantie
Rechtbank Utrecht
Datum uitspraak
30-09-2009
Datum publicatie
01-10-2009
Zaaknummer
254395 / HA ZA 08-1824
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Franchiseovereenkomst. Geen beeindiging met wederzijds goedvinden. Ontbinding o.g.v. niet (langer) nakomen. Schadevergoeding.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK UTRECHT

Sector handels- en familierecht

zaaknummer / rolnummer: 254395 / HA ZA 08-1824

Vonnis van 30 september 2009

in de zaak van

de naamloze vennootschap

ERA NEDERLAND N.V.,

gevestigd te Utrecht,

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

advocaat: mr. J.P.P. Latour,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

NEBO MAKELAARS GRONINGEN B.V.,

gevestigd te Groningen,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

NEBO MAKELAARS ASSEN B.V.,

gevestigd te Assen,

gedaagden in conventie,

eiseressen in reconventie,

advocaat: mr. P.C. Seghers.

Partijen zullen hierna Era en Nebo Makelaars genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 3 december 2008;

- het proces-verbaal van comparitie van 15 april 2009;

- de conclusie van antwoord in (voorwaardelijke) reconventie, die geacht wordt tijdens de comparitie te zijn ingediend.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

1.3. In verband met een herverdeling van werkzaamheden is dit vonnis door een andere rechter geschreven dan degene die de comparitie heeft gehouden.

2. De feiten

2.1. Era is de Nederlandse hoofdvestiging van een wereldwijd samenwerkingsverband van makelaars. Zij werkt via een systeem van franchising.

2.2. Era, als franchisegever, heeft met Nebo Makelaars Assen B.V. (met vestigingen in Assen en Groningen), als franchisenemer, een franchiseovereenkomst gesloten voor de duur van vijf jaar met ingang van 1 januari 1996. Per 1 januari 2001 is de overeenkomst voor vijf jaar verlengd. Ook per 1 januari 2006 is de overeenkomst met vijf jaar verlengd. Omdat de vestigingen van Nebo Makelaars in Assen en Groningen inmiddels afzonderlijke rechtspersonen waren, zijn toen twee aparte overeenkomsten gesloten.

2.3. Naar aanleiding van ontstane onenigheid hebben de heer [A], directeur van Era (hierna: [A]), en de heer [B], directeur van Nebo Makelaars (hierna: [B]) in april 2007 met elkaar gesproken.

2.4. [A] heeft [B] vervolgens een brief d.d. 7 mei 2007 gestuurd waarin staat:

“(…) bevestig ik voor de goede orde de gemaakte afspraken.

Wij kwamen overeen dat de met ERA Makelaars NEBO (met vestigingen Assen en Groningen) gesloten franchiseovereenkomst per einde deze maand, derhalve per 31 mei 2007, met wederzijds goedvinden zal eindigen.”

2.5. Als reactie hierop heeft [B] aan [A] een brief d.d. 8 mei 2007 gestuurd waarin staat:

“Wij kwamen niet overeen dat de tussen ons vigerende overeenkomst (per einde van de maand) zal eindigen.

U heeft onlangs in de bijeenkomst met ERA Makelaars op 26 maart 2007 meegedeeld, dat geen franchisenemer zal worden gehouden aan de franchiseovereenkomst, zo er bij hem of haar behoefte bestaat de overeenkomst te ontbinden. Van deze algemene opmerking heb akte genomen en wens deze te agenderen voor de vergadering van 21 mei aanstaande (…)”

2.6. Hierop heeft [A] aan [B] op 16 mei 2007 het volgende geschreven:

“Op geen enkel moment heb ik – zoals u kennelijk beweert – een algemene opmerking gemaakt dat geen enkele franchisenemer aan zijn franchiseovereenkomst zal worden gehouden indien bij die franchisenemer de behoefte zou bestaan de overeenkomst te ontbinden. (…) De met u individueel besproken voortijdige beëindiging betrof een uitzondering op de regel dat overeenkomsten dienen te worden nagekomen. Voor wat betreft deze uitzondering deel ik u mede dat u nog gedurende 48 uur de tijd heeft te bevestigen dat ik bij brief van 7 mei jl. de afspraken correct heb weergegeven, bij gebreke waarvan ik moet begrijpen dat u kennelijk op uw besluit van de overeenkomst af te willen bent teruggekomen.

Dit houdt alsdan in dat u de overeenkomst in volledigheid zult moeten uitdienen en is de zaak hiermee dan wat mij betreft ook afgedaan.”

[B] heeft binnen de gegeven 48 uur niet gereageerd.

2.7. In een brief van 2 juli 2007 heeft [B] aan [A] geschreven:

“Ik ben van mening dat u het tussen u en mij overeengekomene niet nakomt. (…) Ik ga ervan uit dat wij op de oude, prettige manier voorgaan onder voorwaarde dat de onderstaande punten worden nagekomen en/of verbeterd:

- groei van het netwerk in het noorden

- meer vernieuwingen in het ERA marketingsysteem

- correcte prijs/produkt verhouding vwb verhouding fee en geleverde prestatie

- alle afspraken met de kantoren dienen gelijkgetrokken te worden, dan wel de oude voor mij geldende afspraak dient te worden hersteld (…)

- ERA verschijnt op alle door minimaal 3 ERA makelaars gewenste vergaderingen

- Herstel van het wederzijds vertrouwen

- Regelmatige franchiseraad vergaderingen

- Aantal servicebezoeken naar minimaal 4 per jaar (thans vervallen)

- Ontevredenheid over het bedrag waar fee over betaald wordt wegnemen

- Voorstellen om te komen tot de door u in het vooruitzicht gestelde winstmarge (25%)

Ik kan niet anders dan stoppen met onze samenwerking indien de hierboven genoemde verbetering of nakoming niet worden gerealiseerd binnen een termijn van 6 maanden na heden. (…) Bij niet-nakoming van de overeenkomst bent u na 6 maanden in verzuim op grond waarvan ik alsdan de franchiseovereenkomst ontbind en waarbij ik subsidiair een beroep doe op de opmerking dat geen franchisenemer zal worden gehouden aan de franchiseovereenkomst zo bij hem of haar behoefte bestaat de overeenkomst te ontbinden.”

2.8. [B] heeft [A] in een brief van 19 december 2007 – met als onderwerp “opzegging overeenkomst” – geschreven:

“Hierbij deel ik u mede dat ik per 1 januari 2008 de tussen ons vigerende franchiseovereenkomst ontbind op grond van het niet nakomen van uw in de overeenkomst gestelde verplichtingen. (…) Gezien bovenstaande ga ik bij nader inzien akkoord met uw brief van 7 mei 2007 en wijs u wellicht ten overvloede op uw uitspraak tijdens de vergadering van 26 maart 2007 (…).”

2.9. Bij brief d.d. 24 december 2007 heeft [A] [B] laten weten de ingeroepen ontbinding niet te accepteren.

3. Het geschil

in conventie

3.1. Era vordert – samengevat – ontbinding van de franchiseovereenkomsten met Nebo Makelaars met veroordeling van Nebo Makelaars tot betaling van schadevergoeding.

Ten aanzien van Nebo Makelaars Groningen B.V. vordert Era primair een bedrag van

€ 63.604,47 en ten aanzien van Nebo Makelaars Assen B.V. primair een bedrag van

€ 55.525,53.

3.2. Nebo Makelaars voeren verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

in reconventie

3.3. Voor het geval de rechtbank in conventie tot het oordeel komt dat de franchise-overeenkomsten niet zijn beëindigd door de overeenkomst van mei 2007 vorderen Nebo Makelaars – samengevat – een verklaring voor recht dat de overeenkomsten zijn ontbonden per 1 januari 2008 op grond van wanprestatie, subsidiair vorderen zij ontbinding op die grond. Verder vorderen Nebo Makelaars een verklaring voor recht dat zij aanspraak hebben op schadevergoeding door Era, nader op te maken bij staat.

3.4. Era voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

in conventie en in reconventie

4.1. Tussen partijen is in geschil of de tussen hen gesloten franchiseovereenkomsten nog gelden of al op een of andere manier beëindigd zijn. Era stelt zich op het standpunt dat de overeenkomsten nog doorlopen tot 1 januari 2011, terwijl Nebo Makelaars stellen dat de overeenkomsten zijn beëindigd in mei 2007, dan wel per 1 januari 2008.

4.2. Vaststaat dat de franchiseovereenkomsten voor het laatst per 1 januari 2006 met vijf jaar zijn verlengd en dus in beginsel tussen partijen gelden tot 1 januari 2011. Ook staat vast dat de overeenkomsten geen mogelijkheid van tussentijdse opzegging bieden.

4.3. Nebo Makelaars doen – onder intrekking van de brief van 8 mei 2007 (zie 2.5) – alsnog een beroep op de brief van 7 mei 2007 (zie 2.4) waarbij zij stellen te erkennen dat [B] met [A] is overeengekomen de franchiseovereenkomsten met terugwerkende kracht per 1 juni 2007 te ontbinden. Dit beroep dient te worden verworpen. Als reactie op de brief van 7 mei 2007 van Era, inhoudende een schriftelijke bevestiging van de volgens Era afgesproken beëindiging van de overeenkomsten, hebben Nebo Makelaars bij brief van 8 mei 2007 laten weten dat dit volgens hen niet was afgesproken. Er bestond toen dus geen wilsovereenstemming tussen partijen hierover. Vervolgens heeft Era bij brief van 16 mei 2007 Nebo Makelaars de kans gegeven alsnog tot een beëindiging van de overeenkomsten met wederzijds goedvinden te komen waarbij een reactietermijn van 48 uur is gegeven. Aangezien Nebo Makelaars hierop niet binnen de gestelde termijn hebben gereageerd, is geen beëindiging van de overeenkomsten in mei 2007 tussen partijen overeengekomen. Het alsnog, zo’n anderhalf jaar later, in deze procedure ‘intrekken’ van de brief van 8 mei 2007 door Nebo Makelaars maakt dit niet anders. Daargelaten dat dit twijfel oproept over wat Nebo Makelaars destijds werkelijk wilden, is de brief van 7 mei 2007 door de brief van Era d.d. 16 mei 2007 en het niet reageren van Nebo Makelaars daarop, een gepasseerd station.

4.4. Voor zover Nebo Makelaars zich in deze procedure beroepen op een uitspraak die [A] tijdens een vergadering van 26 maart 2007 volgens hen heeft gedaan overweegt de rechtbank het volgende. Volgens Nebo Makelaars heeft [A] toen iets gezegd dat erop neer kwam dat ontevreden franchisenemers zonder consequenties konden gaan en dus niet aan hun contract gehouden zouden worden. Als het zo zou zijn dat [A] een dergelijke uitspraak gedaan heeft – wat door Era nadrukkelijk wordt betwist – en Nebo Makelaars dit redelijkerwijs mochten opvatten als een onvoorwaardelijk aanbod – wat nog maar de vraag is – dan is de rechtbank van oordeel dat Nebo Makelaars hierop geen beroep toekomt. Na ontvangst van de brief d.d. 16 mei 2007 van [A] (zie 2.6) had het Nebo Makelaars immers duidelijk moeten zijn dat [A] een dergelijk aanbod in ieder geval niet heeft willen doen, zodat zij er toen niet meer gerechtvaardigd op mochten vertrouwen dat er (nog) een geldend aanbod lag.

4.5. Nebo Makelaars stellen zich voorts op het standpunt dat zij de overeenkomsten met de brief van 19 december 2007 (zie 2.8) terecht per 1 januari 2008 hebben ontbonden, omdat Era ernstig tekort geschoten is in de nakoming van haar verplichtingen uit de overeenkomsten en haar zorgplicht als franchisegever. Hierbij hebben zij het volgende aangevoerd. Door de snel veranderende markt (teruglopende verkoop woningen, kredietcrisis, makelaar geen beschermd beroep meer, opkomst ‘digitale’ makelaars, toenemende zelfredzaamheid publiek) is het nodig de Era-formule aan te passen om de franchisenemers te laten overleven, maar Era weigert dat. De bedrijfsresultaten van de franchisenemers zijn gekelderd. Ook andere Era-makelaars in het noorden van het land waren ontevreden over Era. Zij hebben gezamenlijk in 2007, waarbij [B] van Nebo Makelaars als woordvoerder optrad, geprobeerd met Era te overleggen om haar tot verbetering te krijgen. Met dat doel is ook de brief van 2 juli 2007 geschreven (zie 2.7) waarbij een termijn van zes maanden is gesteld om de in de brief vermelde punten te realiseren. Maar Era negeerde de problemen, wilde alleen overleggen onder haar voorwaarden en weigerde enige inspanning te leveren. Al was op 19 december 2007 de termijn van zes maanden nog niet helemaal verstreken, uit het stilzitten van Era mocht afgeleid worden dat zij niet van plan was alsnog behoorlijk te presteren waardoor ze van rechtswege in verzuim was.

4.6. Era betwist dat er in het kader van de overeenkomsten sprake is van tekort-komingen aan haar zijde. Zij stelt dat [B] van Nebo Makelaars dit standpunt is gaan verkondigen nadat gebleken was dat Nebo Makelaars stelselmatig hun aangifte- en afdrachtverplichting ontdoken hadden en een naheffing dreigde. Omdat [B] verhoogd aanzien had binnen de groep noordelijke Era-makelaars gingen deze (deels) mee in de door hem gecreëerde onrust en ontevredenheid. Volgens Era was het doel hiervan om de franchiseovereenkomsten open te breken. Era stelt dat de verwijten die Nebo Makelaars haar maken niet zien op contractuele verplichtingen, zodat er in die zin in ieder geval geen sprake is van wanprestatie. Voorts stelt zij dat de veranderende markt niet meebrengt dat de overeenkomsten moeten worden veranderd en dat zij wel bereid was tot overleg op individuele basis maar niet met een collectief ‘ontevredenen’.

4.7. Duidelijk is dat er ontevredenheid was ontstaan bij in ieder geval Nebo Makelaars en op zich onderschrijft de rechtbank de stelling van Nebo Makelaars dat Era, als goed franchisegever, verplicht was hierover het gesprek aan te gaan om te kijken of er een oplossing voor gevonden kon worden. Dit is ook gebeurd, blijkt uit de stellingen van beide partijen (zie 2.3). Hiermee ziet de rechtbank echter nog geen verplichting voor Era om tot wijziging van de Era-formule of wijziging van de overeenkomsten over te gaan, zoals door Nebo Makelaars gewenst. De door Era geboden oplossing van een beëindiging van de overeenkomsten met wederzijds goedvinden is door Nebo Makelaars niet geaccepteerd.

Beide partijen geven een verschillende versie van het verloop van de contacten tussen hen in 2007. Vaststaat dat de communicatie tussen hen niet goed is verlopen, maar op grond van de stellingen en producties van beide partijen kan de rechtbank niet tot de conclusie komen dat dit eenzijdig aan Era verweten kan worden.

De punten die Nebo Makelaars verbeterd wensten te zien, zoals opgenomen in de brief van 2 juli 2007, betreffen geen contractuele verplichtingen van Era. De rechtbank ziet in de stellingen van Nebo Makelaars ook geen tekortkoming van Era in haar zorgplicht als franchisegever. Al met al verwerpt de rechtbank het standpunt van Nebo Makelaars dat zij gerechtigd waren de overeenkomsten te ontbinden per 1 januari 2008. Ook voor de in reconventie door Nebo Makelaars gevorderde ontbinding ziet de rechtbank geen grond.

4.8. Uit voorgaande overwegingen volgt dat de overeenkomsten tussen partijen nog gelden tot 1 januari 2011. Tijdens de comparitie is namens Nebo Makelaars aangegeven dat zij feitelijk per 1 januari 2008 zijn gestopt met de uitvoering van de franchiseovereen-komsten. Op grond van deze tekortkoming aan de kant van Nebo Makelaars acht de rechtbank Era wel gerechtigd de franchiseovereenkomsten te ontbinden, zoals zij vordert. Door Nebo Makelaars is niet weersproken dat zij door deze handelwijze in verzuim is. De rechtbank zal in conventie de vordering tot ontbinding van Era dan ook toewijzen.

4.9. Era vordert vervolgens schadevergoeding van Nebo Makelaars. Zij stelt dat de schade bestaat uit het mislopen van inkomsten die zij zou hebben verkregen bij het regulier doorlopen van de overeenkomsten. De rechtbank merkt op dat Era stelt schade te lijden als gevolg van de ontbinding van de overeenkomsten, maar dat deze ontbinding pas per datum van dit vonnis tot stand komt. Nu echter vaststaat dat Nebo Makelaars vanaf 1 januari 2008 de overeenkomsten in het geheel niet meer nakomen acht de rechtbank hen ook aansprakelijk voor de schade die Era heeft geleden voor de datum van ontbinding, maar dan op grond van toerekenbare tekortkoming.

4.10. Primair vordert Era ten aanzien van de vestiging in Groningen van Nebo Makelaars een bedrag van

€ 63.604,47 en ten aanzien van de vestiging in Assen een bedrag van

€ 55.525,53, althans door de rechtbank te bepalen bedragen. Zij heeft deze bedragen berekend door het gemiddelde per maand te nemen van de fee die Nebo Makelaars haar over de jaren 2006 en 2007 verschuldigd was, welke gemiddelde maandbedragen zij heeft vermenigvuldigd met 36 maanden, namelijk over de periode van 1 januari 2008 tot 1 januari 2011. Waar in de dagvaarding staat dat is gerekend vanaf 1 maart 2008 ziet de rechtbank dit als een kennelijke verschrijving. In dit primaire onderdeel vordert Era ook dat Nebo Makelaars veroordeeld worden opgave te doen van hun omzet over de betreffende periode waarbij Era één maal per jaar wordt toegestaan een accountantscontrole te laten verrichten om de opgave te verifiëren.

Subsidiair stelt Era dat Nebo Makelaars haar in ieder geval de minimale bijdrage van € 800,- per maand exclusief BTW per vestiging verschuldigd zouden zijn geweest. Daarbij vordert zij dat Nebo Makelaars veroordeeld worden opgave te doen van hun omzet over de betreffende periode waarbij Era één maal per jaar wordt toegestaan een accountantscontrole te laten verrichten om de opgave te verifiëren, aan de hand van welke gegevens het bedrag aan misgelopen fee boven de € 800,- vastgesteld kan worden.

Meer subsidiair vordert Era van Nebo Makelaars de minimale bijdrage van € 800, - per maand exclusief BTW per vestiging dat neerkomt op € 28.800, - keer twee.

4.11. De rechtbank overweegt dat ontbinding van een overeenkomst partijen bevrijdt van de verbintenissen uit deze overeenkomst. De door Era gevorderde veroordeling van Nebo Makelaars (primair en subsidiair) om opgave te doen van de door hen behaalde omzet over de betreffende periode en Era toe te staan jaarlijks een accountantscontrole te laten verrichten, acht de rechtbank strijdig met een situatie na ontbinding, omdat dit verplichtingen waren van Nebo Makelaars op grond van de overeenkomsten. Dit onderdeel van de vordering van Era zal de rechtbank dan ook niet toewijzen.

4.12. Ten aanzien van de door Era primair gestelde bedragen aan schade voeren Nebo Makelaars aan dat de kosten die Era gedurende deze periode heeft bespaard in mindering moeten worden gebracht. Ook stellen zij dat Era in dit geval extra kosten had moeten maken, zoals advocaatkosten, om de verstoorde relatie tussen partijen te behouden.

Tijdens de comparitie is namens Era gesteld dat er hooguit benzinekosten voor consultantbezoeken zijn bespaard, omdat de structuur van Era klaar staat en de kosten daarvoor al zijn gemaakt. De rechtbank acht dit niet onaannemelijk en nu uit het proces-verbaal van de comparitie niet blijkt dat Nebo Makelaars hun verweer op dit punt verder hebben aangevuld, gaat de rechtbank ervan uit dat de gebruikelijke kosten die Era aan Nebo Makelaars had moeten spenderen bij het doorlopen van de overeenkomsten verwaarloosbaar zijn. De stelling over de specifieke kosten die Era had moeten maken gelet op de verstoorde verhouding tussen partijen verwerpt de rechtbank. Bij het bepalen van de schade wordt vergeleken de situatie waarin niet is nagekomen dan wel de overeenkomsten zijn ontbonden met de situatie waarin de overeenkomsten deugdelijk nagekomen waren.

4.13. Nebo Makelaars stellen verder dat de door Era berekende bedragen veel te hoog zijn. Hierbij voeren zij aan dat de door Era gebruikte cijfers geen goed uitgangspunt vormen omdat door de kredietcrisis bij lange na niet zoveel huizen worden verkocht als de voorgaande jaren. Ook stellen Nebo Makelaars dat Era haar schade moet beperken door nieuwe franchisenemers in Groningen en Assen aan te trekken. Tijdens de comparitie is namens hen aangevoerd dat er rekening moet worden gehouden met het feit dat er een andere makelaar in het werkgebied is aangesteld, dat in hun vestiging Groningen sinds januari 2009 geen activiteiten meer worden verricht en dat het in Assen slecht gaat. Gesteld is dat de omzet van Nebo Makelaars – de rechtbank begrijpt: in de vestiging in Assen – in 2009 maximaal € 160.000, - bedroeg. Hierbij neemt de rechtbank aan dat 2008 is bedoeld, aangezien de comparitie plaatsvond in april 2009.

Als reactie op deze verweren stelt Era dat Nebo Makelaars, als tekortschietende partijen, zelf het risico van omstandigheden als de kredietcrisis dienen te dragen. Ook stelt zij dat het niet eenvoudig is nieuwe franchisenemers te werven, maar dat op dat punt zeker werkzaamheden zijn verricht. Tijdens de comparitie is namens Era nog gesteld dat zij niets kan doen aan het instorten van de markt en dat dit in 1999 ook het geval was.

4.14. De rechtbank overweegt dat in beginsel het uitgangspunt voor de berekeningen van Era, de gemiddeld verschuldigde fee over de voorgaande jaren, niet onjuist is als van min of meer gelijkblijvende omstandigheden zou kunnen worden uitgegaan. Dat is echter niet het geval. Alleen al het algemeen bekende gegeven van de dalende verkoop van huizen de laatste jaren zou bij voortduring van de overeenkomsten zeker van invloed zijn geweest op de omzet van Nebo Makelaars en de daarmee aan Era verschuldigde fee. Dat dit in het kader van deze schadebegroting voor risico van Nebo Makelaars moet komen ziet de rechtbank niet in. Op grond hiervan en de overige door Nebo Makelaars aangevoerde punten is de rechtbank het met hen eens dat de schade niet begroot kan worden op de wijze waarop Era deze berekend heeft. Era heeft naar aanleiding van de verweren van Nebo Makelaars geen andere wijze van berekenen aangevoerd.

4.15. De rechtbank is van oordeel dat de schade in ieder geval begroot kan worden op de minimale bijdrage van € 800,- per maand per vestiging welke Nebo Makelaars aan Era verschuldigd zouden zijn geweest als de overeenkomsten gedurende de gehele looptijd nagekomen zouden zijn.

Nu er ten aanzien van de vestiging in Groningen door beide partijen geen verdere aanknopingspunten voor een schadeberekening zijn aangevoerd, begroot de rechtbank voor deze vestiging de schade op 36 keer € 800, - is € 28.800, -.

Ten aanzien van de vestiging in Assen is namens Nebo Makelaars tijdens de comparitie gesteld dat in 2008, zoals de rechtbank heeft begrepen, de jaaromzet maximaal € 160.000, - is geweest. Op grond hiervan zou in 2008 6% plus 2% van dit bedrag is € 12.800, - aan Era verschuldigd zijn geweest op grond van de overeenkomst. Nu dit bedrag ruimschoots lager is dan de bedragen die de voorgaande jaren verschuldigd waren en partijen ook ten aanzien van deze vestiging geen verdere aanknopingspunten voor een schadeberekening hebben aangevoerd, acht de rechtbank het niet onredelijk de schade ten aanzien van de vestiging in Assen te begroten op 3 keer € 12.800,- is € 38.400,-.

slotsom

in conventie

4.16. Zoals overwogen onder 4.8 wijst de rechtbank de onder 1. gevorderde ontbinding van de franchiseovereenkomsten toe. Verder zal de rechtbank Nebo Makelaars Groningen B.V. veroordelen tot betaling van een bedrag van € 28.800,- en Nebo Makelaars Assen B.V. tot betaling van een bedrag van € 38.400,- aan Era.

4.17. Nebo Makelaars Groningen B.V. en Nebo Makelaars Assen B.V. zullen hoofdelijk, zoals gevorderd, als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Era worden begroot op:

- dagvaarding EUR 71,80

- vast recht 2.620,00

- salaris advocaat 2.842,00 (2,0 punten × tarief EUR 1.421,00)

Totaal EUR 5.533,80

in reconventie

4.18. De gevorderde verklaring voor recht dat de franchiseovereenkomsten zijn ontbonden wordt afgewezen evenals de door Nebo Makelaars gevorderde ontbinding zoals overwogen onder 4.7. Daarmee is ook de gevorderde veroordeling tot schadevergoeding op te maken bij staat niet voor toewijzing vatbaar.

4.19. Nebo Makelaars Groningen B.V. en Nebo Makelaars Assen B.V. zullen hoofdelijk, zoals gevorderd, als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Era worden begroot op:

- salaris advocaat 452,00 (2,0 punten × factor 0,5 × tarief EUR 452,00)

Totaal EUR 452,00

5. De beslissing

De rechtbank

in conventie

5.1. ontbindt de franchiseovereenkomst tussen Era en Nebo Makelaars Groningen B.V. en de franchiseovereenkomst tussen Era en Nebo Makelaars Assen B.V.,

5.2. veroordeelt Nebo Makelaars Groningen B.V. om aan Era te betalen een bedrag van EUR 28.800,00 (achtentwintig duizend achthonderd euro),

5.3. veroordeelt Nebo Makelaars Assen B.V. om aan Era te betalen een bedrag van EUR 38.400,00 (achtendertig duizend vierhonderd euro),

5.4. veroordeelt Nebo Makelaars Groningen B.V. en Nebo Makelaars Assen B.V. hoofdelijk, zodat indien en voor zover de één betaalt ook de ander zal zijn bevrijd, in de proceskosten, aan de zijde van Era tot op heden begroot op EUR 5.533,80,

5.5. wijst het meer of anders gevorderde af,

in reconventie

5.6. wijst de vorderingen af,

5.7. veroordeelt Nebo Makelaars Groningen B.V. en Nebo Makelaars Assen B.V. hoofdelijk, zodat indien en voor zover de één betaalt ook de ander zal zijn bevrijd, in de proceskosten, aan de zijde van Era tot op heden begroot op EUR 452,00,

in conventie en in reconventie

5.8. verklaart dit vonnis wat betreft de onder 5.2, 5.3, 5.4 en 5.7 genoemde beslissingen uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr J.M. Eelkema en in het openbaar uitgesproken op 30 september 2009.

JE/WM/MH