Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ8578

Instantie
Rechtbank Utrecht
Datum uitspraak
23-09-2009
Datum publicatie
25-09-2009
Zaaknummer
244879 / HA ZA 08-451.
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

IE kostenveroordeling

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK UTRECHT

244879 / HA ZA 08-45123 september 2009

Sector handels- en familierecht

zaaknummer / rolnummer: 244879 / HA ZA 08-451

Vonnis van 23 september 2009

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

THUISBEZORGD.NL B.V.,

gevestigd te Enschede,

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

advocaat mr. J.M. van Noort,

tegen

1. de vennootschap onder firma

JOLIDÉ V.O.F.,

gevestigd te Utrecht,

2. [gedaagde sub 2],

pro se, in zijn hoedanigheid van vennoot van voornoemde vennootschap onder firma en mede in zijn hoedanigheid van vertegenwoordiger van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid TJOKKIE E-MARKETING B.V. in oprichting,

wonende te Houten,

3. [gedaagde sub 3],

pro se, in zijn hoedanigheid van vennoot van voornoemde vennootschap onder firma en mede in zijn hoedanigheid van vertegenwoordiger van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid TJOKKIE E-MARKETING B.V. in oprichting,

wonende te Houten,

4. [gedaagde sub 4],

pro se, in zijn hoedanigheid van vennoot van voornoemde vennootschap onder firma en mede in zijn hoedanigheid van vertegenwoordiger van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid TJOKKIE E-MARKETING B.V. in oprichting,

wonende te Houten,

gedaagden in conventie,

eisers in reconventie,

advocaat mr. D. van Kampen.

Eiseres in conventie, verweerster in reconventie zal hierna ook Tb genoemd worden. Gedaagden 1 tot en met 4 zullen hierna ook gezamenlijk Jolidé genoemd worden.

De vennoten van Jolidé afzonderlijk zullen ook respectievelijk [gedaagde sub 2],

[gedaagde sub 3] en [gedaagde sub 4] genoemd worden. De vennootschap onder firma Jolidé zal hierna ook de vof Jolidé genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

• het tussenvonnis van 4 maart 2009

• de akte van Tb van 1 april 2009

• de antwoordakte van Jolidé van 29 april 2009.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De verdere beoordeling

in conventie en in reconventie

2.1. De rechtbank verwijst naar en blijft bij de inhoud van de door haar eerder gewezen tussenvonnissen. Aan hetgeen Jolidé in haar antwoordakte van 7 januari 2009 ten aanzien van het door de rechtbank in het vonnis van 12 november 2008 onder 7.14. heeft opgemerkt gaat de rechtbank voorbij. De rechtbank heeft op dat onderdeel reeds zonder voorbehoud beslist en dit berust, anders dan Jolidé meent, niet op een misslag.

voorts in conventie

oprichting Tjokkie e-marketing B.V. en overdracht domeinnaam

2.2. In het tussenvonnis van 4 maart 2009 heeft de rechtbank Tb in de gelegenheid gesteld te reageren op de door Jolidé bij antwoordakte in het geding gebrachte stukken en de stellingen van Jolidé met betrekking tot de oprichting en inschrijving van de besloten vennootschap Tjokke e-marketing B.V. en de overdracht van de domeinnaam aan die besloten vennootschap.

2.3. Tb heeft zich in haar akte op het standpunt gesteld, dat zij er nog steeds belang bij heeft, dat de vof Jolidé en haar vennoten [gedaagde sub 2], [gedaagde sub 3] en [gedaagde sub 4] pro se zullen worden veroordeeld. Zij heeft daartoe aangevoerd, dat zij onrechtmatig hebben gehandeld jegens Tb en dat, nu de vennoten van de vof Jolidé tevens de oprichters en thans de bestuurders van Tjokkie e-marketing B.V. zijn het derhalve in hun macht ligt de domeinnaam op elk gewenst moment terug te doen overdragen aan de vof Jolidé dan wel aan een andere -al dan niet- gerelateerde partij.

2.4. De rechtbank begrijpt uit die stelling van Tb dat zij haar vorderingen jegens Jolidé en haar vennoten, tevens oprichters en thans bestuurders van Tjokkie e-marketing B.V. handhaaft maar niet jegens hen in hun hoedanigheid als vertegenwoordigers van de besloten vennootschap in oprichting.

2.5. Met Tb moet worden geoordeeld, dat het nog steeds in de macht ligt van [gedaagde sub 2], [gedaagde sub 3] en [gedaagde sub 4] als vennoten van de vof Jolidé en pro se om de domeinnaam op elk gewenst moment opnieuw aan Jolidé dan wel aan een derde te doen overdragen en dientengevolge haar inbreukmakende en onrechtmatige handelwijze voort te zetten. Gelet op de overdracht van de domeinnaam door Jolidé gedurende deze procedure is dit ook geenszins uit te sluiten.

Het mag dan zo zijn, dat zoals Jolidé stelt, de situatie niet meer is zoals in het tussenvonnis van 12 november 2008 onder 7.3. is vermeld, maar dit laat onverlet dat nog steeds sprake is van een dreigende inbreuk van de handelsnaam thuisbezorgen.nl op de handelsnaam thuisbezorgd.nl en een daarmee verbandhoudend onrechtmatig handelen door Jolidé en haar vennoten pro se. Een verbod op het gebruik van de handelsnaam thuisbezorgen.nl en de domeinnaam thuisbezorgen.nl is derhalve nog steeds gerechtvaardigd evenals het verbod als vermeld in het tussenvonnis van 12 november 2008 onder 7.17.

proceskosten

2.6. Bij het tussenvonnis van 12 november 2008 onder 7.19. is Tb in de gelegenheid gesteld haar als productie 8 overgelegde overzicht declaratievoorstel nader toe te lichten.

2.7. Tb heeft in haar akte houdende overlegging specificatie kosten primair gevorderd vergoeding van alle door haar zowel in de kortgedingprocedure in eerste en tweede aanleg als in deze bodemprocedure daadwerkelijk gemaakte kosten.

2.8. De rechtbank heeft in het tussenvonnis van 12 november 2008 onder 7.19. al zonder voorbehoud overwogen dat voor een oordeel over de proceskostenveroordeling in kort geding geen plaats meer is. Het primair gevorderde is reeds daarom niet toewijsbaar.

2.9. Subsidiair vordert Tb de door haar daadwerkelijk gemaakte kosten van deze bodemprocedure ad EUR 26.426,39, althans een bedrag dat de rechtbank redelijk en billijk zal oordelen.

2.10. Tb heeft bij haar akte de specificaties overgelegd van de door haar verrichte werkzaamheden in het kader van de onderhavige zaak. Zij geeft in die specificaties echter niet aan welke werkzaamheden zijn verricht met betrekking tot het onderwerp dat onder het toepassingsbereik van artikel 1019h Rv valt en welke niet.

Nu er echter naast een gegrond beroep op het bepaalde in artikel 5 HNW, dat onder het toepassingsbereik van artikel 1019h Rv valt, tevens een gegrond beroep op het bepaalde in artikel 6:162 BW, dat niet onder het bereik van dat artikel valt, is gedaan zal onderscheid moeten worden gemaakt.

In de onderhavige procedure heeft de discussie zich met name toegespitst op het bepaalde van artikel 5 HNW. Er zal dan ook van worden uitgegaan dat aan de werkzaamheden die daarmee gemoeid zijn 90% is besteed. De overige 10% moet worden geacht te zijn besteed aan werkzaamheden in verband met de discussie op grond van het bepaalde in artikel 6:162 BW, omdat dit een aanzienlijk geringer onderdeel van de discussie in deze procedure uitmaakt.

2.11. Deze zaak kan als een eenvoudige zaak (zonder re- en dupliek en/of pleidooi) in het kader van de indicatietarieven worden gekwalificeerd. Gelet op de grondslagen en de aard daarvan en in aanmerking nemend dat al een kort geding procedure in eerste en tweede aanleg is gevoerd waar die grondslagen ook al (deels) behandeld zijn, kan een bedrag van

90 % van EUR 8.000,-- als maximaal redelijk en evenredig worden geacht, oftewel

EUR 7.200,--, vermeerderd met het vastrecht van EUR 254,--.

Voor de overige 10% dient aansluiting te worden gezocht bij het gebruikelijke liquidatie tarief. Dat betekent dat voorts nog toewijsbaar is een bedrag van EUR 90,40 ( 2 x 1 punt tarief II).

De toewijsbare kosten komen daarmee op EUR 7.544.40 (EUR 7.200,-- + EUR 254,-- + EUR 90,40).

Slotsom

2.12. Het hiervoor vermelde en het in de eerdere tussenvonnissen overwogene leidt tot de volgende slotsom.

- Het door Tb gevorderde zal jegens de vof Jolidé en [gedaagde sub 2], [gedaagde sub 3] en [gedaagde sub 4], zowel in hun hoedanigheid van vennoten van de vof Jolidé als pro se worden toegewezen (dit vonnis onder 2.4.);

- Het gevorderde bevel tot het staken en gestaakt houden van ieder gebruik van de domeinnaam en de handelsnaam of enig ander daarmee overeenstemmend teken (tussenvonnis van 12 november 2008 onder 7.14. en 7.16.) voor zover gebruikt met betrekking tot activiteiten en/of diensten gelijk aan of overeenstemmend met die van Tb (tussenvonnis van 12 november 2008 onder 7.17.), waaronder tevens begrepen indirecte of directe betrokkenheid bij voornoemde wijze van inbreukmakend gebruik door derden (tussenvonnis van 12 november 2008 onder 7.17.) zal worden toegewezen. Het op grond van het merkenrecht gevorderde wordt afgewezen (tussenvonnis van 12 november 2008 onder 7.15.);

- De gevorderde dwangsom zal worden gematigd tot een bedrag van EUR 5.000,-- voor iedere dag of een gedeelte van een dag dat aan het te geven bevel geheel of gedeeltelijk geen gevolg wordt gegeven, met een maximum van EUR 500.000,--

(zie ook het tussenvonnis van 12 november 2008 onder 7.18.);

- Aan proceskosten zal een bedrag van EUR 7.544,40 worden toegewezen (tussenvonnis van 12 november 2008 onder 7.19. en dit vonnis onder 2.10. en 2.11.)

voorts in reconventie

Slotsom

2.13. Zoals in het tussenvonnis van 12 november 2008 onder 7.22. reeds is overwogen, is het gevorderde in reconventie niet voor toewijzing vatbaar en zal Jolidé worden veroordeeld in de kosten begroot op EUR 575,-- aan salaris advocaat.

3. De beslissing

De rechtbank

in conventie

3.1. beveelt dat onmiddellijk na betekening van dit vonnis de vof Jolidé en [gedaagde sub 2], [gedaagde sub 3] en [gedaagde sub 4] zowel in hun hoedanigheid als vennoot als pro se, en ieder voor zich, ieder gebruik van de domeinnaam <thuisbezorgen.nl> en de handelsnaam “thuisbezorgen.nl” en enig ander daarmee overeenstemmend teken voor zover gebruikt met betrekking tot activiteiten en/of diensten gelijk aan of overeenstemmend met die van Tb, alsmede directe of indirecte betrokkenheid bij voormelde wijzen van inbreukmakend gebruik door derden, te staken en gestaakt te houden,

3.2. bepaalt dat de vof Jolidé en/of [gedaagde sub 2] en/of [gedaagde sub 3] en/of [gedaagde sub 4] voor iedere dag of gedeelte daarvan dat zij/hij in strijd handelen met het onder 3.1. bepaalde, aan Tb een dwangsom verbeurt van EUR 5.000,00, tot een maximum van EUR 500.000,00,

3.3. veroordeelt de vof Jolidé en [gedaagde sub 2], [gedaagde sub 3] en [gedaagde sub 4] hoofdelijk, in die zin dat indien de één betaalt de ander zal zijn bevrijd, in de proceskosten, aan de zijde van Tb tot op heden begroot op EUR 7.544,40,

3.4. verklaart dit vonnis in conventie tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

3.5. wijst het meer of anders gevorderde af,

in reconventie

3.6. wijst de vorderingen af,

3.7. veroordeelt Jolidé in de proceskosten, aan de zijde van Tb tot op heden begroot op EUR 575,00,

3.8. verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.P.H. van Driel van Wageningen en in het openbaar uitgesproken op 23 september 2009.

w.g. griffier w.g. rechter LvR