Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ0852

Instantie
Rechtbank Utrecht
Datum uitspraak
18-06-2009
Datum publicatie
30-06-2009
Zaaknummer
269430 / KG ZA 09-635
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Stichting Tivoli vraagt de voorzieningenrechter Stichting Muziekpaleis Utrecht te verplichten de door haar op grond van de samenwerkingsovereenkomst voorgedragen bestuursleden te benoemen en de Stichting Muziekpaleis te verbieden enig besluit te nemen voordat deze benoeming heeft plaatsgevonden. De vordering wordt toegewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK UTRECHT

Sector handels- en familierecht

zaaknummer / rolnummer: 269430 / KG ZA 09-635

Vonnis in kort geding van 18 juni 2009

in de zaak van

de stichting

STICHTING TIVOLI,

gevestigd te Utrecht,

eiseres,

advocaat mr. drs. K.D. Meersma,

tegen

de stichting

STICHTING MUZIEKPALEIS UTRECHT,

gevestigd te Utrecht,

gedaagde,

advocaat mr. W.M.J. Bekkers.

Partijen zullen hierna Stichting Tivoli en Stichting Muziekpaleis Utrecht genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding

- de mondelinge behandeling

- de pleitnota van Stichting Tivoli

- de pleitnota van Stichting Muziekpaleis Utrecht.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1. Op 12 oktober 2005 hebben de Gemeente Utrecht, de Stichting Jazz en Geïmproviseerde Muziek Utrecht (hierna SJU) en Stichting Tivoli een overeenkomst gesloten waarin partijen de intentie hebben vastgelegd om gezamenlijk het Muziekpaleis te realiseren en hun activiteiten daarin onder te brengen. Deze intentieovereenkomst is verder uitgewerkt, wat heeft geresulteerd in een samenwerkingsovereenkomst die is getekend op 26 juni 2008 (hierna: de Overeenkomst). Stichting Tivoli, SJU en de Gemeente Utrecht zijn – samengevat – overeengekomen om gezamenlijk een stichting op te richten, Stichting Muziekpaleis Utrecht, die voor eigen rekening en verantwoording de exploitatie van het toekomstige Muziekpaleis ter hand zal nemen. Uitgangspunt bij de samenwerking is dat alle partijen hun bedrijfsactiviteiten inbrengen in Stichting Muziekpaleis Utrecht en dat partijen naar verhouding rechten en verantwoordelijkheden krijgen.

2.2. Conform de Overeenkomst is bij akte van 9 september 2008 is de Stichting Muziekpaleis Utrecht opgericht en bij brief van 20 januari 2009 is de Stichting Muziekpaleis Utrecht partijen geworden bij de Overeenkomst.

2.3. In artikel 5.14 van de Overeenkomst hebben partijen afgesproken dat het bestuur van Stichting Muziekpaleis Utrecht bestaat uit een algemeen bestuur en dagelijks bestuur. Tevens zijn partijen overeengekomen dat het algemenen bestuur wordt gevormd door zeven bestuursleden die bindend worden voorgedragen door de Gemeente Utrecht (drie), Stichting Tivoli (drie) en SJU (drie) één onafhankelijke voorzitter. Het dagelijks bestuur bestaat uit de onafhankelijke voorzitter, een lid op voordracht van de Gemeente Utrecht en één op voordracht van Stichting Tivoli.

2.4. Het aantal voor te dragen bestuurders hangt samen met de verantwoordelijkheden van partijen bij de ontwikkeling van het Muziekpaleis. Gemeente Utrecht en Stichting Muziekpaleis Utrecht hebben gelijke verantwoordelijkheden en bevoegdheden. Zij dragen elk voor 48% bij aan de kosten van ontwikkeling van het Muziekpaleis. SJU draagt de resterende 4%. Tevens geldt dat het algemeen bestuur slechts een besluit kan nemen met twee-derde meerderheid van de stemmen, zes van de acht bestuursleden moeten met een besluit instemmen.

2.5. Eén van de bestuursleden die door Stichting Tivoli is voorgedragen is inmiddels afgetreden uit het algemeen bestuur van Stichting Muziekpaleis Utrecht. Een ander lid is afgetreden uit het dagelijks bestuur. Hierdoor zijn twee vacatures ontstaan waarop Stichting Tivoli een recht van voordracht heeft. Conform de statuten heeft Stichting Tivoli een voordracht gedaan voor de invulling van deze functies. Op 19 maart 2009 heeft Stichting Tivoli mevrouw [A] als lid van het algemeen bestuur voorgedragen en op diezelfde datum heeft Stichting Tivoli de heer [B] voorgedragen als lid van het dagelijks bestuur.

2.6. In een email van 27 maart 2009 reageert de heer [C] namens Stichting Muziekpaleis Utrecht op de voordrachten. Hij schrijft onder meer:

“(…) Met het terugtreden van de heer [D] uit het Dagelijks Bestuur van de Stichting Muziekpaleis heeft Tivoli voorgesteld de heer [B] in zijn plaats in het DB te benoemen. Formeel moet dit besluit nog worden bekrachtigd door het AB, feitelijk vervult de heer [B] reeds deze vacature.

In de vergadering van het AB van de Stichting Muziekpaleis Utrecht op 17 maart jl. heeft mevrouw [A] kort kennis kunnen maken met het bestuur. Er is door voor het bestuur geen gelegenheid geweest de door Tivoli gedane voordracht te toetsen aan de profielschets. Voordat het AB officieel benoemt, is het zorgvuldig hieraan te voldoen. Wat ons betreft wordt er naar gestreefd de nader kennismaking, het toetsen aan de profielschets en de officiële benoeming zo spoedig mogelijk af te ronden. (…)”

2.7. Bij brieven van 30 maart 2009, 10 april 2009 en 7 mei 2009 heeft Stichting Tivoli verzocht tot benoeming van de voorgedragen leden over te gaan. Stichting Muziekpaleis Utrecht heeft hieraan vooralsnog geen gehoor gegeven.

2.8. In artikel 5.5 van de statuten is voorgeschreven dat het algemeen bestuur een bindende voordracht binnen twee maanden nadat de voordracht schriftelijk is gedaan afhandelt.

3. Het geschil

3.1. Stichting Tivoli vordert om bij vonnis:

1. Stichting Muziekpaleis Utrecht te gebieden om uiterlijk 48 uur na betekening van het vonnis de samenstelling van het bestuur in overeenstemming te brengen met artikel 5.1 van de statuten door mevrouw [A] tot lid van het algemeen bestuur van Stichting Muziekpaleis Utrecht te benoemen en de heer [B] tot lid van het dagelijks bestuur van Stichting Muziekpaleis Utrecht te benoemen, althans Stichting Muziekpaleis Utrecht te gebieden om uiterlijk 48 uur na betekening van dit vonnis een besluit te nemen over de voordrachten van Stichting Tivoli,

2. Stichting Muziekpaleis Utrecht met onmiddellijke ingang te verbieden om namens Stichting Muziekpaleis Utrecht enig besluit te nemen, behoudens een besluit als bedoeld onder 1, totdat mevrouw [A] is benoemd tot lid van het algemeen bestuur van Stichting Muziekpaleis Utrecht en totdat de heer Stichting Tivoli is benoemd tot lid van het dagelijks bestuur van Stichting Muziekpaleis Utrecht, althans totdat een besluit is genomen waarmee de samenstelling van het bestuur in overeenstemming is met artikel 5.1 van de statuten,

3. Stichting Muziekpaleis Utrecht te veroordelen tot betaling van een dwangsom van € 1.000,--, althans een door de voorzieningenrechter te bepalen dwangsom, voor elke dag dat Stichting Muziekpaleis Utrecht niet voldoet aan het gevorderde onder 1 en/of 2,

4. Stichting Muziekpaleis Utrecht te veroordelen tot betaling van de kosten van dit geding,

Een en ander, voor zover de wet het toelaat, uitvoerbaar bij voorraad op de minuut en op alle dagen en uren.

3.2. Stichting Muziekpaleis Utrecht voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. Tussen partijen is een geschil ontstaan over de samenwerking tussen de verschillende partijen met betrekking tot de toekomst van het Muziekpaleis en de rol die partijen daarin zullen spelen. De onderhavige vordering van Stichting Tivoli hangt daarmee samen.

4.2. Stichting Muziekpaleis Utrecht heeft in de eerste plaats aangevoerd dat Stichting Tivoli in strijd handelt met de samenwerkingsovereenkomst, nu daarin in artikel 10 is overeengekomen dat partijen er bij voorkomende geschillen alles aan zullen doen om een voor alle betrokken partijen aanvaardbare oplossing te vinden, in eerste instantie buiten rechte. Stichting Muziekpaleis Utrecht meent dat Stichting Tivoli zich hiertoe onvoldoende heeft ingespannen. Daargelaten dat dit laatste door Stichting Tivoli is weersproken, heeft Stichting Muziekpaleis Utrecht niet aangegeven welke juridische consequenties aan het niet naleven van artikel 10 moeten worden verbonden.

4.3. Voorts meent Stichting Muziekpaleis Utrecht dat Stichting Tivoli door dit kort geding de verhouding tussen partijen nodeloos op scherp zet. Ter zitting is gebleken dat Stichting Muziekpaleis Utrecht bang is dat Stichting Tivoli, wanneer zij al haar bestuurdersposities weer bezet, misbruik zal maken van haar vetorecht in een situatie waarin volgens Stichting Muziekpaleis Utrecht juist voortvarend gehandeld moet worden.

4.4. Dit argument ontslaat Stichting Muziekpaleis Utrecht er echter niet van de statuten na te leven waar het gaat om het invullen van de bestuurdersvacatures. Integendeel, het feit dat er wellicht op korte termijn belangrijke beslissingen zullen moeten worden genomen onderstreept de noodzaak om die vacatures in te vullen. Immers, indien het Stichting Tivoli onmogelijk wordt gemaakt twee van haar drie bestuurdersposities in te nemen, wordt zij in de besluitvorming buiten spel gezet, hetgeen in strijd is met de bedoeling van de Overeenkomst.

4.5. Tot slot heeft Stichting Muziekpaleis Utrecht nog aangegeven dat de voorgedragen bestuurders nog niet zijn getoetst aan het bestuurdersprofiel. Dat is de reden dat er nog geen benoeming heeft plaatsgevonden.

4.6. In artikel 5.5 van de statuten is voorgeschreven dat het algemeen bestuur een bindende voordracht binnen twee maanden nadat de voordracht schriftelijk is gedaan afhandelt. Nu de voordracht is gedaan op 19 maart 2009 had de voordracht uiterlijk 19 mei 2009 afgehandeld moeten zijn. Waarom Stichting Muziekpaleis Utrecht de voorgedragen personen in die periode niet aan het bestuursprofiel heeft getoetst of kunnen toetsen heeft zij niet aangegeven. Ook heeft zij in dit kort geding niet gesteld dat de voorgedragen personen ongeschikt zouden zijn. Gelet op de email van de heer [C] van 27 maart 2009 (overgelegd als productie 12) was benoeming van de heer [B] slechts een formaliteit en was Stichting Muziekpaleis Utrecht zich er op dat moment ook al van bewust dat zij op korte termijn mevrouw [A] aan het bestuurdersprofiel zou moeten toetsen. Nadrukkelijk werd aangegeven dat dit zo spoedig mogelijk zou plaats vinden. Gelet op het voorgaande, alsmede gelet op het belang van Stichting Tivoli om in het algemeen en in het dagelijks bestuur volledig vertegenwoordigd te zijn, zal de vordering van Stichting Tivoli worden toegewezen.

4.7. De gevorderde dwangsom zal worden toegewezen, met dien verstande dat deze zal worden gemaximeerd als aangegeven in het dictum.

4.8. Stichting Muziekpaleis Utrecht zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van dit kort geding, aan de zijde van Stichting Tivoli tot op heden begroot op EUR 1.163,98.

De beslissing

De voorzieningenrechter

A. gebiedt Stichting Muziekpaleis Utrecht om uiterlijk 48 uur na betekening van het vonnis de samenstelling van het bestuur in overeenstemming te brengen met artikel 5.1 van de statuten door mevrouw [A] tot lid van het algemeen bestuur van Stichting Muziekpaleis Utrecht te benoemen en de heer [B] tot lid van het dagelijks bestuur van Stichting Muziekpaleis Utrecht te benoemen,

B. verbiedt Stichting Muziekpaleis Utrecht met onmiddellijke ingang om namens Stichting Muziekpaleis Utrecht enig besluit te nemen, behoudens een besluit als onder A bedoeld, totdat mevrouw [A] is benoemd tot lid van het algemeen bestuur van Stichting Muziekpaleis Utrecht en totdat de heer [B] is benoemd tot lid van het dagelijks bestuur van Stichting Muziekpaleis Utrecht,

C. bepaalt dat Stichting Muziekpaleis Utrecht voor iedere dag dat zij in strijd handelt met het onder A en/of B bepaalde, aan Stichting Tivoli een dwangsom verbeurt van EUR 1.000,--, tot een maximum van EUR 50.000,--,

D. veroordeelt Stichting Muziekpaleis Utrecht in de proceskosten, aan de zijde van Stichting Tivoli tot op heden begroot op EUR 1.163,98,

E. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

F. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. E.A. Messer en in het openbaar uitgesproken op 18 juni 2009.?

w.g. griffier w.g. rechter