Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBUTR:2009:BH4911

Instantie
Rechtbank Utrecht
Datum uitspraak
26-02-2009
Datum publicatie
05-03-2009
Zaaknummer
16-601344-08
Rechtsgebieden
Civiel recht
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

De verdachte is veroordeeld tot een GEVANGENISSTRAF van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk voor het plegen van ontuchtige handelingen met iemand beneden de leeftijd van 16 jaren.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK UTRECHT

Sector strafrecht

parketnummer: 16/601344-08 [P]

vonnis van de meervoudige kamer d.d. 26 februari 2009

in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] 1971 te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats],

thans gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Utrecht, Huis van Bewaring locatie Nieuwegein te Nieuwegein.

Raadsman mr. G. Tj. de Jong, advocaat te Utrecht.

1. Onderzoek van de zaak

De zaak is inhoudelijk behandeld op de terechtzitting van 12 februari 2009, waarbij de officier van justitie, mr. F. van Veghel, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt.

2. De tenlastelegging

De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De tenlastelegging is gewijzigd overeenkomstig artikel 313 van het Wetboek van Strafvordering.

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte buiten echt ontucht heeft gepleegd met een meisje jonger dan zestien jaren, kinderporno heeft vervaardigd en kinderporno in zijn bezit heeft gehad.

3. De voorvragen

De dagvaarding is geldig.

De rechtbank is bevoegd.

De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging.

Er is geen reden voor schorsing van de vervolging.

4. De beoordeling van het bewijs

4.1. Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten heeft gepleegd.

4.2. Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat de onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend bewezen kunnen worden geacht, maar wel bezien moeten worden in het licht van de feiten en omstandigheden van het geval.

4.3. Het oordeel van de rechtbank

Gelet op de aangifte van de moeder van [slachtoffer] , de verklaring die door [slachtoffer] tijdens een studioverhoor is afgelegd en de bekennende verklaring die verdachte ter terechtzitting heeft afgelegd, acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op 24 juli 2008 te Houten de in de tenlastelegging onder 1 omschreven ontuchtige handelingen heeft gepleegd met [slachtoffer], geboren op [geboortedatum] 2000 .

Op grond van voornoemde bewijsmiddelen acht de rechtbank tevens wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op diezelfde datum en in diezelfde plaats een tweetal ontuchtige foto’s heeft gemaakt van hetzelfde slachtoffer. Deze foto’s zijn door de politie op de computer van verdachte aangetroffen en gemaakt met een fotocamera Canon Powershot, de digitale fotocamera van verdachte.

Op de harde schijf van de computer van verdachte zijn niet alleen de 2 hiervoor genoemde door verdachte vervaardigde foto’s aangetroffen, maar ook 92 andere afbeeldingen en 10 films die als kinderpornografisch zijn geclassificeerd. Deze foto’s en films zijn blijkens onderzoek op 16 juli 2008 gedownload. De foto’s en films zijn in een proces-verbaal van onderzoek nader omschreven en opgesomd in de tenlastelegging onder 3. Verdachte heeft ter terechtzitting bekend dat hij deze kinderporno heeft gezocht op het internet en heeft gedownload op zijn computer.

Gezien het voorgaande acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde feiten heeft gepleegd.

4.4. De bewezenverklaring

De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte

1. op 24 juli 2008 te Houten, met [slachtoffer], geboren op [geboortedatum] 2000, die

toen de leeftijd van zestien jaren nog niet had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, bestaande uit het ontuchtig likken van de vagina van die [slachtoffer];

2. op 24 juli 2008 te Houten, een aantal afbeeldingen van één of meer seksuele gedragingen

bij welke seksuele gedragingen telkens een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, was betrokken, heeft vervaardigd, te weten

twee afbeeldingen van het gedeeltelijk naakt laten poseren van die voornoemde persoon, waarbij door het camerastandpunt en de onnatuurlijke pose van die persoon

nadrukkelijk de ontblote geslachtsdelen in beeld gebracht worden (afbeeldingen genaamd foto 07.28 en foto 07.29);

3. op 16 juli 2008 te Houten, een gegevensdrager bevattende een aantal

afbeeldingen en filmpjes, van één of meer seksuele gedraging(en)

bij welke seksuele gedraging(en) telkens één of meer personen die kennelijk

de leeftijd van achttien jaren nog niet hadden bereikt, was/waren betrokken

in bezit heeft gehad

te weten

- 71 afbeeldingen, van het geheel of gedeeltelijk naakt laten poseren van die voornoemde perso(o)n(en), waarbij deze perso(o)n(en) (gedeeltelijk) gekleed zijn en in (erotisch getinte) houdingen poseren die niet bij hun leeftijd passen en door het

camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose van deze perso(o)n(en)

nadrukkelijk de ontblote geslachtsdelen in beeld gebracht worden en

- 3 afbeeldingen, van het plegen van (een) ontuchtige handeling(en) door die voornoemde perso(o)n(en), bestaande die ontuchtige handeling(en) uit vasthouden van een (ontblote) penis en/of het strelen over de eigen (blote) vagina en

- 18 afbeeldingen van het dulden van ontuchtige handelingen door die voornoemde perso(o)n(en), bestaande die ontuchtige handeling uit het houden van een stijve penis van een volwassen man en/of van een leeftijdsgenoot in de mond van voornoemde perso(o)n(en) en/of het strelen van de vagina van voornoemde perso(o)n(en) en/of het brengen van

een stijve penis van een volwassen man en/of van een leeftijdsgenoot in de

vagina van voornoemde perso(o)n(en) en/of het duwen van een stijve penis van

een volwassen man en/of een leeftijdsgenoot tegen de vagina van voornoemde

personen en

- 1 filmfragment van het (geheel of gedeeltelijk naakt) (laten) poseren van die voornoemde persoon, waarbij deze persoon (gedeeltelijk) gekleed in (erotisch getinte) houdingen poseert die niet bij haar leeftijd past en door het camerastandpunt en de (onnatuurlijke) pose van deze persoon nadrukkelijk de ontblote geslachtsdelen in beeld gebracht worden en

- 1 filmfragment van het plegen van een ontuchtige handeling door die voornoemde persoon, bestaande die ontuchtige handeling uit vasthouden van een (ontblote) penis en

- 8 filmfragmenten van het dulden van (een) ontuchtige handeling(en) door die voornoemde perso(o)n(en), bestaande die ontuchtige handeling uit het houden van een stijve penis van een volwassen man in de mond van voornoemde perso(o)n(en) en/of het brengen van

een stijve penis van een volwassen man in de vagina van voornoemde perso(o)n(en) en/of het duwen van een penis van een leeftijdsgenoot tegen de vagina van voornoemde

personen.

De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. Verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.

5. De strafbaarheid

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert de in de beslissing genoemde strafbare feiten op.

Verdachte is strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.

6. De strafoplegging

6.1. De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft op grond van hetgeen hij bewezen heeft geacht gevorderd aan verdachte op te leggen een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht, met een proeftijd van 2 jaren.

De officier van justitie heeft voorts als bijzondere voorwaarde verplicht reclasseringscontact gevorderd, ook als dit inhoudt dat verdachte een behandeling bij forensisch psychiatrisch centrum De Waag of een soortgelijke instelling dient te ondergaan, met een proeftijd van 5 jaren.

6.2. Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft ter terechtzitting een aantal persoonlijke omstandigheden van verdachte aangevoerd en de rechtbank verzocht hiermee rekening te houden bij de bepaling van de strafmaat.

6.3. Het oordeel van de rechtbank

Bij het bepalen van de op te leggen straffen heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan, de gevolgen die het begaan van dergelijke feiten voor de samenleving in het algemeen en het slachtoffer in het bijzonder hebben en de persoon van de verdachte, zoals een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.

Wat betreft de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de gevolgen die het begaan van deze feiten voor de samenleving en het slachtoffer hebben, heeft de rechtbank in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft tijdens het oppassen ontuchtige handelingen gepleegd met zijn minderjarige nichtje, destijds 8 jaren oud. Hij heeft daarmee de lichamelijke integriteit van dit meisje, die vanwege haar jonge leeftijd in een kwetsbare positie verkeerde en niet in afdoende mate in staat was om aan het handelen van verdachte weerstand te bieden, geschonden. Het is een feit van algemene bekendheid dat ontucht vaak langdurige en ernstige schade kan toebrengen aan de geestelijke gezondheid van slachtoffers. Verdachte heeft bij dit alles kennelijk nimmer stilgestaan en heeft zijn eigen bevrediging vooropgesteld. De rechtbank hecht daarbij weinig geloof aan de verklaring van verdachte dat hij niet seksueel opgewonden raakte van deze handelingen (en van het bekijken van kinderporno). De rechtbank acht het bovendien stuitend dat verdachte tevens ontuchtige foto’s heeft gemaakt van zijn nichtje.

Voorts neemt de rechtbank het verdachte bijzonder kwalijk dat hij het vertrouwen dat een kind in zijn oom als oppas heeft op die manier heeft geschaad. Verdachte had als oom bescherming moeten geven aan zijn jonge nichtje, maar hij heeft daarentegen zijn eigen belangen en bevrediging van zijn seksuele behoeften laten prevaleren. Verdachte heeft voorts het vertrouwen dat zijn nichtje en haar ouders stelden in verdachte als oom aan wie zij de zorg en waakzaamheid voor hun dochter toevertrouwden, ernstig geschonden.

Verdachte heeft zich verder schuldig gemaakt aan het bezit van kinderporno. Kinderporno is bijzonder ongewenst, met name omdat bij de vervaardiging ervan kinderen seksueel worden misbruikt en geëxploiteerd. Verdachte moet mede verantwoordelijk worden gehouden voor genoemd seksueel misbruik van kinderen, omdat hij, door kinderporno te verzamelen, heeft bijgedragen aan de instandhouding van de vraag ernaar. Verdachte heeft bovendien zelf een deel van de kinderpornografische afbeeldingen vervaardigd door ontuchtige foto’s te maken van zijn nichtje. Het feit dat verdachte niet alleen kinderporno verzamelde, maar ook vervaardigde, acht de rechtbank strafverzwarend.

Wat betreft de persoon van de verdachte heeft de rechtbank in het bijzonder gelet op:

- de inhoud van een de verdachte betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie d.d. 12 november 2008, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld.

- een tweetal voorlichtingsrapportages betreffende de verdachte van de Reclassering Nederland d.d. 18 november 2008 en 11 februari 2009, beiden opgemaakt door D. Keijzer, reclasseringswerker;

- een omtrent verdachte opgemaakt psychologisch rapport d.d. 29 januari 2009 van drs. C. Bosma en een omtrent verdachte opgemaakt psychiatrisch rapport d.d. 1 februari 2009 van W.C.J. Kramer, beide inhoudende als conclusie dat verdachte ten tijde van het plegen van deze feiten - indien bewezen - lijdende was aan een ziekelijke stoornis of gebrekkige ontwikkeling van zijn geestvermogens, zodat verdachte enigszins verminderd toerekeningsvatbaar moet worden geacht. De rechtbank neemt de conclusies van deze deskundigen over en maakt deze tot de hare.

Alles overwegende is de rechtbank van oordeel dat een onvoorwaardelijke gevangenisstraf uit oogpunt van vergelding en normhandhaving passend en geboden is. In de straftoemeting die in vergelijkbare zaken wordt toegepast, ziet de rechtbank evenwel aanleiding de door de officier van justitie geëiste straf te matigen, in die zin dat een kortere vrijheidsstraf dan geëist zal worden opgelegd.

De door de rechtbank op te leggen gevangenisstraf wordt gedeeltelijk voorwaardelijk opgelegd, om verdachte ervan te weerhouden in de toekomst opnieuw strafbare feiten te plegen. De rechtbank zal de proeftijd voor wat betreft de op te leggen bijzondere voorwaarden op 5 jaren stellen. Hiertoe overweegt zij dat de recidivekans groot wordt ingeschat door de rapporteurs en dat de behandeling intensief zal zijn, en mogelijk langere tijd in beslag zal nemen. De rechtbank acht een langere proeftijd voorts op zijn plaats om verdachte langer te kunnen begeleiden, zeker ook omdat verdachte zelf vader is van een jonge dochter.

7. De wettelijke voorschriften

De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 57, 240b en 247 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen luidden ten tijde van het bewezen verklaarde.

8. De beslissing

De rechtbank:

- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven is omschreven;

- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;

- verklaart dat het bewezen verklaarde de volgende strafbare feiten oplevert:

Feit 1: met iemand beneden de leeftijd van zestien jaren buiten echt ontuchtige

handelingen plegen;

Feit 2: een afbeelding van een seksuele gedraging, waarbij iemand die kennelijk de

leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is betrokken, vervaardigen, meermalen gepleegd;

Feit 3: een gegevensdrager, bevattende een afbeelding van een seksuele gedraging,

waarbij iemand die kennelijk de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft

bereikt, is betrokken, in bezit hebben, meermalen gepleegd.

- verklaart verdachte strafbaar;

- veroordeelt verdachte tot een GEVANGENISSTRAF van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk;

Stelt een proeftijd vast van 2 jaren.

- bepaalt daarbij dat de tenuitvoerlegging kan worden gelast indien de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt;

Stelt een proeftijd vast van 5 jaren.

- bepaalt daarbij dat de tenuitvoerlegging kan worden gelast indien de veroordeelde (één of meer van) na te melden bijzondere voorwaarden niet naleeft:

dat verdachte zich tijdens de proeftijd moet gedragen naar de voorschriften en aanwijzingen die worden gegeven door of namens Reclassering Nederland, ook als dat inhoudt dat verdachte een ambulante behandeling dient te ondergaan bij forensisch psychiatrisch centrum De Waag of een soortgelijke instelling;

- draagt Reclassering Nederland op om aan verdachte hulp en steun te verlenen bij de naleving van deze voorwaarden;

- bepaalt dat de tijd die verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijke deel van de opgelegde gevangenisstraf;

Dit vonnis is gewezen door mr. H.A. Brouwer, voorzitter, en mrs. W. Foppen en D.J.A. Kuipers, rechters, in tegenwoordigheid van mr. D.A. Groenevelt-Timmer, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting op 26 februari 2009.

Mr. D.J.A. Kuipers is niet in de gelegenheid dit vonnis mee te ondertekenen.